NL1022309C2 - Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. - Google Patents
Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1022309C2 NL1022309C2 NL1022309A NL1022309A NL1022309C2 NL 1022309 C2 NL1022309 C2 NL 1022309C2 NL 1022309 A NL1022309 A NL 1022309A NL 1022309 A NL1022309 A NL 1022309A NL 1022309 C2 NL1022309 C2 NL 1022309C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- adjusting
- assembly
- axial
- recess
- tool
- Prior art date
Links
- 238000003780 insertion Methods 0.000 claims description 17
- 230000037431 insertion Effects 0.000 claims description 17
- 230000013011 mating Effects 0.000 claims description 11
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 claims description 10
- 230000004323 axial length Effects 0.000 claims description 3
- 230000005540 biological transmission Effects 0.000 claims description 2
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 4
- 239000000758 substrate Substances 0.000 description 4
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 3
- 229910000831 Steel Inorganic materials 0.000 description 2
- 238000004873 anchoring Methods 0.000 description 2
- 230000008901 benefit Effects 0.000 description 2
- 230000007246 mechanism Effects 0.000 description 2
- 239000010959 steel Substances 0.000 description 2
- 230000008859 change Effects 0.000 description 1
- 239000004020 conductor Substances 0.000 description 1
- 230000001419 dependent effect Effects 0.000 description 1
- 238000000151 deposition Methods 0.000 description 1
- 239000000463 material Substances 0.000 description 1
- 238000000034 method Methods 0.000 description 1
- 230000008569 process Effects 0.000 description 1
- 238000005406 washing Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16M—FRAMES, CASINGS OR BEDS OF ENGINES, MACHINES OR APPARATUS, NOT SPECIFIC TO ENGINES, MACHINES OR APPARATUS PROVIDED FOR ELSEWHERE; STANDS; SUPPORTS
- F16M7/00—Details of attaching or adjusting engine beds, frames, or supporting-legs on foundation or base; Attaching non-moving engine parts, e.g. cylinder blocks
Landscapes
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Arrangement And Mounting Of Devices That Control Transmission Of Motive Force (AREA)
- Bolts, Nuts, And Washers (AREA)
- Prostheses (AREA)
- Standing Axle, Rod, Or Tube Structures Coupled By Welding, Adhesion, Or Deposition (AREA)
- Finger-Pressure Massage (AREA)
- Surgical Instruments (AREA)
- Dental Tools And Instruments Or Auxiliary Dental Instruments (AREA)
- Casings For Electric Apparatus (AREA)
- Containers And Plastic Fillers For Packaging (AREA)
- Orthopedics, Nursing, And Contraception (AREA)
- Vehicle Body Suspensions (AREA)
- Legs For Furniture In General (AREA)
- Footwear And Its Accessory, Manufacturing Method And Apparatuses (AREA)
- Passenger Equipment (AREA)
Description
gr · ’ -·-· ·· ·ν· ,4;·: ......-‘·......V - V ~___;_ ^-ν- •.Λ·*··· r· ·· · - -·*- ·_
Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet 5
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet, waarbij de stelvoet omvat: 10 · een eerste steldeel voorzien van een axiale boring met inwendige schroefdraad; • een tweede steldeel voorzien van met de inwendige schroefdraad parende uitwendige schroefdraad, welk tweede steldeel, bij in de boring geschroefde toestand, door verdraaiing ten opzichte van het eerste steldeel in axiale richting ten opzichte van het eerste steldeel verstelbaar is, en welk tweede steldeel is voorzien van tenminste een 15 axiaal verlopende uitsparing; • een aan het eerste steldeel of tweede steldeel voorzien ondersteunigsdeel alsmede een drukring, waarbij de drukring en het ondersteuningsdeel elk zijn voorzien van een convex respectievelijk concaaf vlak met in wezen dezelfde krommingsstraal zodanig dat de drukring in hoek ten opzichte van het ondersteuningsdeel verstelbaar is; 20 waarbij het gereedschap omvat een insteekeind dat in axiale richting in de uitsparing is te steken, en waarbij het insteekeind is voorzien van aangrijpmiddelen die zodanige zijn ingericht dat, bij aangrijping hiervan op het inwendige van de uitsparing en bij rotatie van het insteekeind rond de axiale hartlijn, het tweede steldeel meedraait,
Een stelvoet van een dergelijk samenstel is bekend uit EP 316.283. De hieruit 25 bekende stelvoet bestaat uit een eerste steldeel (2) en een tweede steldeel (6) met aan de bovenzijde een verbreed ondersteuningsdeel (4) dat aan zijn boveneind concaaf is uitgevoerd. Het tweede steldeel is voorzien van een uitwendige schroefdraad en het eerste steldeel is voorzien van een inwendige schroefdraad, welke inwendige en uitwendige schroefdraad onderling parend zijn zodanig dat bij verdraaiing van het 30 tweede steldeel (6) ten opzichte van het eerste steldeel (2) deze in axiale hoogte ten opzichte van elkaar versteld worden. Bovenop het ondersteuningsdeel (4) ligt een drukring (7) die aan zijn onderzijde convex is uitgevoerd met een krommingsstraal 1 022309 ι I gelijk aan de krommingsstraal van het concave boveneind van het ondersteuningsdeel I (4).
I Stelvoeten als bekend uit EP 316.283 worden evenals stelvoeten volgens de I onderhavige uitvinding vinden toegepast bij het stabiel, vlak neerzetten van I 5 inrichtingen op een ondergrond opdat bijvoorbeeld trillingen worden vermeden (men vergelijke bijvoorbeeld wasmachines die men middels stelvoeten zo stabiel mogelijk op I de ondergrond plaatst), alsook opdat bij aandraaien van verankerende spanschroeven introductie van spanningen in de inrichting wordt vermeden, alsook voor het onderling I op elkaar uitlijnen van verschillende inrichtingen. Bij het laatste moet men bijvoorbeeld H 10 denken aan een motor die middels een as op een aangedreven installatie is aangesloten.
Wanneer de motor en de aangedreven installatie verschillende eenheden zijn die in verband met de overbrengingsas veelal op elkaar uitgelijnd dienen te worden. Ook hiervoor worden stelvoeten gebruikt.
I Bij EP 316.283 zijn ten behoeve van een gereedschap voor het instellen van de I 15 hoogte van de stelvoet in het verbrede bovenste gedeelte 4 van het tweede steldeel 6 uitsparingen en 11 voorzien. Nadeel van deze constructie is dat de bouwhoogte van de I stelvoet daarbij relatief groot is, immers de uitsparingen 11 dienen te allen tijde I bereikbaar te blijven en kunnen dus niet in het eerste steldeel verzonken zijn.
Een samenstel volgens de aanhef van conclusie 1 is bekend uit DE-2.405.368.
I 20 Hieruit is een samenstel van een stelvoet en een stelgereedschap bekend. Bij dit H samenstel volgens fig. IA is sprake van een gereedschapspen met een zwenkbaar I daaraan bevestigd meeneemorgaan. Dit meeneemorgaan is beweegbaar tussen een eerste stand waarin het geheel binnen de cilindrische gereedschapspen ligt en een tweede stand waarin het radiaal ten opzichte van die pen uitsteekt om te kunnen I 25 aangrijpen op een nok in het inwendige van een van de steldelen. Nadeel van deze I uitvoeringsvorm is dat er aanpassingen in vormgeving van het inwendige van een van de steldelen nodig zijn om een aangrijping voor het gereedschap te verschaffen. Dit is relatief kostbaar en vermindert het draagvermogen van deze stelvoeten. Voorts vereist deze constmctie een relatief grote bouwhoogte in verband met de ruimte die benodigd 30 is voor functioneren van het gereedschap, en kan bij deze constructie het gereedschap in de stelvoet blijven vastzitten.
I 1022309 3
De onderhavige uitvinding heeft tot doel te verschaffen een samenstel van de aan het begin genoemde soort welke in het bijzonder een minimale bouwhoogte van de stelvoet mogelijk maakt en betrouwbaar in gebruik is.
Voomoemd doel wordt volgens de uitvinding bereikt doordat het gereedschap 5 een insteekeind omvat dat in axiale richting in de uitsparing is te steken, en waarbij het insteekeind is voorzien van aangrijpmiddelen die zodanig zijn ingericht dat, bij aangrijping hiervan op het inwendige van de uitsparing en bij rotatie van het insteekeind rond de axiale hartlijn, het tweede steldeel meedraait. Dit gereedschap grijpt het tweede steldeel dus aan in de tenminste ene axiale uitsparing. Deze tenminste 10 ene axiale uitsparing is voor het gereedschap bereikbaar onafhankelijk van de mate waarin het tweede steldeel in het eerste steldeel is verzonken (of beter gezegd in het eerste steldeel is geschroefd). Het zal een vakman duidelijk zijn dat een dergelijk gereedschap samenwerkend met tenminste een axiale uitsparing op velerlei manieren is te realiseren. Men kan bijvoorbeeld denken aan een centraal in het tweede steldeel 15 voorziene axiaal verlopende uitsparing in de vorm van een blind gat met in de bodem een sleuf, zeskantige holte, vierkantige holte of anderszins een onronde holte waarin een gereedschap met een overeenkomstig gevormd einddeel aan het insteekeind is te steken. Men kan echter ook in het bovenvlak van het tweede steldeel of eventueel het ondervlak van het tweede steldeel twee of meer excentrische axiale uitsparingen 20 aanbrengen waarin het insteekeind van een gereedschap is te steken om vervolgens middels dit gereedschap het tweede steldeel te kunnen verdraaien. De meeneemorganen kunnen dan bijvoorbeeld pennen omvatten die door radiaal uitzetten in het inwendige omtreksvlak van de uitsparing voorziene blindgaten gestoken worden.
Volgens een voordelige uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn de 25 aangrijpmiddelen ingericht voor aangrijping op het inwendige omtreksvlak van de uitsparing. Onder het inwendige omtreksvlak wordt hierbij verstaan het omtreksvlak dat zich uitstrekt evenwijdig aan de axiale richting van de axiaal verlopende uitsparing.
Uit kostenoverwegingen verdient het de voorkeur wanneer de uitsparing een ronde omtreksvorm heeft en wanneer men het inwendige omtreksvlak van de uitsparing 30 niet nader hoeft te bewerken. In dit verband verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer de meeneemorganen klemorganen zijn voor klemmende aangrijping op het inwendige omtreksvlak van de uitsparing. Hierbij moet men zich bedenken dat voor het verdraaien van het tweede steldeel ten opzichte van het eerste steldeel relatief 1 022309 H weinig kracht nodig is wanneer dit bij in wezen onbelaste toestand van de stelvoet I gebeurt. De klemorganen voor klemmende aangrijping zullen dan via wrijvingskracht relatief gemakkelijk voldoende grip op het inwendige omtreksvlak van de uitsparing kunnen hebben.
5 Het is volgens de uitvinding echter ook zeer goed mogelijk dat de uitsparing tenminste gedeeltelijk een onronde omtreksvorm heeft, en dat de aangrijpmiddelen een I in het onronde gedeelte van de uitsparing vormgesloten opneembare aangrijpkop I omvatten. Men kan dit bijvoorbeeld realiseren door de uitsparing een vierkante I dwarsdoorsnedevorm te verschaffen of althans tenminste een gedeelte van de I 10 uitsparing. Men kan dit echter ook bereiken middels een boring waarvan de axiale, I cilindrische wand van een axiaal verlopende sleuf is voorzien.
Volgens een verdere voordelige uitvoeringsvorm van de uitvinding omvat het gereedschap verder een spanpen met een daarlangs beweegbaar spanorgaan, bijvoorbeeld een moer, waarbij de spanpen werkzaam is verbonden met het tweede 15 draagdeel en het spanorgaan werkzaam is verbonden met het eerste draagdeel, en waarbij de aangrijpmiddelen zodanig door het eerste en tweede draagdeel worden gedragen dat de aangrijpmiddelen een radiale beweging ondergaan bij het axiaal ten opzichte van elkaar bewegen van het eerste en tweede draagdeel. Aldus is op I mechanisch eenvoudige wijze een radiaal naar buiten bewegen of radiaal naar binnen I 20 bewegen van de aangrijpmiddelen te realiseren afhankelijk van de richting waarin het spanorgaan axiaal langs de spanpen beweegt.
Het is hierbij volgens de uitvinding verder van voordeel wanneer de I aangrijpmiddelen axiaal verlopende vingers omvatten waartussen een eind van de I spanpen opneembaar is, en wanneer de uitsparing een axiale doorgang door het tweede I 25 steldeel is, waarbij de axiale doorgang een verbrede zone heeft, die zich vanaf een eind I van de axiale doorgang in axiale richting uitstrekt en die een doorsnede heeft welke I zodanig groter is dan de doorsnedevorm van de spanpen dat de vingers met daartussen een eind van de spanpen hierin zijn te steken. Aldus wordt het mogelijk om het tweede H steldeel in hoogte ten opzichte van het eerste steldeel te verstellen terwijl hier een 30 zogenaamde spanpen voor latere verankering van de uitgericht op te stellen inrichting doorheen loopt. Men maakt hierbij dan gebruik van de voor de spanpen toch al I voorziene axiale doorgang door het tweede steldeel. Men hoeft het tweede steldeel dus I niet nader aan te passen. Hierbij dient bovendien opgemerkt te worden dat bij ί ij Ja /„ v> 0 5Π~τ '" --- '-f; .,y~ w··" ' · ' ' .....—- ------------- - --------—TT ,,.. — 5 gebruikelijke stelvoeten de axiale doorgang door het tweede steldeel doorgaans al een grotere diameter krijgt dan de daarin op te nemen spanpen.
Met het oog op stabiliteit van de stelvoet bij montage verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer het boveneind van het tweede steldeel het 5 ondersteuningsdeel omvat en dat dit ondersteuningsdeel dus niet op het boveneind van het eerste steldeel is voorzien.
Met het oog op het minimaliseren van de bouwhoogte van de stelvoet is het volgens de uitvinding van voordeel wanneer het ondersteuningsdeel geheel binnen een door de diameter van de uitwendige schroefdraad bepaalde contour ligt, meer in het 10 bijzonder wanneer het gehele tweede steldeel binnen een door diameter van de uitwendige schroefdraad bepaalde contour ligt. Aldus wordt het mogelijk het tweede steldeel geheel in het eerste steldeel te laten verzinken.
Teneinde de bouwhoogte van de stelvoet verder te minimaliseren verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer het ondersteuningsdeel ten minste deels, bij 15 voorkeur geheel, verzonken ligt in een door de uitwendige schroefdraad omgeven zone van het tweede steldeel.
Teneinde de bouwhoogte van de stelvoet te minimaliseren, verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer de diameter van de drukring kleiner is dan de diameter van het tweede steldeel. Aldus kan de drukring nog in hoekstand versteld 20 worden indien het tweede in het eerste steldeel is verzonken. Bij voorkeur is de diameter van de drukring circa 4 a 10 mm kleiner dan de diameter van het tweede steldeel, bijvoorbeeld circa 6 mm kleiner.
Uit stabiliteitsoverwegingen verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer het ondersteuningsdeel een concaaf vlak omvat en de drukring een convex 25 vlak omvat. De drukring kan dan niet vanzelf van het ondersteuningsdeel afglijden omdat dit in een kuil, te weten het concave vlak van het ondersteuningsdeel, ligt. Dit speelt in het bijzonder bij het installeren van een stelvoet volgens de uitvinding. Opdat de middels de stelvoet volgens de uitvinding uitgericht op te stellen inrichting ook via de stelvoet aan de ondergrond is te verankeren verdient het volgens de uitvinding de 30 voorkeur wanneer het tweede steldeel en de drukring van een axiale doorgang voor een spanschroef zij voorzien. Opdat de drukring in voldoende mate in hoek versteld kan worden is het volgens de uitvinding van voordeel wanneer de axiale doorgang door de 1022309 drukring een diameter heeft die circa 32 a 48% groter is dan de diameter van de axiale I doorgang door het tweede steldeel.
I Met het oog op het minimaliseren van de bouwhoogte van de stelvoet is het I volgens de uitvinding verder van voordeel wanneer de axiale lengte van het tweede I 5 steldeel gelijk aan of kleiner is dan de axiale hoogte van het eerste steldeel, en wanneer I het tweede steldeel langs geheel zijn axiale lengte van uitwendige schroefdraad is voorzien en/of de inwendige schroefdraad van de axiale boring zich over de gehele I axiale hoogte van het eerste steldeel uitstrekt. Aldus wordt verzekerd dat het tweede I steldeel geheel in het eerste steldeel is te verzinken zonder dat het tweede steldeel 10 daarbij aan enige zijde van het eerste steldeel hoeft uit te steken.
I Volgens een verder aspect heeft de uitvinding betrekking op een samenstel van een stelvoet volgens de uitvinding, een onderbouw, een op die onderbouw uitgericht I opgestelde inrichting, alsmede een spanschroef, waarbij de inrichting middels de spanschroef aan de onderhouw is verankerd onder tussenligging van de stelvoet.
H 15 Hierbij is het in het bijzonder van voordeel wanneer het eerste steldeel met een ondervlak op de onderbouw ligt en wanneer de inrichting aanligt op de drukring of op de kap welke op zijn beurt aanligt op de drukring.
Volgens een nog verder aspect heeft de uitvinding betrekking op het gebruik van een gereedschap als gedefinieerd in een der conclusies 1-7 voor het instellen van de H 20 hoogte van een stelvoet als gedefinieerd in een der conclusies 1-18.
De onderhavige uitvinding zal in het navolgende aan de hand van de bijgesloten tekeningen nader worden toegelicht. Hierin toont:
Figuur 1 in doorsnedeaanzicht een stelvoet volgens de uitvinding;
Figuur 2 in doorsnede een variant van een stelvoet volgens de uitvinding in een 25 gemonteerde toestand;
Figuur 3 in doorsnede, deels in aanzicht een eerste gereedschap voor montage; en
Figuur 4 in doorsnede, gedeeltelijk aanzicht een stelvoet volgens de uitvinding tezamen met een tweede gereedschap voor montage.
H Fig. 1 toont schematisch in doorsnede een stelvoet volgens de uitvinding. Deze 30 stelvoet omvat een het eerste steldeel vormend ringelement 1, een het tweede steldeel vormend schachtelement 2 en een drukring 3. Het ringelement 1 is voorzien van H inwendige schroefdraad 4 en het schachtelement 2 is voorzien van uitwendige H schroefdraad 5. De inwendige schroefdraad 4 en uitwendige schroefdraad 5 zijn parend, 7 dat wil zeggen het schachtelement 2 is in het ringelement 1 te schroeven. De onderdelen 1, 2 en 3 zijn bij voorkeur uit staal, in het bijzonder een hoogwaardige staalsoort, vervaardigd.
Aan het boveneind is het schachtelement 2 voorzien van een ondersteuningsdeel 5 in de vorm van een concaaf vlak 6 met een krommingsstraal R. De drukring 3 is aan zijn onderzijde voorzien van een convex vlak 66 met overeenkomstige krommingsstraal R. Aldus kan de drukring 3 ten opzichte van het schachtelement 2 verschuiven waarbij het bovenvlak 7 van de drukring 3 ten opzichte van het ondervlak 8 van het ringelement 1 in hoekstand kan worden aangepast opdat enerzijds een vlakke 10 aanligging van de onderzijde 8 van het ringelement 1 op de ondergrond en anderzijds een vlakke aanligging van het bovenvlak 7 van het de drukring tegen de onderzijde van de te ondersteunen inrichting kan worden gerealiseerd.
Door het schachtelement 2 ten opzichte van het ringelement 1 te verdraaien (figuren 1 en 2 tonen een volledig in elkaar gedraaide stand terwijl figuur 3 een 15 gedeeltelijk in elkaar gedraaide stand toont) is de door de stelvoet overbrugde verticale afstand X (zie figuur 4) in te stellen naar wens.
Verwijzend naar de verwijzingstekens A, B, C, D, E, F en R in figuur 1 en de navolgende tabel 1, zijn in de tabel 1 bij wijze van voorbeeld 10 modellen, genaamd type 1 tot en met type 10 aangegeven met hun waarden A, B, C, D, E, F en R. Dit 20 betreffen op F en R na diameterwaarden. De stelvoet is cirkelsymmetrisch rondom hartlijn 9.
A in B in A/B C in D in E in F in R in ___mm mm_mm mm mm mm mm
Type ij 60 42 1,4 36 20 15 16 100
Type 2 80 52 1,5 46 26 19 19 100
Type 3 100 64 1,6 58 32 23 20 100
Type 4 120 82 1,5 76 40 29 20 100
Type 5 140 95 1,5 89 48 35 20 250
Type 6 160 110 1,5 104 58 40 20 250
Type 7 190 130 1,5 124 68 46 20 250
Type 8 220 160 1,4 154 80 54 25 400
Type 9 230 160 1,4 154 84 62 25 400 |Type~ÏÖ|l 250 170 1,5 164 95 70 25 400 tabel 1 1 022309 I De diameter van de drukring 3 is (zie ook tabel 1) circa 6 mm kleiner (namelijk I B-C) dan de diameter van het schachtelement 2. Dit verschaft een relatief groot hoekstandenbereik voor aanpassing van de hoekstand ook wanneer het schachtelement I geheel in het ringelement 1 is geschroefd.
I 5 Teneinde te verhinderen dat van bovenaf op de stelvoet komend vuil en vocht in I de parende schroefdraad 4, 5 kan geraken is het ringelement 1 aan zijn bovenvlak 10 in radiaal buitenwaartse richting taps aflopend onder een hoek β gevormd. Deze hoek β I kan liggen in het bereik van 5° tot 15° Hoe steiler de hoek β des te beter zal vuil en I vocht radiaal buitenwaarts van de parende schroefdraad 4, 5 weggeleid worden, echter 10 des te meer zal ook het dragend vermogen van de inwendige schroefdraad 4 aangetast worden indien deze tot bovenin het ringelement doorloopt.
I Figuur 2 toont in wezen ongeveer eenzelfde stelvoet als in figuur 1 echter thans voorzien van een kap 11. Opgemerkt zij dat de kap 11 aan de drukring 34 kan zijn bevestigd maar ook als een geïntegreerd geheel met de drukring 3 zou kunnen zijn 15 gevormd.
De kap ligt bij voorkeur verzonken ten opzichte van het bovenvlak van de drukring. Aldus vormt de kap geen onderdeel dat de zogenaamde inrichting 14 hoeft te dragen. De kap kan dan van een ten opzichte van de drukring relatief slap materiaal, zoals kunststof, zijn vervaardigd. De kap 11 heeft primair tot doel enerzijds de parende 20 schroefdraad 4, 5 vanaf de bovenzijde af te dekken en anderzijds de concave en H convexe vlakken 6, 66 tegen binnendringing van vuil en vocht te beschermen. Hiervoor H is van belang dat de kap 11 een diameter heeft die groter is dan die van de inwendige schroefdraad 5 of uitwendige schroefdraad 4 (hetgeen op hetzelfde neerkomt) respectievelijk groter is dan de diameter van de drukring. Daartoe volstaat het wanneer 25 de kap 11, beschouwd vanaf de axiale hartlijn 9 zich uitstrekt tot bijvoorbeeld bij ongeveer pijl Y, dat wil zeggen tot voorbij de parende schroefdraad 4, 5. Om dit te H verzekeren zal de diameter van de kap 11 bij voorkeur tenminste 10%, met meer voorkeur tenminste 25% groter zijn dan de diameter van de parende schroefdraad 4, 5.
H Door de kap 11 een grotere diameter te geven en te voorzien van een neerhangende 30 omtrekswand 12, zodat onder het bovenvlak 13 van de kap en tussen de neerhangende H wand 12 een inwendige opneemruimte 32 wordt gevormd, is te bereiken dat ook H binnendringing van vuil en/of vocht radiaal van buitenaf bovenlangs het ringelement 1 wordt tegengegaan. Zoals duidelijk zal zijn is hierbij het taps aflopende bovenvlak 10 1 r *>rr '·_;_:_;_ι._m_:_:_:_· - ~ !i _ vt ’-i*?-»···. *. ·*» .- - ---1 ! 9 niet meer direct van belang, alhoewel dit nog wel voordelen biedt. Eventueel zou van het taps aflopende vlak 10 ook kunnen worden afgezien wanneer de kap 11 een diameter heeft die zich slechts uitstrekt tot ongeveer bij de pijl Y, dat wil zeggen wanneer de kap een diameter heeft die groter is dan de diameter van de parende 5 schroefdraden 4,5.
Figuur 2 toont verder een voetgedeelte 14 van een uitgericht op te stellen inrichting alsmede een van schroefdraad voorziene zeskantbout 15 waarmee die inrichting 14 op de ondergrond 16 is verankerd. De stelvoet in fig. 2 is in de geheel ingedraaide toestand weergegeven, het zal echter duidelijk zijn dat dit bij een uitgericht 10 opgestelde inrichting in de praktijk niet zo vaak voorkomt.
Teneinde te voorkomen dat de kap 11 als getoond in fig. 2 het innemen van een schuine stand van de drukring 3 ten opzichte van het schachtelement 2 belemmert, verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer de inwendige hoogte V van de kap 11 circa 95% a 99% van de minimale inbouwhoogte F (waarbij de axiale dikte van 15 de kap 11 buiten beschouwing is gelaten) bedraagt. Daar bij het kantelen van de drukring 3 ten opzichte van het schachtelement 2 de naar beneden stekende wand 12 van de kap 11 plaatselijk zal neigen naar het ringelement 1 toe te bewegen verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer de inwendige diameter van de kap 11 groter is dan de grootste uitwendige diameter van de overige delen van de stelvoet, in het 20 bijzonder circa 0,5 a 2% groter is dan de grootste van de uitwendige diameters van de overige delen. De afstand W bedraagt daarbij dan de helft van die genoemde 0,5 a 2% overmaat aan kapdiameter.
Opdat voorkomen wordt dat onder invloed van een in de richting van de axiale hartlijn 9 werkzame belasting het schachtelement 2 ten opzichte van het ringelement 1 25 naar beneden gedrukt wordt doordat de uitwendige schroefdraad 5 de ineengrijping met de inwendige schroefdraad 4 geheel of gedeeltelijk verliest is het volgens de uitvinding van belang om voor de uitwendige diameter A van het ringelement 1 een diameter te nemen die tenminste 1,4 maal de nominale diameter van de parende schroefdraad B bedraagt. Aldus wordt op betrouwbare wijze verzekerd dat het ringelement 1 in radiale 30 richting niet zozeer kan oprekken dat de inwendige schroefdraad 5 en uitwendige schroefdraad 4 hun ineengrijping plaatselijk verliezen. Opdat de inwendige schroefdraad volledig last dragend tot bovenaan het ringelement 1 kan doorlopen, 1022309 I verdient het hierbij de voorkeur wanneer de hoek β ten hoogste 15°, bijvoorbeeld circa I 10° bedraagt.
I Teneinde de radiale afmeting van de stelvoet volgens de uitvinding tegelijkertijd I minimaal te houden verdient het volgens de uitvinding de voorkeur wanneer de I 5 uitwendige diameter van de ringelementen ten hoogste 1,9 maal de diameter van de I parende inwendige en uitwendige schroefdraad bedraagt, met meer voorkeur ten I hoogste 1,6 maal die diameter van de parende inwendige en uitwendige schroefdraad I bedraagt.
Zoals uit de figuren 1 en 2 duidelijk zal zijn is met de voorbeschreven B 10 maatregelen volgens de uitvinding een in bouwhoogte F zeer dunne stelvoet te realiseren. Het schachtelement 2 kan een maximale hoogte krijgen die gelijk aan of kleiner is dan de maximale axiale hoogte van het ringelement 1. De concave schaal 6 I ligt daarbij als het ware geheel verzonken in het door uitwendige schroefdraad 5 I omgeven gebied. Dit betekent echter dat het schachtelement 2 minder goed bereikbaar
B 15 wordt, althans ten opzichte van de bekende stand van de techniek als beschreven in EP
316.283. Teneinde het schachtelement 2 toch nog ten opzichte van het ringelement te B kunnen verstellen voorziet de uitvinding in een speciaal gereedschap. Dit zal nader B worden toegelicht aan de hand van figuur 3 en figuur 4.
B Figuur 3 toont een eerste uitvoeringsvorm van een dergelijk gereedschap 40. Het B 20 getoonde gereedschap 40 omvat een van schroefdraad voorziene spanpen 46 met aan B het boveneind een bedieningsmoer 50. De spanpen 46 verloopt door een bus 45. Aan B het ondereind van de bus 45 is een als tweede dragerdeel functionerende tweede B klemblokgeleider 41 voorzien. De klemblokgeleider 41 heeft een taps toelopend B omtreksvlak. Onder de klemblokgeleider 41 is een als eerste dragerdeel functionerende B 25 eerste klemblokgeleider 42 voorzien met eveneens een taps toelopend geleidingsvlak.
B Deze eerste klemblokgeleider 42 is afgesteund op een moer 47. Deze moer 47 is B middels een blokkeerpen 48 onverdraaibaar op de pen 46 bevestigd. In omtreksrichting B rondom de axiale hartlijn 52 zijn drie klemblokken 43 voorzien. Deze klemblokken 43 B worden rond de hartlijn 52 bijeen gehouden door een elastische ring 44. De elastische B 30 ring 44 staat onder voorspanning en laat toe dat de klemblokken 43 radiaal naar buiten B bewegen tegen een veerkracht in of onder invloed van de veerkracht radiaal naar B binnen bewegen. Dit al naar gelang de verandering in de axiale afstand tussen B geleidingsdeel 41 en geleidingsdeel 42. Het is van voordeel indien de moer 47 ten I 1 o :· ? ** _:_:-=-· ·. . ·---*»··*"·>· - ··--·· _ψ* · ; _;_' · "__ 11 opzichte van het geleidingsdeel 42 kan roteren. Een rotatie van de pen 46 ten opzichte van de bus 45 wordt verhinderd door een op de pen 46 voorziene, dwars ten opzichte van de pen verlopende stift 49 die in een in de bus 45 voorziene, axiaal verlopende sleuf is opgenomen. Aan het boveneind van de bus 45 is een afsluitflens 51 voorzien.
5 Door nu de moer 50 te verdraaien is de axiale afstand tussen de geleidingsdelen 41 en 42 te veranderen. Wanneer de geleidingsdelen 41 en 42 axiaal naar elkaar toe bewegen, worden de klemblokken 43 radiaal naar buiten gedrukt. Wanneer de geleidingsdelen 41,42 axiaal uit elkaar bewegen zullen de klemblokken 43 onder invloed van de elastische voorspanning van ring 44 radiaal naar binnen bewegen. Het 10 zal de vakman duidelijk zijn hoe het gereedschap 40 is te gebruiken om het schachtelement 2 ten opzichte van het ringelement 1 te verdraaien. Men steekt hiertoe het benedeneind van het gereedschap 40 in de boring 18 zodanig dat de klemblokken 43 zich in de boring bevinden. Vervolgens verdraait men de moer 50 zodanig dat de geleidingsdelen 41 en 42 naar elkaar toe komen totdat de klemblokken 43 voldoende 15 stevig ineengrijpen met de omtrekswand van de boring 18. Vervolgens kan men dan het schachtdeel 2 verdraaien door het gereedschap 40 vast te houden en het ringelement 1 te verdraaien of omgekeerd het ringelement 1 vast te houden en het gereedschap 40 rond de hartlijn 52 te verdraaien.
Figuur 4 toont een tweede uitvoering van het gereedschap. Het gereedschap 20 20 omvat een insteekeind 21 dat in axiale richting in de uitsparing 19 in het schachtelement 2 is te steken. Dit insteekeind 21 is daartoe voorzien van een soort vingers 22 (welke eventueel ook tezamen een gesloten huls zouden kunnen vormen).
Deze vingers zijn langs een omhoogstekend eind van een bout 17 te steken zodat men eerst de stelvoet 1, 2 op de ondergrond 16 kan plaatsen, terwijl in die ondergrond 16 al 25 een verankeringsbout 17 is bevestigd. Aan het ondereind van de vingers 22 zijn aangrijpmiddelen 23 in de vorm van in dit geval klemblokken voorzien. Deze klemblokken 23 laten zich middels een hefboommechanisme, waarvan de vingers 22 deel uitmaken, bedienen. Het hefboommechanisme bestaat in wezen uit de vingers 22 en armen 33, die bij 24 scharnierend aan elkaar zijn bevestigd en waarvan de armen bij 30 34 scharnierend op een gezamenlijk tweede dragerdeel 25 zijn bevestigd. Bij 35 zijn de vingers 22 voorts scharnierend bevestigd op een gezamenlijk eerste dragerdeel 26.
Door nu de dragerdelen 25, 26 ten opzichte van elkaar te bewegen worden de klemblokken 23 radiaal naar buiten of radiaal naar binnen bewogen. Dit ten opzichte 1022309 12 van elkaar bewegen van de dragerdelen 25 en 26 is bijvoorbeeld mogelijk door het dragerdeel 25 te bevestigen op een pen 27 waarbij rotatie van dragerdeel 25 ten opzichte van de langshartlijn van de pen 27 mogelijk is en dragerdeel 26 te bevestigen onderaan een bus 28 waardoorheen de pen 27 verloopt. De bus 28 is aan zijn boveneind 5 voorzien van een moerlichaam 29 waardoorheen de pen 27 middels schroefdraad 30 verloopt. Door nu de pen 27 middels de arm 31 te roteren ten opzichte van de bus 28 wordt de beweging van dragerdeel 25 ten opzichte van dragerdeel 26 gerealiseerd.
Het zal de vakman duidelijk zijn dat de in figuur 3 en 4 zeer schematisch getoonde gereedschappen slechts voorbeelden van mogelijke uitvoeringsvormen 10 betreffen. Dergelijke gereedschappen zijn namelijk op zeer veel manieren te realiseren. Het voordeel van dergelijke gereedschappen is dat men de boring 18 door het schachtelement 2 niet van een bijzondere vormgeving hoeft te voorzien. Dit kan gewoon zoals gebruikelijk een ronde boring blijven. Echter men zou de boring 18 ook onrond kunnen uitvoeren in welk geval het gereedschap enkel hoeft te zijn voorzien 15 van een insteekeind dat zich op een vormsluitende wijze in de onronde boring 18 laat steken. Dit is bijvoorbeeld te realiseren door de onronde boring aan tegenoverliggende zijden van een axiale sleuf te voorzien en het insteekeind 21 als het ware plaatvormig uit te voeren, waarbij de einden van de plaat dan aan tegenoverliggende zijden van de boring 18 in de gevormde sleuven wordt opgenomen.
20 Verwijzend naar figuur 2 van deze aanvrage alsmede naar de figuur van EP
888514, verwijzingsnummer 23, zij opgemerkt dat ook de kap 11 kan samenwerken met een op het ringelement 1 voorziene schaalverdeling. Omdat bij de onderhavige uitvinding de kap 11 ten opzichte van het ringelement 1 kan kantelen, verdient het bij de onderhavige uitvinding de voorkeur om het ringelement 1 te voorzien van een aantal 25 over de omtrek verdeeld aangebrachte verticale schaalverdelingen of van een zich over de gehele omtrek uitstrekkende schaalverdeling. Meerdere schaalverdelingen maakt bovendien ook het aflezen gemakkelijker. De schaalverdeling kan volgens de uitvinding ook een enkele referentielijn omvatten. Deze kan bijvoorbeeld de maximale (uitdraai-)hoogte van de stelvoet aanduiden. Deze maximale uitdraaihoogte zal dan zo 30 zijn bepaald dat de daarbij behorende ineengrijpingslengte van de inwendige en uitwendige schroefdraad een voldoende dragend vermogen heeft om een vooraf bepaalde ontwerpbelasting ten gevolge van de zogenaamde 'inrichting' te kunnen dragen.
| \J£.L O ··
Claims (17)
1. Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de 5 stelvoet, waarbij de stelvoet omvat: • een eerste steldeel voorzien van een axiale boring met inwendige schroefdraad; • een tweede steldeel voorzien van met de inwendige schroefdraad parende uitwendige schroefdraad, welk tweede steldeel, bij in de boring geschroefde toestand, 10 door verdraaiing ten opzichte van het eerste steldeel in axiale richting ten opzichte van het eerste steldeel verstelbaar is, en welk tweede steldeel is voorzien van tenminste een axiaal verlopende uitsparing; • een aan het eerste steldeel of tweede steldeel voorzien ondersteunigsdeel alsmede een 15 drukring, waarbij de drukring en het ondersteuningsdeel elk zijn voorzien van een convex respectievelijk concaaf vlak met in wezen dezelfde krommingsstraal zodanig dat de drukring in hoek ten opzichte van het ondersteuningsdeel verstelbaar is; waarbij het gereedschap omvat een insteekeind dat in axiale richting in de uitsparing is te steken, en waarbij het insteekeind is voorzien van aangrijpmiddelen die zodanige zijn 20 ingericht dat, bij aangrijping hiervan op het inwendige van de uitsparing en bij rotatie van het insteekeind rond de axiale hartlijn, het tweede steldeel meedraait, met het kenmerk. dat de aangrijpmiddelen in radiale richting heen en weer beweegbare, over de omtrek van het insteekdeel verdeeld aangebrachte meeneemorganen omvatten, welke 25 meeneemorganen door overbrengingsmiddelen zijn verbonden met, bij met het insteekeind in de uitsparing ingestoken toestand, buiten de uitsparing gelegen, op het gereedschap voorziene bedieningsmiddelen voor het radiaal tot aangrijping op de uitsparing uitzetten en intrekken van de meeneemorganen.
2. Samenstel volgens conclusie 1, waarbij de aangrijpmiddelen zijn ingericht voor 30 aangrijping op het inwendige omtreksvlak van de uitsparing.
3. Samenstel volgens conclusie 1 of 2, waarbij de uitsparing een ronde omtreksvorm heeft, en waarbij de meeneemorganen klemorganen zijn voor klemmende aangrijping op het inwendige omtreksvlak van de uitsparing. 1022309 I 14
4. Samenstel volgens een der conclusies 1-3, waarbij het gereedschap verder I omvat een spanpen met een daarlangs beweegbaar spanorgaan, waarbij aan het I gereedschap aan het insteekeind een eerste en tweede draagdeel voor de I aangrijpmiddelen omvat, waarbij de spanpen werkzaam is verbonden met het tweede I 5 draagdeel en het spanorgaan werkzaam is verbonden met het eerste draagdeel, en I waarbij de aangrijpmiddelen zodanig door het eerste en tweede draagdeel worden gedragen dat de aangrijpmiddelen een radiale beweging ondergaan bij het axiaal ten I opzichte van elkaar bewegen van het eerste en tweede draagdeel.
5. Samenstel volgens conclusie 4, waarbij de aangrijpmiddelen axiaal verlopende I 10 vingers omvatten waartussen een eind van de spanpen opneembaar is, waarbij de I uitsparing een axiale doorgang door het tweede steldeel is, waarbij de axiale doorgang een verbrede zone heeft, die zich vanaf een eind van de axiale doorgang in axiale richting uitstrekt en die een doorsnede vorm heeft welke zodanig groter is dan de I doorsnedevorm van de spanpen dat de vingers met daartussen een eind van de spanpen I 15 hierin zijn te steken.
6. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het boveneind van het tweede steldeel het ondersteuningsdeel omvat.
7. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het I ondersteuningsdeel geheel binnen een door de diameter van de uitwendige I 20 schroefdraad bepaalde contour ligt.
8. Samenstel volgens conclusie 7, waarbij het ondersteuningsdeel tenminste deels, bijvoorkeur geheel, verzonken ligt in een door de uitwendige schroefdraad I omgeven zone van het tweede steldeel.
9. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij, beschouwd in I 25 axiale richting, de hoogte van het tweede steldeel kleiner dan of gelijk is aan de hoogte van het eerste steldeel, en waarbij, beschouwd in radiale richting, de afmetingen van I het tweede steldeel geheel binnen de door de uitwendige schroefdraad bepaalde contour liggen.
10 Z / ·'.< Ü y f • 15
10. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de uitwendige 30 diameter van de drukring ten hoogste gelijk is aan de uitwendige diameter van het tweede steldeel.
11. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het ondersteuningsdeel een concaaf vlak omvat en de drukring een convex vlak.
12. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het tweede steldeel en de drukring van een axiale doorgang voor een spanschroef zijn voorzien.
13. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de axiale doorgang door de drukring een diameter heeft die circa 32% a 48% groter is dan de diameter van 5 de axiale doorgang door het tweede steldeel.
14. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de axiale lengte van het tweede steldeel gelijk aan of kleiner dan de axiale hoogte van het eerste steldeel is en waarbij het tweede steldeel langs geheel zijn axiale lengte van uitwendige schroefdraad is voorzien en/of de inwendige schroefdraad van de axiale boring zich 10 over de gehele axiale hoogte van het eerste steldeel uitstrekt.
15. Samenstel volgens een der voorgaande conclusies, verder omvattende een onderbouw, een op die onderbouw uitgericht opgestelde inrichting, alsmede een spanschroef, waarbij de inrichting middels de spanschroef aan de onderbouw verankerd is onder tussenligging van de stelvoet.
16. Samenstel volgens conclusie 15, waarbij het eerste steldeel met een ondervlak op de onderbouw ligt, en waarbij de inrichting aanligt op de drukring of op de kap welke op zijn beurt aanligt op de drukring.
17. Gebruik van een gereedschap als gedefinieerd in een der conclusies 1-5 voor het instellen van de hoogte van een stelvoet als gedefinieerd in een der voorgaande 20 conclusies. 1 022309
Priority Applications (18)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1022309A NL1022309C2 (nl) | 2003-01-06 | 2003-01-06 | Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. |
| AT04700301T ATE429611T1 (de) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Kombination aus einem höheneinstellbaren fuss und einemeinstellwerkzeug |
| PL377655A PL377655A1 (pl) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Zestaw złożony z nogi o regulowanej wysokości i narzędzia regulacyjnego |
| DE602004020729T DE602004020729D1 (de) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Kombination aus einem höheneinstellbaren fuss und einemeinstellwerkzeug |
| CA002510997A CA2510997A1 (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| HK06102304.1A HK1079562B (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| DK04700301T DK1581765T3 (da) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Kombination af en höjdejusterbar fod og et justeringsværktöj |
| CNB2004800018758A CN100439786C (zh) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | 对设备进行校正安装的可调式支脚和设定可调式支脚高度的工具的组合 |
| PCT/NL2004/000003 WO2004061358A1 (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| PT04700301T PT1581765E (pt) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combinação de um pé de altura ajustável com uma ferramenta de ajuste |
| US10/541,267 US20060237622A1 (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| ES04700301T ES2324992T3 (es) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combinacion de un pie de altura ajustable y una herramienta de ajuste. |
| AU2004203746A AU2004203746B2 (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| JP2006500723A JP2006517020A (ja) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | 調整脚及び調整具の組合せ |
| EP04700301A EP1581765B1 (en) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool |
| BR0406627-8A BRPI0406627A (pt) | 2003-01-06 | 2004-01-06 | Combinação, pé ajustável, e, uso de uma ferramenta |
| NO20053035A NO20053035L (no) | 2003-01-06 | 2005-06-21 | Kombinasjon av en hoydejusterbar fot og et justeringsverktoy. |
| IS7955A IS7955A (is) | 2003-01-06 | 2005-07-25 | Samsetning af fæti með stillanlegri hæð og stillingartóli |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1022309A NL1022309C2 (nl) | 2003-01-06 | 2003-01-06 | Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. |
| NL1022309 | 2003-01-06 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1022309C2 true NL1022309C2 (nl) | 2004-07-22 |
Family
ID=32709978
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1022309A NL1022309C2 (nl) | 2003-01-06 | 2003-01-06 | Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. |
Country Status (17)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US20060237622A1 (nl) |
| EP (1) | EP1581765B1 (nl) |
| JP (1) | JP2006517020A (nl) |
| CN (1) | CN100439786C (nl) |
| AT (1) | ATE429611T1 (nl) |
| AU (1) | AU2004203746B2 (nl) |
| BR (1) | BRPI0406627A (nl) |
| CA (1) | CA2510997A1 (nl) |
| DE (1) | DE602004020729D1 (nl) |
| DK (1) | DK1581765T3 (nl) |
| ES (1) | ES2324992T3 (nl) |
| IS (1) | IS7955A (nl) |
| NL (1) | NL1022309C2 (nl) |
| NO (1) | NO20053035L (nl) |
| PL (1) | PL377655A1 (nl) |
| PT (1) | PT1581765E (nl) |
| WO (1) | WO2004061358A1 (nl) |
Families Citing this family (10)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| SI1581766T1 (sl) * | 2003-01-06 | 2010-02-26 | Mach Support B V | Nastavljiva noga za poravnano namestitev opreme |
| US20080090109A1 (en) * | 2006-08-10 | 2008-04-17 | Angstrom Power Inc. | Portable fuel cell power source and methods related thereto |
| US20120228182A1 (en) | 2011-03-11 | 2012-09-13 | Honeywell International Inc. | Heat sealable food packaging films, methods for the production thereof, and food packages comprising heat sealable food packaging films |
| US9285067B2 (en) * | 2011-04-28 | 2016-03-15 | Aktiebolaget Skf | Modular double adjustable chock |
| CN103115228B (zh) * | 2012-09-20 | 2015-06-17 | 吴裕豊 | 一种连杆型锚栓 |
| CN103056669A (zh) * | 2013-01-10 | 2013-04-24 | 柳州正菱重型数控机床有限公司 | 机床调平装置 |
| CN105257954B (zh) * | 2014-07-15 | 2018-01-02 | 冠研(上海)专利技术有限公司 | 具有锁固装置防震脚座 |
| CN110822716B (zh) * | 2019-11-07 | 2021-02-26 | 深圳市比亚美塑胶模具有限公司 | 一种高温水温机 |
| CN112173357A (zh) * | 2020-10-15 | 2021-01-05 | 北京特种机械研究所 | 一种运输箱用支脚锁定块 |
| DE102021207060A1 (de) * | 2021-07-06 | 2023-01-12 | Aktiebolaget Skf | Einstellbarer Nivellierbausatz und zugehöriges Montageverfahren |
Citations (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE2405368A1 (de) * | 1974-02-05 | 1975-08-07 | Gemex Gmbh & Co Kg | Befestigungsvorrichtung fuer maschinen an fundamenten |
| EP0316283A1 (de) | 1987-11-11 | 1989-05-17 | Peter Stillhart | Lastaufnahmevorrichtung |
| EP0888514A1 (en) | 1996-03-20 | 1999-01-07 | Elbert Christoffel Edward Richard Keus | Setting foot provided with sealing means |
Family Cites Families (8)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US2497633A (en) * | 1947-04-08 | 1950-02-14 | Shapiro Jack | Internally applied expanding gripping tool |
| US2719747A (en) * | 1952-04-02 | 1955-10-04 | Mark B Layne | Expansible wedge type anchor |
| US3311002A (en) * | 1965-03-15 | 1967-03-28 | William E Van Hoose | Adjustable wrench |
| DE2601168C2 (de) * | 1976-01-14 | 1985-06-13 | Fixatorenbau Bertuch & Co GmbH, 5090 Leverkusen | Stellvorrichtung für Maschinen |
| CN2231356Y (zh) * | 1995-11-02 | 1996-07-17 | 中国石化兰州炼油化工总厂 | 可调节高度的固定支架 |
| US6282999B1 (en) * | 2000-04-17 | 2001-09-04 | Pasco Specialty & Mfg. Co., Inc. | Plumbing part installation and removal tool |
| CN2467863Y (zh) * | 2000-12-02 | 2001-12-26 | 深圳市宝安区龙华镇科丰达五金厂 | 一种可调节平衡支脚 |
| NL1019237C2 (nl) * | 2001-10-25 | 2003-04-28 | Krapels Multi Alignment B V | Stelvoet voorzien van een voetstuk en een drager die ten opzichte van het voetstuk door middel van een hefmechanisme met ten minste een schroefdraad in hoogterichting instelbaar is. |
-
2003
- 2003-01-06 NL NL1022309A patent/NL1022309C2/nl not_active IP Right Cessation
-
2004
- 2004-01-06 PL PL377655A patent/PL377655A1/pl not_active Application Discontinuation
- 2004-01-06 DE DE602004020729T patent/DE602004020729D1/de not_active Expired - Lifetime
- 2004-01-06 JP JP2006500723A patent/JP2006517020A/ja active Pending
- 2004-01-06 ES ES04700301T patent/ES2324992T3/es not_active Expired - Lifetime
- 2004-01-06 PT PT04700301T patent/PT1581765E/pt unknown
- 2004-01-06 AU AU2004203746A patent/AU2004203746B2/en not_active Ceased
- 2004-01-06 WO PCT/NL2004/000003 patent/WO2004061358A1/en not_active Ceased
- 2004-01-06 CN CNB2004800018758A patent/CN100439786C/zh not_active Expired - Fee Related
- 2004-01-06 US US10/541,267 patent/US20060237622A1/en not_active Abandoned
- 2004-01-06 DK DK04700301T patent/DK1581765T3/da active
- 2004-01-06 EP EP04700301A patent/EP1581765B1/en not_active Expired - Lifetime
- 2004-01-06 AT AT04700301T patent/ATE429611T1/de active
- 2004-01-06 CA CA002510997A patent/CA2510997A1/en not_active Abandoned
- 2004-01-06 BR BR0406627-8A patent/BRPI0406627A/pt not_active IP Right Cessation
-
2005
- 2005-06-21 NO NO20053035A patent/NO20053035L/no not_active Application Discontinuation
- 2005-07-25 IS IS7955A patent/IS7955A/is unknown
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE2405368A1 (de) * | 1974-02-05 | 1975-08-07 | Gemex Gmbh & Co Kg | Befestigungsvorrichtung fuer maschinen an fundamenten |
| EP0316283A1 (de) | 1987-11-11 | 1989-05-17 | Peter Stillhart | Lastaufnahmevorrichtung |
| EP0888514A1 (en) | 1996-03-20 | 1999-01-07 | Elbert Christoffel Edward Richard Keus | Setting foot provided with sealing means |
| US6068234A (en) * | 1996-03-20 | 2000-05-30 | Keus; Elbert Christoffel Edward Richard | Setting foot provided with sealing means |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| JP2006517020A (ja) | 2006-07-13 |
| CN1723360A (zh) | 2006-01-18 |
| CA2510997A1 (en) | 2004-07-22 |
| IS7955A (is) | 2005-07-25 |
| EP1581765B1 (en) | 2009-04-22 |
| PL377655A1 (pl) | 2006-02-06 |
| DK1581765T3 (da) | 2009-06-08 |
| AU2004203746B2 (en) | 2009-03-05 |
| DE602004020729D1 (de) | 2009-06-04 |
| US20060237622A1 (en) | 2006-10-26 |
| ES2324992T3 (es) | 2009-08-21 |
| NO20053035D0 (no) | 2005-06-21 |
| CN100439786C (zh) | 2008-12-03 |
| PT1581765E (pt) | 2009-09-02 |
| BRPI0406627A (pt) | 2005-12-06 |
| HK1079562A1 (en) | 2006-04-07 |
| ATE429611T1 (de) | 2009-05-15 |
| WO2004061358A1 (en) | 2004-07-22 |
| NO20053035L (no) | 2005-10-06 |
| EP1581765A1 (en) | 2005-10-05 |
| AU2004203746A1 (en) | 2004-07-22 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL1022309C2 (nl) | Samenstel omvattende enerzijds een stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting en anderzijds een gereedschap voor het instellen van de hoogte van de stelvoet. | |
| US6050034A (en) | Anchoring device for a pole- or post-like object | |
| NL8202132A (nl) | Polssteun. | |
| AU2004203745B2 (en) | Adjustable foot for setting up equipment in alignment | |
| US5669105A (en) | Adjustable door hinge | |
| US20190144245A1 (en) | Slab Lifting Clamp | |
| US6689002B1 (en) | Tensioning device in rotating movement transmission by belts, chains or cables | |
| NL1022310C2 (nl) | Stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting. | |
| FR2613005A1 (fr) | Systemes coulissants en particulier du type a palier lisse lineaire | |
| NL1022308C2 (nl) | Stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting alsmede samenstel van een dergelijke stelvoet en inrichting en een onderbouw en spanschroef. | |
| NL1026581C2 (nl) | Stelvoet voor het uitgericht opstellen van een inrichting. | |
| US6419200B1 (en) | Device at a Christmas-tree stand | |
| FR2581139A1 (fr) | Rotule de reglage en site et en azimut pour appareil de prise de vues | |
| HK1079562B (en) | Combination of an height-adjustable foot and an adjusting tool | |
| NL8203884A (nl) | Kleminrichting. | |
| JPH05149051A (ja) | ピボツト軸受 | |
| HK1082536B (en) | Adjustable foot for setting up equipment in alignment | |
| FI93379C (fi) | Kulutuskenkä | |
| KR200184693Y1 (ko) | 가구용 지각 | |
| ITBS950089A1 (it) | Cerniera per l'applicazione del gruppo sedile-coperchio sui vasi igienici | |
| FI20207099A1 (fi) | Laakerointijärjestely saranaa varten | |
| JPH0641018U (ja) | 地中埋込み型照明器具 | |
| SE504370C2 (sv) | Anordning för att låsa ett lock till en brunnsring eller liknande | |
| FR2560964A1 (fr) | Verin encastre de positionnement de meuble bas | |
| FR2604877A1 (fr) | Dispositif de reglage en hauteur d'un siege |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20130801 |