NL2005165C2 - Verbeterd schottenfilter. - Google Patents

Verbeterd schottenfilter. Download PDF

Info

Publication number
NL2005165C2
NL2005165C2 NL2005165A NL2005165A NL2005165C2 NL 2005165 C2 NL2005165 C2 NL 2005165C2 NL 2005165 A NL2005165 A NL 2005165A NL 2005165 A NL2005165 A NL 2005165A NL 2005165 C2 NL2005165 C2 NL 2005165C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
elements
main elements
auxiliary
main
row
Prior art date
Application number
NL2005165A
Other languages
English (en)
Inventor
Hendrikus Joseph Vianen
Original Assignee
Randolph b v
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Randolph b v filed Critical Randolph b v
Priority to NL2005165A priority Critical patent/NL2005165C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2005165C2 publication Critical patent/NL2005165C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B01PHYSICAL OR CHEMICAL PROCESSES OR APPARATUS IN GENERAL
    • B01DSEPARATION
    • B01D45/00Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces
    • B01D45/12Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces by centrifugal forces
    • B01D45/16Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces by centrifugal forces generated by the winding course of the gas stream, the centrifugal forces being generated solely or partly by mechanical means, e.g. fixed swirl vanes
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B01PHYSICAL OR CHEMICAL PROCESSES OR APPARATUS IN GENERAL
    • B01DSEPARATION
    • B01D45/00Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces
    • B01D45/04Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces by utilising inertia
    • B01D45/08Separating dispersed particles from gases or vapours by gravity, inertia, or centrifugal forces by utilising inertia by impingement against baffle separators
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24CDOMESTIC STOVES OR RANGES ; DETAILS OF DOMESTIC STOVES OR RANGES, OF GENERAL APPLICATION
    • F24C15/00Details
    • F24C15/20Removing cooking fumes
    • F24C15/2035Arrangement or mounting of filters

Landscapes

  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Chemical Kinetics & Catalysis (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Separating Particles In Gases By Inertia (AREA)

Description

Verbeterd schottenfilter
De uitvinding betreft een scheidingsinrichting voor het scheiden van deeltjes uit een fluïdum zoals vetdamp, omvattende tenminste twee parallelle naast elkaar liggende 5 rijen gootvormige hoofdelementen, waarbij de gootvormige hoofdelementen van elke rij naast elkaar zijn gerangschikt, de holle zijden van de hoofdelementen uit de ene rij gekeerd zijn naar, en tegengesteld gericht zijn ten opzichte van, de holle zijden van de hoofdelementen uit de andere rij en hoofdelementen uit de ene rij telkens twee hoofdelementen uit de andere rij overlappen, zodanig dat zich tussen de 10 hoofdelementen een stromingsdoorgang van de ene rij naar de andere rij uitstrekt.
Een dergelijke scheidingsinrichting is bekend. Vooral in professionele keukeninstallaties worden dergelijke scheidingsinstallaties of vetfïlters, ook wel schottenfïlters genoemd, toegepast in verband met het afzuigen van de gassen en dampen die vrijkomen bij het bereiden van voedsel. Met deze gassen en dampen 15 worden ook allerlei andere stoffen meegevoerd, in het bijzonder vet en andere deeltjes die schadelijk en brandgevaarlijk kunnen zijn. Door middel van de scheidingsinrichting kunnen dergelijke stoffen worden afgescheiden en afgevoerd.
De scheidingsinrichtingen bevinden zich gewoonlijk boven een fornuis, zodat de dampen en gassen direct kunnen worden afgezogen zonder zich verder in de 20 betreffende ruimte, zoals een keuken, te kunnen verspreiden. De dampen en gassen worden door een invoeropening aangezogen en verlaten na de filtering van de deeltjes via een afVoeropening de scheidingsinrichting.
De afgezogen gassen en dampen worden niet rechtstreeks, doch via een omleidingstraject in de vorm van de stromingsdoorgang geleid. Bovendien wordt de 25 afgezogen lucht in werveling gebracht onder invloed van het drukverschil tussen de invoeropening en de uitvoeropening. Dit heeft tot gevolg dat door centrifugale krachten de vetdeeltjes uit de afgezogen lucht worden afgescheiden en zich afzetten op de wanden van de stromingsdoorgang. Aangezien de stromingsdoorgang wordt gevormd door de elkaar overlappende randen van de hoofdelementen en de scheidingsinrichting 30 bovendien vaak schuin wordt opgesteld, kan het vet gemakkelijk onder invloed van de zwaartekracht worden afgevoerd en naar beneden vloeien of druipen langs de wanden van de hoofdelementen. Het vet wordt daar opgevangen door een opvangmiddel en afgevoerd.
2
Echter, een nadeel van deze bekende scheidingsinrichting is dat vooral de relatief grote deeltjes uit het fluïdum worden afgezet tegen de wanden. Relatief kleine vetdeeltjes blijven in de damp achter en kunnen niet apart worden afgevoerd. Hierdoor blijven deze kleine deeltjes in de dampen en gassen achter en kunnen zij zich afzetten 5 op plaatsen waar dat ongewenst is.
Doel van de uitvinding is om bij een gegeven afvoercapaciteit door de scheidingsinrichting, de scheiding van vet en dergelijke uit de afgezogen gassen en dampen verder te verbeteren zodanig dat ook relatief kleine deeltjes worden afgezet tegen de wanden van de stromingsdoorgang.
10 Dat doel wordt bereikt doordat aan de langsranden van de hoofdelementen uit een der rijen gootvormige hulpelementen zijn voorzien en doordat de holle zijden van de hulpelementen en de holle zijden van de hoofdelementen uit die rij naar elkaar gekeerd zijn en doordat de hulpelementen telkens één en slechts één langsrand van een hoofdelement uit die rij overlappen, gezien in overlappingsrichting van de 15 hoofdelementen.
Door het aanbrengen van de hulpelementen ontstaan aan de langsranden van de hoofdelementen stromingsdoorgangen die kleiner zijn dan de eerder genoemde stromingsdoorgang. De stromingsdoorgang tussen de langsranden van de hoofdelementen en de hulpelementen strekt zich uit tussen de hoofdelementen en de 20 hulpelementen en zorgt voor de afzetting van de relatief kleine deeltjes in het fluïdum. De relatief grote deeltjes zullen via de eerder genoemde grotere stromingsdoorgang tussen de hoofdelementen worden afgezet. Hierdoor neemt de efficiëntie van de scheidingsinrichting toe.
Het is mogelijk dat de hulpelementen de hoofdelementen ten hoogste gedeeltelijk 25 overlappen, gezien in overlappingsrichting van de hoofdelementen. Als alternatief kunnen de hoofdelementen uit de andere rij de hulpelementen volledig overlappen, gezien in overlappingsrichting van de hoofdelementen.
In een voorkeursuitvoeringsvorm zijn de hoofdelementen uitgevoerd als gekromde profielen, zoals in de vorm van een cirkelsector. Daarnaast kunnen ook de 30 hulpelementen zijn uitgevoerd als gekromde hulpprofïelen, zoals in de vorm van een cirkelsector.
De uitvinding heeft ook betrekking op een ventilatie-inrichting, die een behuizing met een wand omvat die aan de ene zijde een onder onderdruk brengbare kamer omvat 3 en aan de andere zijde een te ventileren ruimte, welke wand een uitsparing omvat waarin een scheidingsinrichting zoals hierboven beschreven is opgenomen, zodanig dat de holle zijden van de hulpelementen is afgekeerd van de te ventileren ruimte.
In een voorkeursuitvoeringsvorm is de scheidingsinrichting schuin opgesteld en 5 zijn de langsrichtingen van de hoofdelementen en de hulpelementen overeenkomstig schuin gericht.
De uitvinding zal hieronder in detail worden beschreven onder verwijzing naar een aantal tekeningen, waarin uitvoeringsvormen van de uitvindingen zijn getoond.
Figuur 1 toont een schematische weergave van een ventilatie-inrichting volgens 10 de uitvinding.
Figuur 2 toont een schematische weergave van het vooraanzicht van een scheidingsinrichting volgens de uitvinding zoals gebruikt in een ventilatie-inrichting uit Figuur 1.
Figuur 3 toont een schematische weergave van een dwarsdoorsnede van de 15 scheidingsinrichting volgens de lijn III-III in Figuur 2.
Figuur 1 toont een ventilatie-inrichting volgens de uitvinding. De ventilatie-inrichting bestaat uit een behuizing 1 waarvan slechts een gedeelte van de wanden 2 is weergegeven. De behuizing begrenst een kamer 3, waarin door middel van (niet weergegeven) ventilatiemiddelen een onderdruk kan worden opgewekt. Aan de 20 buitenzijde van de behuizing 1 bevindt zich de te ventileren ruimte 4 waarin zich een fornuis en dergelijke kan bevinden. Bij voorkeur bevindt een dergelijk fornuis zich direct onder de ventilatie-inrichting. In de wand 2 van de behuizing 1 is een scheidingsinrichting 5 opgenomen.
Figuur 2 toont een schematische weergave van het vooraanzicht van een 25 scheidingsinrichting volgens de uitvinding zoals gebruikt in een ventilatie-inrichting uit Figuur 1. Tussen de hoofdelementen 8 bevinden zich toevoeropeningen 12. Onder invloed van de in de kamer 3 opgewekte onderdruk wordt lucht met verontreinigingen, zoals vetdeeltjes, uit de ruimte 4 aangezogen.
Figuur 3 toont een schematische weergave van een dwarsdoorsnede van de 30 scheidingsinrichting volgens de lijn III-III in Figuur 2. In deze figuur is te zien dat de hulpelementen 10 tenminste een dwarsdoorsnede-afineting hebben die kleiner is dan een dwarsdoorsnede-afineting van de hoofdelementen 8, 9. Daarbij zijn de breedte-afinetingen en diepte-afinetingen van de hulpelementen 10 in dwarsdoorsnede kleiner 4 dan die afmetingen van de hoofdelementen 8, 9. Verder is getoond dat de holle zijden 22 van de hoofdelementen 8 gekeerd zijn naar, en tegengesteld gericht zijn ten opzichte van, de holle zijden 23 van de hoofdelementen 9. Daarnaast overlappen de langsranden 15-18 van de hoofdelementen 8, 9 uit de ene rij telkens twee hoofdelementen 8, 9 uit de 5 andere rij, zodanig dat zich tussen de hoofdelementen 8, 9 een stromingsdoorgang 13 van de ene rij naar de andere rij uitstrekt. Aan de langsranden 15, 16 van de hoofdelementen 9 zijn gootvormige hulpelementen 10 voorzien. De holle zijden 24 van de gootvormige hulpelementen 10 en de holle zijden 23 van de hoofdelementen 9 zijn naar elkaar gekeerd.
10 Door de overlapping van de langsranden 15-18 van de twee parallelle rijen hoofdelementen 8, 9 ontstaat een stromingsdoorgang 13. Tussen de hoofdelementen 8, 9 en de hulpelementen 10 strekt zich een stromingsdoorgang 25 uit. De verontreinigde lucht komt via de toevoeropeningen 12 telkens een stromingsdoorgang 13 binnen. Doordat de hulpelementen 10 zijn geplaatst aan de langsranden 15,16 van de 15 hoofdelementen 9, wordt de luchtstroom 19 in de stromingsdoorgang 13 gesplitst in twee luchtstromen 20, 21. De eerste luchtstroom 20 wordt via de hulpelementen 10 geleid, waardoor relatief kleine deeltjes worden afgezet. De tweede luchtstroom 21 wordt via de holle zijden 24 van de hoofdelementen 8 geleid, waardoor relatief grote deeltjes worden afgezet.
20 Deze scheidingsinrichting 5 bezit een frame 6 dat is bevestigd ter hoogte van een overeenkomstige uitsparing 7 in de wand 2. Zoals weergegeven in Figuren 2 en 3 heeft de scheidingsinrichting 5 twee parallelle naast elkaar liggende rijen gootvormige hoofdelementen 8, 9 en aan de langsranden van de hoofdelementen 9 voorziene gootvormige hulpelementen 10. De hoofdelementen 8, 9 en de hulpelementen 10 zijn 25 onderling evenwijdig.
Zoals te zien is in figuur 1 is de scheidingsinrichting 5 schuin opgesteld. De hoofdelementen 8 zijn met hun langsrichting volgens de schuine helling opgesteld, zodat zij van een hoog niveau naar een laag niveau lopen. Aan de onderzijde van de modules, bij het lage niveau, bevindt zich telkens een uitlaat 11. Aan deze uitlaat 11 is 30 een opvang 14 verbonden voor het opvangen van de afgescheiden deeltjes, zoals vetdeeltjes, uit de omgevingslucht, afkomstig uit de te ventileren ruimte 4.
5
Lijst van onderdelen I. Behuizing 5 2. Wand behuizing 3. Kamer 4. Ruimte 5. Scheidingsinrichting 6. Frame scheidingsinrichting 10 7. Uitsparing in wand 8. Hoofdelement 9. Hoofdelement 10. Hulpelement II. Uitlaat 15 12. Aanvoeropening 13. Stromingsdoorgang 14. Opvang 15. Langsrand 16. Langsrand 20 17. Langsrand 18. Langsrand 19. Luchtstroom 20. Eerste afgesplitste luchtstroom 21. Tweede afgesplitste luchtstroom 25 22. Holle zijde hoofdelement 23. Holle zijde hoofdelement 24. Holle zijde hulpelement 25. Stromingsdoorgang

Claims (13)

1. Scheidingsinrichting voor het afscheiden van deeltjes uit een fluïdum zoals 5 vetdamp, omvattende tenminste twee parallelle naast elkaar liggende rijen gootvormige hoofdelementen (8, 9), waarbij de gootvormige hoofdelementen (8, 9) van elke rij naast elkaar zijn gerangschikt, de holle zijden (22, 23) van de hoofdelementen (8, 9) uit de ene rij gekeerd zijn naar, en tegengesteld gericht zijn ten opzichte van, de holle zijden (22, 23) van de hoofdelementen (8, 9) uit de andere rij en hoofdelementen (8, 9) uit de 10 ene rij telkens twee hoofdelementen (8, 9) uit de andere rij overlappen, zodanig dat zich tussen de hoofdelementen (8, 9) een stromingsdoorgang (13) van de ene rij naar de andere rij uitstrekt, met het kenmerk dat aan langsranden (15, 16) van hoofdelementen (9) uit een der rijen gootvormige hulpelementen (10) zijn voorzien, dat de holle zijden (24) van de hulpelementen (10) en de holle zijden (23) van de hoofdelementen (9) uit 15 die rij naar elkaar gekeerd zijn en dat de hulpelementen (10) telkens één en slechts één hoofdelement (9) uit die rij overlappen, gezien in overlappingsrichting van de hoofdelementen (8, 9).
2. Scheidingsinrichting volgens conclusie 1, waarbij de hulpelementen (10) de 20 hoofdelementen (9) ten hoogste gedeeltelijk overlappen, gezien in overlappingsrichting van de hoofdelementen (8, 9).
3. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hoofdelementen (8) uit de andere rij de hulpelementen (10) volledig overlappen, gezien 25 in overlappingsrichting van de hoofdelementen (8, 9).
4. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij zich tussen hoofdelementen (8, 9) en hulpelementen (10) een stromingsdoorgang (25) uitstrekt. 30
5. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hoofdelementen (8, 9) zijn uitgevoerd als gekromde profielen, zoals in de vorm van een cirkelsector.
6. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hulpelementen (10) zijn uitgevoerd als gekromde hulpprofïelen, zoals in de vorm van een cirkelsector.
7. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hoofdelementen (8, 9) en de hulpelementen (10) onderling evenwijdig zijn.
8. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hoofdelementen (8, 9) en de hulpelementen (10) zijn opgenomen in een frame (6). 10
9. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hulpelementen (10) tenminste een dwarsdoorsnede-afmeting hebben die kleiner is dan een dwarsdoorsnede-afmeting van de hoofdelementen (8, 9).
10. Scheidingsinrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de hoofdelementen (8, 9) en de hulpelementen (10) in dwarsdoorsnede een breedte-afmeting en een diepte-afmeting hebben, en die afmetingen van een hulpelement (10) beide kleiner zijn dan die afmetingen van een hoofdelement (8, 9).
11. Ventilatie-inrichting, omvattende een behuizing (1) met een wand (2) die aan de ene zijde een onder onderdruk brengbare kamer (3) omvat en aan de andere zijde een te ventileren ruimte (4), welke wand (2) een uitsparing (7) omvat waarin een scheidingsinrichting (5) volgens een der voorgaande conclusies is opgenomen, zodanig dat de holle zijden (24) van de hulpelementen (10) is afgekeerd van de te ventileren 25 ruimte (4).
12. Ventilatie-inrichting volgens conclusie 11, waarbij de scheidingsinrichting (5) schuin is opgesteld en de langsrichting der hoofdelementen (8, 9) en hulpelementen (10) overeenkomstig schuin zijn gericht. 30
13. Ventilatie-inrichting volgens conclusie 12, waarbij zich aan het onderste eind der hoofdelementen (8, 9) en hulpelementen (10) een op vang (14) voor uit omgevingslucht afkomstig uit de te ventileren ruimte (4), afgescheiden deeltjes, zoals vetdeeltjes, bevindt.
NL2005165A 2010-07-29 2010-07-29 Verbeterd schottenfilter. NL2005165C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2005165A NL2005165C2 (nl) 2010-07-29 2010-07-29 Verbeterd schottenfilter.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2005165 2010-07-29
NL2005165A NL2005165C2 (nl) 2010-07-29 2010-07-29 Verbeterd schottenfilter.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2005165C2 true NL2005165C2 (nl) 2012-01-31

Family

ID=43587214

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2005165A NL2005165C2 (nl) 2010-07-29 2010-07-29 Verbeterd schottenfilter.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2005165C2 (nl)

Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2388532A1 (fr) * 1977-04-27 1978-11-24 Gif Ges Ingenieurprojekte Installation pour realiser la ventilation et l'aeration de locaux avec atmosphere humide et/ou chargee de matieres grasses
AT396546B (de) * 1980-06-06 1993-10-25 Sonnleitner Engelbert Ing Dunstabzugshaube od.dgl.
WO2002074404A1 (en) * 2001-03-19 2002-09-26 Shell Internationale Research Maatschappij B.V. Gas-liquid separator
US20080110339A1 (en) * 2006-11-10 2008-05-15 Kui-Chiu Kwok Impact filter with grease trap

Patent Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2388532A1 (fr) * 1977-04-27 1978-11-24 Gif Ges Ingenieurprojekte Installation pour realiser la ventilation et l'aeration de locaux avec atmosphere humide et/ou chargee de matieres grasses
AT396546B (de) * 1980-06-06 1993-10-25 Sonnleitner Engelbert Ing Dunstabzugshaube od.dgl.
WO2002074404A1 (en) * 2001-03-19 2002-09-26 Shell Internationale Research Maatschappij B.V. Gas-liquid separator
US20080110339A1 (en) * 2006-11-10 2008-05-15 Kui-Chiu Kwok Impact filter with grease trap

Similar Documents

Publication Publication Date Title
AU2007319352B2 (en) Impact filter with grease trap
US6797041B2 (en) Two stage air filter
ATE451175T1 (de) Zyklonabscheidevorrichtung
KR20040094734A (ko) 연기흡인후드용 필터장치
CN105381655B (zh) 用于除油烟的汽液分离组件及多级过滤装置
US20130008140A1 (en) Separator for removing liquid from airflow
CN202598643U (zh) 一种可有效去除异味的油烟净化机
US6251153B1 (en) Centrifugal air filter
NL2005165C2 (nl) Verbeterd schottenfilter.
KR20130058117A (ko) 그리스 필터
CN105351994B (zh) 用于除油烟的多级过滤装置
CN106574529A (zh) 级联冲击器
CN205109196U (zh) 用于除油烟的汽液分离组件及多级过滤装置
CN207019137U (zh) 一种集成灶的集油系统
CN105351993B (zh) 一种除油烟的多级过滤装置
JP2016183803A (ja) 換気装置
NL2005121C2 (nl) Afscheidingsinrichting, alsmede ventilatie-inrichting voorzien van een dergelijke afscheidingsinrichting.
KR100913703B1 (ko) 기름기를 함유한 분진연기 집진장치
FR2523864A1 (fr) Ensemble a filtre de hotte et arrete-flamme pour hotte de fourneau
WO2003084643A1 (en) Two stage air filter
JP3070068U (ja) 厨房用グリスフィルタ―
JP2012002439A (ja) レンジフード
NL2012523B1 (en) Kitchen air extraction canopy.
US10132506B2 (en) Collecting hood
CN222597821U (zh) 吸油烟机及包含其的厨房系统

Legal Events

Date Code Title Description
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20150201