NL2000744C2 - Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. - Google Patents
Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2000744C2 NL2000744C2 NL2000744A NL2000744A NL2000744C2 NL 2000744 C2 NL2000744 C2 NL 2000744C2 NL 2000744 A NL2000744 A NL 2000744A NL 2000744 A NL2000744 A NL 2000744A NL 2000744 C2 NL2000744 C2 NL 2000744C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- mast
- recesses
- connection
- connecting structure
- pieces
- Prior art date
Links
- 238000010276 construction Methods 0.000 title claims description 7
- 230000002787 reinforcement Effects 0.000 claims description 5
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 claims description 4
- 239000000853 adhesive Substances 0.000 claims description 2
- 230000001070 adhesive effect Effects 0.000 claims description 2
- 210000000481 breast Anatomy 0.000 claims description 2
- 230000001419 dependent effect Effects 0.000 claims 2
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 3
- 238000010008 shearing Methods 0.000 description 3
- 210000000038 chest Anatomy 0.000 description 2
- 208000027418 Wounds and injury Diseases 0.000 description 1
- XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N aluminium Chemical compound [Al] XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 229910052782 aluminium Inorganic materials 0.000 description 1
- 230000033228 biological regulation Effects 0.000 description 1
- 230000000903 blocking effect Effects 0.000 description 1
- 238000005266 casting Methods 0.000 description 1
- 238000011109 contamination Methods 0.000 description 1
- 230000007797 corrosion Effects 0.000 description 1
- 238000005260 corrosion Methods 0.000 description 1
- 230000006378 damage Effects 0.000 description 1
- 230000001934 delay Effects 0.000 description 1
- 230000003111 delayed effect Effects 0.000 description 1
- 208000014674 injury Diseases 0.000 description 1
- 230000005923 long-lasting effect Effects 0.000 description 1
- 230000007774 longterm Effects 0.000 description 1
- 230000035945 sensitivity Effects 0.000 description 1
- 230000006641 stabilisation Effects 0.000 description 1
- 238000011105 stabilization Methods 0.000 description 1
- 230000003313 weakening effect Effects 0.000 description 1
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E04—BUILDING
- E04H—BUILDINGS OR LIKE STRUCTURES FOR PARTICULAR PURPOSES; SWIMMING OR SPLASH BATHS OR POOLS; MASTS; FENCING; TENTS OR CANOPIES, IN GENERAL
- E04H12/00—Towers; Masts or poles; Chimney stacks; Water-towers; Methods of erecting such structures
- E04H12/02—Structures made of specified materials
- E04H12/08—Structures made of specified materials of metal
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E01—CONSTRUCTION OF ROADS, RAILWAYS, OR BRIDGES
- E01F—ADDITIONAL WORK, SUCH AS EQUIPPING ROADS OR THE CONSTRUCTION OF PLATFORMS, HELICOPTER LANDING STAGES, SIGNS, SNOW FENCES, OR THE LIKE
- E01F9/00—Arrangement of road signs or traffic signals; Arrangements for enforcing caution
- E01F9/60—Upright bodies, e.g. marker posts or bollards; Supports for road signs
- E01F9/623—Upright bodies, e.g. marker posts or bollards; Supports for road signs characterised by form or by structural features, e.g. for enabling displacement or deflection
- E01F9/631—Upright bodies, e.g. marker posts or bollards; Supports for road signs characterised by form or by structural features, e.g. for enabling displacement or deflection specially adapted for breaking, disengaging, collapsing or permanently deforming when deflected or displaced, e.g. by vehicle impact
- E01F9/635—Upright bodies, e.g. marker posts or bollards; Supports for road signs characterised by form or by structural features, e.g. for enabling displacement or deflection specially adapted for breaking, disengaging, collapsing or permanently deforming when deflected or displaced, e.g. by vehicle impact by shearing or tearing, e.g. having weakened zones
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Architecture (AREA)
- Civil Engineering (AREA)
- Structural Engineering (AREA)
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Materials Engineering (AREA)
- Wood Science & Technology (AREA)
- Refuge Islands, Traffic Blockers, Or Guard Fence (AREA)
- Road Signs Or Road Markings (AREA)
Description
Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast
De uitvinding heeft betrekking op een verbindingsconstructie voor een 5 verkeersmast, zoals een lichtmast, uit twee mastdelen, omvattende verbindingsstukken die elk verbindbaar zijn met een mastdeel zodanig dat de verbindingsstukken en mastdelen alle in eikaars verlengde liggen, welke verbindingsstukken zijn voorzien van naar elkaar gekeerde kopvlakken en een verbindingsdeel dat verbindbaar is met een mastdeel, een oplegflens met aan een omtrek daarvan uitmondende uitsparingen en een 10 oplegvlak bezitten, welk oplegvlak is afgekeerd van het bijbehorende kopvlak, alsmede klemorganen die zijn opgenomen in ten opzichte van elkaar uitgelijnde uitsparingen en die zijn afgesteund aan van elkaar afgekeerde oplegvlakken zodanig dat de kopvlakken van de verbindingstukken naar elkaar toe aangedrukt worden gehouden.
Een dergelijke verbindingsconstructie is bekend uit GB-A-1.087.073. Bij deze 15 bekende verbindingsconstructie bezitten beide mastdelen uitwendige, min of meer vierkante flenzen. Op de vier hoeken van deze flenzen zijn uitsparingen aangebracht, waarin boutverbindingen zijn opgenomen. De boutverbindingen klemmen de flenzen met een vooraf bepaalde kracht op elkaar. Deze klemkracht is zodanig dat de mast onder normale omstandigheden intact blijft, doch onder invloed van botskrachten kan 20 afschuiven. Het bovenste gedeelte van de mast geeft daardoor mee, en kan vervolgens omvallen. Het doel van een dergelijke gang van zaken is dat de botskrachten waaraan een tegen de mast botsend voertuig wordt onderworpen, beperkt kunnen blijven. De inzittenden van het voertuig worden daardoor aan minder hoge versnellingen blootgesteld, zodat het risico op verwondingen wordt gereduceerd.
25 Het nadeel van deze bekende mast is echter dat de zich aan de buitenzijde bevindende bevestigingsmiddelen gevaar kunnen opleveren. Zij vormen uitsteeksels die een botsend voertuig kunnen binnendringen, zodat het voertuig sterk vertraagd kan worden als gevolg van haakeffecten. Daardoor lopen inzittenden alsnog het risico verwond te worden. Bovendien zijn de bevestigingsmiddelen als gevolg van de 30 uitwendige opstelling blootgesteld aan weersinvloeden, waardoor de betrouwbaarheid daarvan op lange termijn niet goed kan worden gegarandeerd. Een verder nadeel is dat de aanwezigheid van de flenzen aan de buitenkant van de mast een belemmering kan vormen bij het aanbrengen van een zogenaamde maaiveldbescherming, en/of een verplichte grondstukbescherming, dan wel de bescherming van het in de grond 2 reikende deel van de mast, welke bescherming volgens voorschrift ongeveer 25 cm boven het maaiveld moet uitkomen.
Het doel van de uitvinding is daarom een verbindingsconstructie voor een verkeersveilige mast te verschaffen die geen extra risico’s oplevert, en waarvan de 5 juiste werking gedurende langere tijd kan worden gewaarborgd. Dat doel wordt bereikt doordat de uitsparingen uitmonden aan de inwendige omtrek van de oplegflenzen.
De plaatsing van de uitsparingen aan de inwendige omtrek van de oplegflenzen heeft het voordeel dat het uitwendige van de verbindingsconstructie geen onregelmatigheden en scherpe randen bezit, zodat het gevaar van snijwerking of 10 haakwerking aanzienlijk geringer is. Daarnaast kunnen de voor het juist functioneren van de verbindingsconstructie kritische onderdelen beter beschermd worden tegen invloeden van buitenaf. De grondstukbescherming die zich uitstrekt over de verbindingsconstructie zorgt ervoor dat de betreffende onderdelen van buitenaf onzichtbaar zijn. Het voordeel daarvan is ook dat de met een dergelijke 15 verbindingsconstructie uitgeruste mast minder gevoelig is voor vandalisme.
Bij voorkeur monden de uitsparingen wijder wordend uit, bijvoorbeeld volgens een V-vorm. Ter verkrijging van een betrouwbare afschuifwerking zijn bij voorkeur oplegschijven voorzien tussen elk oplegvlak en klemorgaan. Ook deze oplegschijven kunnen wijder wordend zijn uitgevoerd, gezien in de richting van de inwendige omtrek 20 van de oplegvlakken. Het effect van deze wijder wordende vormen is dat de verbindingsconstructie minder gevoelig wordt met betrekking tot de plaats waar een voertuig tegen de mast botst, gezien in omtreksrichting. Deze lagere gevoeligheid met betrekking tot de botsingsplaats wordt nog vergroot door toepassing van een relatief groot aantal klemorganen, bijvoorbeeld 8, 10 of 12.
25 Dat effect kan nog verder worden verbeterd indien de verbindingsdelen elk ten opzichte van de oplegvlakken van de oplegflenzen uitstekende houders bezitten, tussen welke houders de oplegschijven zijn opgenomen. Telkens twee naast elkaar gelegen houders kunnen dan een houderruimte voor de bijbehorende oplegschijf bepalen die in de richting van de inwendige omtrek van de oplegflenzen wijder wordt. In een 30 dergelijke wijder wordende houderruimte kunnen de onder invloed van botsingskrachten afschuivende oplegschijven goed worden geleid. Bovendien verschaft de houderruimte waarin de oplegschijf is gevangen een grotere stabiliteit aan de 3 verbindingsconstructie tijdens normaal gebruik, zodat de mast bestand is tegen normale belastingen zoals veroorzaakt door de wind en dergelijke.
In een andere voorkeursuitvoeringvorm is voorzien dat de oplegvlakken ter plaatse van naast elkaar liggende uitsparingen treden vormen. Daardoor kunnen naast 5 elkaar gelegen oplegschijven van een verbindingsstuk zich op verschillende niveaus bevinden. Bij het afschuiven van de mast onder invloed van een botsing kunnen dan de vrij dicht naast elkaar zich bevindende oplegschijven, die tijdens het afschuiven ook nog eens dichter naar elkaar toe bewegen, over elkaar heen schuiven zodat blokkering wordt vermeden.
10 Tussen de oplegvlakken kan een wrijvingsmiddel, zoals een of meer wrijvingsringen, zijn voorzien, dat een lage, geregelde wrijving oplevert. Bij voorkeur worden twee op elkaar liggende ringen voorzien, die onderling een betrouwbare en langdurig in stand blijvende nominale afschuifkracht opleveren. Verder kunnen de verbindingsstukken elk op afstand van het kopvlak een versterkingsflens bezitten. De 15 verbindingsstukken kunnen aan hun naar elkaar gekeerde eind elk een ten opzichte van de huls uitstekende borst omvatten die een aanslag bepaalt voor een mastdeel dat plaatsbaar is over de huls.
In een voorkeursuitvoeringsvorm kunnen de verbindingsdelen een huls omvatten, in welk geval de oplegflenzen zich bevinden in het inwendige van de huls. De 20 verbindingsstukken kunnen omwentelingssymmetrisch zijn; bij voorkeur bestaan zij uit aluminium gietstukken. Tevens kan een verbindingsstuk op afstand van het kopvlak een versterkingsflens bezitten. Deze versterkingsflens bevindt zich bij voorkeur op botsingshoogte, zodanig dat de botskrachten betrouwbaar kunnen worden doorgevoerd naar de kopvlakken zonder dat de verbindingsstukken voortijdig bezwijken.
25 De uitvinding betreft tevens een verkeersmast met in eikaars verlengde liggende mastdelen die onderling zijn verbonden door een verbindingsconstructie zoals hiervoor beschreven. Bij voorkeur zijn de mastdelen door een lijmverbinding verbonden met de verbindingsstukken. Daardoor wordt vermeden dat plaatselijke verzwakkingen worden gevormd door bijvoorbeeld lassen, die aanleiding kunnen geven tot corrosie en 30 vermoeiingsverschijnselen.
Een der mastdelen of het zogenaamde grondstuk is uitgevoerd voor montage aan of in een fundatie, zodanig dat de verbindingsconstructie zich bevindt op een geringe 4 afstand boven het maaiveldniveau van het gebied waar zich de fundatie bevindt, die bij voorkeur ongeveer 5 cm bedraagt.
Aangezien de flenzen en de klemorganen zich binnen in de verbindingsconstructie bevinden, kan de laatste zo worden uitgevoerd dat de 5 omtrekscontour daarvan gelijk is met de omtrekscontour van de mastdelen. Daardoor wordt een zeer gelijkmatig uiterlijk verkregen, dat ongevoelig is voor vervuiling en dat geen gevaarlijke uitstekende delen oplevert.
Vervolgens zal de uitvinding nader worden toegelicht aan de hand van een in de figuren weergegeven uitvoeringsvoorbeeld.
10 Figuur 1 toont een verlichtingsmast met een verbindingsconstructie volgens de uitvinding.
Figuur 2 toont een verbindingsconstructie zoals toegepast bij de verlichtingsmast volgens Figuur 1.
Figuur 3 toont een aanzicht op een verbindingsstuk van de 15 verbindingsconstructie.
Figuur 4 toont een aanzicht in perspectief op de verbindingsstukken.
De in Figuur 1 weergegeven verbindingsmast 1 bestaat uit een onderste mastdeel 3 en een bovenste mastdeel 2, die onderling zijn verbonden door de verbindingsconstructie 4 volgens de uitvinding. Het onderste mastdeel 3 is in zijn 20 gefundeerd in de bodem 5, het bovenste mastdeel 2 draagt een verlichtingsarmatuur 6. Niettemin kan de verbindingsconstructie 4 ook bij andere masten worden toegepast, waarbij het gevaar bestaat dat voertuigen daar tegenaan botsen.
Op grotere schaal is de verbindingsconstructie 4 weergegeven in figuur 2. De verbindingsconstructie 4 bestaat uit twee verbindingsstukken 7, 8, die in het 25 weergegeven uitvoeringsvoorbeeld identiek zijn. Elk verbindingsstuk 7, 8 bezit een verbindingsdeel 9 dat bevestigbaar is aan een respectievelijk mastdeel 2, 3. Verder bezit elk verbindingsstuk een borst 10, alsmede ter plaatste van de borst 10 naar elkaar gekeerde kopvlakken 11. Tussen de kopvlakken 11 kan zich een wrijvingsring of een stel wrijvingsringen 12 bevinden die een bepaalde afschuifkracht kunnen opleveren.
30 In verband met het verkrijgen van de gewenste afschuifkrachten, moeten de kopvlakken 11 en de wrijvingsringen 12 met een bepaalde voorspankracht op elkaar gedrukt worden gehouden. Dat wordt bereikt door middel van een serie boutverbindingen 13, die regelmatig verdeeld zijn aan de binnenomtrek van de 5 verbindingsconstmctie 4. In figuur 2 is een van deze boutverbindingen 13 weergegeven. Elke boutverbinding 13 bestaat uit een bout 14, een moer 15 alsmede uit oplegschijven 16 onder de kop van de bout en onder de moer 15. Deze boutverbindingen 13 zijn opgenomen in de naar binnen toe wijder wordende of V-5 vormige uitsparingen 17, die in elk verbindingsstuk 7, 8 zijn opgenomen, en wel in de inwendige oplegflens 18 daarvan.
Zoals afgebeeld in figuur 3, is tenminste een der wrijvingsringen 12 aan de inwendige omtrek voorzien van ondersneden uitsparingen 24. In deze uitsparingen 24 kan de steel van een bout 14 worden gestoken of gedrukt, en vervolgens gevangen 10 worden gehouden. Daardoor wordt een zekere stabilisatie van de boutverbindingen 16 verkregen, welke verhindert dat, bijvoorbeeld onder invloed van trillingen, de boutverbindingen zouden verschuiven. De uitsparingen 24 zijn echter zodanig gevormd dat de boutverbindingen 16 uit de uitsparingen gedrukt kunnen worden onder invloed van een botsing.
15 Elke oplegflens 18 bezit een reeks oplegvlakken 19 voor de boutverbindingen 13, in het bijzonder voor de oplegschijven 16 daarvan. Zoals te zien is in de figuren 3 en 4, zijn de oplegschijven 16 eveneens wijder wordend uitgevoerd. Verder zijn de flenzen 18 voorzien van zogenaamde houders 20, die uitsteken ten opzichte van de oplegvlakken 19. De oplegvlakken 19 die naast elkaar liggen bevinden zich op 20 verschillende niveaus gezien in de axiale richting van de verbindingsconstmctie 4, zoals te zien is in het perspectief van Figuur 4 en van het zijaanzicht van Figuur 2.
Zoals eveneens te zien is in Figuur 4, bepalen twee naast elkaar liggende houders 20 een houderruimte 21, waarvan de bodem gevormd wordt door een oplegvlak 19. In deze houderruimte 21 en op het oplegvlak 19 past nauwsluitend een overeenkomstig 25 gevormde oplegschijf 16, zoals ook getoond is in Figuur 3. Vanwege het feit dat naast elkaar gelegen oplegschijven 16 zich op verschillende niveaus bevinden, aangezien ook de oplegvlakken 19 waarop zij steunen zich op verschillende niveaus bevinden, wordt het voordeel verkregen dat de oplegschijven 16 elkaar niet kunnen raken wanneer zij bij een botsing afschuiven van de oplegvlakken 19. De wijder wordende vormen van de 30 houderruimte 19 en van de uitsparingen 17 zorgen er daarbij voor dat de afschuifrichting relatief ongevoelig is voor de plaats waar een voertuig de verbindingsconstmctie 4, gezien in omtreksrichting, raakt. Zoals hiervoor besproken is ook het relatief grote aantal boutverbindingen 16 hierbij van belang.
6
De verbindingsstukken 7, 8, en in bijzonder de uitsparingen 17 daarvan, kunnen ten opzichte van elkaar zijn uitgelijnd door uitlijnmiddelen 22, zoals een pen en gatverbinding. Verder kan aan het bovenste eind van het bovenste verbindingsstuk 7 een versterkingsflens 23 zijn aangebracht, door middel waarvan de botsingsenergie kan 5 worden weerstaan zodanig dat een correcte afschuiving kan plaatsvinden.
Zoals schematisch weergegeven in figuur 1, kunnen de verbindingsconstructie 4 en de daaraan grenzende gedeelten van de mastdelen 2, 3 zijn omgeven door een zogenaamde grondstukbescherming 26. Deze kan zonder problemen worden aangebracht, omdat de verbindingsconstructie 4 geen buiten de contouren van de mast 10 1 uitstekende delen bezit. Bovendien is de verbindingsconstructie 4 zodanig aan het oog onttrokken, dat het gevaar voor vandalisme minimaal is. Overigens bevindt de verbindingsconstructie 4, in het bijzonder de kopvlakken 11 daarvan, zich op een hoogte van ongeveer 5 cm boven de grond. Daardoor blijft na afschuiving van het bovenste mastdeel 2 slechts een zeer lage stomp 3 over in de grond, die weinig risico 15 voor het botsende voertuig meer oplevert. In ieder geval is een hoogte van 5 cm zo gering dat het voertuig daardoor geen vertragingen kan ondervinden, en ook niet achter een dergelijke lage stomp kan blijven haken.
Claims (29)
1. Verbindingsconstructie (4) vooreen verkeersmast, zoals een lichtmast (1), uit twee mastdelen (2, 3), omvattende verbindingsstukken (7, 8) die elk verbindbaar zijn 5 met een mastdeel zodanig dat de verbindingsstukken en mastdelen alle in eikaars verlengde liggen, welke verbindingsstukken (7, 8) zijn voorzien van naar elkaar gekeerde kopvlakken (11) en een verbindingsdeel (9) dat verbindbaar is met een mastdeel (2,3), een oplegvlak (19) met aan een omtrek daarvan uitmondende uitsparingen (17), welk oplegvlak (19) is afgekeerd van het bijbehorende kopvlak (11), 10 alsmede klemorganen (13) die zijn opgenomen in ten opzichte van elkaar uitgelijnde uitsparingen (17) en die zijn afgesteund aan van elkaar afgekeerde oplegvlakken (19) zodanig dat de kopvlakken (11) van de verbindingstukken (7, 8) naar elkaar toe aangedrukt worden gehouden, met het kenmerk dat de uitsparingen (17) uitmonden aan de inwendige omtrek van de oplegvlakken (19). 15
2. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 1, waarbij de uitsparingen (17) wijder wordend uitmonden.
3. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 2, waarbij de uitsparingen (17) 20 V-vormig zijn.
4. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij oplegschijven (16) zijn voorzien tussen elk oplegvlak (19) en klemorgaan (13).
5. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 4, waarbij de oplegschijven (16) wijder wordend zijn uitgevoerd, gezien in de richting van de inwendige omtrek van de oplegvlakken (19).
6. Verbindingsconstmctie (4) volgens conclusie 5, waarbij de verbindingsstukken 30 (7, 8) elk ten opzichte van de oplegvlakken (19) uitstekende houders (20) bezitten, tussen welke houders (20) de oplegschijven (19) zijn opgenomen.
7. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 6, waarbij naast elkaar gelegen houders (20) een in de richting van de inwendige om trek van de oplegvlakken (19) wijder wordende houderruimte (21) voor de bijbehorende oplegschijf (16) bepalen.
8. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 7, waarbij de houderruimte (21) is gevormd overeenkomstig de oplegschijf (16).
9. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de klemorganen boutverbindingen (13) omvatten. 10
10. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 9 wanneer afhankelijk van een der conclusies 4-8, waarbij de kop van elke bout (14) en elke moer (15) op een oplegschijf (16) steunen.
11. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de oplegvlakken (19) ter plaatse van naast elkaar liggende uitsparingen (17) treden vormen.
12. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 11 wanneer afhankelijk van een 20 der conclusies 4-8 en 10, waarbij naast elkaar gelegen oplegschijven (16) van een verbindingsstuk (7, 8) zich op verschillende niveaus bevinden.
13. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de verbindingsstukken (7, 8) een huls (9) omvatten, en de oplegvlakken (19) zich 25 bevinden in het inwendige van de huls (9).
14. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de verbindingsstukken (7,8) omwentelingssymmetrisch zijn.
15. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij uitlijnmiddelen (22) zijn voorzien voor het ten opzichte van elkaar uitlijnen van de verbindingsstukken (7, 8) en de uitsparingen (17).
16. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij tussen de kop vlakken (11) een wrijvingsmiddel, zoals een of meer wrijvingsringen (12), is voorzien. 5
17, Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 16, waarbij tenminste een der wrijvingsringen (12) uitsparingen (24) bezit die aan de inwendige omtrek daarvan uitmonden, in welke uitsparingen (24) telkens een bout (14) is opgenomen.
18. Verbindingsconstructie (4) volgens conclusie 17, waarbij de uitsparingen (24) 10 in de wrijvingsring (12) een ondersneden vorm hebben.
19. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij een verbindingsstuk (7, 8) op afstand van het kopvlak een versterkingsflens (23) bezit.
20. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de verbindingsstukken (7, 8) aan hun naar elkaar gekeerde eind elk een ten opzichte van de huls uitstekende borst (10) omvatten die een aanslag bepaalt voor een mastdeel (2, 3. dat plaatsbaar is over de huls (9).
21. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de uitsparingen (17) regelmatig in omtreksrichting zijn verdeeld teneinde richtingsonafhankelijkheid in de omtreksrichting te verschaffen.
22. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij 25 elk verbindingsstuk (7, 8) tenminste vijf uitsparingen (17) bezit.
23. Verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de verbindingsstukken (7, 8) identiek zijn.
24. Verkeersmast (1), omvattende in eikaars verlengde liggende mastdelen (2, 3) die onderling zijn verbonden door een verbindingsconstructie (4), gekenmerkt door een verbindingsconstructie (4) volgens een der voorgaande conclusies.
25. Verkeersmast (1) volgens conclusie 24, waarbij de mastdelen (2, 3) door een lijmverbinding zijn verbonden met de verbindingsstukken (7, 8).
26. Verkeersmast (1) volgens conclusie 24 en 25, waarbij een der mastdelen (2, 5 3) is uitgevoerd voor montage aan of in een fundatie, en de verbindingsconstructie (4) zich bevindt op een afstand boven het maaiveldniveau (5) van het gebied waar zich de fundatie bevindt.
27. Verkeersmast (1) volgens conclusie 26, waarbij de afstand ongeveer 5 cm 10 bedraagt.
28. Verkeersmast volgens een der conclusies 24-27, waarbij de omtrekscontour der mastdelen (7, 8) overeenkomt met de omtrekscontour van de verbindingsconstmctie (4). 15
29. Verkeersmast volgens conclusie 28, waarbij het aan de verbindingsconstructie grenzende gebied de mastdelen aslmede de verbindingsconstructie (4) zijn omgeven door een grondstukbescherming (26).
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000744A NL2000744C2 (nl) | 2007-07-11 | 2007-07-11 | Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. |
| PL08160183T PL2014850T3 (pl) | 2007-07-11 | 2008-07-11 | Struktura łącząca dla słupa bezpiecznego w ruchu drogowym |
| EP08160183.3A EP2014850B1 (en) | 2007-07-11 | 2008-07-11 | Connecting structure for a traffic-safe pole |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000744A NL2000744C2 (nl) | 2007-07-11 | 2007-07-11 | Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. |
| NL2000744 | 2007-07-11 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2000744C2 true NL2000744C2 (nl) | 2009-01-13 |
Family
ID=39171392
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2000744A NL2000744C2 (nl) | 2007-07-11 | 2007-07-11 | Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| EP (1) | EP2014850B1 (nl) |
| NL (1) | NL2000744C2 (nl) |
| PL (1) | PL2014850T3 (nl) |
Families Citing this family (6)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP2400060A1 (en) | 2010-06-24 | 2011-12-28 | Hunter Douglas Industries B.V. | Utility Pole with frangible tube section |
| ES2396900B1 (es) * | 2011-02-15 | 2013-10-09 | Ecotécnica Integral S.L. | Dispositivo de seguridad pasiva en estructuras de soporte de equipamientos de carretera. |
| NL1041270B1 (en) | 2015-04-13 | 2017-01-27 | Hunter Douglas Ind Bv | Utility pole with shear off coupling assembly. |
| US10435911B2 (en) | 2017-08-25 | 2019-10-08 | Pepco Holdings LLC | Utility pole with energy absorbing layer |
| PL440761A1 (pl) * | 2022-03-25 | 2023-10-02 | Elektromontaż Rzeszów Spółka Akcyjna | Słup stalowy oświetlenia ulicznego amortyzujący energię uderzenia pojazdu samochodowego |
| EP4675046A1 (en) | 2024-07-03 | 2026-01-07 | Katalysator of Kronoberg AB | A collision-yielding post assembly, an elastomeric retention linkage for the post assembly and a method of collision-profing a signpost |
Citations (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US20050284999A1 (en) * | 2004-04-23 | 2005-12-29 | Dent Clifford M | Flanged base and breakaway system connector for road accessory posts |
Family Cites Families (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| GB1087073A (en) | 1963-09-11 | 1967-10-11 | Turner Philip Wilson | Lamp and other roadside standards |
-
2007
- 2007-07-11 NL NL2000744A patent/NL2000744C2/nl not_active IP Right Cessation
-
2008
- 2008-07-11 EP EP08160183.3A patent/EP2014850B1/en active Active
- 2008-07-11 PL PL08160183T patent/PL2014850T3/pl unknown
Patent Citations (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US20050284999A1 (en) * | 2004-04-23 | 2005-12-29 | Dent Clifford M | Flanged base and breakaway system connector for road accessory posts |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| EP2014850A1 (en) | 2009-01-14 |
| PL2014850T3 (pl) | 2016-01-29 |
| EP2014850B1 (en) | 2015-09-02 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL2000744C2 (nl) | Verbindingsconstructie voor verkeersveilige mast. | |
| US10617898B2 (en) | Anchor | |
| CA2689766C (en) | Bollard having an impact absorption mechanism | |
| US20160145892A1 (en) | Fencing panel and method of assembly | |
| JP5398150B2 (ja) | 管状支柱 | |
| US20140110652A1 (en) | Frangible post for highway barrier end terminals | |
| JP5272096B2 (ja) | ターンバックル及び該ターンバックルを使用したワイヤロープの固定構造 | |
| BE1024008B1 (nl) | Impact-resistent en energie absorberend obstakel | |
| JP5830747B2 (ja) | 防護柵 | |
| EP0356686A1 (en) | Guardrail barrier | |
| EP1813725A1 (en) | Safety barrier | |
| CA2981573A1 (en) | Spacer for road safety barrier | |
| ES2673101A1 (es) | Protector para estanteria | |
| KR101973588B1 (ko) | 휀스 | |
| AU2015389793B2 (en) | Spacer for road safety barrier | |
| SE528438C2 (sv) | Stolpe med uppfångande organ i ett vägräcke med nedre tillplattat parti | |
| NL2018015B1 (en) | Mounting assembly for a traffic barrier and traffic barrier comprising a mounting assembly | |
| KR101898252B1 (ko) | 가드레일의 단부처리 구조체 시공방법 | |
| NL1041270B1 (en) | Utility pole with shear off coupling assembly. | |
| KR101661301B1 (ko) | 무기초 지주 및 이를 포함하는 낙석방지 울타리 시공 방법 | |
| CN109312548A (zh) | 护栏系统 | |
| KR20180036933A (ko) | 휀스 | |
| JP2005201020A (ja) | 変形性防護柵 | |
| RU2834120C1 (ru) | Мобильное устройство защиты от несанкционированного проезда | |
| AU2007201916A1 (en) | Improved Shelving Column Guard |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20110201 |