NL1016751C2 - Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. - Google Patents
Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1016751C2 NL1016751C2 NL1016751A NL1016751A NL1016751C2 NL 1016751 C2 NL1016751 C2 NL 1016751C2 NL 1016751 A NL1016751 A NL 1016751A NL 1016751 A NL1016751 A NL 1016751A NL 1016751 C2 NL1016751 C2 NL 1016751C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- exposure
- length
- exposed
- disc
- well
- Prior art date
Links
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B7/00—Recording or reproducing by optical means, e.g. recording using a thermal beam of optical radiation by modifying optical properties or the physical structure, reproducing using an optical beam at lower power by sensing optical properties; Record carriers therefor
- G11B7/004—Recording, reproducing or erasing methods; Read, write or erase circuits therefor
- G11B7/0045—Recording
- G11B7/00456—Recording strategies, e.g. pulse sequences
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B7/00—Recording or reproducing by optical means, e.g. recording using a thermal beam of optical radiation by modifying optical properties or the physical structure, reproducing using an optical beam at lower power by sensing optical properties; Record carriers therefor
- G11B7/12—Heads, e.g. forming of the optical beam spot or modulation of the optical beam
- G11B7/125—Optical beam sources therefor, e.g. laser control circuitry specially adapted for optical storage devices; Modulators, e.g. means for controlling the size or intensity of optical spots or optical traces
- G11B7/126—Circuits, methods or arrangements for laser control or stabilisation
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B7/00—Recording or reproducing by optical means, e.g. recording using a thermal beam of optical radiation by modifying optical properties or the physical structure, reproducing using an optical beam at lower power by sensing optical properties; Record carriers therefor
- G11B7/24—Record carriers characterised by shape, structure or physical properties, or by the selection of the material
- G11B7/26—Apparatus or processes specially adapted for the manufacture of record carriers
- G11B7/261—Preparing a master, e.g. exposing photoresist, electroforming
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B7/00—Recording or reproducing by optical means, e.g. recording using a thermal beam of optical radiation by modifying optical properties or the physical structure, reproducing using an optical beam at lower power by sensing optical properties; Record carriers therefor
- G11B7/004—Recording, reproducing or erasing methods; Read, write or erase circuits therefor
- G11B7/0045—Recording
Landscapes
- Physics & Mathematics (AREA)
- Optics & Photonics (AREA)
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Manufacturing & Machinery (AREA)
- Manufacturing Optical Record Carriers (AREA)
- Optical Recording Or Reproduction (AREA)
Description
*> 1
Korte aanduiding: Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedra-ger wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een 5 schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting.
De uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische 10 regi strati edrager wordt gefabriceerd, welke werkwijze de volgende stappen omvat: - het aanbrengen van een lichtgevoelige laag op een de schijf te vormen plaat; - het bepalen van een belichtingsprogramma van te 15 belichten en niet te belichten gebieden aan de hand van een gewenst patroon van opeenvolgende putten en landen op de registratiedrager; - het belichten van de lichtgevoelige laag volgens het belichtingsprogramma.
De inrichting heeft tevens betrekking op een inrichting 20 geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze alsmede op een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting.
Bij een dergelijke, uit EP-A1-0.660.314 bekende werkwijze wordt aan de hand van een gewenst patroon van opeenvolgende putten en landen de te belichten gebieden bepaald. Vervolgens wordt elk 25 te belichten gebied met een belichtingsdosis belicht die een nagenoeg constante vooraf bepaalde waarde heeft over de lengte van elk te belichten gebied. Deze waarde is onafhankelijk van de lengte.
Na het bel i chten van de 1 i chtgevoel i ge 1 aag op de pl aat, wordt de lichtgevoelige laag ontwikkeld waarbij op de belichte gebieden 30 putten worden gevormd. Vervolgens wordt op de schijf een metalen laag aangebracht. De metalen laag wordt van de schijf verwijderd waarna de metalen laag een negatieve afdruk van het patroon van putten omvat. Deze metalen laag dient vervolgens als matrijs voor een bijvoorbeeld kunststofspuitgietinrichting met behulp waarvan optische regi strati edragers 35 kunnen worden vervaardigd.
Bij de werkwijze volgens EP-A1-0.660.314 wordt getracht 1 Π 1 R ? , ·;** λ t 2 variaties in lengtes van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben te verminderen door alle te belichten gebieden met eenzelfde dosis te belichten. Dergelijke variaties worden putjitter genoemd.
Een nadeel van deze werkwijze is dat er afhankelijk 5 van bijvoorbeeld de materiaal samenstel 1ing van de lichtgevoelige laag, de ontwikkeltijd voor het ontwikkelen van lichtgevoelige laag, de instellingen van de kunststofspuitgietinrichting waarmee uiteindelijk de registratiedrager wordt gefabriceerd, toch ongewenste afwijkingen in het patroon van putten en landen kunnen optreden.
10 Deze afwijkingen kunnen variaties in de lengtes van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben omvatten alsmede deviatie van de gemiddelde lengte van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben ten opzichte van de gewenste gemiddelde lengte.
De uitvinding beoogt een werkwijze te verschaffen 15 waarmee dergel ijke afwijkingen bij de uiteindel ijk met behulp van de schijf gefabriceerde registratiedragers worden verminderd.
Dit doel wordt bij de werkwijze volgens de uitvinding bereikt doordat voor elk te belichten gebied de belichting mede wordt bepaald aan de hand van de lengte van aan het te belichten gebied 20 grenzende, niet te belichten gebieden.
Een bekende werkwijze voor het coderen van een op een registratiedrager aan te brengen patroon is het zogenaamde 8 naar 14 modulatie (eight to fourteen modulation EFM). Bij EFM wordt gebruikgemaakt van signalen die een veelvoud van een vaste basistijd zijn, welk veelvoud 25 ligt tussen bijvoorbeeld 3 en 14. Een signaal met een veelvoud 3 wordt aangeduid met 13, een veelvoud van 4 met 14 etc..
Door het meten en analyseren van met behulp van een schijf gefabriceerde optische registratiedragers, is gebleken dat de lengte van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben, sterk afhangt van 30 de lengte van een aan een put grenzend land. Dit effect wordt in deze octrooiaanvrage verder aangeduid met de term intersymboolinterferentie.
Indien een put met een lengte 13 wordt voorafgegaan door een 13-1 and is bijvoorbeeld gebleken dat bij het vervaardigen van de schijf de belichting van het bijbehorende gebied op de lichtgevoelige 35 laag een lagere intensiteit of kortere belichtingstijd dient te hebben dan indien de I3-put wordt voorafgegaan of gevolgd door een 111-1 and om 3 bij het uitlezen van de I3-putten op de registratiedrager eenzelfde signaal te verkrijgen.
Bij de werkwijze volgens de uitvinding wordt derhalve voor elk te belichten gebied de belichting bepaald mede aan de hand van 5 de lengte van de aangrenzende, niet te belichten gebieden. Op deze wijze is gebleken dat bij de uiteindelijk met behulp van de schijf vervaardigde optische regi strati edrager de variaties in lengtes van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben tot een minimum kan worden gereduceerd.
Een uitvoeringsvorm van een werkwijze volgens de 10 uitvinding wordt gekenmerkt doordat het belichtingsprogramma mede wordt bepaald aan de hand van een tabel, waarin voor elke lengte van een gewenste put en lengtes van aan de put grenzende landen een gewenste belichting is opgeslagen.
Door middel van een tabel waarin voor elke lengte van 15 een gewenste put en een lengte van een aan de put voorafgaand land en een lengte van een op een put volgend land een gewenste belichting is opgeslagen, kan op een relatief eenvoudige wijze voor elk te belichten gebied de gewenste belichting worden bepaald.
De tabel kan experimenteel worden vastgesteld.
20 De inhoud van de tabel is afhankelijk van diverse factoren zoals de soort inrichting met behulp waarvan de schijf wordt vervaardigd, het materiaal dat voor de lichtgevoelige laag wordt toegepast, de inrichting waarmee de laag wordt belicht, de ontwikkeltijd voor de lichtgevoelige laag, de inrichting met behulp waarvan van de schijf een 25 matrijs wordt vervaardigd en de kunststofspuitgietinrichting met behulp waarvan de optische registratiedrager wordt gefabriceerd.
Een verdere uitvoeringsvorm van een werkwijze volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat de amplitude van de voor de belichting toegepaste lichtbundel afhankelijk is van de lengte van een 30 gewenste put, het begintijdstip van het belichten van het te belichten gebied afhankelijk is van de lengte van een aan de put voorafgaand land en het eindtijdstip van de belichting afhankelijk is van de lengte van een op de put volgend land.
Op deze wijze kan op een relatief eenvoudige wijze een 35 optimale belichting van elke put worden gerealiseerd.
Door het met behulp van een gecalibreerd uitleesapparaat 1 0 '< 7 - ':j* 4 uitlezen van de optische registratiedrager is het mogelijk om van elke put de lengte te bepalen als functie van het voorafgaande en/of daaropvolgende land. Afhankelijk van deze gerealiseerde lengtes van de putten kan de belichting voor een nieuwe schijf worden geoptimaliseerd.
5 Derhalve wordt een verdere werkwijze volgens de uitvinding gekenmerkt doordat van een met behulp van de schijf geproduceerde regi strati edrager de gerealiseerde lengtes van de putten worden bepaald, vervolgens variaties worden bepaald van gerealiseerde lengtes van putten die eenzelfde lengte zouden moeten hebben, waarna op grond van de variaties 10 het belichtingsprogramma wordt aangepast, een nieuwe schijf wordt vervaardigd en een nieuwe registratiedrager wordt geproduceerd.
Op deze wijze wordt iteratief telkens een nieuwe schijf vervaardigd met behulp waarvan nieuwe registratiedragers kunnen worden vervaardigd, waarbij door het aanpassen van het bel ichtingsprogramma elke 15 volgende schijf en daarvan afgeleide registratiedragers kleinere variaties in de gerealiseerde lengtes van putten die dezelfde lengte zouden moeten hebben vertonen.
Een nog verdere werkwijze volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat van een met behulp van de schijf geproduceerde 20 registratiedrager de gerealiseerde lengtes van de putten worden bepaald, vervolgens deviaties worden bepaald van de gerealiseerde lengtes van de putten en de gewenste lengtes van de putten, waarna op grond van de deviaties het bel ichtingsprogramma wordt aangepast, een nieuwe schijf wordt vervaardigd en een nieuwe registratiedrager wordt geproduceerd.
25 Bij voorkeur wordt deze werkwijzestap uitgevoerd nadat reeds op grond van de variaties het belichtingsprogramma is aangepast waardoor alle putten van een bepaalde lengte zoals bijvoorbeeld 13 reeds eenzelfde lengte hebben verkregen. In een dergelijk geval wijkt enkel nog de gerealiseerde gemiddelde lengte van I3-putten af van de gewenste lengte 30 van een I3-put. Deze deviatie van de absolute lengte van de verschillende putten 13, 14, ... 114 ten opzichte van de gewenste lengten van de putten, leidt dit tot variaties in de lengte van de landen hetgeen wordt aangeduid met zogenaamde landjitter. Door het integraal aanpassen van het bel ichtingsprogramma van alle te belichten gebieden die behoren bij putten 35 met eenzelfde lengte, bijvoorbeeld I3-putten, kan deze landjitter worden verminderd. Deze aanpassing kan bijvoorbeeld bestaan uit het wijzigen van 5 de begin- en eindpositie van het te belichten gebied of de amplitude van de belichting.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een inrichting geschikt voor het uitvoeren van de werkwijze volgens de uitvinding, welke 5 inrichting wordt gekenmerkt doordat de inrichting is voorzien van een rekeneenheid, een eenheid voor het aan de rekeneenheid toevoeren van een gewenst patroon van opeenvolgende putten en landen op een met behulp van de schijf te vervaardigen registratiedrager en een aan de rekeneenheid toe te voegen tabel waarin voor elke lengte van een gewenste put en lengtes 10 van aan de put grenzende landen een gewenste belichting is opgeslagen.
Met behulp van deze inrichting kan op eenvoudige wijze een optimale belichting van de schijf worden gerealiseerd, waarbij rekening wordt gehouden met de intersymboolinterferentie.
De uitvinding zal nader worden toegelicht aan de hand 15 van de bijgevoegde tekeningen waarin: fig. 1 een stroomdiagram van een werkwijze volgens de uitvinding toont, fig. 2 een correctietabel toont, fig. 3 een belichtingsdiagram voor een enkele put toont. 20 Voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan een optische registratiedrager kan worden gefabriceerd, wordt een lichtgevoelige laag op een de schijf te vormen plaat aangebracht. Vervolgens wordt in de belichtingsinrichting een patroon geladen dat representatief is voor het gewenste patroon van opeenvolgende putten en 25 landen op de met behulp van de schijf te vervaardigen regi strati edrager. Aan de hand van dit patroon wordt bijvoorbeeld op de in de Europese octrooiaanvrage EP-A1-0.660.314 aangegeven wijze een bel ichtingsprogramma bepaald, waarna de lichtgevoelige laag volgens het belichtingsprogramma wordt belicht.
30 Daarna wordt de lichtgevoelige laag op de schijf ontwikkeld waarbij zich ter plaatse van de belichte gebieden putten vormen. Aan deze zijde van de schijf wordt vervolgens een metalen laag aangebracht die na van de schijf te zijn verwijderd op de met de putten overeenkomende plaatsen staafjes omvat. Deze metalen plaat wordt vervolgens als matrijs 35 gebruikt in een kunststofspuitgietinrichting. In de kunststofspuitgietin-richting worden kunststoffen schijfjes op met de staafjes overeenkomende 10'! 0? 6 plaatsen voorzien van putten. De kunststoffen schijf wordt voorzien van een dunne metalen laag, bijvoorbeeld aluminium. Na eventuele verdere afwerkingen is een optische registratiedrager zoals CD of DVD verkregen. Deze op zich bekende werkwijze is in het stroomdiagram 1 weergegeven door 5 stap 2.
Bij de werkwijze volgens de uitvinding wordt thans volgens stap 3 de intersymboolinterferentie gemeten. Hiertoe wordt een met behulp van stap 2 verkregen optische registratiedrager met behulp van een uitleesinrichting (niet weergegeven) uitgelezen. Op basis van het 10 verkregen optische en vervolgens elektrische signaal worden de lengtes van elke put bepaald als functie van het daaraan voorafgaande land en het daaropvolgende land. Door verschillende factoren, waaronder het gebruikte materiaal voor de lichtgevoelige laag, de ontwikkelt!jd van de belichte ontwikkelde laag, de specifieke instelling van de kunststofspuitgietinrich-15 ting en de uitleesinrichting, alsmede de lengte van een aan een put voorafgaand en daaropvolgend land wijken de gerealiseerde putlengtes af van de gewenste putlengtes en treden er relatief grote variaties en deviaties in putlengtes op.
Aan de hand van de gemeten putlengtes in relatie tot 20 de lengtes van de daaraan grenzende landen wordt een tabel opgesteld waarin voor een bepaalde putlengte en een aangrenzende landlengte de gewenste amplitude A en de gewenste verandering p van het begin- en eindtijdstip van het inschakelen respectievelijk uitschakelen van de lichtbundel met behulp waarvan de belichting van de 1 ichtgevoelige laag wordt gerealiseerd, 25 wordt opgeslagen.
In fig. 2 is een voorbeeld van een tabel weergegeven waarin de gewenste amplitude A en de verandering van het begintijdstip en het eindstip van de belichting van het te belichten gebied als verandering p is uitgezet als functie van de putlengte PIT 13-114 tegen 30 de landlengte LAND 13-114.
Zoals duidelijk zichtbaar in de tabel varieert de amplitude A tussen de waarden a3-all, waarbij de amplitude A constant is over een bepaalde putlengte.
Bij de in fig. 2 weergegeven tabel is de verandering p 35 voor een aan een put voorafgaand land gelijk aan de verandering p voor een op een put volgend land. Wel is het hierbij zo dat de verandering in - VS*!*, ' ψ 7 tegengestelde richting optreedt. Dit fenomeen zal nader worden toegelicht aan de hand van fig. 3.
In fig. 3 is een belichtingsprogramma weergegeven van een enkele put PUT met een lengte 13 die wordt voorafgegaan door een land 5 LAND1 en wordt gevolgd door een land LAND2. Tot het tijdstip tbO is de amplitude A gelijk aan 0 hetgeen betekent dat er geen belichting plaatsvindt. Op het tijdstip tbO wordt de belichting ingeschakeld en loopt tot het tijdstip tbn op tot een waarde met een amplitude An. Deze amplitude wordt gehandhaafd tot het tijdstip ten waarna de lichtbundel op het 10 tijdstip teO volledig is uitgedoofd tot een waarde A=0. Vanaf dit tijdstip begint het land LAND2. Dit is de belichting die in eerste instantie als standaard is opgeslagen. Deze belichting is in fig. 3 weergegeven met de doorgetrokken lijn 10. Afhankelijk van de lengte van het land LAND1 zal het begintijdstip tbO en derhalve het begintijdstip tbn worden vervroegd 15 met maximaal een tijd Apmax of worden verlaat met een maximale tijd Apmin. Bij een put PUT met lengte 13 zullen, indien de voorafgaande landlengte 13 is, tijdstippen tbO, tbl met de tijd Apmin = pl worden vertraagd (zie fig. 2). Hierdoor zal de put dus gedurende een kortere tijd worden belicht. Indien het voorafgaande land LAND1 een lengte 114 heeft en de put een 20 lengte 13 heeft, zullen de tijdstippen tbO en tbn met een tijd Apmax = p9 worden vervroegd, ten gevolge waarvan de put gedurende een langere tijd zal worden belicht.
Op eenzelfde wijze zullen de eindtijdstippen ten en teO worden aangepast afhankelijk van de landlengte van het op de put 25 volgende land LAND2. Om de belichting van de put te verkorten hetgeen bijvoorbeeld nodig is indien het land LAND2 een lengte 13 heeft, zullen tijdstippen ten en teO met de tijd Apmin = pl moeten worden vervroegd. Terwijl bij een land LAND2 met lengte 114 de tijdstippen ten, teO met een tijd Apmax = p9 moeten worden verlaat om een langere belichting van de 30 put te realiseren.
Bij een putlengte 14 en een landlengte 13 is de verandering plO, etc. Vanaf de putlengte 16 is de verandering p = pl en constant. Uiteraard zijn ook verschillende waarden voor p mogelijk voor putlengtes groter dan 15.
35 Bovendien kan afhankelijk van de putlengte 13-114 de amplitude A = An met een maximale waarde Mmin of AAmax worden verlaagd ü · ♦ 8 of verhoogd. Hierbij zal bij voorkeur een put met lengte 13 met een hogere amplitude A worden belicht dan een put met putlengte 114.
De amplitude kan bijvoorbeeld met 30% worden gevarieerd terwijl de verandering Apmin, Apmax bijvoorbeeld 3·10'9 seconden (3 ns) 5 of een volledige klokpuls kan zijn.
Nadat de tabel is vervaardigd wordt een nieuwe plaat van een lichtgevoelige laag voorzien waarna deze plaat volgens het aan de hand van de tabel bepaalde belichtingsprogramma wordt belicht. Vervolgens wordt van deze nieuwe schijf op de reeds hierboven beschreven 10 wijze een optische registratiedrager vervaardigd. Deze procedure is aangegeven met stap 5 in fig. 1.
De aldus verkregen optische registratiedrager wordt wederom met behulp van de uitleesinrichting uitgelezen. Door de gewijzigde belichting van de betreffende gebieden zullen nu de variaties in de lengtes 15 van de I3-putten en de overige putten tot een gewenste waarde zijn gereduceerd. Indien dit niet het geval is dienen de stappen 4 en 5 te worden herhaald.
Indien de variatie van de lengtes van putten met eenzelfde lengte, zoals bijvoorbeeld I3-putten binnen de gewenste 20 toelaatbare variatie is gelegen, wordt bepaald of de gemiddelde lengte van de aldus gerealiseerde putten, dat wil zeggen de gemiddelde lengte van de 13, 14, .. 114-put overeenkomt met de gewenste gemiddelde lengte. Dit betekent dat per categorie, zijnde een soort put met een bepaalde lengte, bijvoorbeeld een I3-put, de deviatie ten opzichte van de gewenste 25 lengte wordt bepaald. Door een dergelijke deviatie in putlengte wordt een variatie in de lengtes van de tussen de putten gelegen landen verkregen, die ongewenst is.
Op grond van de gemeten deviatie van bijvoorbeeld de I3-put, wordt van elke I3-put de beginpositie en de eindpositie over 30 eenzelfde afstand naar elkaar toe verplaatst of van elkaar af verplaatst afhankelijk of men de lengte van de I3-put wil verkleinen of vergroten. Ook is het mogelijk om de amplitude van de lichtbundel aan te passen. Deze procedure is weergegeven in stap 7.
Vervolgens wordt wederom een schijf vervaardigd waarbij 35 in het bel ichtingsprogramma thans niet alleen rekening wordt gehouden met de na stap 2 gemeten variatie in putlengte van putten die eenzelfde lengte 101 1 **· * » 9 zouden moeten hebben maar bovendien met de deviatie van een gerealiseerde gemiddelde putlengte ten opzichte van een gewenste put!engte.
Met behulp van de aldus vervaardigde schijf wordt wederom een optische registratiedrager vervaardigd die bij het uitlezen 5 met behulp van de uitleesinrichting een variatie en deviatie van putlengtes zal tonen die binnen de toelaatbare variatie en deviatie zullen liggen. Deze laatste fase is weergegeven door stap 8 in fig. 1.
Indien gewenst kunnen de hierboven aangegeven stappen een aantal malen worden herhaald.
10 In de praktijk zal in een fabriek telkens met eenzelfde inrichting voor het maken van een schijf, eenzelfde materiaal voor de lichtgevoelige laag, eenzelfde instelling voor de kunststofspuitgietmachine etc. worden gewerkt. In een dergelijk geval kan bij het vervaardigen van een nieuwe schijf voor een nieuwe registratiedrager gebruik worden gemaakt 15 van een eerder opgestelde tabel waarin rekening is gehouden met de intersymboolinterferentie. Hierdoor wordt reeds met behulp van de aldus verkregen schijf een registratiedrager verkregen met een relatief geringe variatie in putlengtes.
Doordat met behulp van de werkwijze volgens de 20 uitvinding op grond van de uiteindelijk verkregen optische registratiedrager het belichtingsprogramma van de lichtgevoelige laag op de plaat wordt aangepast, wordt op een relatief eenvoudige wijze rekening gehouden met alle factoren die een bijdrage leveren aan lengteafwijkingen van de putten.
Indien bij de uitleesinrichting voor bijvoorbeeld een 25 DVD-speler gebruik wordt gemaakt van een in een DVD aanwezig filter (equalising filter) wordt tevens met het niet geheel perfect functioneren van een dergelijk filter rekening gehouden. Een dergelijk filter heeft de neiging om een I3-put niet voldoende te versterken terwijl het een 14-put overversterkt. Dit beschreven effect is van toepassing voor alle DVD-30 varianten. Dit fenomeen kan met behulp van de werkwijze volgens de uitvinding worden gecorrigeerd door het tegelijkertijd verhogen van de lengtes van de I3-putten ten opzichte van de andere putten en het verlagen van de lengtes van I4-putten ten opzichte van andere putten. Dit zal de variaties in de putlengtes en landlengtes bij DVD optische registratiedra-35 gers verminderen aangezien bij dergelijke optische registratiedragers de variaties pas worden gemeten nadat het gemeten signaal door het filter <?\ ij , ' é 10 heen is gegaan. Wel is er een verschil tussen DVD-5/DVD-10 enerzijds en DVD-9/DVD-18 anderzijds. De informatiedichtheid van een enkele laag is bij DVD-9 en DVD-18 iets lager (langere putten) dan bij DVD-5 en DVD-10. Dit heeft tot gevolg dat optimalisatie van de verschillende lagen 5 verschilt. Bij DVD-9 en DVD-18 wordt verder gebruik gemaakt van twee informatie!agen die op verschillende wijzen worden uitgelezen. Daardoor kunnen de voor de verschillende lagen benodigde correcties ook ten opzichte van elkaar verschillen.
Het is mogelijk om in de tabel verschillende waarden 10 op te slaan voor de verandering p afhankelijk of het land aan de put voorafgaat of op de put volgt. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn indien blijkt dat de bewegingsrichting van de lichtbundel ook van invloed is op de daadwerkelijke belichting van de put.
3 'J s 7 d 1 m
Claims (11)
1. Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabri-5 ceerd, welke werkwijze de volgende stappen omvat: - het aanbrengen van een lichtgevoelige laag op een de schijf te vormen plaat; - het bepalen van een belichtingsprogramma van te belichten en niet te belichten gebieden aan de hand van een gewenst patroon 10 van opeenvolgende putten en landen op de registratiedrager; - het belichten van de lichtgevoelige laag volgens het belichtingsprogramma, met het kenmerk, dat voor elk te belichten gebied de belichting mede wordt bepaald aan de hand van de lengte van aan het te belichten gebied grenzende, niet te belichten gebieden.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het belichtingsprogramma mede wordt bepaald aan de hand van een tabel, waarin voor elke lengte van een gewenste put en lengtes van aan de put grenzende landen een gewenste belichting is opgeslagen.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, 20 dat de amplitude van de voor de belichting toegepaste lichtbundel afhankelijk is van de lengte van een gewenste put, het begintijdstip van het belichten van het te belichten gebied afhankelijk is van de lengte van een aan de put voorafgaand land en het eindtijdstip van de belichting afhankelijk is van de lengte van een op de put volgend land.
4. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het aanpassen van de belichting van een bepaald te belichten gebied het aanpassen van de amplitude van de voor de belichting toepaste lichtbundel omvat.
5. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met 30 het kenmerk, dat het aanpassen van de belichting van een bepaald te belichten gebied het aanpassen van de begin- en eindpositie van het te belichten gebied omvat.
6. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat van een met behulp van de schijf geproduceerde 35 registratiedrager de gerealiseerde lengtes van de putten worden bepaald, vervolgens variaties worden bepaald van gerealiseerde lengtes van putten - * die eenzelfde lengte zouden moeten hebben, waarna op grond van de variaties het bel ichtingsprogramma wordt aangepast, een nieuwe schijf wordt vervaardigd en een nieuwe registratiedrager wordt geproduceerd.
7. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met 5 het kenmerk, dat van een met behulp van de schijf geproduceerde registratiedrager de gerealiseerde lengtes van de putten worden bepaald, vervolgens deviaties worden bepaald van de gerealiseerde lengtes van de putten en de gewenste lengtes van de putten, waarna op grond van de deviaties het bel ichtingsprogramma wordt aangepast, een nieuwe schijf wordt 10 vervaardigd en een nieuwe registratiedrager wordt geproduceerd.
8. Werkwijze volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat op grond van de vastgestelde deviatie tussen de gerealiseerde en gewenste lengte van een groep putten, die eenzelfde lengte hebben, in het belichtingsprogramma de begin- en eindposities van de bijbehorende, te 15 belichten gebieden van elkaar af of naar elkaar toe worden verplaatst.
9. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat bij een relatief groot aangrenzend, niet te belichten gebied de belichting van het te belichten gebied groter is dan bij een relatief klein aangrenzend, niet te belichten gebied.
10. Inrichting geschikt voor het vervaardigen van een schijf met behulp van de werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, welke inrichting is voorzien van een belichtingseenheid met een daarin op te slaan bel ichtingsprogramma met het kenmerk, dat de inrichting is voorzien van een rekeneenheid, een eenheid voor het aan de rekeneenheid toevoeren 25 van een gewenst patroon van opeenvolgende putten en landen op een met behulp van de schijf te vervaardigen registratiedrager en een aan de rekeneenheid toe te voegen tabel waarin voor elke lengte van een gewenste put en lengtes van aan de put grenzende landen een gewenste belichting is opgeslagen.
11. Schijf vervaardigd met behulp van de werkwijze of inrichting volgens een der voorgaande conclusies. '016'/ \
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1016751A NL1016751C2 (nl) | 2000-11-30 | 2000-11-30 | Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. |
| PCT/NL2001/000870 WO2002045083A2 (en) | 2000-11-30 | 2001-11-30 | Method of manufacturing a disk which at last one optical record carrier is fabricated, as well as apparatus suitable for carrying out the method and a disk manufactured by this method or apparatus |
| AU2002222812A AU2002222812A1 (en) | 2000-11-30 | 2001-11-30 | Method of manufacturing a disk which at last one optical record carrier is fabricated, as well as apparatus suitable for carrying out the method and a disk manufactured by this method or apparatus |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1016751 | 2000-11-30 | ||
| NL1016751A NL1016751C2 (nl) | 2000-11-30 | 2000-11-30 | Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1016751C2 true NL1016751C2 (nl) | 2002-05-31 |
Family
ID=19772496
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1016751A NL1016751C2 (nl) | 2000-11-30 | 2000-11-30 | Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| AU (1) | AU2002222812A1 (nl) |
| NL (1) | NL1016751C2 (nl) |
| WO (1) | WO2002045083A2 (nl) |
Citations (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP0814464A2 (en) * | 1996-06-21 | 1997-12-29 | Kabushiki Kaisha Toshiba | Optical disk and method of manufacturing the same |
| EP0986054A1 (en) * | 1998-09-14 | 2000-03-15 | Matsushita Electric Industrial Co., Ltd. | Optical data recording method, and data recording medium |
-
2000
- 2000-11-30 NL NL1016751A patent/NL1016751C2/nl not_active IP Right Cessation
-
2001
- 2001-11-30 WO PCT/NL2001/000870 patent/WO2002045083A2/en not_active Ceased
- 2001-11-30 AU AU2002222812A patent/AU2002222812A1/en not_active Abandoned
Patent Citations (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP0814464A2 (en) * | 1996-06-21 | 1997-12-29 | Kabushiki Kaisha Toshiba | Optical disk and method of manufacturing the same |
| EP0986054A1 (en) * | 1998-09-14 | 2000-03-15 | Matsushita Electric Industrial Co., Ltd. | Optical data recording method, and data recording medium |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| WO2002045083A3 (en) | 2002-10-17 |
| WO2002045083A2 (en) | 2002-06-06 |
| AU2002222812A1 (en) | 2002-06-11 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| KR100426718B1 (ko) | 광 디스크 드라이브장치 | |
| EP0987697B1 (en) | Recording medium | |
| US6687207B2 (en) | Optical recording apparatus for recording information on a write-once disk or an erasable optical disk | |
| KR100339478B1 (ko) | 광 기록매체의 최적 기록장치 및 기록방법 | |
| EP0986055A1 (en) | Information recording apparatus | |
| JP3503513B2 (ja) | 光ディスク記録方法及び装置 | |
| CZ20012932A3 (cs) | Optický nosič záznamu, zařízení pro skenování optického nosiče a způsob výroby nosiče | |
| JP3703515B2 (ja) | 光学情報担体を製造する方法及び該方法を実施する装置 | |
| NL1016751C2 (nl) | Werkwijze voor het vervaardigen van een schijf met behulp waarvan ten minste een optische registratiedrager wordt gefabriceerd alsmede inrichting geschikt voor het uitvoeren van een dergelijke werkwijze en een schijf vervaardigd met behulp van een dergelijke werkwijze of inrichting. | |
| EP0609398B1 (fr) | Procede et dispositif d'enregistrement lecture d'information sur un support optique ou magneto-optique mobile | |
| JP4280996B2 (ja) | 光情報記録装置 | |
| US6837072B2 (en) | Rewritable optical recording medium and manufacturing method and apparatus therefor | |
| JP3969042B2 (ja) | 光ディスク記録装置 | |
| EP1132900A2 (en) | Optical disk, optical disk reproducing apparatus and method of tracking | |
| US6597655B2 (en) | Optical recording medium having wobbling groove extending along the tracks | |
| US7529169B2 (en) | Optical disc device | |
| KR100696772B1 (ko) | 광 디스크 기록 장치의 최적 기록 파워 결정 방법 | |
| JP4453567B2 (ja) | 記録装置、記録方法、ディスク製造方法 | |
| JP4524909B2 (ja) | 光ディスク原盤製造方法、及び光ディスク原盤露光装置 | |
| JP2004246956A (ja) | 光ディスク装置及び記録条件設定方法 | |
| JPH11312311A (ja) | 情報記録方法 | |
| JP2000123489A (ja) | 光ディスク装置、光ディスク及び情報記録方法 | |
| JPH0729179A (ja) | 情報記録装置 | |
| JP3393421B2 (ja) | クロック生成回路及び光ディスク装置 | |
| JPH10198961A (ja) | レジスト付き原盤の露光記録方法とその装置 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20050601 |