BE876216A - Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren - Google Patents

Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren

Info

Publication number
BE876216A
BE876216A BE2/57789A BE2057789A BE876216A BE 876216 A BE876216 A BE 876216A BE 2/57789 A BE2/57789 A BE 2/57789A BE 2057789 A BE2057789 A BE 2057789A BE 876216 A BE876216 A BE 876216A
Authority
BE
Belgium
Prior art keywords
dedusting
dedusting chamber
chamber
discharge
requirements
Prior art date
Application number
BE2/57789A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Morel Ferdinand
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Morel Ferdinand filed Critical Morel Ferdinand
Priority to BE2/57789A priority Critical patent/BE876216A/nl
Publication of BE876216A publication Critical patent/BE876216A/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65HHANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL, e.g. SHEETS, WEBS, CABLES
    • B65H54/00Winding, coiling, or depositing filamentary material
    • B65H54/70Other constructional features of yarn-winding machines
    • B65H54/702Arrangements for confining or removing dust
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65HHANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL, e.g. SHEETS, WEBS, CABLES
    • B65H2701/00Handled material; Storage means
    • B65H2701/30Handled filamentary material
    • B65H2701/31Textiles threads or artificial strands of filaments

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Textile Engineering (AREA)
  • Preliminary Treatment Of Fibers (AREA)

Description


  "Inrichting voor-het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren" Men weet dat bobijnen textielgaren vooraleer zij naar de bevochtigingsmachine worden gebracht om verder verwerkt te worden, verplicht moeten ontstoft worden daar er zich op zulke bobijnen meestal een relatief grote hoeveelheid stof heeft verzameld als  gevolg van de stofferige omgeving waarin zij werden gewikkeld. 

  
Tot op heden wordt dit ontstoffen uitsluitend uitgevoerd door de bobijnen; één na één, te onderwerpen aan een straal druklucht teneinde aldus iedere bobijn met deze straal af te tasten met als doel het stof weg te blazen.

  
Niet alleen is dit een zeer omslachtige bewerking die veel tijd vergt en die met de hand wordt uitgevoerd, zodanig dat de doorlopende aanwezigheid van een arbeidskracht is vereist, doch

  
 <EMI ID=1.1> 

  
slechts gedeeltelijk wordt weggeblazen en dat een gedeelte van het stof tussen de draden doorheen in de bobijn wordt geblazen.

  
Nog een ander nadeel van deze bekende werkwijze is dat het stof wordt rondgeblazen in de ruimte waarin de bewerking wordt uitgevoerd. 

  
Deze werkwijze heeft eveneens als nadeel dat door het werken met luchtdruk, voor een bepaald luchtdebiet dat nodig is

  
cm een geschikte ontstoffing te verkrijgen, een groot energievermogen nodig is.

  
De huidige uitvinding heeft betrekking op een inrichting die toelaat de ontstoffing van de voornoemde bobijnen textielgaren automatisch te laten geschieden, zodat de doorlopende aanwezigheid van een arbeidskracht kan worden uitgeschakeld; waarbij op een zeer eenvoudige wijze en zonder dat er zich een mogelijkheid voordoet dat stof binnen in de bobijn zou dringen, het stof vanaf de bobijn wordt verwijderd en waarbij, voor een relatief klein energievermogen, een zeer groot luchtdebiet wordt verkregen wat de goede ontstoffing van de bobijn, zoals bekend, in de hand werkt.

  
Tot dit doel bestaat de inrichting volgens de uitvinding  <EMI ID=2.1> 

  
meer bobijnen en in kombinatie met deze kamer minstens een

  
toevoer voor lucht onder een kleine overdruk en een afvoer

  
voor deze lucht.

  
Met het inzicht de kenmerken van de uitvinding beter aan

  
te tonen zijn hierna, als voorbeeld zonder enig beperkend karakter, twee voorkeurdragende uitvoeringsvormen beschreven van inrichtingen voor het ontstoffen van bobijnen met verwijzing naar de bijgaande tekeningen waarin :
figuur 1 een schematisch zicht weergeeft van een inrichting volgens de uitvinding; figuur 2 een variante weergeeft van figuur l; figuur 3 een doorsnede weergeeft volgens lijn III-III in f iguur 2.

  
In figuur 1 is op zeer schematische wijze de meest eenvoudige uitvoeringsvorm van een inrichting volgens de uitvinding weergegeven waarbij deze hoofdzakelijk bestaat uit een ontstoffingsruimte 1 die aan de vier zijden geschikt kan afgesloten worden en waarvan de bodem gevormd wordt door een van openingen

  
of dergelijke voorziene steun of plaat 2, terwijl het dak ge-

  
 <EMI ID=3.1> 

  
lucht wordt verplaatst, waarbij door de aanwezigheid van gaten,

  
 <EMI ID=4.1>   <EMI ID=5.1> 

  
heen de voornoemde gaten, gleuven of dergelijke in de bodem 2 wordt weggezogen en opgevangen in het filter 8. Het is duidelijk dat men op deze wijze verkrijgt dat het eigenlijk ontstoffen

  
van de bobijnen 10 kan geschieden zonder dat deze moeten vastgehouden worden, zodat tijdens het ontstoffen iedere arbeidskracht kan uitgeschakeld worden, en waarbij door de geringe luchtdruk veroorzaakt door de blaasventilator 6 het indringen van stof

  
in de bobijn totaal wordt vermeden en waarbij voor het aandrijven van de ventilators 6 en 9 , die toelaten een groot luchtdebiet met een geringe druk doorheen de ontstoffingskamer te verplaatsen, slechts een klein vermogen nodig is.

  
Alhoewel door de voornoemde maatregelen reeds een uitermate doeltreffende ontstoffing van de bobijnen 10 wordt verkregen, zal deze ontstoffing bijvoorkeur nog in de hand gewerkt worden doordat in de kamer 1 een werveleffekt ontstaat.

  
 <EMI ID=6.1> 

  
op om het even welke plaats kunnen vertrekken, respektievelijk uitgeven, waarbij in de plaats van de twee ventilators 6 en 9 eventueel, afhankelijk van de toepassing, één van de voornoemde ventilators kan weggelaten worden.

  
Eveneens is het vanzelfsprekend dat de ontstoffing zowel vertikaal, zoals weergegeven in figuur 4, als horizontaal kan geschieden, zonder dat dit een invloed zou hebben op de ontstoffing zelf.

  
Uiteindelijk nog zal men ook het in- en uitvoeren van de bobijnen 10 in en uit de ontstoffingskamer 1 automatisch laten geschieden, waarbij tot dit doel de bobijnen door middel van een niet getoonde transportinrichting in en uit de ontstoffingskamer worden gevoerd wat vanzelfsprekend meebrengt dat afhankelijk

  
van de opstelling twee zijwanden, of de bovenwand en de onderwand,

  
 <EMI ID=7.1>  dat zij kunnen geopend of verwijderd worden voor het invoeren,

  
 <EMI ID=8.1> 

  
ontstoffingsproces kunnen gesloten of terug aangebracht worden.

  
In de figuren 2 en 3 is een uitvoeringsvariante weergegeven van figuur 1, waarbij de ontstoffingsruimte 1 aan vier zijden geschikt kan afgesloten worden en waarvan de bodem gevormd wordt door een van openingen, spleten of dergelijke voorziene

  
 <EMI ID=9.1> 

  
dit geval gevormd door een blaasmond 4 die verlengd is door een

  
 <EMI ID=10.1> 

  
 <EMI ID=11.1> 

  
verbindingsleiding 11. In de leiding 7 is, zoals hiervoor, de voornoemde filter 8 en een aanzuigventilator 9 voorzien waarbij deze laatste de taak van de ventilator 6 in het eerste voorbeeld overneemt, zodat slechts één ventilator nodig is. 

  
In deze uitvoeringsvorm wordt de ontstoffingskamer 1, in  de verplaatsingsrichting van de bobijnen 10 gezien, hoofdzakelijk gevormd door twee vaste bijvoorkeur doorzichtige wanden, respektievelijk 12 en 13, een voorwand 14 en een achterwand 15 die beide bij voorkeur eveneens doorzichtig zijn, waarbij deze

  
 <EMI ID=12.1> 

  
gevoerd, bijvoorbeeld door middel van geschikte drukcilinders, respektievelijk 16 en 17, en geschikte geleidingen waarmede de wanden 14 en 15 kunnen samenwerken.

  
Ook in dit geval kan de inrichting vanzelfsprekend horizontaal worden uitgevoerd waarbij in dat geval de ganse konstruktie als het ware 180[deg.] wordt omgedraaid.

  
De inrichtingen zoals hiervoor beschreven kunnen zowel op zichzelf bestaan als aangebouwd worden op de aanvoertafel van een zogenaamde conditioneermachine zoals dit schematisch in de bijgaande uitvoering volgens de figuren 2 en 3 is weergegeven, waarbij zulke inrichting zowel kan uitgevoerd worden voor het ontstoffen van één dan wel twee of meer rijen bobijnen 10.

  
In de figuren 2 en 3 worden de verschillende bobijnen 10 door middel van geschikte meeneemorganen 18, die bevestigd zijn op een gemeenschappelijke aandrijfketting 19, langs de ontstoffingsinrichting volgens de uitvinding verplaatst waarbij, tijdens deze verplaatsing, de wanden 14 en 15 zich in de hoge stand bevinden zoals weergegeven in de tekeningen.

  
Wanneer er in het midden van de ontstoffingskamer een bobijn
10 terecht komt wordt de toevoerinrichting van de bobijnen gestopt, waarna de wanden 14 en 15 omlaag worden gelaten ten einde een kamer te vormen die aan de vier zijden is afgesloten en waarvan het dak en de bodem gevormd worden door, enerzijds,

  
de voornoemde opening 1 en, anderzijds, de voornoemde bcdem of steun 2.

  
Op dit ogenblik komt de bobijn 10 zoals in het vorige voor-

  
 <EMI ID=13.1> 

  
die, hetzij doorlopend wordt aangedreven, hetzij in werking treedt

  
 <EMI ID=14.1> 

  
ontstoffingskamer 1 een luchtverplaatsing wordt verkregen van boven naar onder met een geschikte werveling in de kamer 1 zelf, één en ander zodanig dat het stof dat zich op de bobijn 10 bevindt geschikt wordt weggeblazen, respektievelijk afgezogen,

  
en verzameld in het filter 8 dat op geregelde tijdstippen gereinigd of vervangen wordt.

  
Nadat de betrokke:. bobijn 10 ontstoft is gaan de wanden

  
14 en 15 open en zal, ra het verwijderen van de voornoemde bobijn, een volgende bobijn in de kamer 1 ingevoerd worden.

  
Zeer belangrijk volgens deze uitvinding is dus dat het ontstoffen van de bobijnen 10 geschiedt door ventilatie in de plaats van het algemeen gebruik van druklucht, met andere woorden de ontstoffing wordt verkregen door langs de bobijn 10 een relatief grote hoeveelheid lucht onder een geringe druk te laten

Claims (1)

  1. <EMI ID=15.1>
    <EMI ID=16.1>
    ondergaat en waarbij de ontstoffing aldus geschiedt onder een zeer kleine druk die echter vanzelfsprekend voldoende moet zijn om het stof dat zich op zulke bobijn bevindt weg te blazen.
    Het is duidelijk dat de huidige uitvinding op geen enkele wijze beperkt is tot de hiervoor beschreven uitvoeringsvormen, doch zulke inrichting kan in allerlei vormen en afmetingen worden verwezenlijkt zonder buiten het kader der uitvinding te treden. Het is dan ook duidelijk dat zowel de ventilator 9 als het filter 8 in om het even welke vorm kunnen uitgevoerd worden
    <EMI ID=17.1>
    EISEN
    1.- Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren, met het kenmerk dat zij hoofdzakelijk bestaat uit een gesloten ontstoffingskamer voor één of meer bobijnen en in kombinatie met deze kamer minstens een toevoer voor lucht onder een kleine overdruk en een afvoer voor deze lucht.
    2.- Inrichting volgens eis 1, met het kenmerk dat de voornoemde toevoer en afvoer tegenover elkaar zijn gelegen.
    3.- Inrichting volgens eis 1 of 2, met het kenmerk dat
    één wand van de ontstoffingskamer gevormd wordt door de opening van een blaasmond waarbij in de op deze blaasmond aangesloten leiding een ventilator is voorzien.
    4.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat de afvoer wordt gevormd door een leiding waarin een afzuigventilator is voorzien.
    5.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat de wand van de ontstoffingskamer, waarop de voornoemde afvoer is aangebracht, voorzien is van gaten, gleuven
    of dergelijke. 6.- Inrichting volgens eis 5, met het kenmerk dat de voornoemde wand met gaten, gleuven of dergelijke, de bodem vormt van de ontstoffingskamer.
    7.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat in de afvoerleiding een filter is voorzien.
    8.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat de voornoemde afvoerleiding, buiten de ontstoffingskamer om, verbonden is met de voornoemde toevoerleiding.
    9.- Inrichting volgens eis 8, met het kenmerk dat enkel
    in de afvoerleiding een ventilator is voorzien waarbij,. tussen deze laatste en de afvoeropening van de ontstoffingskamer, een filter is voorzien.
    10.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat de bevoorrading van de ontstoffingskamer automatisch geschiedt door middel van een eindloze ketting of dergelijke en meeneemorgaan.
    11.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat, in de verplaatsingszin van de bobijnen gezien, de voorwand en de achterwand van de ontstoffingskamer opengaand of wegneembaar zijn.
    12.- Inrichting volgens eis 11, met het kenmerk dat de voornoemde voorwand en achterwand, vertikaal verplaatsbaar zijn door middel van drukcilinders.
    13.- Inrichting volgens één der voorgaande eisen, met het kenmerk dat minstens de zijwanden van de ontstoffingskamer in een doorzichtig materiaal zijn uitgevoerd.
    14.- Inrichting voor het automatisch. ontstoffen van bobijnen textielgaren, hoofdzakelijk zoals voorafgaand beschreven en weergegeven in de bijgaande tekeningen.
BE2/57789A 1979-05-14 1979-05-14 Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren BE876216A (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE2/57789A BE876216A (nl) 1979-05-14 1979-05-14 Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE876216 1979-05-14
BE2/57789A BE876216A (nl) 1979-05-14 1979-05-14 Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren

Publications (1)

Publication Number Publication Date
BE876216A true BE876216A (nl) 1979-11-14

Family

ID=25658856

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
BE2/57789A BE876216A (nl) 1979-05-14 1979-05-14 Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren

Country Status (1)

Country Link
BE (1) BE876216A (nl)

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US3486309A (en) Fiber waste disposal system for textile machines
DE102008004774A1 (de) Vorrichtung und Verfahren zur Trocknung von Gegenständen, insbesondere von Flüssigkeitsbehältern
DE60006212T2 (de) Apparat zur gasbehandlung von produkten
US2984263A (en) Method and apparatus for collecting lint and fly
BE1003534A3 (nl) Inrichting voor het verwijderen van stof bij weefmachines.
US3805316A (en) Tray drying apparatus
US5379614A (en) Dust and waste removal and collection system for double knitting machine
US3306012A (en) Cleaning device for framemounted net filters
DE1404553B1 (de) Vorrichtung zum Trocknen von aus Papierstoff oder anderem leicht deformierbarem Stoff geformten Gegenstaenden geringen Gewichts
US3188680A (en) Traveling suction cleaner for textile mills
BE876216A (nl) Inrichting voor het automatisch ontstoffen van bobijnen textielgaren
DE3833434C1 (en) Enclosed creel for supply bobbins - is provided with an air duct having openings in it, to prevent fibre dust deposition
BE1005398A5 (nl) Ontstoffingsinstallatie voor machines.
US2057139A (en) Means for cleaning textile machinery
GB983388A (en) Textile machines
BE1000552A4 (nl) Inrichting voor het verwijderen van afvalprodukten bij textielmachines.
DE2011567B2 (de) Waermebehandlungsvorrichtung fuer textilbahnen
US4265277A (en) Weaving machine having noise attenuating means
US3046162A (en) Textile suction cleaning method and apparatus having a waste collection system
DE3833860C2 (nl)
CN102824793A (zh) 一种应用于卫生卷纸复卷机的自动除尘装置
CH676254A5 (nl)
US3437520A (en) Method for collecting fiber waste in textile mills
US2191881A (en) Means for and method of ventilating and accelerating delivery and stacking of printed sheets in a printing press
DE1410599A1 (de) Verfahren zum Betrieb von Karden,Krempeln und anderen Maschinen der Spinnerei-Vorbereitung durch Entfernen von Flug und Staub um und in der Maschine und zum Austragen ausgeschiedenen Fasergutes,unterhalb des Tambourrostes und des Vorreissers anfallenden,z.B. aus Fasern bestehenden Gutes