NL2012214C2 - Industrieel rissen van vruchten. - Google Patents

Industrieel rissen van vruchten. Download PDF

Info

Publication number
NL2012214C2
NL2012214C2 NL2012214A NL2012214A NL2012214C2 NL 2012214 C2 NL2012214 C2 NL 2012214C2 NL 2012214 A NL2012214 A NL 2012214A NL 2012214 A NL2012214 A NL 2012214A NL 2012214 C2 NL2012214 C2 NL 2012214C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
gripping element
fruits
plant part
fruit
rising
Prior art date
Application number
NL2012214A
Other languages
English (en)
Inventor
Aart-Jan Voort
Dennis Bunt
Eugène Schijvens
Original Assignee
Top B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Top B V filed Critical Top B V
Priority to NL2012214A priority Critical patent/NL2012214C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2012214C2 publication Critical patent/NL2012214C2/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A23FOODS OR FOODSTUFFS; TREATMENT THEREOF, NOT COVERED BY OTHER CLASSES
    • A23NMACHINES OR APPARATUS FOR TREATING HARVESTED FRUIT, VEGETABLES OR FLOWER BULBS IN BULK, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; PEELING VEGETABLES OR FRUIT IN BULK; APPARATUS FOR PREPARING ANIMAL FEEDING- STUFFS
    • A23N15/00Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs
    • A23N15/02Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs for stemming, piercing, or stripping fruit; Removing sprouts of potatoes
    • AHUMAN NECESSITIES
    • A23FOODS OR FOODSTUFFS; TREATMENT THEREOF, NOT COVERED BY OTHER CLASSES
    • A23NMACHINES OR APPARATUS FOR TREATING HARVESTED FRUIT, VEGETABLES OR FLOWER BULBS IN BULK, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; PEELING VEGETABLES OR FRUIT IN BULK; APPARATUS FOR PREPARING ANIMAL FEEDING- STUFFS
    • A23N15/00Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs
    • A23N15/02Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs for stemming, piercing, or stripping fruit; Removing sprouts of potatoes
    • A23N15/025Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs for stemming, piercing, or stripping fruit; Removing sprouts of potatoes for stemming grapes
    • AHUMAN NECESSITIES
    • A23FOODS OR FOODSTUFFS; TREATMENT THEREOF, NOT COVERED BY OTHER CLASSES
    • A23NMACHINES OR APPARATUS FOR TREATING HARVESTED FRUIT, VEGETABLES OR FLOWER BULBS IN BULK, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; PEELING VEGETABLES OR FRUIT IN BULK; APPARATUS FOR PREPARING ANIMAL FEEDING- STUFFS
    • A23N15/00Machines or apparatus for other treatment of fruits or vegetables for human purposes; Machines or apparatus for topping or skinning flower bulbs
    • A23N15/06Devices for other treatment of fruit, e.g. marking, maturing, polishing

Landscapes

  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Food Science & Technology (AREA)
  • Polymers & Plastics (AREA)
  • Preparation Of Fruits And Vegetables (AREA)

Description

Industrieel rissen van vruchten
Gebied van de uitvinding
De uitvinding heeft betrekking op een apparaat voor het rissen van vruchten, evenals een systeem omvattende een dergelijk apparaat, alswel een werkwijze voor het rissen van vruchten (met eventueel een dergelijk apparaat of systeem).
Achtergrond van de uitvinding
Uit de stand der techniek zijn systemen voor het rissen van fruit bekend. W02009019620 beschrijft bijvoorbeeld een lopende band systeem, waarbij de lopende band vibreert om de vruchten van de tros te scheiden. Voorts beschrijft W02009019621 een framesysteem waarbij het hele frame, waaraan de vruchten hangen, beweegt.
Samenvatting van de uitvinding
Het rissen van fruit wordt momenteel nog handmatig uitgevoerd en is een tijdrovende bezigheid (rond 13kg per uur per persoon). Tegenwoordig worden vaak de vruchten, nog aan de tros, vervoerd naar een plek waar het rissen in verband met goedkope arbeidskosten, relatief goedkoop uitgevoerd kan worden, waarna het weer naar een andere plek wordt vervoerd waar de vruchten verder worden verwerkt. Hierdoor wordt geen tijd gespaard in de risstap zelf en komen er allerlei kosten bij in de vorm van transport. Tevens zijn de vruchten onderweg en kan het meerdere verpak-en/of overslagstappen moeten maken, wat de beheersing van de kwaliteit van de vruchten bemoeilijkt. Een kortere periode tussen het verkrijgen van de grondstof en gerist product op één locatie is wenselijk met het oog op de controle van het proces tot het eindproduct, met het oog op de kwaliteit van de vruchten, en ook met het oog op het milieu (transport).
Er bestaan veel methoden om losse vruchten te verkrijgen, maar deze zijn uitsluitend gericht op verdere verwerking tot sap, puree, of gisting tot alcoholische dranken, waarbij beschadiging van de vruchten geen probleem is. Als een stuk fruit naar de consument moet, dan is beschadiging van de vruchten ongewenst en kan de bestaande apparatuur voor het verkrijgen van individuele vruchten niet gebruikt worden. Een ander nadeel van systemen die voorgesteld zijn, is dat de vruchten zo rigoureus worden behandeld, dat de vruchten alle kanten heen vliegen, en daar dan ook weer voorzieningen moeten worden gemaakt.
Het is daarom een doel van de uitvinding om een alternatief, en bij voorkeur beter, apparaat voor het rissen van vruchten voor te stellen, welke tevens bij voorkeur één of meer van bovengenoemde problemen oplost. Het is tevens een doel van de uitvinding om een alternatief, en bij voorkeur beter, systeem voor het rissen van vruchten voor te stellen, welke tevens bij voorkeur één of meer van bovengenoemde problemen oplost. Tot slot is het ook een doel van de uitvinding om een alternatieve, en bij voorkeur betere, werkwijze voor het rissen van vruchten voor te stellen, welke tevens bij voorkeur één of meer van bovengenoemde problemen oplost.
Hiertoe verschaft de uitvinding in een eerste aspect een apparaat (“risapparaat” of “afrisapparaat”, hier verder “apparaat” genoemd) voor het rissen van vruchten (zoals zacht fruit) van een plantdeel, het apparaat omvattende: a. een grijpelement welke, bij voorkeur automatisch sluit als het plantdeel in het grijpelement wordt gebracht, en welke in het bijzonder is geconfigureerd om tijdens het rissen het plantdeel vast te houden; b. een inrichting voor het in het bijzonder (tijdens gebruik) verticaal transleren (d.w.z. bewegen of verplaatsen) van het grijpelement, met in het bijzonder een frequentie van tenminste 10 Hz en in het bijzonder een top-top amplitude van tenminste 0.1 mm; c. een scheiding sinrichting geconfigureerd om de geriste vruchten en het plantdeel in verschillende stromen te brengen, in het bijzonder geconfigureerd om tijdens het rissen van het plantdeel de geriste vruchten in een eerste opvang op te vangen, en na het rissen het plantdeel, nadat dit is losgekomen van het grijpelement, in een tweede opvang op te vangen; d. een controle-eenheid voor het aansturen van één of meer van het grijpelement, de scheidingsinrichting, en de inrichting voor het verticaal transleren.
In een tweede aspect verschaft de uitvinding tevens een werkwijze voor verwerken van vruchten, zoals (zacht) fruit, omvattende het rissen van vruchten van een plantdeel, waarbij het rissen van de vruchten omvat: a. het vastzetten van het plantdeel in een grijpelement; b. het verticaal transleren van het grijpelement met in het bijzonder een frequentie van tenminste 10 Hz en een amplitude van in het bijzonder tenminste 0.1 mm voor het rissen van de vruchten van het plantdeel; c. het brengen van de geriste vruchten en het plantdeel in verschillende stromen, in het bijzonder het tijdens het rissen van het plantdeel opvangen van de geriste vruchten in een eerste opvang, en na het rissen het loslaten van het plantdeel door het grijpelement, en het opvangen van het plantdeel, nadat dit is losgekomen van het grijpelement, in een tweede opvang.
In het bijzonder verschaft de uitvinding een uitvoeringsvorm van deze werkwijze waarbij het voornoemde apparaat (en/of het later genoemde system) wordt toegepast.
Met het bovengenoemde apparaat en/of bovengenoemde werkwijze blijkt dat verrassend de vruchten binnen enkele seconden losgemaakt kunnen worden van het plantdeel, op een gecontroleerde wijze zonder dat de vruchten tijdens het rissen in contact (hoeven te) komen met enig oppervlak. Door de verticale translatie van het grijpelement, gaan de vruchten ook verticaal transleren, en worden de verbindingen met het plantdeel op een gegeven moment, soms zelfs al binnen enkele seconden, verbroken.
Het gebruik van bijvoorbeeld mechanische hulpmiddelen, zoals bekend uit de stand der techniek, om de vruchten van het plantdeel los te trekken of los te duwen, kunnen voor beschadiging van de vruchten leiden. Een ander voordeel van de uitvinding is dat de vruchten niet alle kanten heen vliegen, en de vruchten raken ook niet, of hoegenaamd niet, beschadigd. Verder kunnen op een effectieve wijze de vruchten gescheiden worden van de plantdelen. Ten opzichte van het handmatig rissen kan een factor twintig gespaard worden aan tijd (puur op de ristijd). Verder kunnen transportkosten en transporttijden substantieel verminderd worden. Ten opzichte van bestaande apparatuur en de apparaten die voorgesteld worden in de literatuur kan op een veel meer gecontroleerde wijze gerist worden, met hogere efficiëntie en lagere fruituitval.
Een ander voordeel is dat er gekozen kan worden, waar en wanneer er gerist wordt. Dit kan gebeuren kort na het oogsten, waarbij de verbouwer bijvoorbeeld hoogwaardige grondstof aanlevert, of kort voor het produceren van het eindproduct, waardoor de tijd tussen rissen en verpakken wordt geminimaliseerd. Bijvoorbeeld, doordat met dit apparaat desgewenst overal gerist kan worden, kan een grondstofleverancier zijn product opwaarderen door het zelf te rissen en aan te leveren aan een derde partij, zoals een verwerker, of kan op een productie-eenheid gerist worden, waarbij het te rissen product uit de bewaarcel komt om meteen gerist te worden en verpakt te worden. Dit in tegenstelling tot bekende methoden waarbij het product soms over lange afstanden vervoerd moet worden om gerist te worden. De vruchten kunnen dus veel sneller verpakt worden, bijvoorbeeld in een MAP (modified atmosphere packaging) of AMAP (advanced modified atmosphere packaging) verpakking, waardoor de vruchten vele dagen, tot wel drie weken goed kan blijven. Dit zijn verpakkingen welke een gecontroleerde doorlaatbaarheid voor gas hebben, waardoor optimale O2 en CO2 concentraties ontstaan die de houdbaarheid van de vruchten sterkt verhoogt. MAP of AMAP verpakkingen zijn bij geriste vruchten een belangrijke techniek omdat vruchten die zijn losgemaakt van steel of tros nu eenmaal kwetsbaarder zijn geworden, ook al is er weinig of geen beschadiging opgetreden bij het rissen.
Bij het rissen van de vruchten worden de vruchten losgemaakt van een tak, stengel of tros, welke hierin kortheidshalve “plantdeel” worden genoemd. De vruchten zit voor het rissen nog aan het plantdeel; het plantdeel zelf is in het bijzonder niet meer verbonden met de oorspronkelijke vegetatie, zoals een plant, struik of boom. De uitvinding is daarom in het bijzonder gericht op fruit dat als tros voorhanden is. De term “plantdeel” betreft dus in het bijzonder een tak, stengel of tros, meer in het bijzonder een tros, waaraan de vruchten bevestigd zitten. De vruchten zelf vallen dus niet onder de term “plantdeel”. In het geval van een tros betreft het plantdeel dus de takdelen of stengels en bloemstelen (pedicel)
In het bijzonder richt de uitvinding zich op zacht fruit. Meer in het bijzonder is het zachte fruit gekozen uit de groep bestaande uit de aardbei, de braam, de druif, de framboos, de meloen, de rozenbottel, de bes, de cranberry. Onder deze opsomming vallen ook weer subtypes, zoals de bosaardbei, de blauwe druif, de witte druif, de rode bes, de blauwe bes, de zwarte bes, etc. In het bijzonder richt de uitvinding zich op bosvruchten zoals druiven en bessen.
Overigens is de uitvinding niet noodzakelijkerwijze beperkt tot zacht fruit. De uitvinding kan ook toegepast worden voor andere vruchten, maar in het bijzonder voor zacht fruit. Types fruit welke ook met het apparaat en de werkwijze zoals hierin beschreven behandeld kunnen worden zijn onder andere (dus) zacht fruit, zoals bessen, aardbeien en druiven; maar ook steenvruchten, zoals kersen, abrikozen, pruimen, perziken en nectarines; pitfruit, zoals appels en peren; citrusfruit, zoals sinaasappels, citroenen en mandarijnen; overige fruit, zoals exotisch fruit, zoals bananen, kiwi’s en ananassen.
Met betrekking tot bijvoorbeeld de bes kunnen in principe alle besvormigen gerist worden, o.a. uit de familie Saxi fragaceae (o.a. Ribes) Ericaceae (blauwe bes) en Vaccinium myrtillus (bosbes).
In het bijzonder richt de werkwijze en het apparaat zich op het rissen respectievelijk voor het rissen van vlezige vruchten, zoals de bes (tomaat, meloen, blauwe bes, druif, banaan), de bottel (rozen), steenvrucht (kers, pruim, perzik, kokosnoot, sinaasappel, braam, framboos), de pitvrucht (appel, peer), de komkommervrucht (komkommer), de oranjevrucht (sinaasappel), en de samengestelde vrucht (ananas). In het bijzonder richt de uitvinding zich op vruchten zoals de bes, tomaat, meloen, blauwe bes, druif, kersen, bramen, frambozen, etc. De uitvinding kan bijvoorbeeld echter ook toegepast worden voor het rissen van trostomaten. De uitvinding kan bijvoorbeeld echter ook toegepast worden voor het rissen van koffiebonen, of vergelijkbare vruchten. Eventueel kunnen ook graan vruchten of aardappels gerist worden.
De term “rissen” kan derhalve ook breder opgevat worden als het losmaken van een vrucht van een tros (zoals bij druiven, tomaten of bananen) of het losmaken van een stuk fruit van een steel (zoals een appel). De term “rissen” betekent het losmaken van de vruchten van het plantdeel, zoals het rissen van bessen van een tros bessen of het rissen van druiven. In plaats van de term “rissen” kan ook de term “afrissen” worden gebruikt
De uitvinding wordt hieronder in het bijzonder beschreven met betrekking tot het rissen van vruchten. In het bijzonder heeft het plantdeel dat wordt gerist meer dan één vrucht, meer in het bijzonder tenminste 5 vruchten.
Hieronder wordt verder besproken hoe de vruchten worden gerist (van het plantdeel). Optioneel kan nog een voorbehandeling, voor het rissen, worden gegeven om het rissen te vergemakkelijk. In het bijzonder kan het plantdeel, in ieder geval dicht bij de aanhechting van de vruchten, enzymatisch worden behandeld. Hierdoor kan het plantdeel of de aanhechting van plantendeel met vrucht, verzwakken, waardoor de vruchten gemakkelijker gerist kunnen worden. In het bijzonder geschikte enzymen zijn pectolytische en cellolytische enzymen die plantendelen gedeeltelijk of geheel kunnen afbreken. Door met een oplossing met het enzym het plantdeel te behandelen, kan de ristijd desgewenst verder verkort worden en/of kunnen de riscondities gematigder zijn. Derhalve betreft de uitvinding ook een werkwijze zoals hierin beschreven, voorts omvattende het enzymatisch behandelen van het plantdeel, in het bijzonder voor het vergemakkelijken (of zelfs mogelijk maken) van het rissen van het zacht fruit van het plantdeel.
De enzymatische behandeling kan al dan niet voorafgegaan worden door een beoordeling van de rijpheid van het de vruchten (d.w.z. de vruchten die al van de struik, plant of boom zijn verwijderd, maar nog wel aan het plantdeel bevestigd zit, bijvoorbeeld als tros fruit) en/of de stevigheid waarmee de vrucht aan het plantendeel bevestigd zit. Afhankelijk van deze stevigheid kan een enzymatische behandeling nuttig zijn en kan het nuttig zijn dat een essentieel sterk plantdeel verzwakt wordt. De beoordeling van de rijpheid kan uiteraard ook los van de enzymatische behandeling worden uitgevoerd.
Indien de vruchten (in de beoordeling) niet gerijpt genoeg worden bevonden, kan een extra rijping plaats vinden (onafhankelijk van de voornoemde enzymatische behandeling). Dit heeft als bijkomend voordeel dat de vruchten vroeg geplukt kunnen worden, en vlak voor het rissen nog een rijpingsboost kunnen krijgen. Hieruit blijkt ook de flexibiliteit van het hierin beschreven concept. Immers, bij lange aanvoerlijnen of een te zware mechanische behandeling kan veel minder goed van deze flexibiliteit gebruik gemaakt worden. De rijping kan gedaan worden met een rijpingsgas (in een rijpingskamer, zie onder). Derhalve verschaft de uitvinding ook een werkwijze zoals hierin beschreven, voorts omvattende het eventueel beoordelen van de rijpheid van de vruchten, zoals zachte fruit, voor het rissen, (evenals) het versneld rijpen van de vruchten, voor het rissen, indien de vruchten nog niet rijp genoeg zijn. Hiervoor kan in het bijzonder een gasbehandeling met etheen gebruikt worden (zie verder hieronder).
Het grijpelement is een element waarin het plantdeel, zoals een steel of trosdeel (niet zijnde een vrucht), kan worden vastgehouden. Het grijpelement is in het bijzonder ingericht om tijdens de sluiting van het grijpelement het plantdeel vast te houden. Het grijpelement is in het bijzonder geen los onderdeel, maar is vast verbonden met de inrichting voor het verticaal transleren van het grijpelement. Het grijpelement is derhalve niet bijvoorbeeld een (los) grijpelement dat kan roteren (tijdens het rissen). Bij voorkeur kan tijdens het rissen het grijpelement alleen substantieel verticale bewegingen maken. De inrichting is derhalve zo ingericht dat tijdens toepassing van het apparaat het grijpelement alleen substantieel verticale bewegingen kan maken.
Het grijpelement kan uit meerdere delen bestaan, waarbij er tenminste één beweegbaar is t.o.v. de andere, of waarbij beide beweegbaar zijn. Hierdoor kan een eerste toestand ontstaan waarin het plantdeel zit geklemd (bij sluiting van het grijpelement) en een tweede toestand waarin het plantdeel niet zit geklemd (bij het inbrengen of verwijder (na het rissen) van het plantdeel).
Verder is het apparaat, in het bijzonder het grijpelement, bij voorkeur zo geconfigureerd dat het automatisch sluit als een plantdeel in het grijpelement wordt gebracht. Dit kan bijvoorbeeld met behulp van een sensor. Derhalve verschaft de uitvinding in het bijzonder een apparaat, waarbij het grijpelement tenminste twee klemelementen omvat, waarbij het grijpelement is geconfigureerd om met de tenminste twee klemelementen tijdens de sluiting van het grijpelement het plantdeel vast te houden, en waarbij in een voorkeursuitvoeringsvorm tenminste een van de twee klemelementen een ingebouwde sensor bezit voor het waarnemen of het plantdeel in het grijpelement wordt gebracht.
Voorts kan in het bijzonder het grijpelement pneumatisch worden aangestuurd, zowel voor het openen als het sluiten. Aansturing gebeurt in het bijzonder door de controle-eenheid (zie hieronder). In het bijzonder omvat de voornoemde sensor een laser. Alternatief of additioneel kan een optische cel gebruikt worden. In een specifieke uitvoeringsvorm, wordt het grijpelement pneumatisch wordt aangestuurd en/of omvat de sensor een optische kabel met fotocel.
De sensor kan bijvoorbeeld een onderbrekingssensor zijn. Door de sensor aan het begin van een opening van het grijpelement te plaatsen kan tijdens de beweging van het inbrengen van het plantdeel met de sensor dit worden waargenomen en kan het grijpelement sluiten. De sensor is dus in het bijzonder geconfigureerd om waar te nemen of het plantdeel in het grijpelement wordt gebracht. Eventueel kan de sensor ook extern van het grijpelement zijn geplaatst.
In het bijzonder is het grijpelement ingericht voor het ontvangen van het plantdeel in een horizontale beweging, hoewel andere configuraties, zoals verticaal ontvangen of schuin ontvangen ook mogelijk zijn.
Na het rissen zal het plantdeel (nu geheel of gedeeltelijk, in het bijzonder geheel ontdaan van de vruchten) weer worden verwijderd (zie ook hieronder) uit het grijpelement. Door het openen van het grijpelement zal het plantdeel naar beneden kunnen vallen, bijvoorbeeld in een opvangbak (zie hieronder). In sommige gevallen kan het plantdeel aan het grijpelement blijven hangen. Derhalve omvat het apparaat in een uitvoeringsvorm voorts een verwijderelement, welke gerangschikt is om een kracht uit te oefenen op het plantdeel na opening van het grijpelement. Dit verwijderelement kan een zuigersysteem zijn, waarbij een zuiger bijvoorbeeld naar beneden beweegt in de opening van het geopende grijpelement of een beweging met een horizontale component maakt en zo het plantdeel kan wegtikken. Het verwijderelement kan ook een persluchtelement zijn, welke gerangschikt is om perslucht in de richting van de opening van het grijpelement te blazen. Hierdoor kan het plantdeel, zoals een trosje met of zonder vrucht(en) of een takje gemakkelijk weggeblazen worden. In het bijzonder omvat het verwijderelement een persluchtelement dat ingericht is om een substantieel verticale luchtstroom te geven, en is het verwijderelement geplaatst boven het grijpelement. Het verwijderelement kan derhalve het verwijderen van het plantdeel uit het grijpelement faciliteren (door het uitoefenen van een kracht op het plantdeel). Derhalve verschaft de uitvinding ook een werkwijze zoals hierin beschreven, waarbij na ontsluiting van het grijpelement met behulp van een verwijderelement een kracht op het plantdeel wordt uitgeoefend. De termen boven en onder betreffen vooral rangschikking welke verwijzen naar het apparaat in gebruik.
Overigens kan in een andere uitvoeringsvorm ook gebruik gemaakt worden van een verwijderelement dat het plantdeel vastpakt en vervolgens, na verwijdering uit het geopende grijpelement, (ergens anders) loslaat.
Hierboven is aangegeven dat het grijpelement (bij voorkeur) automatisch sluit als het plantdeel in het grijpelement wordt gebracht. Ook als aan het plantdeel geen vruchten hangen, kan het grijpelement, als een deel van een plantdeel in het grijpelement worden gebracht, automatisch sluiten vanwege de sensor.
Naast dat het grijpelement automatisch kan sluiten, kan het in uitvoeringsvormen ook automatisch openen. De controle-eenheid zal in het bijzonder het openen controleren, en het grijpelement openen als een bepaalde tijd is gerist, of als een sensor waarneemt dat alle vruchten zijn verwijderd. De controle-eenheid zal in het bijzonder het moment van openen (en eventueel verdere handelingen om het plantdeel te verwijderen uit het grijpelement) afstemmen op de scheidingsinrichting, en eventuele bewegende delen daarvan, die ook door de controle-eenheid gecontroleerd kunnen worden.
Naast een sensor bestuurde bediening van het grijpelement voor het sluiten en/of naast het automatische openen van het grijpelement, kan in een uitvoeringsvorm het grijpelement ook manueel gecontroleerd worden. Zo kan bijvoorbeeld via een user interface of een knop/switch met bijvoorbeeld perslucht het grijpelement ook handmatig geopend en/of gesloten worden. Daarom omvat de uitvinding ook een uitvoeringsvorm waarin naast automatisch sluiten, ook een gebruiker het grijpelement kan sluiten, hetzij manueel, hetzij via een userinterface, hetzij via een andere optie (of combinaties ervan).
Het grijpelement is in het bijzonder geconfigureerd om het plantdeel te grijpen op een plek waar geen vrucht zit, zodat het grijpelement niet de vrucht grijpt (en kan pletten). In de werkwijze zal uiteraard het plantdeel op de juiste manier in het grijpelement worden gebracht. Dit kan bijvoorbeeld manueel gebeuren. In het geval van een tros druiven kan een operator de tros druiven nemen, zodat de druiven naar beneden hangen, en de stengen in het grijpelement brengen. De druiven hangen dan onder het grijpelement en het plantdeel zit geklemd in het grijpelement. Door de verticale translatie kunnen de druiven vervolgens gerist worden.
Het openen en of sluiten van het grijpelement (in het bijzonder de klemelementen) kan gebeuren met behulp van pneumatiek. De controle-eenheid kan pneumatische elementen aansturen voor het sluiten (en/of openen van het grijpelement). Optioneel kan dit, additioneel of alternatief aan de sensor-getuurde aansturing, ook handmatig gebeuren, bijvoorbeeld door middel van bovengenoemde knop of switch, etc..
Zoals hieronder blijkt, kan de term “grijpelement” ook verwijzen naar meerdere grijpelementen, welke bijvoorbeeld tegelijk of individueel kunnen worden bediend door de inrichting voor het verticaal transleren (zie hieronder).
Zoals hierboven aangegeven, omvat het apparaat verder in het bijzonder een inrichting voor het (in het bijzonder) verticaal transleren van het grijpelement met, in het bijzonder, een frequentie van tenminste 5 Hz, meer in het bijzonder tenminste 10 Hz, en in het bijzonder een top-top amplitude van tenminste 0.1 mm. Door de verticale translatie, met een relatief hoge frequentie en amplitude krijgen de vruchten een flinke kracht te verduren. Door de mogelijke vertraging die optreedt van de vruchten ten opzichte van het plantdeel, kunnen de vruchten uiteindelijk loskomen van het plantdeel. Bij voorkeur worden door de beweging krachten uitgeoefend op de vruchten in de orde van tenminste 4 N(ewton), zoals tenminste 5 N. Een voordelig aspect van de uitvinding is het opwekken van krachten die groter zijn dan de kracht nodig om een vrucht van de pedicel te trekken, welke lijken te liggen in de orde van grootte van tenminste 4 a 5 N. Deze waarde kan overigens nog wel enigszins afhangen van het type fruit, maar het meeste vruchten die hierin worden genoemd zullen bij uitoefenen van krachten in de orde van tenminste 4 N, in het bijzonder tenminste 5 N, losraken van het plantdeel. Deze krachten worden opgewekt door bijvoorbeeld de tros met vruchten in een verticale heen en weer beweging te brengen met een frequentie van 10 tot 1000 Hz en een amplitude van in het bijzonder 0,05 tot 50 mm. Meest gangbaar zal zijn een frequentie van 30 tot 50 Hz en een amplitude van 5 tot 10 mm. Door de verticale heen en weer beweging van de klem waar de tros met vruchten zich bevindt, komen de stelen en vruchten ook in een vergelijkbare heen en weer beweging. Maar vruchten en stelen zullen niet synchroon blijven bewegen ten gevolge van de verschillen in massa van de vruchten en het plantdeel (zoals de steel). Uiteindelijk kunnen de vruchten (tijdelijk) zelfs tegengesteld gaan bewegen ten opzichte van de stelen. Hierdoor kunnen krachten optreden waardoor de vruchten van de stelen worden getrokken.
De termen “verticaal transleren” en “inrichting voor het verticaal transleren” geven de richting aan waarin wordt getransleerd tijdens gebruik van het apparaat. Het apparaat is derhalve niet beperkt tot een specifieke ruststand of een specifieke gebruiksstand. In gebruik echter zal de inrichting het grijpelement verticaal transleren (oscilleren).
Uiteraard is een kleine afwijking van verticaal niet uitgesloten. De translatie zal met name onder een hoek van 0-5° van een verticaal t.o.v. het aardoppervlak transleren, in het bijzonder 0-2°, meer in het bijzonder 0-0.5°, nog meer in het bijzonder met een hoek van 0°.
De inrichting bevat een motor welke is ingericht om het grijpelement, waarmee de motor functioneel gekoppeld is, in een verticale beweging te laten bewegen. De motor kan een rotatiemotor zijn waarvan de rotatiebeweging wordt omgezet in een translatiebeweging. Optioneel kan de inrichting ook meerdere motoren omvatten voor meerdere grijpelementen.
Zoals boven aangegeven, is de frequentie van de horizontale beweging bij voorkeur tenminste 10 Hz. In het bijzonder ligt de frequentie in het bereik van 10-1000 Hz, meer in het bijzonder in het bereik van 10-50 Hz, zoals 30-50 Hz. De slag of top-top amplitude is bij voorkeur tenminste 0.1 mm, meer in het bijzonder 5-25 mm, zoals 5-10 mm. Derhalve verschaft de uitvinding tevens een apparaat zoals hierin verder omschreven, waarbij de inrichting is ingericht voor het verticaal transleren van het grijpelement met een frequentie gekozen uit het bereik van 10-50 Hz en met een top-top amplitude gekozen uit het bereik van 5-25 mm. De term “amplitude” verwijst in het algemeen, in het geval van mechanische uitwijkingen, naar de afstand van de neutraal (evenwichtsstand) tot aan de grootste uitslag. De term top-top amplitude verwijst naar de totale uitslag van het ene maximum naar het andere maximum, en is dus tweemaal de amplitude. Derhalve verschaft de uitvinding ook een werkwijze zoals hierin beschreven, waarbij wordt gerist met een frequentie gekozen uit het bereik van 10-50 Hz en met een top-top amplitude gekozen uit het bereik van 5-25 mm. Tevens verschaft de uitvinding ook een werkwijze zoals hierin beschreven, waarbij elke plantdeel wordt gerist met een ristijd (of triltijd) gekozen uit het bereik van tenminste 0.5 seconden, in het bijzonder in het bereik van 0.5-30 seconden, meer in het bijzonder tenminste 2.5 seconden. In een dergelijke korte tijd kan het meeste zachte fruit volledig zijn gerist. Bessen kunnen bijvoorbeeld al bij tenminste 3 seconden zeer efficiënt gerist worden, terwijl bij druiven tenminste 5 seconden nodig kan zijn.
De term “inrichting” (of “inrichting voor het verticaal transleren”) kan ook verwijzen naar meerdere inrichtingen (of inrichtingen voor het verticaal transleren). In het bijzonder indien er meerdere grijpelementen zijn, kunnen er ook meerdere van deze inrichtingen zijn. Echter, meerdere grijpelementen kunnen ook door één en dezelfde inrichting voor het verticaal transleren bediend worden. Anderzijds kan in het geval dat er meerdere grijpelement zijn, deze alle ook onafhankelijk worden bediend door inrichtingen voor het verticaal transleren. In het bijzonder is er wel één controle-eenheid die alle (elektronische) elementen van het apparaat bestuurt (controleert).
Het apparaat kan tevens een scheidingsinrichting omvatten. In het bijzonder kan deze scheidingsinrichting geconfigureerd zijn om de geriste vruchten en het plantdeel (na het rissen) in verschillende stromen te brengen. Hierdoor komen de plantdelen niet bij de geriste vruchten. In het bijzonder kan de scheidingsinrichting geconfigureerd worden om tijdens het rissen van het plantdeel (met de vruchten er nog (ten dele) aan vast) de geriste vruchten in een eerste opvang op te vangen, en na het rissen het plantdeel, nadat dit is losgekomen van het grijpelement, in een tweede opvang op te vangen. Derhalve wordt ook een werkwijze zoals hierin beschreven verschaft, waarbij gebruik wordt gemaakt van een scheidingsinrichting, en waarbij de werkwijze voorts het scheiden van de geriste vruchten en het plantdeel met behulp van de scheidingsinrichting omvat. De scheidingsinrichting kan in het bijzonder opgesteld zijn in het verlengde van de translatielijn van de verticale translatie (gedurende het gebruik van het apparaat) van het grijpelement. De scheidingsinrichting kan in het bijzonder dus ook zijn opgesteld voor het opvangen van loskomende vruchten tijdens het oscilleren van het grijpelement.
Er zijn verschillende uitvoeringsvormen van de scheidingsinrichting mogelijk, waarbij één of meer van het grijpelement, een opvang, en een verder element (zoals het hieronder genoemde contactvlakdeel) (ten opzichte van elkaar) kunnen of moeten bewegen.
In een specifieke uitvoeringsvorm wordt een apparaat verschaft, zoals hier verder in beschreven, waarbij de scheidingsinrichting voorts een contactvlakdeel omvat, waarbij de scheidingsinrichting ingericht is om tijdens het rissen het contactvlakdeel onder een hoek met een horizontaal onder het grijpelement te plaatsten. Hierbij kan gedacht worden aan een (platte) plaat of een deel ervan. Ook is een gebogen plaat mogelijk, waarbij bijvoorbeeld een deel van de plaat wordt gebruikt. De hoek met de horizontaal die hier bedoeld wordt is groter dan 0° en kleiner dan 90°, zoals in het bereik van 10-80 °, in het bijzonder 15-50° ten opzichte van een horizontaal. Door een dergelijke hoek rollen of schuiven de vruchten en/of respectievelijk het plantdeel naar een lagere plek nadat het gevallen is van het plantdeel, respectievelijk het (weer geopende) grijpelement.
Door benedenstrooms van het contactvlakdeel (tijdelijk) elementen aan te passen en/of door (tijdelijke) verplaatsing van het contactvlakdeel en/of door het (tijdelijk) aanpassen van de hoek van het contactvlakdeel kunnen verschillende stromen worden gecreëerd. Zo kunnen de vruchten de ene kant op rollen of schuiven en/of in een eerste opvang worden opgevangen, en kan daarna het plantdeel (nadat het naar beneden is gevallen door het openen van het grijpelement, al dan niet in combinatie met een extra kracht; zie boven) een andere kant op rollen of schuiven en/of in een tweede opvang worden opgevangen. Uiteraard is het ook mogelijk om tijdelijk van opvang te wisselen, dat wil zeggen dat een eerste opvang gerangschikt is tijdens het rissen, en dat een tweede opvang gerangschikt is na het rissen, zodat daarin of daarop het plantdeel kan worden ontvangen.
In een uitvoeringsvorm van het apparaat is in het bijzonder de scheiding sinrichting ingericht om na het rissen het contactvlakdeel ten opzichte van het grijpelement te verplaatsen; hierbij is in het bijzonder de controle-eenheid voorts ingericht om (na tenminste een deel van de verplaatsing) het grijpelement te openen.
In een andere uitvoeringsvorm, welke eventueel gecombineerd kan worden met de vorige uitvoeringsvorm, wordt een apparaat zoals hierin beschreven verschaft, waarbij de scheiding sinrichting ingericht is het contactvlakdeel te verplaatsen van een eerste toestand naar een tweede toestand, waarbij in de eerste toestand het contactvlakdeel is ingericht om de geriste vruchten, zoals zachte fruit, naar een eerste opvang te leiden, en waarbij in de tweede toestand het contactvlakdeel is ingericht om het plantdeel, nadat dit is losgekomen van het grijpelement, in een tweede opvang te leiden.
Overigens zijn ook uitvoeringsvormen mogelijk waarbij het grijpelement zich (horizontaal) verplaatst om op verschillende plaatsen te rissen en het plantdeel vervolgens los te laten, eventueel zelf om op verschillende plaatsten het plantdeel met fruit te ontvangen, (vervolgens) te rissen en het plantdeel vervolgens los te laten.
Indien er meerdere grijpelementen zijn, kan de scheidingsinrichting in een uitvoeringsvorm de scheiding verzorgen voor de stromen (geriste vruchten en plantdelen) van deze meerdere grijpelementen. Echter, er kan ook een meervoud van scheidingsinrichtingen toegepast worden. Hybride oplossingen, waarbij meerdere scheidingsinrichtingen worden gebruikt, maar sommige elementen worden gedeeld, zoals bijvoorbeeld een opvang, kunnen uiteraard ook toegepast worden.
Zoals boven aangegeven, omvat het apparaat verder een controle-eenheid voor het aansturen van één of meer van het grijpelement, de scheidingsinrichting, en de inrichting voor het verticaal transleren. In het bijzonder is de controle-eenheid ingericht voor het aansturen van het grijpelement, de scheidingsinrichting, en de inrichting voor het verticaal transleren. Indien van één of meer van deze elementen er meer dan één omvat wordt door het apparaat, dan kan in het bijzonder de controle-eenheid deze alle aansturen (zoals bijvoorbeeld een apparaat met meerdere grijpelementen). Daarnaast kan de controle-eenheid ingericht zijn voor het aansturen van één of meer andere apparaten, zoals de hierin genoemde één of meer sensoren (zie boven), en/of de hierin genoemde één of meer verdere apparaten (zie hieronder).
De controle-eenheid kan geïntegreerd zijn met het apparaat, maar kan ook remote gerangschikt zijn. Verder kan de controle-eenheid ook uit meerdere eenheden bestaan, waarbij bijvoorbeeld één eenheid een master controle-eenheid is, en de andere controle-eenheden slave-eenheden zijn. De controle-eenheid is in het bijzonder een software gestuurde controle eenheid.
Zoals boven aangegeven, kan het apparaat desgewenst meerdere grijpelementen omvatten. Een dergelijk apparaat kan parallel meerdere plantdelen rissen van het (zachte) fruit. Derhalve verschaft de uitvinding tevens een uitvoeringsvorm van het apparaat zoals hierin omschreven, omvattende: a. een meervoud van grijpelementen, welke in het bijzonder automatisch sluiten als plantdelen (met vruchten er nog aan) in de respectievelijke grijpelementen worden gebracht; b. een inrichting voor het verticaal transleren van de meervoud aan grijpelement met in het bijzonder een frequentie van tenminste 10 Hz en in het bijzonder een amplitude van tenminste 0.1 mm; c. een scheiding sinrichting geconfigureerd om tijdens het rissen van de plantdelen de geriste vruchten in een eerste opvang op te vangen, en na het rissen de plantdelen, nadat deze zijn losgekomen van de grijpelementen, in een tweede opvang op te vangen; d. een controle-eenheid voor het aansturen van de grijpelementen, de scheiding sinrichting, en de inrichting voor het verticaal transleren.
Het apparaat kan zo zijn ingesteld dat frequentie, amplitude, en ristijd vast zijn. Echter, het apparaat kan ook zo ontworpen zijn dat één of meer van frequentie, amplitude, en ristijd variabel instelbaar zijn. Het voordeel daarvan is dat verschillende types vruchten en/of vruchten van verschillende rijpheid gerist kunnen worden. Optioneel kan het apparaat tevens geconfigureerd zijn om één of meer van frequentie, amplitude, en ristijd te controleren als functie van het risresultaat. In een dergelijke configuratie kan het apparaat tevens een sensor omvatten welke is geconfigureerd om het risresultaat waar te nemen. Men kan bijvoorbeeld denken aan een sensor (risresultaat sensor), bijvoorbeeld een CCD camera. De controle-eenheid kan als functie van een sensor signaal van deze sensor één of meer van frequentie, amplitude, en ristijd aanpassen tot er een gewenst risresultaat wordt verkregen.
Het apparaat kan onderdeel zijn van een groter systeem. Derhalve verschaft de uitvinding in een verder aspect tevens een systeem omvattende een apparaat zoals hierin beschreven, waarbij het systeem optioneel voorts een verder apparaat omvat voor het behandelen van vruchten voor het rissen, na het rissen, of voor en na het rissen. Er kunnen dus één of meer verdere apparaten bovenstrooms zijn gerangschikt van het apparaat en/of er kunnen dus één of meer verdere apparaten benedenstrooms zijn gerangschikt van het apparaat. De term “systeem” verwijst in het bijzonder naar een combinatie van het risapparaat met één of meer andere apparaten, waarbij bij voorkeur de twee of meer apparaten van het systeem functioneel gekoppeld zijn.
In een specifieke uitvoeringsvorm verschaft de uitvinding een dergelijk systeem volgens conclusie, omvattende het apparaat zoals hierin beschreven alsmede een rijpingsapparaat als verder apparaat, waarbij het rijpingsapparaat is ingericht om optioneel het ongeriste fruit te rijpen voor het rissen. Het rijpingsapparaat kan gebruikt worden voor de boven beschreven werkwijze, voorts omvattende het eventueel beoordelen van de rijpheid van het zachte fruit voor het rissen, (alsmede) het versneld rijpen van het zachte fruit, voor het rissen, indien het zachte fruit nog niet rijp genoeg is. In het bijzonder kan het rijpingsapparaat een rijpingskamer en een gassysteem voor het verzorgen van rijpingsgas naar de rijpingskamer omvatten. Alternatief of additioneel kan bovenstrooms het systeem een apparaat voor de enzymatische behandeling van het plantdeel (met de vruchten) omvatten.
Benedenstrooms van het apparaat kan de geriste vruchten verdere stappen ondergaan. Zo kan het verpakt worden, hetzij als eindproduct of als halffabricaat. Het kan (ook) verwerkt worden tot verse fruitsalades of hele vruchten op sap, maar eventueel ook jam, vruchtensap, gelei, moes, puree, vruchtensnack, etc. Uiteraard kunnen de geriste vruchten ook gewassen worden en kan eventueel verwerkte vruchten nog aan één of meer van een warmtebehandeling en drukbehandeling blootgesteld worden, om bacteriën te doden. Derhalve verschaft de uitvinding tevens een uitvoeringsvorm van het systeem zoals hierin beschreven, waarbij het systeem voorts een verpakkingsinrichting als verder apparaat voor het verpakken van de geriste vruchten omvat. Alternatief of additioneel verschaft de uitvinding tevens een uitvoeringsvorm van het systeem zoals hierin beschreven, waarbij het systeem voorts een verwerkingsinrichting als verder apparaat voor het verwerken van de geriste vruchten omvat, zoals het verwerken tot het/de voornoemde sap, moes, puree, salade, etc..
De uitvinding verschaft derhalve ook een uitvoeringsvorm van de hierin beschreven werkwijze, waarbij na het rissen de vruchten worden verpakt. In het bijzonder een dergelijke werkwijze, waarbij de vruchten worden verpakt in verpakking met een gecontroleerde doorlaadbaaheid van gas (zoals bijvoorbeeld de MAP of AMAP verpakking), waarbij een verpakt vruchtenproduct wordt verkregen, en waarbij de vruchten zich in een optimale gas-omgeving bevinden, met in het bijzonder verlaagde O2 en verhoogde CO2 concentraties, als dan niet door toevoeging van N2 en CO2. Een voordeel van de uitvinding, zoals ook hierboven genoemd, is dat snel na het plukken of aanvoer van het plantdeel met de vruchten, eventueel ter plaatse, gerist en desgewenst verpakt kan worden. De vruchten, in het bijzonder zacht fruit, kunnen desgewenst ter plaatste dus verpakt worden. Met verpakte vruchten, zoals verpakt zacht fruit, wordt hier dus in het bijzonder het hele vruchten (fruit) bedoeld, dus bijvoorbeeld de druif en/of de bes. Derhalve verschaft de uitvinding ook een werkwijze, zoals hierin beschreven, waarbij de vruchten na het rissen worden verpakt in verpakking met een gas, waarbij een verpakt vruchtenproduct wordt verkregen, waarbij in het bijzonder de vruchten in dit gas in de verpakking zit, en waarbij het omringende gas een gevolg is van een gecontroleerde gas-doorlaatbaarheid van de verpakking enerzijds en de ademhaling van de vrucht anderzijds al dan niet aangevuld met een toevoeging van gas zoals CO2 en/of N2.
In het bijzonder verschaft de uitvinding ook een uitvoeringsvorm van de werkwijze zoals hierin beschreven, waarbij het apparaat, zoals hierin beschreven, of het systeem, zoals hierin beschreven, wordt toegepast.
De termen "in hoofdzaak" en “substantieel” hierin, zullen worden begrepen door de deskundige in het vakgebied. De termen "in hoofdzaak" en “substantieel” kunnen ook uitvoeringsvormen met "geheel", "volledig", "alle", enz. omvatten. Daarom kunnen in uitvoeringsvormen de termen "in hoofdzaak" en “substantieel” ook worden verwijderd. Voor zover van toepassing kunnen de termen "in hoofdzaak" en “substantieel” ook betrekking hebben op 90% of hoger, zoals 95% of hoger, met name 99% of meer, zelfs meer in het bijzonder 99,5% of meer, waaronder 100%. De term "omvat" omvat ook uitvoeringsvormen waarin de term "omvat" "bevat" of “bestaat” betekent.
Bovendien worden de termen eerste, tweede, derde en dergelijke in de beschrijving en in de conclusies gebruikt voor het onderscheid tussen mogelijk gelijkaardige elementen en niet noodzakelijk voor het beschrijven van een sequentiële of chronologische volgorde. Het moet worden begrepen dat de termen zo gebruikt zijn uitwisselbaar onder gepaste omstandigheden en de uitvoeringsvormen van de uitvinding hierin beschreven eventueel kunnen werken in andere volgordes dan hierin beschreven of geïllustreerd.
De verankeringselementen in dit document zijn onder andere beschreven tijdens het gebruik. Zoals duidelijk zal zijn voor de deskundige in het vakgebied, is de uitvinding niet beperkt tot werkwijzen of inrichtingen in werking / in gebruik.
Er moet worden opgemerkt dat de hierin beschreven uitvoeringsvormen de uitvinding meer illustreren dan beperken en dat de deskundigen in het vakgebied (vele) alternatieve uitvoeringsvormen kunnen ontwerpen zonder buiten de omvang van de bijgevoegde conclusies te komen. In de conclusies dienen referenties tussen haakjes niet geïnterpreteerd worden als beperking van de conclusies.
Het gebruik van het werkwoord "omvatten" en de vervoegingen sluit niet uit de aanwezigheid van elementen of stappen anders dan die vermeld in een claim. Het lidwoord "een" voorafgaand aan een element sluit de aanwezigheid van een veelheid van dergelijke elementen niet uit. De term “en/of ’ kan ook geïnterpreteerd worden als “’één of meer van ...” (de elementen die voor en na “en/of’ staan).
De uitvinding kan worden geïmplementeerd door middel van hardware omvattende verschillende afzonderlijke elementen, en door middel van een geschikt geprogrammeerde computer. In de inrichtingconclusie kunnen verschillende middelen worden opgesomd, waarbij verschillende van deze middelen kunnen zijn uitgevoerd met dezelfde hardware.
Het enkele feit dat bepaalde maatregelen in onderling verschillende volgconclusies worden beschreven, geeft niet aan dat een combinatie van deze maatregelen niet met voordeel worden toegepast.
De uitvinding betreft verder een inrichting of apparaat dat een of meer van de kenmerkende maatregelen beschreven in de beschrijving en / of weergegeven in de bijgevoegde tekeningen omvat. De uitvinding heeft verder betrekking op een werkwijze of proces die een of meer van de kenmerkende eigenschappen beschreven in de beschrijving en / of weergegeven in de bijgevoegde tekeningen omvat. In plaats van de term “apparaat” kan ook de term “inrichting” worden gebruikt.
Het moge duidelijk zijn dat de verschillende aspecten genoemd in deze octrooiaanvrage gecombineerd kunnen worden en elk afzonderlijk in aanmerking kunnen komen voor een afgesplitste octrooiaanvrage.
De hierboven genoemde uitvoeringsvormen kunnen optioneel ook gecombineerd worden met een apparaat volgens een ander aspect van de uitvinding. In dit volgende aspect verschaft de uitvinding een apparaat (“risapparaat” of “afrisapparaat”, hier verder apparaat genoemd) voor het rissen van vruchten, zoals (zacht) fruit, van een plantdeel, het apparaat omvattende: a. een grijpelement welke, manueel geopend en gesloten kan worden, optioneel in combinatie met bijvoorbeeld een persluchtsysteem voor het openen en/of sluiten van het grijpelement, waarbij dit grijpelement in het bijzonder geconfigureerd is om een plantdeel vast te grijpen (zodat dit verticaal geoscilleerd kan worden); b. een inrichting voor het in het bijzonder (tijdens gebruik) verticaal transleren (d.w.z. bewegen of verplaatsen) van het grijpelement, met in het bijzonder een frequentie van tenminste 10 Hz en in het bijzonder een top-top amplitude van tenminste 0.1 mm; c. een scheiding sinrichting geconfigureerd om de geriste vruchten en het plantdeel in verschillende stromen te brengen, in het bijzonder geconfigureerd om tijdens het rissen van het plantdeel de geriste vruchten in een eerste opvang op te vangen, en na het rissen het plantdeel, nadat dit is losgekomen van het grijpelement, in een tweede opvang op te vangen; d. een controle-eenheid voor het aansturen van één of meer van het grijpelement, de scheidingsinrichting, en de inrichting voor het verticaal transleren.
Overige uitvoeringsvormen van het apparaat volgens dit aspect staan dus ook hierboven beschreven. Ook kan dit apparaat in de werkwijze van de uitvinding toegepast worden.
Korte beschrijving van de figuren
Uitvoeringsvormen van de uitvinding zullen nu worden beschreven bij wijze van voorbeeld, met verwijzing naar de begeleidende schematische tekeningen waarin overeenkomstige verwijzingscijfers overeenkomstige onderdelen aanwijzen, en waarin:
Fig. 1 toont een schematische weergave van fruit aan een plantdeel;
Fig. 2a-2c toont schematisch een aantal aspecten van het apparaat en de werkwijze;
Fig. 3a-3e toont schematisch een aantal aspecten van het apparaat en de werkwijze; en
Fig. 4 toont schematisch een systeem onder andere omvattende het apparaat.
De figuren zijn niet noodzakelijkerwijze op schaal. Hieronder worden de figuren in meer detail beschreven.
Beschrijving van uitvoeringsvormen
In de figuren worden overeenkomstige onderdelen aangeduid door dezelfde verwijzingsgetallen.
Fig. la toont schematisch een plantdeel 3 met daaraan vruchten (in ongeriste toestand), zoals druiven of bessen. Dit kan bijvoorbeeld een tros met daaraan vruchten zijn. De vmchten worden aangegeven met referentie 1. Een steel, rank, stengel of bloemsteel (pedicel) 1 wordt aangeduid met referentie 2; deze worden verder (ook) aangeduid als plantdeel 3. De combinatie van plantdeel met vruchten wordt aangegeven met referentie 8. Referentie 3 verwijst dus naar het plantdeel zelf, zonder de vruchten, terwijl referentie 8 verwijst naar de combinatie van plantdeel en vruchten. Het plantdeel 3 in combinatie met de vruchten 1 zijn in het bijzonder los van de oorspronkelijke plant, struik of boom.
Fig. 2a toont schematisch een uitvoeringsvorm van het apparaat alsmede een uitvoeringsvorm van de methode. De uitvinding is echter niet beperkt tot deze uitvoeringsvormen. Fig. 2a toont een apparaat 100 voor het rissen van vruchten 1 van een plantdeel 3, het apparaat omvattende (a) een grijpelement 110. Dit grijpelement 110 kan bijvoorbeeld automatisch sluiten als het plantdeel 3 in het grijpelement 110 wordt gebracht. Het grijpelement 110 heeft een opening waardoor een deel van het plantdeel 3 naar binnen kan worden gebracht en waarop bijvoorbeeld automatische sluiting volgt. Het grijpelement kan uit tenminste twee klemelementen bestaan, waarvan één of beide kunnen bewegen, om zo het plantdeel vast te klemmen. NB: de vruchten 1 en het plantdeel 3 zijn geen onderdeel van het apparaat 100. Hierbij worden deze elementen getekend om verder het apparaat en de werkwijze verder uit te leggen.
Verder omvat het apparaat 100 een inrichting 130 voor het verticaal transleren van het grijpelement 110, bijvoorbeeld met een frequentie van tenminste 10 Hz en een top-top amplitude van tenminste 0.1 mm. De inrichting 130 is zeer schematische weergegeven; een mogelijke uitvoeringsvorm is weergegeven in fig. 3e.
Tevens is schematisch een scheidingsinrichting 120 weergegeven. Deze is geconfigureerd om tijdens het rissen van het plantdeel 3 de geriste vruchten 1 in een eerste opvang 121 op te vangen (bovenste twee figuren), en na het rissen het plantdeel 3, nadat dit is losgekomen van het grijpelement 110, in een tweede opvang 122 op te vangen (onderste figuur). Hier wordt een uitvoeringsvorm weergegeven waarin de scheiding sinrichting door een verschuiven van de op vang 121 en op vang 122 een eerste en een tweede configuratie bewerkstelligt, waarin in de eerste de geriste vruchten in de opvang wordt opgevangen en in een tweede configuratie het overblijvende plantdeel 3 wordt opgevangen in een opvang 122. Referenties 21 en 22 geven respectievelijk schematisch een opvangbak voor de vruchten en het ontriste plantdeel weer. Alternatief of additioneel kan ook gebruik gemaakt worden van lopende banden, en eventueel benedenstrooms daarvan dergelijke bakken.
Het apparaat kan tevens een controle-eenheid 140 voor het aansturen van bijvoorbeeld het grijpelement 110, de scheidingsinrichting 120, en de inrichting 130 voor het verticaal transleren omvatten. De uitvinding kan worden geïmplementeerd door middel van hardware omvattende verschillende afzonderlijke elementen, en door middel van een geschikt geprogrammeerde computer. Derhalve verschaft de uitvinding ook een computerprogramma welke in staat is tot het uitvoeren van de hierin beschreven werkwijze indien dit programma op een computer wordt gerund. Ook een data carrier met een dergelijk computerprogramma is een onderdeel van de uitvinding.
Alternatief of additioneel aan de hierboven beschreven variant van de scheidingsinrichting 120 kan ook een scheidingsinrichting (voorts) omvattende een contactvlakdeel 125 toegepast worden. Dit contactvlakdeel kan bijvoorbeeld tijdens het rissen dusdanig geconfigureerd zijn dat de vruchten 1 in de ene opvang 121 vallen en na het rissen het ontriste plantdeel 3 in de andere opvang valt, zie fig. 2b. Dit kan bijvoorbeeld door een rotatiebeweging. Een andere optie, zoals afgebeeld in fig. 2c, is dat door het contactvlakdeel 125 tijdens het rissen de vruchten in de ene opvang 121 vallen, en vervolgens het contactvlakdeel 125 wordt verschoven (weergegeven met de gestreepte lijn), zodat een andere opvang 122 vrijkomt, welke onder het grijpelement is geconfigureerd. Combinaties van de in fig. 2a-2c weergegeven varianten zijn uiteraard ook mogelijk.
Zoals uit fig. 2a-2c en de overige figuren blijkt, kan zonder dat de vruchten 1 in contact komen met een element van het apparaat, de vruchten 1 gerist worden van het plantdeel 3, waarna ze opgevangen kunnen worden. Alleen het plantdeel, zoals een stengel of steel, is in contact met het apparaat (is ingeklemd in het grijpelement 110).
Fig. 3a-3b geven schematisch in meer detail een variant weer van het grijpelement 110. Hier heeft het grijpelement twee klemelementen 111, welke aangeduid worden met respectievelijk lila en 111b. In deze variant is klemelement lila bijvoorbeeld gefixeerd en kan klemelement 111b bewegen, bijvoorbeeld langs rail 114. Een of beide klemelementen 111 kunnen eventueel een verruwing 113 omvatten, waardoor grip op het plantdeel wordt verbeterd.
De inrichting kan een sensor 112, zoals een bewegingssensor/onderbrekings sensor, bezitten, welke eventueel geconfigureerd is in het grijpelement 110, zoals afgebeeld in fig. 3a. Indien het plantdeel 3 (met de vruchten, niet afgebeeld in deze schematische topweergave) (via opening 117) in het grijpelement 110 wordt gebracht en wordt gedetecteerd door de sensor 112, kan het grijpelement sluiten (onderste figuur). Hierdoor wordt het plantdeel geklemd tussen de klemelementen 111.
Fig. 3b toont schematisch de uitwijking of slag van het klemelement gedurende het rissen. Er is een bovenste en een onderste positie, met een amplitude A ten opzichte van een middentoestand. De optelsom van de amplitudes is de top-top amplitude TTA, ook wel “slag” genoemd.
Fig. 3c toont schematisch een apparaat 100 welke meer dan één grijpelement bezit. Deze kunnen afhankelijk of onafhankelijk aangedreven worden. In de schematische weergave van fig. 3c is één translatie inrichting 130, alhoewel ook elk grijpelement 110 kan worden aangestuurd door een eigen translatie inrichting 130 (niet afgebeeld). De scheidingsinrichting 120 kan op velerlei manier gestalte krijgen. Er kan een centrale eerste opvang 121 en een centrale tweede opvang 122 zijn. Ze kunnen, zoals hier schematisch afgebeeld, ook decentraal zijn. Echter, de controle, via de controle-eenheid 140 kan nog steeds centraal (en simultaan gebeuren), hoewel dit niet noodzakelijk is.
Fig. 3d toont schematisch een apparaat 100 welke tevens een verwijderelement 150 omvat. Dit kan gebruikt worden om het plantdeel uit het geopende grijpelement 110 te duwen, te blazen, of te slaan. In dit figuur wordt schematisch een verwijderelement 150 getoond dat bijvoorbeeld door het blazen van perslucht kan faciliteren dat een plantdeel dat blijft hangen/kleven aan het grijpelement 110 na het openen ervan, alsnog naar beneden valt.
Fig. 3e toont schematisch een inrichting 130 voor het verticaal transleren van het grijpelement. De referentie stelt AP een achterplaat, AFP een afstandsplaat, VP een voorplaat LBZ een lagerblok 2, NRO een nokrol ondersteuning, NR een nokrol, RTB een rotatie -translatie blok, LBI een lagerblok 1, LB2 een lagerblok 2, AS een aandrijfstang, MG een montage gripper, 110 een gripper of grijpelement, 112 een steel of plantdeel detector of sensor; 111 een klemelement, EM een elektromotor, VTP een voetplaat, en TD een trillingsdemper voor. In het bijzonder is over de rotor van elektromotor EM de nokrol ondersteuning NRO geschoven, waarop nokrol NR excentrisch is bevestigd. De nokrol NR valt in RTB rotatie-translatie blok waaraan aandrijfstang AS is gekoppeld samen met montage gripper MG en gripper of grijpelement 110. De aandrijfstang AS schuift in lagerblok 1 LBI en lagerblok LB2 waardoor de rotatie van nokrol ondersteuning NRO via nokrol NR en rotatie-translatie blok RTB omgezet in een translatie.
Fig. 4 toont schematisch een uitvoeringsvorm van een systeem 1000 omvattende een apparaat 100, zoals hierin beschreven, waarbij het systeem 1000 voorts een verder apparaat 200 omvat voor het behandelen van vruchten voor het rissen, na het rissen, of voor en na het rissen. Puur als voorbeeld worden in dit figuur meerdere opties voor een dergelijke verdere apparaten getoond. Echter, andere opties zijn ook mogelijk, zoals een wasapparaat en/of een apparaat voor het enzymatisch behandelen, etc. etc. Derhalve is figuur 4 niet uitputtend, maar slechts een voorbeeld van meerdere opties die ook alleen gekozen kunnen worden, of waarvoor alternatieven gekozen kunnen worden.
Bovenstrooms van het apparaat is een rijpingsapparaat 210 als (voorbeeld van een) verder apparaat (200), afgebeeld. Het rijpingsapparaat is ingericht om optioneel het ongeriste fruit te rijpen voor het rissen. Uiteraard kan eventueel dit apparaat omzeild worden als de vruchten de gewenste rijpheid al bezit. Het rijpingsapparaat kan een rijpingskamer 211 en een gassysteem 212 voor het verzorgen van rijpingsgas naar de rijpingskamer 211 omvatten. Een kenmerkend rijpingsgas is etheen (ethyleen).
Benedenstrooms kunnen ook één of meer verdere apparaten 200 geschakeld zijn. Ook weer als voorbeeld wordt een verpakkingsinrichting 220 als verder apparaat 200 voor het verpakken van de geriste vruchten getoond. Een verpak product, zoals gerist fruit in een luchtdichte verpakking, is aangeduid met referentie 221. Tevens als additioneel of alternatief voorbeeld van een verder apparaat 200 kan het systeem 1000 voorts een verwerkingsinrichting 230 voor het verwerken van de geriste vruchten omvatten. Een verwerkt product, bijvoorbeeld een vruchtensalade, vruchtensnack of vruchtencocktail, is aangeduid met referentie 231. De controle-eenheid 140 kan eventueel geconfigureerd zijn om het hele systeem, of één of meer onderdelen, aan te sturen, in het bijzonder in ieder geval het apparaat 100.
Experiment 1: effectiviteit van frequentie op de risresultaten
Met een apparaat zoals hierin beschreven werden meerdere experimenten uitgevoerd. Onder andere werd de frequentie en de triltijd gevarieerd. Hieronder in tabel 1 staan de resultaten beschreven waarbij de frequentie werd gevarieerd voor de verticale uitslag van het grijpelement op het rissen van druiven van een druiventros.
Tabel 1: Risresultaten als functie van de frequentie van de verticale translatie van het grijpelement.
Figure NL2012214CD00251
Experiment 2: Effect ethyleen behandeling op effectiviteit bij het rissen van rode bessen
Hieronder wordt de effectiviteit van een ethyleen behandeling onderzocht. De definitie van effectiviteit wordt gegeven als het percentage onbeschadigde bessen bij een volledige (100%) verwijdering van bessen van de tros.
Tabel 2: Effect van 1, 3 en 7 dagen durende ethyleen (>1200ppm) behandeling (20°C ) op het percentage onbeschadigde bessen gerist door het apparaat ten opzichte van onbehandeld (0 dag)
Figure NL2012214CD00261
*) vers is 2 dagen na oogst en bewaard in maanden in Conditioned Air (CA)
Ethyleen heeft positief effect op het percentage onbeschadigde bessen bij vers geplukte bessen maar niet op bewaarde (2 en 6 maanden Conditioned Air bewaring (verhoogde CO2 gehalte en verlaagd O2 gehalte).

Claims (27)

1. Een apparaat (100) voor het rissen van vruchten (1) van een plantdeel (3), het apparaat omvattende: a. een grijpelement (110) welke automatisch sluit als het plantdeel (3) in het grijpelement (110) wordt gebracht; b. een inrichting (130) voor het verticaal transleren van het grijpelement (110) met een frequentie van tenminste 10 Hz en een top-top amplitude van tenminste 0.1 mm; c. een scheiding sinrichting (120) geconfigureerd om tijdens het rissen van het plantdeel (3) de geriste vruchten (1) in een eerste opvang (121) op te vangen, en na het rissen het plantdeel (3), nadat dit is losgekomen van het grijpelement (110), in een tweede opvang (122) op te vangen; d. een controle-eenheid (140) voor het aansturen van het grijpelement (110), de scheidingsinrichting (120), en de inrichting (130) voor het verticaal transleren.
2. Het apparaat (100) volgens conclusie 1, waarbij de scheidingsinrichting (120) voorts een contactvlakdeel (125) omvat, waarbij de scheidingsinrichting (120) ingericht is om tijdens het rissen het contactvlakdeel (125) onder een hoek met een horizontaal onder het grijpelement (110) te plaatsten.
3. Het apparaat (100) volgens conclusie 2, waarbij de scheidingsinrichting (120) ingericht is om na het rissen het contactvlakdeel (125) ten opzichte van het grijpelement (110) te verplaatsen, en waarbij de controle-eenheid (140) voorts is ingericht om het grijpelement (110) te openen.
4. Het apparaat (100) volgens een van de conclusies 2-3, waarbij de scheidingsinrichting (120) ingericht is om het contactvlakdeel (125) te verplaatsen van een eerste toestand naar een tweede toestand, waarbij in de eerste toestand het contactvlakdeel (125) is ingericht om het geriste zachte fruit naar een eerste opvang (121) te leiden, en waarbij in de tweede toestand het contactvlakdeel (125) is ingericht om het plantdeel (3), nadat dit is losgekomen van het grijpelement (110), in een tweede opvang (122) te leiden.
5. Het apparaat (100) volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de inrichting (130) is ingericht voor het verticaal transleren van het grijpelement met een frequentie gekozen uit het bereik van 10-50 Hz, een ristijd van tenminste 2.5 seconden, en met een top-top amplitude gekozen uit het bereik van 5-25 mm.
6. Het apparaat (100) volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het grijpelement (110) tenminste twee klemelementen (111) omvat, waarbij het grijpelement (110) is geconfigureerd om met de tenminste twee klemelementen (111) tijdens de sluiting van het grijpelement (110) het plantdeel (3) vast te houden, en waarbij tenminste een van de twee klemelementen (111) een ingebouwde sensor (112) bezit voor het waarnemen of het plantdeel (3) in het grijpelement (110) wordt gebracht.
7. Het apparaat (100) volgens conclusie 6, waarbij het grijpelement (110) pneumatisch wordt aangestuurd en waarbij de sensor (112) een optische kabel met een fotocel omvat.
8. Het apparaat (100) volgens één van de voorgaande conclusies, voorts omvattende een verwijderelement (150), welke gerangschikt is om een kracht uit te oefenen op het plantdeel (3) na opening van het grijpelement (110).
9. Het apparaat (100) volgens één van de voorgaande conclusies, het apparaat omvattende: a. een meervoud van grijpelementen (110), welke automatisch sluiten als plantdelen (3) met vruchten (1) in de respectievelijke grijpelementen (110) worden gebracht; b. een inrichting (130) voor het verticaal transleren van de meervoud aan grijpelement (110) met een frequentie van tenminste 10 Hz en een amplitude van tenminste 0.1 mm; c. een scheiding sinrichting (120) geconfigureerd om tijdens het rissen van de plantdelen (3) de geriste vruchten (1) in een eerste opvang (121) op te vangen, en na het rissen de plantdelen (3), nadat deze zijn losgekomen van de grijpelementen (110), in een tweede opvang (122) op te vangen; d. een controle-eenheid (140) voor het aansturen van de grijpelement (110), de scheidingsinrichting (120), en de inrichting (130) voor het verticaal transleren.
10. Een systeem (1000) omvattende een apparaat (100) volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het systeem (1000) voorts een verder apparaat (200) omvat voor het behandelen van vruchten voor het rissen, na het rissen, of voor en na het rissen.
11. Het systeem (1000) volgens conclusie 10, omvattende een het apparaat (100) alsmede een rijpingsapparaat (210) als verder apparaat (200), waarbij het rijpingsapparaat is ingericht om optioneel het ongeriste fruit te rijpen voor het rissen.
12. Het systeem (1000) volgens conclusie 11, waarbij het rijpingsapparaat een rijpingskamer (211) en een gassysteem (212) voor het verzorgen van rijpingsgas naar de rijpingskamer (211) omvat.
13. Het systeem (1000) volgens één der conclusies 10-12, waarbij het systeem (1000) voorts een verpakkingsinrichting (220) als verder apparaat (200) voor het verpakken van de geriste vruchten omvat.
14. Het systeem (1000) volgens één der conclusies 10-12, waarbij het systeem (1000) voorts een verwerking sinrichting (230) als verder apparaat (200) voor het verwerken van de geriste vruchten omvat.
15. Een werkwijze voor verwerken van vruchten, omvattende het rissen van vruchten (1) van een plantdeel (3), waarbij het rissen van de vruchten (1) omvat: a. het vastzetten van een plantdeel (3) in een grijpelement (110); b. het verticaal transleren van het grijpelement (110) met een frequentie van tenminste 10 Hz en een amplitude van tenminste 0.1 mm voor het rissen van de vruchten (1) van de plantdeel (3); c. het tijdens het rissen van de plantdeel (3) opvangen van de geriste vruchten (1) in een eerste opvang (121), en na het rissen loslaten van het plantdeel (3) door het grijpelement (110), en het opvangen van het plantdeel (3), nadat dit is losgekomen van het grijpelement (110), in een tweede op vang (122).
16. De werkwijze volgens conclusie 15, waarbij gebruik wordt gemaakt van een scheiding sinrichting (120), en waarbij de werkwijze voorts het scheiden van de geriste vruchten en het plantdeel (3) met behulp van de scheidingsinrichting (120) omvat.
17. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-16, waarbij wordt gerist met een frequentie gekozen uit het bereik van 10-50 Hz en met een top-top amplitude gekozen uit het bereik van 5-25 mm.
18. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-17, waarbij elke plantdeel (3) wordt gerist met een ristijd gekozen uit het bereik van 2.5-30 seconden.
19. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-18, waarbij na ontsluiting van het grijpelement (110) met behulp van een verwijderelement (150) een kracht op het plantdeel (3) wordt uitgeoefend.
20. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-19, voorts omvattende het beoordelen van de rijpheid van het zachte fruit (1) voor het rissen, alsmede het versneld rijpen van het zachte fruit (1), voor het rissen, indien het zachte fruit (1) nog niet rijp genoeg is.
21. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-20, voorts omvattende het enzymatisch behandelen van het plantdeel (3) voor het vergemakkelijken van het rissen van e vruchten (1) van het plantdeel (3).
22. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-21, voorts omvattende het verpakken van de geriste vruchten (1).
23. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-22, voorts omvattende het verder verwerken van de geriste vruchten (1).
24. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-23, waarbij het zachte fruit gekozen is uit de groep bestaande uit de (bos)aardbei, de braam, de druif, de framboos, de meloen, de rozebottel, de bes, de cranberry.
25. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-24, waarbij het apparaat volgens één van de conclusies 1-9 of het systeem volgens één van de conclusies 10-14 wordt toegepast.
26. De werkwijze volgens één van de conclusies 15-25, waarbij na het rissen de vruchten worden verpakt.
27. De werkwijze volgens conclusie 26, waarbij de vruchten wordt verpakt in verpakking met een gas, waarbij een verpakt vruchtenproduct wordt verkregen waarbij de vruchten in dit gas in de verpakking zit, en waarbij het omringende gas een gevolg is van een gecontroleerde gas-doorlaatbaarheid van de verpakking enerzijds en de ademhaling van de vrucht anderzijds al dan niet aangevuld met een toevoeging van gas zoals CO2 en/of N2.
NL2012214A 2014-02-06 2014-02-06 Industrieel rissen van vruchten. NL2012214C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2012214A NL2012214C2 (nl) 2014-02-06 2014-02-06 Industrieel rissen van vruchten.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2012214A NL2012214C2 (nl) 2014-02-06 2014-02-06 Industrieel rissen van vruchten.
NL2012214 2014-02-06

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2012214C2 true NL2012214C2 (nl) 2015-08-10

Family

ID=50288236

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2012214A NL2012214C2 (nl) 2014-02-06 2014-02-06 Industrieel rissen van vruchten.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2012214C2 (nl)

Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US1678046A (en) * 1926-01-19 1928-07-24 Dyer B Holmes Process for maturation of fruit
GB675720A (en) * 1950-01-31 1952-07-16 Standard Canners And Packers L Improvements in the stemming of fruits such as grapes
WO2009019621A1 (en) * 2007-08-06 2009-02-12 Capespan (Pty) Ltd Fruit separation assembly
WO2009019620A1 (en) * 2007-08-06 2009-02-12 Capespan (Pty) Ltd Fruit separation assembly
US20090056297A1 (en) * 2007-08-30 2009-03-05 Pellenc (Societe Anonyme) Linear stalk separator with alternating oscillating movements
EP2263442A1 (en) * 2009-06-16 2010-12-22 Theodorus Nicolaas Maria Duijvestijn Method and device for use in packaging tomberries

Patent Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US1678046A (en) * 1926-01-19 1928-07-24 Dyer B Holmes Process for maturation of fruit
GB675720A (en) * 1950-01-31 1952-07-16 Standard Canners And Packers L Improvements in the stemming of fruits such as grapes
WO2009019621A1 (en) * 2007-08-06 2009-02-12 Capespan (Pty) Ltd Fruit separation assembly
WO2009019620A1 (en) * 2007-08-06 2009-02-12 Capespan (Pty) Ltd Fruit separation assembly
US20090056297A1 (en) * 2007-08-30 2009-03-05 Pellenc (Societe Anonyme) Linear stalk separator with alternating oscillating movements
EP2263442A1 (en) * 2009-06-16 2010-12-22 Theodorus Nicolaas Maria Duijvestijn Method and device for use in packaging tomberries

Similar Documents

Publication Publication Date Title
JP5869603B2 (ja) 移動車両のビン取り扱いシステム
RU2060690C1 (ru) Способ производства плодово-ягодного пюре для детского и диетического питания
KR101238176B1 (ko) 병버섯 자동 수확장치
JP2013240299A (ja) 収穫装置と収穫方法
CN106171291B (zh) 一种园林用果实采摘装置
CN104324882A (zh) 分级筛选机
Sarkar Use of shaking mechanism and robotic arm in fruit harvesting: a comprehensive review.
CN104996083A (zh) 一种采摘水果的接收筛选装置
NL2012214C2 (nl) Industrieel rissen van vruchten.
CN101227840B (zh) 用于将香蕉串分离成单个香蕉的方法
CN102668816A (zh) 一种用于油茶果采摘的振动采摘头
WO2009019620A1 (en) Fruit separation assembly
JPH08322407A (ja) 水耕栽培物の収穫方法およびその装置
JP2000175560A (ja) キノコの自動収穫装置
US888459A (en) Fruit-picker.
JP3047041B1 (ja) キノコの自動収穫装置
CN209693495U (zh) 蓝莓振动采收装置
Liu et al. The experimental study on apple vibration harvester in tall-spindle orchard
JPH08322408A (ja) 葉物野菜の下葉処理方法およびその装置
Morris Influence of mechanical harvesting on quality of small fruits and grapes
USRE42886E1 (en) Methods for processing vegetables
CN105283086A (zh) 用于处理农产品的系统和方法
WO2009019621A1 (en) Fruit separation assembly
EP2263442B1 (en) Method and device for use in packaging tomberries
US12616097B2 (en) Robotic harvesting system for vertical plant cultivation