<Desc/Clms Page number 1>
Leesinrichting voor informatiedragers. De uitvinding heeft betrekking op een leesinrichting voor optische, magnetische of magneto-optische informatiedragers, in het bijzonder schijven, welke leesinrichting ten minste een magazijn voor meerdere informatiedragers bevat, ten minste een leesapparaat voor het lezen van een informatiedrager en transportmiddelen om een informatiedrager uit het magazijn te nemen en in het leesapparaat te brengen en omgekeerd uit het leesapparaat te nemen en terug in het magazijn te brengen.
De informatiedragers kunnen al dan niet in een beschermhuls gemonteerd zijn.
Om plaats te besparen en ook om gezochte informatie snel terug te kunnen vinden, wordt informatie meer en meer in gekodeerde vorm opgeslagen op informatiedragers, in het bijzonder optische schijven, die dan door speciale leesapparaten, zogenoemde "drives kunnen gelezen en gedecodeerd worden. Zo zijn informatiebanken met een groot
<Desc/Clms Page number 2>
aantal schijven ontstaan. Het probleem is snel de juiste schijf op te sporen en in het leesapparaat te brengen.
Vandaar dat leesinrichtingen van het voornoemde type ontworpen werden met een eigen magazijn waarin een groot aantal informatiedragers kunnen gestockeerd worden en met een mechanisme om automatisch de juiste informatiedrager uit het magazijn te kiezen en naar het leesapparaat te brengen.
Bij bekende inrichtingen van deze soort is het magazijn gevormd door een vertikale toren met horizontale kompartimenten voor optische schijven. Deze toren is boven het leesapparaat opgesteld. Een mechanisme bevat een langs de toren verplaatsbaar gedeelte dat een schijf horizontaal uit een kompartiment kan halen en naar onder verplaatsen en in het leesapparaat inbrengen. Meestal bevat dit mechanisme ook middelen om de schijf die uit een kompartiment genomen werd rond een horizontale as over 180 graden te wentelen zodat de twee zijden van de schijf kunnen gelezen worden. In sommige gevallen zijn meerdere dergelijke torens naast elkaar opgesteld, elke toren boven een eigen leesapparaat en met een eigen transportmechanisme.
<Desc/Clms Page number 3>
Deze bekende inrichtingen zijn evenwel vrij ingewikkeld van konstruktie en het uitzoeken van een schijf is nog relatief traag.
De uitvinding heeft tot doel deze nadelen te verhelpen en een leesinrichting voor informatiedragers te verschaffen die eenvoudig van konstruktie is en het zeer snel uitzoeken van de gewenste informatiedrager mogelijk maakt.
Tot dit doel is het magazijn rond en bevat het positioneermiddelen om de informatiedragers radiaal gericht erin op te slaan, zijn het leesapparaat en de transportmiddelen, enerzijds, en het magazijn, anderzijds, ten opzichte van elkaar rond de as van het ronde magazijn wentelbaar en bevat de inrichting middelen om een relatieve wenteling van het magazijn ten opzichte van het leesapparaat te veroorzaken.
In een bijzondere uitvoeringsvorm van de uitvinding is het leesapparaat stationair en is het magazijn wentelbaar rond zijn as.
In een bij voorkeur toegepaste uitvoeringsvorm van de uitvinding is het magazijn met zijn as vertikaal opgesteld.
<Desc/Clms Page number 4>
In een voordelige uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn de transportmiddelen volledig pneumatisch gedreven.
In een andere bijzondere uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn de positioneermiddelen gevormd door evenwijdig aan de as van het magazijn gerichte schotten die dit magazijn in kompartimenten indelen.
Ten minste een van de twee schotten die eenzelfde kompartiment begrenzen is daarenboven bij voorkeur op een afstand van het naar de as gerichte einde van het kompartiment van een naar het andere schot gekeerde uitstulping voorzien om de verbreding van het kompartiment naar de buitenkant toe te kompenseren..
In een voordelige uitvoeringsvorm van de uitvinding bevat de leesinrichting twee leesapparaten, een voor elke kant van een schijfvormige informatiedrager met twee leesbare kanten.
Dit vermijdt de noodzaak van een wentelmechanisme voor de schijfvormige informatiedragers en sluit ook het tijdverlies veroorzaakt door dit wentelen uit.
<Desc/Clms Page number 5>
Om nog sneller een infomatiedrager te kunnen nemen kan de leesinrichting meerder leesapparaten bevatten die over het magazijn verspreid zijn.
Andere bijzonderheden en voordelen van de uitvinding zullen blijken uit de hiervolgende beschrijving van een leesinrichting voor informatiedragers volgens de uitvinding. Deze beschrijving wordt enkel als voorbeeld gegeven en beperkt de uitvinding niet. De verwijzingscijfers betreffen de hieraantoegevoegde tekeningen waarin :
Figuur 1 een bovenaanzicht met gedeeltelijke wegsnijding weergeeft met een leesinrichting voor informatiedragers volgens de uitvinding ; figuur 2 het gedeelte weergeeft aangeduid met F2 in figuur 1, maar op grotere schaal getekend ; figuur 3 een doorsnede weergeeft volgens de lijn III-
III uit figuur 1 : figuur 4 een doorsnede weergeeft volgens de lijn IV-IV uit figuur 1i figuur 5 een doorsnede weergeeft volgens de lijn v-v
<Desc/Clms Page number 6>
uit figuur 2.
De leesinrichting weergegeven in de figuren is een leesinrichting voor in een beschermhuls vervatte schijven 1. Deze schijven kunnen zowel zogenoemde WORM (Write once read many) optische schijven als zogenoemde MO (Magneto-optische) schijven zijn.
De leesinrichting bevat in hoofdzaak een draagkonstruktie 2, een rond magazijn 3, twee leesapparaten 4 en bij elk leesapparaat 4 een transportmechanisme 5.
Het magazijn 3 is rond en is wentelbaar rond een vertikale as 6 op de draagkonstruktie 2 gemonteerd. Dit magazijn bevat een ronde horizontale onderste wand 7, een ronde horizontale bovenste wand 8 en in hoofdzaak radiaal gerichte schotten 9 die zieh vanaf een cilindrische opstaande binnenwand 10 tot aan de open buitenkant van het magazijn uitstrekken en dit magazijn in kompartimenten 11 indelen. Met een buitendiameter van 75 cm. kunnen aldus voor de gebruikelijke schijven 1 honderdeenendertig kompartimenten 11 gevormd worden. Deze kompartimenten vormen samen een ringvormige nuttige ruimte waarvan de breedte nagenoeg gelijk is aan de breedte van de meestal rechthoekige beschermhulzen van de schijven 1. De hoogte
<Desc/Clms Page number 7>
van deze ringvormige ruimte is evenwel groter dan de hoogte van deze beschermhulzen.
De schotten 9 houden samen met de as 6 waarrond het magazijn 3 wentelbaar is, de twee wanden 7 en 8 op een afstand van elkaar. De schotten 9 zijn aan deze wanden vastgemaakt door middel van tongen 12 die door sleuven 13 in deze wanden steken en aan de buitenkant van het magazijn 3 omgeplooid zijn. De schotten 9 zijn volledig los van de binnenwand 10 die overigens een veel kleinere hoogte bezit.
Om op een afstand van de binnenwand 10 de schijven 1 vast te houden niettegenstaande de naar buiten divergerende kompartimenten 11, is elk van de schotten 9 van een uitstulping 15 voorzien die, telkens in dezelfde zin rond de as 6 gezien, naar het ertegenover liggend schot 9 dat het zelfde kompartiment 11 begrenst, gericht is.
De afstand tussen de top van de uitstulping 14 en het vlak van het meest naar binnen gelegen niet uitgestulpte gedeelte van het tegenoverliggende schot is nagenoeg gelijk aan de dikte van een schijf 1 met beschermhuls. De top van de uitstulping 14 ligt op een afstand van de buitenkant van het magazijn 3 zodat het kompartiment 11 tegen deze buitenkant een naar buiten verwijdend einde bezit, waardoor
<Desc/Clms Page number 8>
het inbrengen van een schijf 1 in het kompartiment 11 gemakkelijk is.
Het magazijn 3 wordt gewenteld door middel van een stappenmotor 15 die op de draagkonstruktie 2 gemonteerd is en een tandwiel 16 drijft dat grijpt in een vertanding 17 die op de onderzijde van de wand 7 rond de as 6 aangebracht
EMI8.1
is.
Het magazijn 3 is aan de buitenkant open en om te beletten dat bij wenteling door de middelpuntvliedende kracht de schijven 1 naar buiten schuiven is dit magazijn 3 omringd door een ring 18 die vast op de leesapparaten 4 gemonteerd is maar tegenover de invoeropening 20 van deze apparaten van een onderbreking 19 voorzien is.
De twee leesapparaten 4 zijn over ongeveer 90 graden rond de as van het magazijn 3 ten opzichte van elkaar verschoven en vast op de draagkonstruktie 2 gemonteerd. Ze zijn daarenboven onderling over 180 graden gekanteld zodat ze respektievelijk de ene en de andere kant van de schijven 1 kunnen lezen. Deze leesapparaten 4 zijn geschikt voor WORM schijven of voor MO schijven of bij voorkeur zogenoemde multifunktionele apparaten die zowel WORM als MO schijven kunnen lezen. Dergelijke apparaten zijn in de handel en door de vakman gekend zodat ze hier niet in detail
<Desc/Clms Page number 9>
beschreven worden. Een geschikt apparaat is bijvoorbeeld in de handel onder de benaming LD520 Laserdrive van LMS Eindhoven NL.
In plaats van twee leesapparaten 4 om respektievelijk de A-kant en de B-kant van de schijven 1 te lezen zou een leesapparaat met twee leeskoppen dat zowel de A als de B kant van een schijf kan lezen, kunnen gebruikt worden inzoverre dergelijke apparaten beschikbaar zouden zijn.
Op de behuizing 21 van elk van de leesapparaten 4 is een transportmechanisme 5 gemonteerd voor het transport van een schijf 1 van een kompartiment 11 naar het leesapparaat 4 of omgekeerd. Elk transportmechanisme 5 bevat een pneumatisch cilinder-zuigermechanisme waarvan de cilinder 22 horizontaal opgesteld is en de zuigerstang 23 op haar einde een meeneemorgaan 24 draagt. De cilinder 22 is opgehangen onder tussenkomst van twee cilinder-zuigermechanismen 25, 26 aan een brug 27 die op de bovenkant van de behuizing 21 gemonteerd is. Wanneer de cilinder 22 zich in zijn hoogste stand bevindt, is de zuigerstang 23 met het meeneemorgaan 24 horizontaal heen en weer schuifbaar boven een schijf 1 in een kompartiment 11.
Het meeneemorgaan 24 bevat twee naar onder gerichte vingers waarvan er n in een uitsparing in de bovenste rand van de beschermhuls van een schijf l kan grijpen en de andere aan de naar de as 6 gekeerde zijde van deze beschermhuls kan gelegen zijn.
<Desc/Clms Page number 10>
De stappenmotor 15 en de cilinderzuigermechanismen 22,23 en 25, 26 worden op een voor de vakman op de hand liggende manier bestuurd door een eenvoudigheidshalve niet in de figuren weergegeven besturingsmechanisme op zulkdanige manier dat, wanneer men een bepaalde schijf 1 kiest, de stappenmotor 15 in werking gebracht wordt en het magazijn 3 gewenteld wordt tot de bedoelde schijf 1 tegenover de invoeropening 20 van een van de leesapparaten 4 gelegen is waarna het transportmechanisme 5 in werking gebracht wordt.
Tijdens de wenteling van het magazijn is de cilinder 22 in zijn laagste stand gelegen en de zuigerstang 23 maximaal ingeschoven zodat het meeneemorgaan 24 volledig buiten het magazijn 3, in de onderbreking 19 van de ring 18 gelegen is. Dit meeneemorgaan 24 belet dat, bij deze wenteling van het magazijn 3, een schijf 1 in deze onderbreking 19 binnendringt. Wanneer het mechanisme 5 in werking gebracht wordt, wordt de cilinder 22 eerst door de cilinder-zuigermechanismen 25, 26 in zijn hoogste stand gebracht, waarna de zuigerstang 23 uitgeschoven wordt en het meeneemorgaan 24 boven de te nemen schijf 1 in een kompartiment 11 verplaatst wordt tot in de stand weergegeven in figuur 4.
Onmiddellijk daarna treden de cilinder-zuigermechanismen 25,26 in werking, waardoor het meeneemorgaan 24 naar beneden verplaatst wordt tot n vinger in de uitsparing in de bovenkant van het omhulsel
<Desc/Clms Page number 11>
van de schijf 1 grijpt en het andere been aan de binnenzijde naast dit omhulsel komt te liggen. De besturingsinrichting beveelt vervolgens het opnieuw inschuiven van de zuigerstang 23 waardoor de schijf l, doorheen de onderbreking 19 in de ring 18, in het leesapparaat 4 gebracht wordt. Nadat de schijf 1 gelezen is vinden de voorgaande bewerkingen in omgekeerde zin plaats en wordt de schijf 1 terug in haar kompartiment geplaatst.
Het leesapparaat 4 stuurt de gelezen informatie, eventueel na het dekoderen of via een dekodeerinrichting naar een scherm, een drukeenheid of een komputer voor verdere bewerking.
De konstruktie van de hiervoor beschreven leesinrichting is zeer eenvoudig. Ze bevat slecht n enkele elektrische motor. Het uitzoeken en aan een leesinrichting afleveren van een schijf 1 kan zeer snel geschieden.
De leesinrichting kan gemakkelijk uitgebreid worden. Meerdere ronde magazijnen 3 kunnen boven elkaar gemonteerd worden waarbij de schijven 1 uit de magazijnen door dezelfde of door afzonderlijke leesinrichtingen gelezen worden.
<Desc/Clms Page number 12>
De uitvinding is geenszins beperkt tot de hiervoor beschreven uitvoeringsvorm, en binnen het raam van de oktrooiaanvrage kunnen aan de beschreven uitvoeringsvorm vele veranderingen worden aangebracht.
In het bijzonder moet het aantal leesapparaten per magazijn niet noodzakelijk twee zijn. Een leesapparaat is voldoende maar het is interessant er meer dan twee te voorzien. In dit laatste geval kunnen verschillende schijven, bij voorbeeld voor meerdere gebruikers, gelezen worden. In het geval vier leesapparaten aanwezig zijn, kunnen deze over twintig graden ten opzichte van elkaar verschoven aan een zijde van het magazijn opgesteld zijn om de afmetingen van de inrichting te beperken.
Een belangrijk voordeel van de aanwezigheid van meerdere leesapparaten en erbij horende transportmiddelen voor een sdchijf bestaat erin dat men bij defekt van een leesapparaat of de bij een apparaat behorende transportmiddelen, dit apparaat of deze transportmiddelen kan respektievelijk kunnen vervangen worden terwijl de andere leesapparaten operationeel blijven.
De leesinrichting is ook niet noodzakelijk beperkt tot het opslaan en lezen van optische of magneto-optische schijven. De schijven kunnen ook magnetische schijven zijn. Andere
<Desc/Clms Page number 13>
informatiedragers dan schijven kunnen trouwens ook gebruikt worden, al dan niet in beschermhulzen Alhoewel het omwille van de delikaatheid voorlopig te verkiezen valt dat het magazijn wentelbaar is en het leesapparaat stationair is het niet uitgesloten bij voldoend stevige leesapparaten ook dit leesapparaat rond de as van het magazijn beweegbaar te monteren, al dan niet bij stilstaand magazijn. Het leesapparaat is trouwens lichter dan het gevulde magazijn, zodat een nog snellere werking en/of een lichtere konstruktie mogelijk zou kunnen zijn.
Alhoewel hiervoor uitsluitend van een leesinrichting gesproken werd en ten minste een leesapparaat essentieel is, is het niet uitgesloten dat in bepaalde gevallen, waarin in de inrichting informatiedragers opgeborgen worden die niet alleen kunnen gelezen worden maar waarop ook door de gebruiker informatie kan geplaatst worden, deze inrichting ook een opneeminrichting bevat die al dan niet in dezelfde behuizing als de leesinrichting is opgesteld en transportmiddelen een informatiedrager van de opneeminrichting naar het magazijn of omgekeerd kunnen brengen. De informatie kan dan naar keuze met afzonderlijke apparaten of met de leesinrichting zelf op de informatiedragers geplaatst worden.