NL2010748C2 - Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie. - Google Patents

Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie. Download PDF

Info

Publication number
NL2010748C2
NL2010748C2 NL2010748A NL2010748A NL2010748C2 NL 2010748 C2 NL2010748 C2 NL 2010748C2 NL 2010748 A NL2010748 A NL 2010748A NL 2010748 A NL2010748 A NL 2010748A NL 2010748 C2 NL2010748 C2 NL 2010748C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
objects
print head
conveyor
printing
speed
Prior art date
Application number
NL2010748A
Other languages
English (en)
Inventor
Nico Petrus Cornelis Dernison
Original Assignee
Nico Petrus Cornelis Dernison
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Nico Petrus Cornelis Dernison filed Critical Nico Petrus Cornelis Dernison
Priority to NL2010748A priority Critical patent/NL2010748C2/nl
Priority to PCT/NL2014/050280 priority patent/WO2014178714A1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2010748C2 publication Critical patent/NL2010748C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J3/00Typewriters or selective printing or marking mechanisms characterised by the purpose for which they are constructed
    • B41J3/01Typewriters or selective printing or marking mechanisms characterised by the purpose for which they are constructed for special character, e.g. for Chinese characters or barcodes
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J3/00Typewriters or selective printing or marking mechanisms characterised by the purpose for which they are constructed
    • B41J3/28Typewriters or selective printing or marking mechanisms characterised by the purpose for which they are constructed for printing downwardly on flat surfaces, e.g. of books, drawings, boxes, envelopes, e.g. flat-bed ink-jet printers
    • B41J3/286Typewriters or selective printing or marking mechanisms characterised by the purpose for which they are constructed for printing downwardly on flat surfaces, e.g. of books, drawings, boxes, envelopes, e.g. flat-bed ink-jet printers on boxes

Landscapes

  • Ink Jet (AREA)

Description

SYSTEEM EN WERKWIJZE VOOR HET AANBRENGEN VAN INFORMATIE
De uitvinding heeft betrekking op een systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie, in het bijzonder een code, meer in het bijzonder een langwerpige code zoals een barcode, op in hoofdzaak blokvormige obj ecten.
Verpakkingen voor medicijnen, zoals medicijn-doosjes, of andere vlakke objecten, worden in grote hoeveelheden geproduceerd op daartoe bestemde verpakkingsmachines, zoals kartonneringsmachines. Dergelijke doosjes bestaan vaak uit een huls van karton, waarbij de huls een viertal vlakke oppervlakken definieert. De uiteinden van de huls kunnen worden gesloten met behulp van kartonnen kleppen. Dergelijke objecten, al dan niet voorzien van inhoud, zoals medicijnen, moeten vaak van codes, zoals barcodes, teksten en andere gegevens, worden voorzien waarmee de inhoud van de objecten op unieke wijze geïdentificeerd kan worden. In het geval van medicijnen is het bijvoorbeeld belangrijk om op elk van de medicijn-verpakkingen een unieke barcode aan te brengen. Deze barcode kan later gebruikt worden om de herkomst van de medicijnen uit de verpakking te herleiden.
Er zijn systemen bekend bestaande uit een transporteur voor het in de transportrichting transporteren van een rij achter elkaar geplaatste objecten en een bij de transporteur opgestelde printeenheid. De printeenheid is hierbij uitgevoerd om barcodes op de objecten aan te brengen, bijvoorbeeld door deze barcode hierop te printen. Een dergelijke printeenheid kan een non-contact printkop hebben die is bevestigd op een vaste positie aan één of meer zijden van de transporteur. Wanneer het object door de transporteur langs de printkop wordt getransporteerd, wordt inkt in de richting van een zijvlak van het object gestuurd om op deze manier de code op het zijvlak aan te brengen.
Een bezwaar van deze bekende systemen is dat deze slechts geschikt zijn om informatie in transportrichting op de objecten aan te brengen. Dit kan problematisch zijn bij codes die langer zijn dan de lengte van het object, gezien in de transportrichting.
In andere systemen is het wel mogelijk de informatie in andere richtingen, bijvoorbeeld in een richting dwars op de transportrichting, aan te brengen. In deze bekende systemen moet de transporteur echter wel telkens gestopt worden zodat de informatie op een stilstaand object kan worden aangebracht. Is de informatie bijvoorbeeld een barcode die langer is dan de afmetingen van het object in de transportrichting, moet met de bekende systemen het object gestopt worden om de printkop dwars over het object te kunnen bewegen.
Een bezwaar is hierdoor dat de verwerkingsnelheid van de objecten klein is. Wanneer de transporteur telkens gestopt moet worden om een object van informatie te kunnen voorzien of indien de snelheid beperkt zou worden om het aanbrengen van de informatie mogelijk te maken om de printkop de tijd te geven de informatie op het betreffende vlak van het object aan te brengen zal dit ten kosten gaan van de verwerkingssnelheid en/of de printkwaliteit van het systeem.
Het is een doel van de onderhavige uitvinding verbeterde werkwijze en een verbeterd systeem te verschaffen waarin bovengenoemde bezwaren zijn ondervangen of althans zijn verminderd. Het is verder een doel van de uitvinding een systeem en werkwijze te verschaffen waarin met grote snelheden informatie zoals (bar-) codes op een bovenoppervlak en/of onderoppervlak van een object kunnen worden aangebracht.
Volgens een eerste aspect van de onderhavige uitvinding wordt althans één van de bovengenoemde doelen bereikt in een systeem van de in de aanhef genoemde soort, het systeem omvattende: - een transporteur voor het in transportrichting transporteren van een rij met tussenruimte achter elkaar geplaatste objecten; - een bij de transporteur opgestelde printeenheid voor het printen van codes op passerende objecten, waarbij de printeenheid omvat: - een of meer printkoppen voor het afgeven van inkt op het bovenoppervlak en/of onderoppervlak van het blokvormige object; - een verplaatsingsmechanisme voor het verplaatsen van de een of meer printkoppen ten opzichte van de transporteur; waarbij het verplaatsingsmechanisme is ingericht voor het tijdens het passeren van een object zodanig verplaatsen van de printkop ten opzichte van de transporteur dat de langwerpige code in een richting loodrecht op de transportrichting wordt aangebracht.
Tijdens het passeren van objecten kan de printkop met de verplaatsing van het object meebewegen, zodat er tijd is om de gehele informatie (code) op een gewenste positie op het boven- of onderoppervlak te printen.
Het verplaatsingmechanisme kan bijvoorbeeld een zich schuin ten opzichte van de transporteur uitstrekkende en boven en/of onder de transporteur gepositioneerde steun, een aan de steun bevestigde en ten opzichte van de steun verplaatsbare wagen, waarbij de printkop aan de verplaatsbare wagen bevestigd is, en een wagenaandrijving voor het aandrijven van de verplaatsing van de wagen, omvatten.
Tijdens het passeren van de objecten kan hierdoor de printkop schuin ten opzichte van de verplaatsings-richting van de objecten verplaatst worden.
In uitvoeringen van de uitvinding is het systeem ingericht om de printkop een snelheid te geven met een eerste snelheidscomponent in de transportrichting en een tweede snelheidscomponent in een richting loodrecht op de transportrichting. Indien nu de eerste snelheidscomponent gelijk is aan de transportsnelheid van de objecten (en de printkop dus in transportrichting stationair is ten opzichte van een zich voortbewegend object), kan de printkop de informatie op het object printen alsof het object stilstaat. De tweede snelheidscomponent wordt in essentie bepaald door de printsnelheid van de printkop.
In uitvoeringen van de uitvinding is het hierdoor mogelijk om bijvoorbeeld een langwerpige barcode aan te brengen die zich loodrecht op de verplaatsingrichting uitstrekt, zonder dat het nodig is de objecten langzamer te laten gaan of tijdelijk te laten stoppen.
In een uitvoering van de uitvinding vormen de steun, wagen en wagenaandrijving tezamen een elektromotor, in het bijzonder een lineaire elektromotor, zoals een servormotor. De lineaire elektromotor maakt een nauwkeurige, unidirectionele verplaatsing van de printkop mogelijk.
Verder kan het systeem zijn voorzien van een besturingseenheid voor het aansturen van de snelheid van de transporteur en de snelheid van de printkop (bijvoorbeeld door aansturing van de verplaatsbare wagen van de lineaire motor waarop de printkop bevestigd kan zijn). Door beide snelheden te regelen of één van de snelheden aan de andere aan te passen, kan de printkop een langwerpige informatiestrook (bijvoorbeeld een barcode of soortgelijke code) recht op het object aanbrengen (d.w.z. zich loodrecht op de verplaatsingsrichting uitstrekken). Bij voorkeur is besturingseenheid ingericht en/of geprogrammeerd om de printkopsnelheid tijdens het printen gesynchroniseerd te houden met de transportsnelheid van de objecten teneinde de informatie op de gewenste wijze en positie te plaatsen.
In een verdere uitvoering moeten de transportsnelheid (Vo) van de objecten en de printkopsnelheid (Vp) in hoofdzaak voldoen aan de vergelijking:
Figure NL2010748CD00061
= sin (a) waarbij (ex) gedefinieerd is als de hoek tussen de lijn loodrecht op de transportrichting van de objecten en de lijn langs de verplaatsingsrichting van de printkop. Indien aan deze vergelijking wordt voldaan is het mogelijk om een code te printen die zich loodrecht op de verplaatsingsrichting van de objecten uitstrekt.
De eerder genoemde steun kan één of meer geleidingsrails omvatten langs welke een printkopwagen heen en weer verplaatsbaar is. De hoek tussen de geleidingsrails en de transportrichting van de objecten is hierbij geselecteerd om de verplaatsing van het object tijdens het printen te kunnen volgen. Bij voorkeur (maar niet noodzakelijkerwijs) voldoet deze hoek (β = 90-cx) aan de bovengenoemde vergelijking.
Er kan zijn voorzien in een zich boven de transporteur uitstrekkende geleidingsplaat die is uitgevoerd voor het geleiden van de objecten en het positioneren daarvan ten opzichte van de pintkop. De geleidingsplaat is bijvoorbeeld op zodanige hoogte boven de transporteur aangebracht dat een object tussen de transporteur en geleidingsplaat geklemd in de transportrichting wordt getransporteerd. Dit maakt een nauwkeurige positionering van het object ten opzichte van de printkop mogelijk.
In de geleidingsplaat kan een langgerekte uitsparing zijn aangebracht. Deze uitsparing biedt ruimte voor de printkop om inkt op het object aan te brengen. In een verdere uitvoering is ter plaatse van ten minste één van de uiteinden van de uitsparing een dunne lip gevormd voor het daarlangs geleiden van de objecten. Hierdoor wordt voorkomen dat de objecten de printkop raken en kan ervoor gezorgd worden dat een gewenste tussenafstand tussen de bovenzijde van een object en de onderzijde van de printkop gehandhaafd blijft. Aan het einde van de slag van de printkop, wanneer deze vertraagd wordt vanaf de printsnelheid tot stilstand, kan de printkop dan over deze dunne lip gevoerd.
Wanneer de snelheid van de printkop varieert, bijvoorbeeld toeneemt of afneemt, en de transportsnelheid van de objecten constant is, is het moeilijk om een voldoende goed printresultaat te leveren. Volgens een uitvoeringsvorm van de uitvinding omvat het systeem dan ook een besturingseenheid voor het aansturen van de printkop en de printkopwagen, waarbij de besturingseenheid is ingericht voor: - het na het inschakelen van de printkopwagen pas inschakelen van de printkop als de printkopwagen een in hoofdzaak continue snelheid bereikt heeft.
Om een goede timing van het printproces mogelijk te maken kan in een uitvoeringsvorm het systeem een besturingseenheid voor het aansturen van de printkop en de printkopwagen omvatten, waarbij de besturingseenheid is ingericht voor: - het afhankelijk van een detectiesignaal van een objectdetectiesensor heen en weer verplaatsen van de printkop en het voor het in- en uitschakelen daarvan.
In een bepaalde uitvoering omvat de transporteur een liggende eindloze transportband waarmee de objecten aangevoerd worden. In een andere uitvoering omvat de transporteur behalve de liggende transportband een of meer aan weerszijden van de objecten gepositioneerde opstaande eindloze transportbanden. Hiermee is het mogelijk de objecten op de liggende transportband aan de zijkanten vast te grijpen en onder de geleidingsplaat door te slepen. In nog andere uitvoeringen is de liggende transportband weggelaten.
De opstaande transportband kan een eerste band aan de ene zijde en een tweede band aan een tweede, tegenoverliggende tweede zijde omvatten, waarbij elk van de banden door een eigen aandrijving of door een gemeenschappelijke aandrijving (elektromotor) aandrijfbaar zijn.
Volgens een ander aspect van de uitvinding wordt een werkwijze verschaft voor het aanbrengen van een langwerpige code, in het bijzonder een barcode, op in hoofdzaak blokvormige objecten, de werkwijze omvattende: het in transportrichting transporteren van een rij achter elkaar geplaatste objecten; - het met een bij de transporteur opgestelde printeenheid voorzien van een printkop voor het printen van codes op passerende objecten, waarbij het printen omvat: - het tijdens het passeren van een object in schuine richting ten opzichte van de transportrichting verplaatsen van de printkop en het tijdens het verplaatsen met de printkop aanbrengen van inkt op het object, zodat de resulterende langwerpige code zich in een richting loodrecht op de transportrichting uitstrekt.
De doosvormige objecten kunnen een hulsvormig deel waarvan omvatten waarvan de open uiteinden met kleppen te sluiten zijn. Het hulsvormig deel omvat een vlak deel waarop een printgebied gedefinieerd is binnen welke de code aangebracht moet worden.
Verdere voordelen, kenmerken en details van de onderhavige uitvinding zullen worden verduidelijkt aan de hand van de navolgende beschrijving van enige uitvoeringsvormen daarvan. In de beschrijving zal worden verwezen naar de bijgevoegde figuren, waarin tonen:
Figuur 1 een gedeeltelijk weggenomen aanzicht in perspectief van een uitvoeringsvorm van een systeem voor het op objecten aanbrengen van codes volgens de uitvinding;
Figuur 2A een schematisch bovenaanzicht van de uitvoeringsvorm van figuur 1, in een initiële toestand;
Figuur 2B het bovenaanzicht van figuur 2, in een eerste tussentoestand;
Figuur 2C het bovenaanzicht van figuur 2, in een tweede tussentoestand.
Figuur 1 toont een systeem 1 voor het aanbrengen van informatie op een vlak van een aantal op een transporteur aangevoerde blokvormige objecten. De blokvormige objecten kunnen verschillend van aard zijn. In de getoonde uitvoering worden doosvormige objecten aangevoerd. De doosvormige objecten kunnen bijvoorbeeld doosjes zijn, vervaardigd van karton, kunststof of soortgelijk materiaal, en bestemd voor het bewaren en transporteren van medicijnen. Het is duidelijk dat de objecten ook voor een andere inhoud dan medicijnen geschikt kunnen zijn. Verder is in de getoonde uitvoering een object opgebouwd uit een huls met vier vlakke zijden en twee te openen en sluiten kleppen om de huls aan beide uiteinden te kunnen afsluiten.
Het systeem 1 omvat een transporteenheid 2 voor het aan- en afvoeren van een rij objecten (0) en een printereenheid 3 voor het printen van codes op de aangevoerde objecten. De transporteenheid 2 en printereenheid 3 worden opgesteld op een frame 7 (slechts deels weergegeven) en kunnen onderdeel uitmaken van een groter geheel, bijvoorbeeld een system voor het vervaardigen van doosvormige verpakkingen (door middel van kartonneermachines) welke verpakkingen al dan niet eerst gevuld zijn met inhoud (door middel van vulmachines), zoals medicijnen.
De transporteenheid 2 omvat een transporteur bestaande uit ten minste een horizontaal opgestelde, eindloze vlakke transportband 5 die via op assen 6 draaiende rollen met het frame 7 van de transporteenheid 2 gekoppeld is. De transportband 5 wordt op bekende wijze door (niet-weergegeven) aandrijfmotoren aangedreven zodat de objecten (0) in een transportrichting (richting Pi, figuur 1) getransporteerd kunnen worden. De objecten zijn hierbij op bepaalde tussenafstanden op de band 5 geplaatst (bijvoorbeeld tussen de 2 en 20 cm) en worden in deze toestand in de transportrichting onder de printeenheid 3 door geleid. Aan de afvoerzijde van de transporteenheid worden de objecten (0) op bekende, niet weergegeven wijze afgevoerd, bijvoorbeeld op een afvoertransporteur.
De transporteur omvat niet alleen de bovengenoemde eindloze transportband 5.In de buurt van de printeenheid 3 is ook een verdere transporteur voorzien. Deze verdere transporteur omvat een tweetal aan weerszijden van de horizontale transportband 5 aangebrachte opstaande transportbanden 12. De transportbanden 12 strekken zich uit aan beide zijden van de objecten op de transportband 5 en maken daarmee zodanig contact, dat de objecten op de transportband 5 nauwkeurig gepositioneerd blijven, ook wanneer stroomafwaarts ter plaatse van de printereenheid 3 objecten bedrukt worden. De snelheid van de transporteurs 5 en 12 is in beginsel gelijk.
In de getoonde uitvoeringsvorm zijn de beide transporteurs aan de zijkanten van de horizontale transportband 5 opgebouwd uit twee opstaande banden 12. De eerste opstaande band 12 wordt geleid langs een eerste roller 17 die via een as 19 aan het frame 7 bevestigd is, en een tweede roller 24. De tweede opstaande band wordt geleid langs roller 20 die via as 21 aan het frame bevestigd is, en een tweede roller 23.
In de in figuur 1 getoonde uitvoeringsvorm worden de twee transportbanden 12 aangedreven door een gemeenschappelijke aandrijving. De aandrijving omvat een elektrische aandrijfmotor 8 die via een as 16 verbonden is met een poelie 18. Poelie 18 staat in verbinding met de eerdergenoemde eerste rollers 17 en 20 via de tandriem 15. Door met aandrijfmotor 8 de as 16 aan te drijven, zal de rotatie van de poelie 18 worden overgedragen op de eerste en tweede rollers 17,20. Laatstgenoemde rollers brengen dan de opstaande transportbanden 12 in beweging. De beide opstanden banden zijn dan met de tandriem 15 met dubbelzijde vertanding dusdanig gekoppeld dat zij met dezelfde snelheid in tegengestelde richting draaien.
In een andere uitvoering zal de poelie 17 en 20 elk zijn eigen aandrijfmotor kunnen hebben. De beide aandrijfmotoren zorgen dan voor dezelfde snelheid maar een tegengestelde draairichting.
Door de getoonde constructie zal de band 12 ter plaatse van de objecten in de transportrichting (P2, figuur 1) getransporteerd worden zodat de objecten in samenwerking met de transportband 5 goed ondersteund langs de printereenheid geleid worden.
De printereenheid 3 omvat een printcartridgehouder 27 met daarin een printercartridge 25 waar aan de onderzijde een printkop 26 is voorzien. Deze printkop kan verschillende uitvoeringen hebben, maar in de onderhavige uitvoeringsvorm wordt gebruik gemaakt van een inktjetprintkop welke inkt zonder met het object contact te maken op het object kan aanbrengen. De printcartridgehouder 27 is met ondersteuning 33 bevestigd op een verplaatsbare wagen 28. Deze wagen 28 is aan de onderzijde voorzien van uitsparingen die het mogelijk maken dat daarin respectievelijke rails 30, 31 van een steun 29 gehuisvest kunnen worden. Steun 29 is op vaste positie boven de transportband 5 aangebracht en staat schuin ten opzichte van de eerder genoemde transportrichting Pi. De steun 29 is geïntegreerd met een lineaire elektromotor. De elektromotor 29 wordt gevoed via voedingsterminals 39 en is zodanig uitgevoerd, dat daarmee de wagen 28 in de richtingen (P3 en P4) respectievelijk heen en weer verplaatst kan worden.
In de getoonde constructie vormen delen 28,29, 30 en 31 samen een lineaire servormotor. Hierbij omvat onderdeel 29 de stator met magneten, omvat onderdeel 28 de slede en wordt het geheel gevoed via aansluitterminals 39.
Naast de steun 29 is een geleidingsplaat 36 aangebracht. Geleidingsplaat 36 is voorzien van een langgerekte uitsparing 37 die ruimte biedt voor de printkop 26 waarmee de objecten bedrukt kunnen worden.
Verder is ten minste één van de uiteinden (maar bij voorkeur aan beide uiteinden) van de uitsparing 37 voorzien van een dunne lip 38(kenmerkend dunner dan 1 mm of zelfs dunner dan 0,5 mm) waaronder het object wordt geleid en waar de onderzijde van de printkop 26 op kleine afstand overeen beweegt tijdens het versnellen en vertragen van de printkop.
In figuren 2A-2C is de printereenheid 3 en bijbehorende transporteenheid 2 in meer detail weergegeven. Duidelijk zichtbaar is dat de geleidingsplaat 29 (lineaire motor) is aangebracht op een onderliggende vlakke plaat 35 die op zijn beurt bevestigd is aan het frame 7 van de transporteenheid. De vlakke plaat 35 is hierbij op zodanige hoogte boven de transportband 5 aangebracht, dat de objecten slepend onder de plaat 35 passeren. Plaat 35 heeft een verdieping 36 voor vrijloop van de cartridgehouder 27.
De uit onderdelen 28,29,30 en 31 opgebouwde lineaire servormotor maakt een verplaatsing in de heengaande richting P3 en tegenovergestelde richting P3 mogelijk. De bediening van de printkop 26, lineaire servomotor 28,29, de aandrijving van de beide transporteurs en een(niet weergegeven) detectiesensor voor het detecteren van de aanwezigheid (en positie) van de objecten op de transporteur zijn alle aangesloten op een besturingseenheid 40. Deze besturingseenheid is ingericht om de printkop te activeren afhankelijk van ondermeer de snelheid van de transporteurs, de posities van de objecten (O) en de printsnelheid van de printkop.
In figuur 2A is weergegeven dat de uitsparing 37 waarlangs de printkop 26 zich verplaatsen kan, zich schuin ten opzichte van de transportrichting P3 uitstrekt. Vanaf de in figuur 2A weergegeven initiële toestand verplaatst de printkop 26 zich in de richting P3 via de in figuur 2B weergegeven tussenstand naar de in figuur 2C getoonde tussenstand. In de laatstgenoemde tussenstand aangekomen is het printen van het betreffende object voltooid en vertraagt de wagen met printkop tot stilstand. Daarna keert de wagen met printkop weer terug (richting P4) naar de initiële stand.
Meer in het bijzonder stuurt de besturingseenheid wanneer de in figuur 2C getoonde tussenstand bereikt is, de motor aan om de wagen 28 en daarmee de printkop 26 in tegenovergestelde richting weer terug te voeren tot de in figuur 2A getoonde initiële toestand. Tijdens het terugvoeren van de printkop is deze uiteraard niet actief.
Zoals hierboven beschreven is, strekt de uitsparing 37 zich schuin ten opzichte van de transportrichting Pi uit. Ter linker zijde van figuur 2A is dit verduidelijkt. Weergegeven is dat de objecten (0) zich in transportrichting Pi met een transportsnelheid (V0) voortbewegen. Tijdens het printen wordt het transporteren van de objecten niet onderbroken. De snelheid van de objecten tijdens het printen is derhalve gelijk aan de transportsnelheid V0. De snelheid waarmee de printkop 26 in de uitsparing 37 verplaatst wordt, ook wel de printsnelheid VP genoemd, is eveneens weergegeven. De hoek α tussen de lijn 42 loodrecht op de transportrichting Pi en de lijn 43 evenwijdig met de verplaatsingsrichting van de printkop 26 is hierbij zodanig gekozen dat gegeven de printkopsnelheid 26 en de transportsnelheid van de objecten de langwerpige barcode op juiste wijze op het object wordt afgedrukt.
In figuur 2A is bijvoorbeeld weergegeven dat bij een juiste afstelling van de transportsnelheid, printsnelheid en hoek a, er een langwerpige barcode (B) op het object (0) kan worden aangebracht die zich loodrecht op de transportrichting (Pi) uitstrekt. De langwerpige barcode (B) kan hierdoor netjes over de gehele lengte van het bovenste oppervlak 4 van het object worden aangebracht.
In het bijzonder is een dergelijke oriëntatie van de geprinte barcode (B) mogelijk indien de transportsnelheid (V0) van de objecten en de printkopsnelheid (VP) in hoofdzaak voldoen aan de vergelijking:
Figure NL2010748CD00151
waarbij de hoek α gedefinieerd is als de hoek tussen de lijn 42 loodrecht op de transportrichting van de objecten en de lijn langs de verplaatsingsrichting P3 van de printkop.
In het getoonde systeem is het mogelijk om de objecten continu en ononderbroken te blijven transporteren terwijl toch tegelijkertijd een langwerpige barcode over de gehele lengte van het bovenoppervlak (en/of het onderoppervlak) van het object is aan te brengen. Dit betekent dat de werkingssnelheid van het systeem zeer hoog kan zijn terwijl toch de ruimte van de bovenzijde (of aan de onderzijde) van het object geheel gebruikt kan worden.
Om voor een nauwkeurig aanbrengen van de code op het object zorg te dragen, is de besturingseenheid uitgevoerd om bij het begin van de verplaatsing van de wagen 28 vanaf de in figuur 2A getoonde initiële toestand nog niet gelijk de printkop 26 te activeren. De wagen 28 en de daaraan bevestigde printkop 26 moeten eerst versneld worden tot de genoemde printkopsnelheid (VP). Pas wanneer de printkopsnelheid (VP) bereikt is, activeert de besturingseenheid de printkop 26 teneinde inkt op het object over te brengen. Evenzo zal de besturingseenheid de printkop 26 uitschakelen wanneer de in figuur 2C getoonde tussenstand bereikt is. De printkopwagen en de daaraan bevestigde printkop moeten immers vertraagd worden en tijdens de vertraging van de printkop kan een nauwkeurig printen vaak niet meer gegarandeerd worden. De besturingseenheid zal dus het printen stoppen voordat de vertraging aan het einde van de "slag" van de wagen 28 optreedt. De pintkop 26 vertraagt boven de eerder genoemde dunne lip 38.
In uitvoeringen van de uitvinding print de printkop allen tijdens de heengaande beweging. Wanneer de printkop terugkeert naar de uitgangsstand wordt er niet geprint. Andere uitvoeringen van het systeem volgens de uitvinding zijn echter ingericht om zowel tijdens de heengaande beweging als bij de terugkerende beweging te printen. De printkop moet dan een in essentie kruisvormig pad afleggen om bij zowel de heengaande als terugkerende beweging de beweging van de objecten te kunnen volgen. Meer in het bijzonder ondervindt de printkop de volgende verplaatsingen. In een eerste stadium wordt de printkop schuin naar voren (in de transportrichting) verplaatst om een eerste barcode aan te brengen, op soortgelijke wijze als eerder beschreven is. In plaats van terug te keren naar de uitgangsstand, wordt de printkop nu eerst naar achteren (tegengesteld aan de transportrichting) verplaatst. Hierna wordt de printkop schuin naar voren verplaatst om een tweede barcode te printen. Ten slotte wordt de printkop naar achteren verplaatst tot de oorspronkelijke uitgangsstand bereikt is.
De onderhavige uitvinding is niet beperkt tot de hierin beschreven uitvoeringsvormen daarvan. De gevraagde rechten worden veeleer bepaald door de navolgende conclusies, binnen de strekking waarvan talloze modificaties denkbaar zijn.

Claims (23)

1. Systeem voor het aanbrengen van informatie, in het bijzonder een code, meer in het bijzonder een langwerpige code zoals een barcode, op in hoofdzaak blokvormige objecten, het systeem omvattende: - een transporteur voor het in transportrichting transporteren van een rij achter elkaar geplaatste objecten; - een bij de transporteur opgestelde printeenheid voor het printen van codes op passerende objecten, waarbij de printeenheid omvat: - een of meer printkoppen voor het afgeven van inkt op het bovenoppervlak en/of onderoppervlak van het blokvormige object; - een verplaatsingsmechanisme voor het verplaatsen van de printkop ten opzichte van de transporteur; waarbij het verplaatsingsmechanisme is ingericht voor het tijdens het passeren van een object zodanig verplaatsen van de printkop ten opzichte van de transporteur dat de langwerpige code in een richting in hoofdzaak loodrecht op de transportrichting wordt aangebracht.
2. Systeem volgens conclusie 1, waarbij het verplaatsingmechanisme is ingericht om de printkop in een richting schuin ten opzichte van de transportrichting te verplaatsen.
3. Systeem volgens conclusie 1 of 2, waarbij het verplaatsingmechanisme is ingericht om de printkop een snelheid te geven met een eerste snelheidscomponent in de transportrichting en een tweede snelheidscomponent in een richting loodrecht op de transportrichting, waarbij de eerste snelheidscomponent bij voorkeur gelijk is aan de transportsnelheid van de objecten.
4. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, omvattende: - een zich schuin ten opzichte van de transporteur uitstrekkende en boven en/of onder de transporteur gepositioneerde steun; - een aan de steun bevestigde en ten opzichte van de steun verplaatsbare wagen, waarbij de printkop aan de verplaatsbare wagen bevestigd is; - een wagenaandrijving voor het aandrijven van de verplaatsing van de wagen.
5. Systeem volgens conclusie 4, waarin de steun, wagen en wagenaandrijving tezamen een elektromotor, in het bijzonder een lineaire elektromotor, vormen.
6. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, omvattende een besturingseenheid voor het aansturen van de snelheid van de transporteur en de snelheid van de printkop.
7. System volgens conclusie 6, waarbij de besturingseenheid is ingericht om de printkopsnelheid tijdens het printen gesynchroniseerd te houden met de transportsnelheid van de objecten.
8. Systeem volgens een van de conclusies 2-7, waarbij de transportsnelheid (Vo) van de objecten en de printkopsnelheid (Vp) in hoofdzaak voldoen aan de vergelij king:
waarbij de hoek (a) gedefinieerd is als de hoek tussen de lijn loodrecht op de transportrichting van de objecten en de lijn langs de verplaatsingsrichting van de printkop.
9. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de transporteur is ingericht om de objecten continu en ononderbroken te transporteren.
10. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de steun een of meer geleidingsrails omvat langs welke een printkopwagen heen en weer verplaatsbaar is, waarbij de hoek tussen de geleidingsrails en de transportrichting van de objecten geselecteerd is om de verplaatsing van het object tijdens het printen te kunnen volgen.
11. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, omvattende een zich boven de transporteur uitstrekkende geleidingsplaat die is uitgevoerd voor het geleiden van de objecten en het positioneren daarvan ten opzichte van de pintkop.
12. Systeem volgens conclusie 11, waarbij in de geleidingsplaat een langgerekte uitsparing is aangebracht, waarbij ter plaatse van een of meer van de uiteinden van de uitsparing een dunne lip is gevormd voor het daarlangs geleiden van de objecten.
13. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, omvattende een besturingseenheid voor het aansturen van de printkop en de printkopwagen, waarbij de besturingseenheid is ingericht voor: - het na het inschakelen van de printkopwagen pas inschakelen van de printkop als de printkopwagen een in hoofdzaak continue snelheid bereikt heeft; en/of - het afhankelijk van een detectiesignaal van een objectdetectiesensor heen en weer verplaatsen van de printkop en het in- en uitschakelen daarvan.
14. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de printereenheid is ingericht om de langwerpige code zondanig aan te brengen dat de resulterende geprinte code zich in een richting loodrecht op de transportrichting op het object uitstrekt.
15. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de transporteur een of meer aan weerszijden van de objecten gepositioneerde eindloze transportbanden omvat.
16. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de transporteur een onder de objecten gepositioneerde eindloze transportband omvat.
17. Systeem volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de lengte van de informatie langer is dan de afmeting van het blokvormige object in de transportrichting, maar niet langer dan de afmeting van het blokvormige object dwars op de transportrichting.
18. Printereenheid zoals gedefinieerd in een van de voorgaande conclusies.
19. Werkwijze voor het aanbrengen van informatie, in het bijzonder een code, meer in het bijzonder een langwerpige code zoals een barcode, op in hoofdzaak blokvormige objecten, de werkwijze omvattende: het in transportrichting transporteren van een rij achter elkaar geplaatste objecten; - het met een bij de transporteur opgestelde printeenheid voorzien van een printkop voor het printen van codes op passerende objecten, printen van informatie, waarbij het printen omvat: - het tijdens het passeren van een object in schuine richting ten opzichte van de transportrichting verplaatsen van de printkop en het tijdens het verplaatsen met de printkop aanbrengen van inkt op het object, zodat de resulterende langwerpige code zich in een richting loodrecht op de transportrichting uitstrekt.
20. Werkwijze volgens conclusie 19, omvattende het met een eerste snelheidscomponent in de transportrichting en een tweede snelheidscomponent in een eerste richting loodrecht op de transportrichting verplaatsen van de printkop en het daarbij printen van de informatie.
21. Werkwijze volgens conclusie 20, omvattende het in een tweede richting, tegenovergesteld aan de eerste richting, terugbrengen van de printkop naar een uitgangsstand zonder daarbij te printen.
22. Werkwijze volgens conclusie 20, omvattende na het printen het: - verplaatsen van de printkop in een richting tegengesteld aan de transportrichting; - verplaatsen van de printkop met de eerste snelheidscomponent in de transportrichting en de tweede snelheidscomponent in een tweede richting, tegengesteld aan de eerste richting, en het daarbij printen van de informatie; en het - het verplaatsen van de printkop in een richting tegengesteld aan de transportrichting om de printkop zonder daarbij te printen terug te brengen naar een uitgangsstand.
23. Werkwijze volgens een van de conclusies 19-22, waarbij het systeem volgens een van de conclusies 1-18 wordt gebruikt.
NL2010748A 2013-05-02 2013-05-02 Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie. NL2010748C2 (nl)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2010748A NL2010748C2 (nl) 2013-05-02 2013-05-02 Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie.
PCT/NL2014/050280 WO2014178714A1 (en) 2013-05-02 2014-05-01 System and method for arranging information

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2010748A NL2010748C2 (nl) 2013-05-02 2013-05-02 Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie.
NL2010748 2013-05-02

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2010748C2 true NL2010748C2 (nl) 2014-11-04

Family

ID=49170792

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2010748A NL2010748C2 (nl) 2013-05-02 2013-05-02 Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie.

Country Status (2)

Country Link
NL (1) NL2010748C2 (nl)
WO (1) WO2014178714A1 (nl)

Families Citing this family (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
CN107234880B (zh) * 2017-07-28 2019-01-04 无锡林科服饰有限公司 打码裁切机
IT202100008519A1 (it) * 2021-04-06 2022-10-06 Marcozzi S R L Macchina di stampa di astucci contenitori di prodotti alimentari

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP0534337A2 (de) * 1991-09-25 1993-03-31 Horst Schwede Bedruckvorrichtung für fortlaufend vorwärtsbewegte Gegenstände, insbesondere für Pakete, eingepackte Zeitschriftenstapel oder dergleichen
US5946010A (en) * 1995-12-01 1999-08-31 Oki Data Corporation Serial copier, scanner, and printer employing continuous media transport
EP0992352A1 (en) * 1998-10-05 2000-04-12 Gerber Garment Technology, Inc. Method and apparatus for printing on a continuously moving sheet of work material
GB2434563A (en) * 2004-11-26 2007-08-01 Marc Jonathan Brown Marking system with integrated linearity synchronisation
US20100214387A1 (en) * 2007-03-02 2010-08-26 Andrew Fox marking and/or coding

Family Cites Families (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP0046474B1 (de) * 1980-08-21 1984-05-02 ALEXANDER SCHOELLER & CO. AG Verfahren und Vorrichtung zum Bedrucken von kastenförmigen Gegenständen mit vertikal angeordneten Druckschablonen
JPH10157245A (ja) * 1996-11-27 1998-06-16 Seiko Precision Kk 印字装置

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP0534337A2 (de) * 1991-09-25 1993-03-31 Horst Schwede Bedruckvorrichtung für fortlaufend vorwärtsbewegte Gegenstände, insbesondere für Pakete, eingepackte Zeitschriftenstapel oder dergleichen
US5946010A (en) * 1995-12-01 1999-08-31 Oki Data Corporation Serial copier, scanner, and printer employing continuous media transport
EP0992352A1 (en) * 1998-10-05 2000-04-12 Gerber Garment Technology, Inc. Method and apparatus for printing on a continuously moving sheet of work material
GB2434563A (en) * 2004-11-26 2007-08-01 Marc Jonathan Brown Marking system with integrated linearity synchronisation
US20100214387A1 (en) * 2007-03-02 2010-08-26 Andrew Fox marking and/or coding

Also Published As

Publication number Publication date
WO2014178714A1 (en) 2014-11-06

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US7726461B2 (en) Apparatuses and methods for controlling the spacing of and ejecting conveyed objects
CN110662701B (zh) 借助热成型生产容器的设备
TW201010927A (en) Conveying apparatus for envelopes and related methods
NL2010748C2 (nl) Systeem en werkwijze voor het aanbrengen van informatie.
NL8301616A (nl) Werkwijze voor het in een in een produktielijn opgestelde verpakkingsmachine plakken van de eindflappen van een verpakking.
JP2002079493A (ja) 印刷物を自動的に切断するための切断装置
EP3713862B1 (en) Apparatus for aligning box-shaped articles of various sizes on a conveyor belt, printing station, reading station, and labelling station including same
US20090223782A1 (en) Packaging machine with adjustable lanes
US20220184973A1 (en) Ink jet printer production techniques
NL2009988C2 (nl) Inrichting en werkwijze voor het positioneren van een aantal flessen op een houder.
US20190160856A1 (en) Methods and systems to create a mailpiece with an inline buckle folder
JP2009265107A (ja) 印刷物の厚みを測定するための測定装置
NL8501520A (nl) Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een rij schijfvormige elementen, en de vervaardigde verpakking.
KR970010620A (ko) 리드프레임의 푸셔장치
EP2019802B1 (en) Positioning apparatus
WO1992018388A1 (en) Carton, etc., turning mechanism
JPH03158318A (ja) 物品受渡し装置
EP1714883A1 (en) Apparatus and method for printing packaging elements
CN107922120B (zh) 使物体转向的输送带
JP4318341B2 (ja) 物品の振分け装置
EP1866210B1 (en) A device for dispensing labels
CN121292030A (zh) 用于运输具有运输道岔的单件货物的装置及方法
JP6430733B2 (ja) 包装装置及び包装方法
OA19597A (en) Apparatus for aligning box-shaped articles of various sizes on a conveyor belt, printing station, reading station, and labelling station including same.
JP2003127485A5 (nl)

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20210601