NL7906384A - Samenklapbaar laadbord. - Google Patents

Samenklapbaar laadbord. Download PDF

Info

Publication number
NL7906384A
NL7906384A NL7906384A NL7906384A NL7906384A NL 7906384 A NL7906384 A NL 7906384A NL 7906384 A NL7906384 A NL 7906384A NL 7906384 A NL7906384 A NL 7906384A NL 7906384 A NL7906384 A NL 7906384A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
wedge
bottom plate
lever
pallet according
arm
Prior art date
Application number
NL7906384A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Maerz Helmut
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Maerz Helmut filed Critical Maerz Helmut
Publication of NL7906384A publication Critical patent/NL7906384A/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65DCONTAINERS FOR STORAGE OR TRANSPORT OF ARTICLES OR MATERIALS, e.g. BAGS, BARRELS, BOTTLES, BOXES, CANS, CARTONS, CRATES, DRUMS, JARS, TANKS, HOPPERS, FORWARDING CONTAINERS; ACCESSORIES, CLOSURES, OR FITTINGS THEREFOR; PACKAGING ELEMENTS; PACKAGES
    • B65D88/00Large containers
    • B65D88/52Large containers collapsible, i.e. with walls hinged together or detachably connected
    • B65D88/522Large containers collapsible, i.e. with walls hinged together or detachably connected all side walls hingedly connected to each other or to another component of the container
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65DCONTAINERS FOR STORAGE OR TRANSPORT OF ARTICLES OR MATERIALS, e.g. BAGS, BARRELS, BOTTLES, BOXES, CANS, CARTONS, CRATES, DRUMS, JARS, TANKS, HOPPERS, FORWARDING CONTAINERS; ACCESSORIES, CLOSURES, OR FITTINGS THEREFOR; PACKAGING ELEMENTS; PACKAGES
    • B65D88/00Large containers
    • B65D88/02Large containers rigid
    • B65D88/12Large containers rigid specially adapted for transport
    • B65D88/129Transporter frames for containers

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Pallets (AREA)
  • Forms Removed On Construction Sites Or Auxiliary Members Thereof (AREA)
  • Auxiliary Methods And Devices For Loading And Unloading (AREA)
  • Handcart (AREA)
  • Warehouses Or Storage Devices (AREA)

Description

* », i -1- 20891/CV/jl
Aanvrager: Helmut Marz, Beilstein, Bondsrepubliek Duitsland.
Korte aanduiding: Samenklapbaar laadbord.
De uitvinding heeft betrekking op een samenklapbaar laadbord bestaande 5 uit een bodemplaat en twee eindwanden, die bij leeg transport naar binnen op het .laadvlak van de bodemplaat om te klappen zijn, terwijl zij bij het transport van goederen in rechtopstaande stand met behulp van een vergrendelingsinrichting te vergrendelen zijn.
* Onder de aanduiding samenklapbaar laadbord verstaat men containerachtige 10 transportmiddelen, die een bodem en twee eindwanden omvatten en er zijn bij deze laadborden maatregelen getroffen om bij leeg transport met het oog op ruimtebesparing de beide eindwanden naar binnen op het maatvlak van de bodem om te kunnen klappen.
Indien het laadbord wordt beladen worden de beidé eindwanden in een ver- ' 15 ticale stand omhooggeklapt en in deze stand vastgezet. Tijdens het transport kunnen grote krachten in de lengterichting van het laadbord, in het bijzonder in de verzwenkrichting op de. eindwanden inwerken, welke krachten door overeenkomstige vergrendelingen opgenomen moeten worden.
Het is tot dit doel reeds voorgesteld de eindwanden door schoren in de 20 lengterichting af te steunen of aanvullend op de scharnierbouten waaromheen de eind wanden verzwenkt kunnen worden, speciale steekbouten aan te brengen.
Tenslotte zijn vergrendelingen voorgesteld, waarbij schroefdraadverbin-dingen worden gebruikt om de eindwanden in de rechtopstaande stand te kunnen spannen .
25 Deze laatstgenoemde vergrendeling, welke een spannen van de rechtop staande eindwanden ten opzichte van de bodem mogelijk maakt is constructief zeer gecompliceerd en vereist veel onderhoud. Bij het oprichten van de eindwanden moeten de schroefdraadverbindingen met de hand gespannen en de schroefdraadmoeren nog aanvullend geborgd worden. Bij de· voortdurende wisselende belastingen, die bij het 30 transport op de eindwanden inwerken kan de voorspanning van de schroefdraadverbin- ding zich loswerken waardoor de vergrendeling van de eindwanden niet meer gewaarborgd is. Tenslotte zijn de schroefdraadvergrendelingen gevoelig tegen beschadigingen, onderhevig aan vervuiling en roest en zodoende slechts moeilijk te repareren.
35 Met de uitvinding wordt dan ook beoogd een vergrendeling voor samenklap- 790 6 3 84 ’ ; * -2- 20891/CV/jl bare laadborden te verkrijgen, waarbij de bovengenoemde nadelen worden vermeden, terwijl de vergrendeling constructief eenvoudig opgebouwd is en eenvoudig snel en veilig te bedienen is.
Volgens de uitvinding kan dit worden bereikt doordat de vergrendelings- 5 inrichting uit althans een wig bestaat, welke bij rechtopstaande stand van de eind- in wand/een uitsparing van de eindwand zodanig in te voeren is, dat de einwand en de bodemwand relatief ten opzichte van elkaar te spannen zijn.
Bij voorkeur is de wig zwenkbaar aan een eerste arm van een twee-armige hefboom aangebracht, welke zelf zwenkbaar op een althans in hoofdzaak horizontale 10 as afgesteund is, die aan de bodemplaat is bevestigd en waarvan de tweede arm een bedieningshandgreep voor de hefboom vormt.
Doelmatig is de wig bovendien aan het einde van de eerste arm van de twee-armige hefboom om een althans in hoofdzaak horizontale as zwenkbaar, waarbij zijn. zwenkbeweging om deze as door een aanslag is begrensd.
15 Doelmatig is de bedieningshandgreep van de hefboom door een veer, in het bijzonder door "éen drukveer in de sluitrichting van de wig te belasten.
De drukveer is hierbij doelmatig tussen de bedieningsgreep en de bodemplaat zodanig aangebracht, dat zij bij het openen van dé wig via de verbindingslijn tussen het draaipurt van de twee-armige hefboom en zijn eigen bevestigingspunt aan 20 de bodemplaat uit te zwenken is, waardoor de twee-armige hefboom in de openings- stand van de wig te vergrendelen is.
Bij voorkeur wordt tenslotte het gewicht van de wig voldoende groot ge- de kozen, zodat deze bij eventuele uitval van Aeer door zijn eigen gewicht in de sluitrichting wordt gezwenkt respectievelijk in de gesloten stand blijft.
25 Een uitvoeringsvorm van de constructie volgens de uitvinding zal hier onder aan de hand van bijgaande figuren nader worden uiteengezet.
Fig. 1 toont gedeeltelijk in aanzicht en gedeeltelijk in doorsnede een aanzicht van een vergrendelingsinriehting.
Fig. 2 toont de in fig.'l weergegeven vergrendelingsinriehting in door-30 snede gezien volgen's de lijn II-II in fig. 1.
Fig. 3 toont schematisch een zijaanzicht van een eindwand en een deel van een bodemplaat van een samenklapbaar laadbord.
Fig. 4 toont een verdere uitvoering van de vergrendelingsinriehting volgens fig. 1, welke met een inrichting voor het automatisch sluiten van de ver-35 grendelingsinrichting is uitgerust.
790 63 84 * -3- 20891/CV/jl »
Zoals in fig. 3 is afgebeeld bestaat een samenklapbaar laadbord 10 althans in hoofdzaak uit een bodemplaat 12 en twee eindwanden 14, waarvan er in fig. 1 slechts een is afgebeeld. De bodemplaat 12 kan uit een geschikt gestel, bijvoorbeeld uit dragers met I-profiel bestaan en een overeenkomstige afdekking bezitten. 5 De eindwanden 14, die bijvoorbeeld ieder uit twee hoekkolommen 18 en een verbin dingswand 20 zijn opgebouwd (fig. 2), zijn via een scharnierbout 16 scharnierend met de bodemplaat 12 verbonden, zoalè in het bijzonder uit fig. 1 blijkt, zodat de eindwanden met het oog op een ruimtebesparend leeg transport op het laadvlak van de bodemplaat 12 in een horizontale stand kunnen worden gezwenkt. Tijdens het 10 transport van goederen nemen de eindwanden 14 daarentegen een verticale stand in, zoals in het bijzonder in fig. 3 is weergegeven, en in deze stand zijn de eindwanden relatief ten opzichte van de bodemplaat 12 vergrendeld en gespannen.
In de in fig. 1 weergegeven stand bevindt de eindwand 14 waarvan een hoekkolom 18 te zien is,zich in een verticale stand waarin de eindwand op een voet 15 22 zit, welke aan de bodemplaat 12 is vastgelast.
In het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld is ieder van de vier hoekkolommen van het laadbord aan zijn ondereinde voorzien van een bodemplaat 28, welke aan de desbetreffende hoekkolom 18 is gelast en die, zoals in fig. 1 is weergegeven, op de voet 22 rust. De scharnierende verbinding tussen de eindwand 14 respectie-20 velijk de hoekkolommen 18 daarvan en de bodemplaat 12 vindt, zoals reeds vermeld, plaats via de scharnierbouten 16 en via oren 26 en 24, die respectievelijk aan de hoekkolom 18 respectievelijk aan de bodemplaat 12 zijn gelast en die geschikte boringen hebben waardoorheen de scharnierbout 16, welke op geschikte wijze tegen axiale verschuiving is geborgd, zich uitstrekt.
25 In de verticale stand ligt de hoekkolom 18, zoals in fig. 1 weergege ven, met zijn ondereind op een althans in hoofdzaak verticale kopplaat 30, die aan de bodemplaat 12 is gelast.
Bij het weergegeven uitvoeringsvorm bestaan de bodemplaten uit een gestel met een naar buiten open I-profiel, dat wil zeggen een verticale lijst 32, 30 welke een onderste horizontale been 74 en een boven horizontale been 78 verbindt.
Zij kan.ook uit een naar buiten open U-profiel bestaan. In dit profiel, is nu, zoals in het bijzonder uit fig. 3 blijkt, een grendelinrichting aangebracht, welke het mogelijk maakt de eindwand 14 respectievelijk de hoekkolommen 18 in verticale stand ten opzichte van de bodemplaat 12 te vergrendelen en te spannen, waarbij aan 35 ieder hoekzuil 18 een grendelinrichting toegevoegd is, dat wil zeggen dat er in to-* 790 6 3 84 * -4- 20891/CV/jl * taal vier grendelinrichtingen voor de vier hoekkolommen 18 van de beide eind-wanden 14 van een laadbörd 10 aanwezig zijn.
De grendelinrichting omvat een wig 44, welke zwenkbaar is om een tap 42, die aan een einde van een eerste arm 38 van een twee-armige hefboom 36 is 5 aangebracht. De twee-armige hefboom 36 is in zijn middelste gedeelte zwenkbaar om een tap 34, die, zoals afgebeeld in fig. 2,aan een rug 32 van het de bodemplaat 12 vormende I-profiel bevestigd, bijvoorbeeld gelast is. Zowel de tap 34 alsook de tap 42 verlopen in het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld practisch horizontaal, zodat de twee armige hefboom 36 en daarmede de wig 44 in een verticaal vlak zwenkbaar zijn (de aanduidingen horizontaal en verticaal betrekken zich op de normale gebruiksstand of werkstand van de bodemplaat 12).
Tegengesteld aan de eerste arm 38 strekt zich -een tweede arm 4o van de twee-armige hefboom, welke een bedieningshandgreep voor de bediening van de hefboom 36, respectievelijk de wig 44 vormt, uit.
15 De aan de hoekkolom 18 gelaste bodemplaat 28 heeft een uitsparing 50, die aan de van de hoekkolom afgekeerde zijde is voorzien van een wigvlak 52. De wig 44 heeft een rugvlak 46, dat tegen het naar de bodemplaat toegekeerde vlak van de kopplaat 30 kan aanslaan, bovendien aan een de kopplaat 30 toegekeerd vlak van een uitsparing 54, welke is gevormd in een ankerplaat 56, die op zijn beurt aan 20 <ie voet 22 is gelast. De uitsparingen 50 en de bodemplaten 28 en 54 in de ankerplaten 56 liggen in de verticale stand van de hoekzuil 18 gedeeltelijk in lijn boven elkaar,zoals weergegeven in fig. 1. De wig 44 strekt zich'door de beide uitsparingen 50 en 54 uit, waarbij het achtervlak 46 van de wig, zoals reeds vermeld, zich kan afsteunen tegen de kopplaat 30 en tegen de ankerplaat 56, terwijl 25 zijn wigvlak zich in ingrijping met het wigvlak 52; van de uitsparing 50 van de bodemplaat 28 bevindt.
De schuinte van de beide wigvlakken 48 en 52 is zo gekozen,dat de verbinding tussen de wig 44 en bodemplaat 28 in ieder geval zelfremmend is.
Zoals in fig. 1 is weergegeven is zodoende de hoekkolom 18 en daarmede 30 de eindwand 14 ten opzichte van de bodemplaat 12 vergrendeld, daar de wig 44 zich door de beide uitsparingen 50 en 54 uitstrekt. De wi& wordt bovendien continu door een drukveer 62, welke: zich tussen het been 74 van de bodemplaat 12 en de arm 40 van de twee-armige hefboom 36 uitstrekt, in de sluitrichting belast. Tot dit doel is aan de zijde van de draaias van de tap 34, die aan de van de wig 44 afgekeerde 35 zijde ligt, een aanzetstuk 58 aangebracht aan de arm, bijvoorbeeld vastgelast.
790 63 84 4 -5- 20891/CV/jl >
Met dit aanzetstuk is met behulp van een tap 60 een kop van een geleidings-stift 66 zwenkbaar verbonden. Over de schacht van de geleidingsstift 66 is een einde van een drukveer 62 geschoven. Een tweede geleidingsstift 64 is aan het been 74 van de bodemplaat 12 bevestigd, bijvoorbeeld vastgelast en wel zodanig, 5 dat zijn hartlijn · nagenoeg onder de hartlijn van de tap 34 ligt.
In de in fig. 1 afgebeelde gesloten stand van de wig waarin de hoekko-lom 18 vergrendeld en gespannen is, verloopt de hartlijn 18 van de drukveer 62 naar rechts in de figuur hellend onder een hoek ten opzichte van de verbindingslijn 68 tussen de geleidingsstift 64 en de hartlijn van de tap 34. De veer 62 10 tracht de twee-armige hefboom 36 en daarmede de wig 44 continu in een richting tegen de wijzers van de klok in te verzwenken, zodat de wig 44 voor· zover dit mogelijk is in de uitsparing van de bodemplaat 28 wordt ingedrukt.
Indien dan ook tijdens het transport trillingen optreden en de hoekko-lom T 8-bijvoorbeeld met zijn ondereinde horizontaal in de richting op de bodem-15 plaats 12 wordt gedrukt of een weinig in deze richting wordt bewogen,zodat een kleine spleet tussen de wigvlakken 48 en 52 ontstaat, wordt de wig 44 ten gevolge van de belasting door de drukveer 62 en/ó*f door zijn eigen gewicht onmiddellijk aangedrukt, totdat de wig weer aansluitend tegen het wigvlak 52 aanligt. Daar de verbinding tussen de wig en de bodemplaat zelfremmend is kan de wig niet in om-20 gekeerde draairichting, dat wil zeggen in de richting van de wijzers van de klok, door een tegengesteld gerichte kracht uit de uitsparing 50 worden gedrukt zodat de hoekkolom 18 niet slechts ten opzichte van de bodemplaat 12 vergrendeld, maar ook continu gespannen wordt, daar iedere trilling van de eindwanden en de hoek-kolommen J8 ertoe leidt, dat zoals reeds vermeld, de wig 44 automatisch nage-25 steldwordt indien een spleet tussen de wigvlakken 48 en 52 zou ontstaan.
Indien de eindwanden naar het laadvlak van de bodemplaat 12 omgeklapt moeten worden om de plaatsbehoefte te verminderen, daar bij leeg transport meerdere laadborden op elkaar gestapeld getransporteerd worden, wordt de wig 44 uit de beide uitsparingen 50 en 54 gezwenkt, hetgeen bijvoorbeeld daardoor geschiedt, 30 dat de arm 40 met de hand wordt gegrepen en in de richting van de wijzers van de klok in de met stippellijnen aangeduide stand wordt gezwenkt. Het is hierbij niet beslist noodzakelijk de handgreep 40 met de hand te grijpen daar het ook mogelijk is om met de voet op de handgreep 40 te trappen, waardoor de hefboom 36 eveneens in de richting van de wijzers van de klok wordt gezwenkt en de vergrendeling wordt 35 vrijgemaakt. De arm of de bedieningshandgreep 40 kan tot dit doel, zoals afgebeeld 790 63 84 -6- 20891/CV/jl • 1 < in fig. 2, een weinig afgeknikt zijn uitgevoerd,zodat deze beter met de hand of met de voet kan worden bediend. De hefboom 36 wordt zolang in de richting van de wijzers van de klok gezwenkt totdat de hartlijn respectievelijk de werkingslijn 80 van de veer 62 de verbindingslijn 68 in de richting van de wijzers van de klok 5 overschrijdt en in een stand 70 geraakt, waarin zij relatief ten opzichte van de verbindingslijn 68 over een hoek naar links hellend verloopt. In deze stand is de , wig 44 geheel uit de opening 50 en 54 teruggetrokken, zodat de hoekkolora 18 en daarmee de daarbij behorende eindwand over 90° naar onderen en naar binnen kan worden omgeklapt en.op het laadvlak van de bodemplaat 12 kan worden gelegd.
10 ' Zoals afgebeeld in fig. 1 verloopt in de met stippellijnen weergegeven stand van de twee-armige hefboom 36 de werklijn 80 van de veer, dat wil zeggen in de stand 70, nu links van de drgaias van de tap 34 voorbij, waardoor de hefboom en daarmede de wig 44 in de open stand vergrendeld wordt. Als tegenaanslag kan hierbij het onderste vlak van het bovenste deel 78 van de bodemplaat 12 dienst doen 15 of er kan een andere geschikte aanslag zijn aangebracht.
Zoals afgebeeld in fig. 2 heeft de wig 44 een sleuf 76 waarin zich het einde van de arm 38 uitstrekt. Het onderste grondvlak van de sleuf 76 respectievelijk de kam 72 tussen het grondvlak van de sleuf en de zijwand van de wig· vormt een aanslag voor de wig 44, daar deze de kam 72, zoals afgebeeld in fig. 1, in 20 de open-stand van de wig tegen de arm 38 aanslaat, zodat de zwenkbeweging van de wig 44 om de tap 42 in een richting tegen de wijzers van-’de klok in begrensd is. Hierdoor wordt bewerkt, dat de wig zonder hinder in de uitsparingen 50 en 54 in te brer*gen is, indien de hoekkolom 18 weer in zijn verticale stand omhoog geklapt is, zoals dit in fig. 1 is weergegeven.
25 Indien de hoekkolom 18 deze Stand Weer ingenomen heeft wordt hefboom aan de bedieningshandgreep 50 beetgepakt en in een richting tegen de wijzers van de klok in worden verzwenkt, waartoe een zekere kracht noodzakelijk is, daar de veer 62 tijdens deze zwenkbeweging een weinig samengedrukt wordt. Zódra de werklijn 80 van de veer de verbindingslijn 68 heeft overschreden ondersteunt de veer de zwenk-30 beweging van de hefboom 36 en tracht de wig 44 in de uitsparingen 50 en 54 in te drukken, waardoor de hoekkolom 18 weer ten opzichte van de bodemplaat 12 vergrendeld en gespannen wordt.
Zoals afgebeeld in fig. 2 valt de hartlijn 84 van de hefboom 36 althans in hoofdzaak samen met de hartlijn 82 van de hoekkolom 18, zodat torsiekrachter worden 35 vermeden.
790 63 84 i' -7- 20891/CV/jl ê
De uitsparing 54 in de ankerplaat 56 is niet besliêt noodzakelijk. Het is voldoende indien de wig 44 met zijn achtervlak zowel tegen de kopplaat 30 als ook tegen het vlak 82 van de ankerplaat 56 kan afsteunen. Hiertoe is het echter niet noodzakelijk, dat ii de ankerplaat 56 een uitsparing 54 is gevormd.
5 De boring van de wig 44, welke zwenkbaar op de tap 42 zit,is in de vorm van een sleufgat 86 uitgevoerd om voldoende speling te verkrijgen opdat deze zich onder de invloed van de kracht, die daarop door de hoekkolom 18 wordt uitgeoefend, tegen de kopplaat 30 en de ankerplaat 56 kan afsteunen. Hierdoor wordt vermeden, dat de door de hoekkolom 18 op de wig 44 uitgeoefende kracht door de twee-armige 10 hefboom en de legertap 34 daarvan moet worden opgenomen.
De uitvoeringsvorm volgens fig. 4 is ten opzichte van die volgens fig. 1 verder aangevuld. In plaats van de geleidingsstift 66 volgens fig. 1 is hier een geleidingsbout 87 aangebracht waarvan de kop 92, zoals bij fig. 1, via de tap 60 •zwenkbaar met het'oor respectiévelijk het aanzetstuk 58 is verbonden.’ Afwijkend' 15 van de uitvoeringsvorm volgens fig. 1 is echter deze kop 92 voorzien van een neus 94, die, zoals hieronder nader zal worden beschreven, samenwerkt met een aanslag 96, die aan het eindvlak 97 van de bodemplaat 28 aangebracht, bijvoorbeeld bevestigd of integraal daarmede gevormd is.
Het vooreinde'van de aanslag 96 is in de vorm van een neus 98 uitgevoerd, 20 welke in ingrijping met de neus 94 van de kop 92 kan worden gebracht.
In de stand volgens fig. 1 is de vergrendelingsinrichting geopend, dat wil zeggen, de wig 44 grijpt niet door de uitsparingen 50 en 54 van de bodemplaat 28 en respectievelijk de ankerplaat 56.
In’deze stand van de vergrendelingsinrichting kan de eindwand 14 om de 25 scharnierbouten 16 (fig. 1) gezwenkt en vlak omgelegd worden.
Indien nu de eindwand opgericht wordt wordt de bodemplaat 28 om de hartlijn van de scharnierbout 16 in een richting tegen de wijzers van de klok in ver-zwenkt, zodat de neus 98 van de aanslag 96 tegen de neus 94 van de kop 92 steunt. Dit samenstoten van de beide neuzen 98 en 94 vindt plaats voordat de eindwand 14 30 zijn rechtopstaande stand heeft bereikt. Bij een verder oprichten van de eindwand 14 wordt daardoor door de neus 98 een kracht op de neus 94 uitgeoefend en daardoor de kop 92 in de richting van de wijzers van de klok om zijn legering, in dit geval een boring 88 in het been 74 van de bodemplaat verzwenkt. De beide neuzen 98 en 94 zijn althans zolang in ingrijping, totdat de geleidingsbout respectievelijk zijn 35 langsmiddenas de verbindingslijn 68 in de richting van de wijzers van de klok heeft 790 63 84 Μ -8- 20891/CV/jl e» overschreden. Daar de kop 92 via de tap 96 en het oor 58 met de arm 40 van de twee-arraige hefboom 36 is verbonden wordt laatstgenoemde in een richting tegen de wijzers van de klok in verzwenkt zolang de neuzen 98 en 94 in ingrijping zijn. Nadat, zoals hierboven vermeld, de hartlijn van de geleidingsbout 87 de verbin-5 dingslijn 68 heeft overschreden neemt de drukveer 62 de verdere belasting van de twee-armige hefboom 36 over, dat wil zeggen door de kracht van deze veer wordt de twee-armige hefboom 36 verder in een richting tegen de wijzers van de klok in om zijn tap 34 verzwenkt, waardoor de wig 44 in de stand II wordt gebracht, waarin de wig door de uitsparingen 50 en 54 van de bodemplaat 28 en de ankerplaat 56 10 grijpt, zoals in fig. 2 is weergegeven.
Door de oprichtbeweging van de eindwand 14 en de daarmede verbonden bodemplaat 28 en diens aanslag 96 wordt zodoende via de' neus 98 de kop 92 gedwon-l gen aangestoten en gezwenkt en daarmede de wig 44 in de uitsparingen 50 en 54 ge bracht , waardoor de eindwand 14‘met de bodemplaat 12 wordt vergrendeld.
15 Zodra zich bij deze zwenkbeweging aan de kop 92 de beide neuzen 98 en 94 van elkaar los gemaakt hebben beweegt de neus 98 vrij en zonder hindernis verder in zijn stand 98*.
Voor het openen van de vergrendelingsinrichting wordt de arm 24 van de hefboom 36 naar beneden gedrukt, dat wil zeggen de hefboom 36 wordt in de rich-20 ting van de wijzers van de klok om zijn tap 34 gezwenkt. De inrichting neemt.
dan de in fig. 1 met I aangegeven stand in. Het oor 58 en de kop 92 met zijn neus 94 bewegen zich vrij onder de aanslag 96. Indien nu de eindwand 14 om de schar-nierbout 16 naar binnen omgelegd, dat wil zeggen in de richting van de wijzers van de klok wordt verzwenkt, beweegt ook de aanslag 96 en zijn neus 98 in dezelfde •25 draairichting. De aanslag 96 glijdt daarbij met zijn ondervlak over de bovenkant van de neus 94 van de kop 92, waarbij de kop 92 tegen de kracht van de drukveer 62 een weinig naar onderen wordt gedrukt. Deze uitwijkbeweging van de kop 92 kan daardoor worden ondersteund, dat de kop met behulp van een sleufgat 100 op de tap 60 is gelegen (alternatief kan een dergelijk sleufgat ook in het oor 58 worden 30 gevormd).
De legerboring 88 in het been 74 van de bodemplaat 12 waarin de geleidingsbout 87 gelegerd respectievelijk vastgehouden is, heeft een een weinig grotere diameter dan de geleidingsbout 87 om de zwenkbeweging daarvan mogelijk te maken. Op het been 74 ligt een met een boring uitgeruste schijf 90, waardoorheen 35 de geleidingsbout 87 glijdt en waarop zich de drukveer 62 afsteunt.
-CONCLUSIES- 790 63 84

Claims (11)

1. Samenklapbaar laadbord voorzien van een bodemplaat en twee eind-wanden, die bij. leeg. transport naar binnen op een laadvlak van de bodem om te klappen zijn, terwijl zij bij het transport van goederen in een rechtopstaande stand met behulp van een vergrendelingsinriehting te vergrendelen zijn, met het 5 kenmerk, dat de vergrendelingsinriehting uit althans een wig (44) bestaat, welke bij rechtopstaande stand van de eindwand (14,18) zodanig ii een uitsparing (50) van de eindwand in te voeren is, dat de eindwand (14, 18) en de bodemplaat (12) relatief ten opzichte van elkaar vergreridelbaar en te spannen zijn.
2. Samenklapbaar laadbord volgens-conclusie 1, met het kenmerk, dat de 10 wig (44) om een althans in hoofdzaak hori’zontale as (42) zwenkbaar is.
3. Laadbord volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de zwenkbeweging van de wig (44) om de as (42) door een aanslag (72) begrensd is.
4. Laadbord volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de.wig (44) zwenkbaar-aan de eerste arm (38) van een twee-armige. hefboom (36) · 15 is aangebracht, welk ορ-zijn beurt in zijn middelste gedeelte zwenkbaar op een althans in hoofdzaak horizontale aan de bodemplaat (12) bevestigde as (34) is afgesteund, terwijl de tweede arm (40) een bedieningshandgreep vormt.
5. Laadbord volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de bedieningshandgreep (40) van de hefboom (36) door een veer, in het bijzonder een drukveer, 20 in de sluitrichting van de wig (44) te belasten is.
6. Laadbord volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de drukveer (62) tussen de bedieningsgreep (40) en de bodemplaat (12) zodanig aangebracht is, dat zij bij het openen van de wig (44) via de verbindingslijn (68) tussen de draaias van de twee-armige hefboom (36) en zijn bevestigingspunt aan de bodemplaat uit te 25 zwenken is, waardoor de twee-armige hefboom (36) in de geopende stand van de wig (44) vergrendelbaar 3s.
7. Laadbord volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het gewicht van de wig (44) voldoende groot is om de wig (44)in de gesloten stand te zwenken.
8. Laadbord volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de middellijn (84) van de hefboom (36) althans in hoofdzaak met de middellijn (82) van de hoekkolom (18) in lijn is gelegen (fig. 2).
9. Laadbord volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de wig (44) door een uitsparing(54) van een vast met de bodemplaat (12) verbonden 35 ankerplaat (56) grijpt en zich daartegen met zijn achtervlak (46) afsteunt. 790 63 84 é, - - -10- 20 891/CV/jl
10. Laadbord volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat aan de eindwand (14, 28) een aanslag (96, 98) is aangebracht waardoor bij het oprichten van de eindwand (14) in zijn rechtopstaande stand de twee-armige hefboom (36) om zijn tap-(34) in de sluitrichting te zwenken is.
11. Laadbord volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat aan de scharnie ren met de armen (40) van de twee-armige hefboom (36) verbonden kop (92)/een gelei-' dingsbout (.87) voor de drukveer (62) een neus (94)gevormd is, welke door een aan· de aanslag (96) gevormde neus (98) in de sluitrichting van de hefboom (36) te belasten is. « 790 6 3 84
NL7906384A 1978-08-28 1979-08-24 Samenklapbaar laadbord. NL7906384A (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE2837430 1978-08-28
DE19782837430 DE2837430A1 (de) 1978-08-28 1978-08-28 Klappflat

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL7906384A true NL7906384A (nl) 1980-03-03

Family

ID=6048049

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL7906384A NL7906384A (nl) 1978-08-28 1979-08-24 Samenklapbaar laadbord.

Country Status (8)

Country Link
US (1) US4314686A (nl)
JP (1) JPS5548045A (nl)
BE (1) BE878451A (nl)
DE (1) DE2837430A1 (nl)
FR (1) FR2434768A1 (nl)
GB (1) GB2028731B (nl)
NL (1) NL7906384A (nl)
SE (1) SE423519B (nl)

Families Citing this family (30)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE3020064A1 (de) * 1980-05-27 1981-12-03 Graaff Kg, 3210 Elze Vorrichtung zum verriegeln der schwenkbaren eckpfosten von ladeplattformen (klappflats)
IT1193660B (it) * 1983-02-04 1988-07-21 Tecnovar Italiana Distributore a cassone per la semina di materiali vari da mezzi aerei e terrestri
SE449339B (sv) * 1984-09-14 1987-04-27 Scandinavian Transshipment Ab Hopfellbar container
US4964349A (en) * 1989-01-31 1990-10-23 American Coastal Industries Load carrying platforms
FR2673600B1 (fr) * 1991-03-08 1993-05-28 Maillard Gilbert Pied, notamment pour embase de conteneur, du type palette, pouvant etre empile.
JPH053130U (ja) * 1991-05-10 1993-01-19 三協アルミニウム工業株式会社 折り畳み式パレツト
SE507333C2 (sv) * 1992-09-17 1998-05-18 Nefab Ab Låsanordning för sammanhållning av två delar
US5722328A (en) * 1995-06-06 1998-03-03 T.H.E.M. International, Inc. Pallet system including side wall latch assembly
US6543370B2 (en) 2000-04-07 2003-04-08 Hyundai Translead, Inc. Stackable pallet
PT1043239E (pt) * 2000-06-16 2004-05-31 Vsi Holding As Recipiente com lados colapsaveis
US6409041B1 (en) 2000-09-21 2002-06-25 Rehrig Pacific Company Container
USD458753S1 (en) 2000-09-21 2002-06-18 Rehrig Pacific Co. Container
US6631822B1 (en) * 2000-10-28 2003-10-14 Rehrig Pacific Company Collapsible container
USD452614S1 (en) 2000-10-28 2002-01-01 Rehrig Pacific Company Collapsible container
NL1016609C2 (nl) * 2000-11-15 2002-05-16 Innospecial Products B V Werkwijze en inrichting voor het verpakken van cacaobonen en dergelijke natuurlijke producten.
US6899242B2 (en) * 2001-12-20 2005-05-31 Rehrig Pacific Company Collapsible container with recessed side-panel latch
US7044066B1 (en) 2002-07-11 2006-05-16 Miller Donald R Pin pallet
ATE496850T1 (de) * 2004-09-01 2011-02-15 Collapsible Containers Pty Ltd Grosser zusammenklappbarer behälter mit mittleren scharnieren in seitenabdeckungen
US7293508B2 (en) * 2005-06-21 2007-11-13 International Business Machines Corporation Pallet ramp with safety retainer
JP2007168852A (ja) * 2005-12-22 2007-07-05 Nikken Plant:Kk 柱付きパレット
JP5377338B2 (ja) * 2007-03-21 2013-12-25 インディアン インスティテュート オブ テクノロジー デリー 折畳み及び展開可能な輸送用コンテナ及び輸送用コンテナを折畳み及び展開する方法
WO2010045150A1 (en) * 2008-10-13 2010-04-22 Wabash National, L.P. Foldable mobile storage container
NL1036708C2 (nl) * 2009-03-13 2010-09-14 Giesbers Holding B V In- en uitklapbare vrachtcontainer.
US11046507B2 (en) * 2013-03-13 2021-06-29 Compact Container Systems, Llc Folding container
WO2016043786A1 (en) * 2014-09-19 2016-03-24 Compact Container Systems Llc Locking mechanism for a collapsible container
US10703531B2 (en) 2016-03-11 2020-07-07 Rehrig Pacific Company Collapsible crate with wood appearance
US12448172B2 (en) 2018-03-05 2025-10-21 Rehrig Pacific Company Collapsible container
US11597557B2 (en) 2018-10-04 2023-03-07 Rehrig Pacific Company Reconfigurable beverage crate
CA3172382A1 (en) 2021-09-16 2023-03-16 Rehrig Pacific Company Hybrid collapsible crate
CN117945024A (zh) * 2024-02-04 2024-04-30 南通中集特种运输设备制造有限公司 铰链装置和折叠集装箱

Family Cites Families (7)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US1838736A (en) * 1929-03-19 1931-12-29 Bonham Harry Jacob Load holder for vehicles and the like
GB1252000A (nl) * 1968-11-21 1971-11-03
AT315223B (de) * 1970-12-17 1974-05-10 Plasser Bahnbaumasch Franz Transportvorrichtung für langgestreckte Gegenstände, insbesondere für Eisenbahnschwellen
FR2311685A1 (fr) * 1975-04-30 1976-12-17 Hervieu Dispositif de retenue a butee escamotable, notamment pour chariot porte-container
CA1033313A (en) * 1975-06-27 1978-06-20 Pullman Incorporated Cargo transportation device
FR2348857A1 (fr) * 1976-04-22 1977-11-18 Jansen Dorothy Dispositif de montants a pivotement assiste pour une palette de manutention
GB1603801A (en) * 1977-05-20 1981-12-02 Howe D E Freight carrier

Also Published As

Publication number Publication date
JPH026706B2 (nl) 1990-02-13
GB2028731A (en) 1980-03-12
SE423519B (sv) 1982-05-10
FR2434768A1 (fr) 1980-03-28
BE878451A (fr) 1979-12-17
DE2837430C2 (nl) 1988-01-14
FR2434768B1 (nl) 1984-02-10
SE7906774L (sv) 1980-02-29
JPS5548045A (en) 1980-04-05
GB2028731B (en) 1982-12-01
DE2837430A1 (de) 1980-04-17
US4314686A (en) 1982-02-09

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL7906384A (nl) Samenklapbaar laadbord.
US5644992A (en) Collapsible flatrack with ramp end walls
EP1177136B1 (en) Container having collapsible side walls
US5275301A (en) Collapsible freight container with gates
US5755472A (en) Folding cargo carrier with ramp end
US6866160B2 (en) Folding structure for foldable container
US4966085A (en) Folding freight carrier
USRE47210E1 (en) Crates
NL8205085A (nl) Opvouwbare lastwagen.
HUE028875T2 (en) Folding container
US4091950A (en) Hinged bin
GB2170185A (en) Platform based cargo carrier
CN1252378A (zh) 折叠箱用铰链
KR102029340B1 (ko) 코너부 락킹구조를 갖는 접이식 컨테이너
CN111137342B (zh) 一种改良多功能折叠式推车
GB2295381A (en) Collapsible Flatrack with Ramp End Walls
GB2211169A (en) Locking systems for collapsible container
GB2244090A (en) Hinge locks for collapsible pallets
GB2034283A (en) Folding Containers
CN1122629C (zh) 操作安全方便的折叠箱角柱锁紧装置
GB2120211A (en) Folding platform container
AU628746B2 (en) A latching mechanism for a collapsible pallet cage
GB2355451A (en) Flatrack with extended corner posts
US3872542A (en) Pallet box
GB2294453A (en) Collapsible Flatrack

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BV The patent application has lapsed