NL2024915B9 - Plastic spout and pouch packaging - Google Patents

Plastic spout and pouch packaging Download PDF

Info

Publication number
NL2024915B9
NL2024915B9 NL2024915A NL2024915A NL2024915B9 NL 2024915 B9 NL2024915 B9 NL 2024915B9 NL 2024915 A NL2024915 A NL 2024915A NL 2024915 A NL2024915 A NL 2024915A NL 2024915 B9 NL2024915 B9 NL 2024915B9
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
wall
sealing
pouch
spout
walls
Prior art date
Application number
NL2024915A
Other languages
English (en)
Other versions
NL2024915B1 (en
Inventor
Wilhelmus Van Tuil Johannes
Pieter Fiere Jeroen
Adriaan Van Spronsen Frederik
Original Assignee
Scholle Ipn Ip Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority to NL2024915A priority Critical patent/NL2024915B9/en
Application filed by Scholle Ipn Ip Bv filed Critical Scholle Ipn Ip Bv
Priority to MX2022009634A priority patent/MX2022009634A/es
Priority to ES21703301T priority patent/ES2974811T3/es
Priority to PL21703301.8T priority patent/PL4103490T3/pl
Priority to EP21703301.8A priority patent/EP4103490B1/en
Priority to EP23212423.0A priority patent/EP4306301A3/en
Priority to AU2021220598A priority patent/AU2021220598A1/en
Priority to CN202180014250.9A priority patent/CN115052816A/zh
Priority to BR112022015900A priority patent/BR112022015900A2/pt
Priority to CA3182484A priority patent/CA3182484A1/en
Priority to PCT/EP2021/053217 priority patent/WO2021160675A1/en
Priority to US17/799,921 priority patent/US12157617B2/en
Publication of NL2024915B1 publication Critical patent/NL2024915B1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2024915B9 publication Critical patent/NL2024915B9/en
Priority to CL2022002176A priority patent/CL2022002176A1/es

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65DCONTAINERS FOR STORAGE OR TRANSPORT OF ARTICLES OR MATERIALS, e.g. BAGS, BARRELS, BOTTLES, BOXES, CANS, CARTONS, CRATES, DRUMS, JARS, TANKS, HOPPERS, FORWARDING CONTAINERS; ACCESSORIES, CLOSURES, OR FITTINGS THEREFOR; PACKAGING ELEMENTS; PACKAGES
    • B65D75/00Packages comprising articles or materials partially or wholly enclosed in strips, sheets, blanks, tubes or webs of flexible sheet material, e.g. in folded wrappers
    • B65D75/52Details
    • B65D75/58Opening or contents-removing devices added or incorporated during package manufacture
    • B65D75/5861Spouts
    • B65D75/5872Non-integral spouts
    • B65D75/5883Non-integral spouts connected to the package at the sealed junction of two package walls
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B29WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
    • B29CSHAPING OR JOINING OF PLASTICS; SHAPING OF MATERIAL IN A PLASTIC STATE, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; AFTER-TREATMENT OF THE SHAPED PRODUCTS, e.g. REPAIRING
    • B29C65/00Joining or sealing of preformed parts, e.g. welding of plastics materials; Apparatus therefor

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Bag Frames (AREA)

Claims (33)

- 40 - CONCLUSIES
1. Spout (1) ingericht om met warmte te worden gesealed in een niet-verbonden gebied tussen tegenovergelegen eerste en tweede wanden (101, 102) van een pouch, omvattende een kunststof spoutlichaam met een doorgang voor het met substantie vullen van de pouch en/of het uit de pouch legen van een substantie, waarbij het spoutlichaam omvat: - een bevestigingsgedeelte (10) met een eerste symmetrievlak (M’), een verticale eerste sealwand (11), en een tegenovergelegen verticale tweede sealwand (12), en met een dwarswand (20) die integraal is met een bovenrand van de eerste sealwand (11) en met een bovenrand van de tweede sealwand (12), waarbij de eerste sealwand en de tweede sealwand elk afhangen vanaf de dwarswand en elk een onderrand (114, 115) hebben die op afstand is gelegen van de bovenrand, waarbij elke sealwand een buitenste sealoppervlak (110, 120) omvat, waarbij de buitenste sealoppervlakken van de sealwanden met warmte dienen te worden gesealed aan een respectieve van de pouchwanden, waarbij elke sealwand (11, 12), gezien in een onderaanzicht op het bevestigingsgedeelte, is gevormd door een eerste rechtlijnig gedeelte (111, 121), een gekromd middengedeelte (113, 123), en een tweede rechtlijnig gedeelte (112, 122), waarbij het tweede rechtlijnige gedeelte (112) van de eerste sealwand integraal is verbonden met het eerste rechtlijnige gedeelte (121) van de tweede sealwand aan een eerste puntig uiteinde (13) van het bevestigingsgedeelte, om daartussen een scherpe hoek te vormen, waarbij het tweede rechtlijnige gedeelte (122) van de tweede sealwand integraal is verbonden met het eerste rechtlijnige gedeelte (111) van de eerste sealwand aan een tweede puntig uiteinde (14) van het bevestigingsgedeelte, om daartussen een scherpe hoek te vormen, waarbij de dwarswand (20) een opening (21) daarin heeft, - een buisvormige nek (30) met een boring (31) die aansluit op de opening (21) in de dwarswand, waarbij de buisvormige nek integraal is met en zich opwaarts uitstrekt vanaf de dwarswand, waarbij de buisvormige nek samen met de opening in de dwarswand de
-41 - doorgang (P) vormt, waarbij het bevestigingsgedeelte (10) verder omvat: - ten minste een eerste stabilisatierib die zich uitstrekt tussen verwante verbindingspunten naar het tweede rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand en naar het eerste rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand, en - ten minste een tweede stabilisatierib tussen verwante verbindingspunten naar het eerste rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand en naar het tweede rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand, met het kenmerk dat, gezien in een onderaanzicht op het bevestigingsgedeelte, - de ten minste ene eerste stabilisatierib (15, 151, 152) tussen de verwante verbindingspunten is gekromd naar het eerste puntige uiteinde, en - de ten minste ene tweede stabilisatierib (16, 161, 162) tussen de verwante verbindingspunten is gekromd naar het tweede puntige uiteinde.
2. Spout volgens conclusie 1, waarbij de buitenste sealoppervlakken (110, 120) gladde buitenste sealoppervlakken zijn om te worden gesealed aan een respectieve van de pouchwanden (101, 102).
3. Spout volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de ten minste ene eerste stabilisatierib omvat of bestaat uit: - een binnenste eerste stabilisatierib (151), die zich naast de doorgang (P) bevindt, - een buitenste eerste stabilisatierib (152), die zich dichter bij het eerste puntige uiteinde (13) bevindt, en waarbij de ten minste ene tweede stabilisatierib omvat of bestaat uit: - een binnenste tweede stabilisatierib (161), die zich naast de doorgang (P) bevindt, - een buitenste tweede stabilisatierib (162), die zich dichter bij het tweede puntige uiteinde (14) bevindt.
4. Spout volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij ten minste een eerste stabilisatierib, bijvoorbeeld de binnenste eerste stabilisatierib (151), en ten minste een tweede stabilisatierib, bijvoorbeeld de binnenste tweede stabilisatierib (161), in de nabijheid van de opening (21) in de dwarswand zijn aangebracht en zijn verbonden met de rechtlijnige gedeeltes in de nabijheid van een aansluiting op het respectieve gekromde middengedeelte van de sealwand (11, 12).
5. Spout volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij een kromtestraal van de ten minste ene eerste stabilisatierib, bijvoorbeeld van elke eerste stabilisatierib (15, 151,
-42- 152}, en van de ten minste ene tweede stabilisatierib, bijvoorbeeld van elke tweede stabilisatierib (16, 161, 162), groter is dan een straal van een cirkelvormige opening (21) in de dwarswand.
6. Spout volgens een van de voorgaande conclusies, verder omvattende een eerste verbindingsrib (153), die zich uitstrekt tussen een buitenste eerste stabilisatierib (152) en een binnenste eerste stabilisatierib (151), en een tweede verbindingsrib (163), die zich uitstrekt tussen een buitenste tweede stabilisatierib (162) en een binnenste tweede stabilisatierib (161), waarbij de eerste verbindingsrib en de tweede verbindingsrib zich elk uitstrekken in het eerste symmetrievlak (M").
7. Spout volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de buitenste sealoppervlakken (110, 120) van de eerste sealwand en van de tweede sealwand elk zijn uitgevoerd als een glad buitenste sealoppervlak, en waarbij deze gladde buitenste sealoppervlakken (110, 120) elk zijn begrensd door een binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) van de sealwand (11, 12).
8. Spout volgens conclusie 7, waarbij de binnenwaarts versprongen onderranden (114, 115) zich uitstrekken langs de gehele onderomtrek van beide sealwanden (11, 12) om een binnenwaarts versprongen onderomtreksrand te vormen.
9. Spout volgens conclusie 7 of 8, waarbij de binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) zich in verticale richting uitstrekt over een klein gedeelte van de hoogte van de respectieve sealwand (11, 12), bijvoorbeeld tussen 5% en 20% van de hoogte van de sealwand en/of over een hoogte van tussen 0.5 mm en 2 mm.
10. Spout volgens een van de conclusies 7 — 9, waarbij een gedeelte van elk van de sealwanden boven de binnenwaarts versprongen onderrand is gedefinieerd als een nominaal deel (116) van de sealwand, en waarbij de sealwanden elk een dikte (t} hebben bij de binnenwaarts versprongen onderrand ervan, die kleiner is dan een nominale dikte (T) van het nominale deel van de sealwand.
11. Spout volgens conclusie 10, waarbij de dikte (t} van de binnenwaarts versprongen onderrand van de sealwanden tussen 0.05 mm en 0.2 mm kleiner is dan de nominale dikte (T).
12. Spout volgens conclusie 10 of 11, waarbij de ten minste ene eerste stabilisatierib (15, 151, 152) en de ten minste ene tweede stabilisatierib (16, 161, 162) benedenwaarts niet uitsteken voorbij het nominale deel (116) van de sealwand. 40
- 43.
13. Spout (1) ingericht om met warmte te worden gesealed in een niet-verbonden gebied tussen tegenovergelegen eerste en tweede wanden (101, 102) van een pouch, omvattende een kunststof spoutlichaam met een doorgang voor het met substantie vullen van de pouch en/of het uit de pouch legen van een substantie, waarbij het spoutlichaam omvat: - een bevestigingsgedeelte (10) met een eerste symmetrievlak (M’), een verticale eerste sealwand (11), en een tegenovergelegen verticale tweede sealwand (12), en met een dwarswand (20) die integraal is met een bovenrand van de eerste sealwand (11) en met een bovenrand van de tweede sealwand (12), waarbij de eerste sealwand en de tweede sealwand elk afhangen vanaf de dwarswand (20) en elk een onderrand (114, 115) hebben die op afstand is gelegen van de bovenrand, waarbij elke sealwand een buitenste sealoppervlak (110, 120) omvat, waarbij de buitenste sealoppervlakken van de sealwanden met warmte dienen te worden gesealed aan een respectieve van de pouchwanden, waarbij elke sealwand (11, 12), gezien in een onderaanzicht op het bevestigingsgedeelte, is gevormd door een eerste rechtlijnig gedeelte, een gekromd middengedeelte, en een tweede rechtlijnig gedeelte, waarbij het tweede rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand integraal is verbonden met het eerste rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand aan een eerste puntig uiteinde van het bevestigingsgedeelte, om daartussen een scherpe hoek te vormen, waarbij het tweede rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand integraal is verbonden met het eerste rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand aan een tweede puntig uiteinde van het bevestigingsgedeelte, om daartussen een scherpe hoek te vormen, waarbij de dwarswand (20) een opening (21) daarin heeft, - een buisvormige nek (30) met een boring (31) die aansluit op de opening (21) in de dwarswand, waarbij de buisvormige nek integraal is met en zich opwaarts uitstrekt vanaf de dwarswand, waarbij de buisvormige nek samen met de opening in de dwarswand de doorgang (P) vormt, met het kenmerk dat
-44 - het buitenste sealoppervlak (110) van de eerste sealwand en het buitenste sealoppervlak (120) van de tweede sealwand glad is, en dat waarbij deze buitenste sealoppervlakken (110, 120) van de eerste sealwand en van de tweede sealwand elk zijn begrensd door een binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) van de sealwand (11, 12).
14. Spout volgens conclusie 13, waarbij de binnenwaarts versprongen onderranden (114, 115) zich uitstrekken langs de gehele onderomtrek van beide sealwanden en een binnenwaarts versprongen onderomtreksrand vormen.
15. Spout volgens conclusie 13 of 14, waarbij de binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) zich in verticale richting uitstrekt over een klein gedeelte van de hoogte van de respectieve sealwand (11, 12), bijvoorbeeld tussen 5% en 20% van de hoogte van de sealwand en/of over een hoogte van tussen 0.5 mm en 2 mm.
16. Spout volgens een van de conclusies 13 — 15, waarbij een gedeelte van elk van de sealwanden boven de binnenwaarts versprongen onderrand is gedefinieerd als een nominaal deel (116) van de sealwand, en waarbij de sealwanden elk een dikte (t) hebben bij de binnenwaarts versprongen onderrand ervan, die kleiner is dan een nominale dikte ({T) van het nominale deel van de sealwand.
17. Spout volgens conclusie 16, waarbij de dikte (t) van de binnenwaarts versprongen onderrand van de sealwanden tussen 0.05 mm en 0.2 mm kleiner is dan de nominale dikte (T).
18. Spout volgens een van de conclusies 13 — 17, waarbij het bevestigingsgedeelte (10) verder omvat: - ten minste een eerste stabilisatierib (15, 151, 152) die zich uitstrekt tussen verwante verbindingspunten naar het tweede rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand en naar het eerste rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand, en - ten minste een tweede stabilisatierib (16, 161, 162) tussen verwante verbindingspunten naar het eerste rechtlijnige gedeelte van de eerste sealwand en naar het tweede rechtlijnige gedeelte van de tweede sealwand.
19. Spout volgens conclusie 18, waarbij, gezien in een onderaanzicht op het bevestigingsgedeelte, - de ten minste ene eerste stabilisatierib (15, 151, 152) tussen de verwante verbindingspunten is gekromd naar het eerste puntige uiteinde, en
- 45. - de ten minste ene tweede stabilisatierib (16, 161, 162) tussen de verwante verbindingspunten is gekromd naar het tweede puntige uiteinde.
20. Spout volgens conclusie 18 of 19, waarbij de ten minste ene eerste stabilisatierib omvat of bestaat uit: - een binnenste eerste stabilisatierib (151), die zich naast de doorgang bevindt, - een buitenste eerste stabilisatierib (152), die zich dichter bij het eerste puntige uiteinde (13) bevindt, en waarbij de ten minste ene tweede stabilisatierib omvat of bestaat uit: - een binnenste tweede stabilisatierib (161), die zich naast de doorgang bevindt, - een buitenste tweede stabilisatierib (162), die zich dichter bij het tweede puntige uiteinde (14) bevindt.
21. Spout volgens een van de conclusies 18 — 20, waarbij ten minste een eerste stabilisatierib, bijvoorbeeld de binnenste eerste stabilisatierib, en ten minste een tweede stabilisatierib, bijvoorbeeld de binnenste tweede stabilisatierib, in de nabijheid van de opening (21) zijn aangebracht in de dwarswand en zijn verbonden met de rechtlijnige gedeeltes in de nabijheid van een hechting aan het respectieve gekromde middengedeelte van de sealwand.
22. Spout volgens een van de conclusies 18 — 21, verder omvattende een eerste verbindingsrib (153), die zich uitstrekt tussen een buitenste eerste stabilisatierib en een binnenste eerste stabilisatierib, en een tweede verbindingsrib (163), die zich uitstrekt tussen een buitenste tweede stabilisatierib en een binnenste tweede stabilisatierib, waarbij de eerste verbindingsrib en de tweede verbindingsrib zich elk uitstrekken in het eerste symmetrievlak.
23. Een afsluitsamenstel omvattende een spout volgens een van de conclusies 1 — 22 en een afsluitinrichting die aan de nek van de spout is bevestigd, bijvoorbeeld een dop en/of een klep.
24. Een pouchverpakking die is ingericht om een substantie te bevatten, of een substantie bevat, omvattende: - een samenvouwbare pouch omvattende tegenovergelegen eerste en tweede wanden (101, 102) die zijn vervaardigd van een met warmte sealbaar foliemateriaal, die een inwendige van de pouch definieert tussen de wanden, en - een spout (1) volgens een van de voorgaande conclusies 1 — 22, waarbij de spout, met diens bevestigingsgedeelte (10), is gepositioneerd in een niet- verbonden gebied tussen de tegenovergelegen eerste en tweede wanden (101, 102) van
- 46 - de pouch, waarbij de eerste pouchwand met warmte is gesealed aan het buitenste sealoppervlak van de eerste sealwand van het bevestigingsgedeelte, en waarbij de tweede pouchwand met warmte is gesealed aan het buitenste sealoppervlak van de tweede sealwand van het bevestigingsgedeelte.
25. Verpakking volgens conclusie 24, waarbij de spout (1) tenminste is uitgevoerd volgens conclusie 13, waarbij een groef (G) die initieel is gedefinieerd tussen de binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) van elk van de sealwanden (11, 12) is gevuld met gestold gesmolten kunststofmateriaal.
26. Verpakking volgens conclusie 25, waarbij een rups (103) van gestold gesmolten kunststofmateriaal aanwezig is beneden de groef (G) die initieel is gevormd door de binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) van de sealwanden (11, 12), waarbij de rups is versmolten met de onderrand (114, 115) en met de respectieve pouchwand (101, 102).
27. Verpakking volgens een van de conclusies 24 — 26, waarbij het met warmte sealbare foliemateriaal van de pouchwand (101, 102) een kunststof-monomateriaal is, bijvoorbeeld een polyolefine materiaal, bijvoorbeeld polyethyleen (PE), bij voorkeur lage-dichtheid polyethyleen (LLDPE) of polypropyleen (PP).
28. Verpakking volgens een van de conclusies 24 — 27, waarbij het spoutlichaam is vervaardigd van hetzelfde kunststofmateriaal als het kunststof-monomateriaal van de folie van de pouchwanden (101, 102), bijvoorbeeld beide bestaande uit een polyolefine materiaal, bijvoorbeeld polyethyleen (PE) of polypropyleen (PP).
29. Gebruik van een spout (1) volgens een van de conclusies 1 — 22 in een pouch voor het vormen van een doorgang voor het met substantie vullen van de pouch en/of het uit de pouch legen van een substantie.
30. Werkwijze voor het vervaardigen van en pouchverpakking die is ingericht om een substantie te bevatten, of die een substantie bevat, waarbij de werkwijze de stappen omvat van: - het met diens bevestigingsgedeelte (10) positioneren van een spout (1) volgens een van de conclusies 1 — 22 in een niet-verbonden gebied tussen de tegenovergelegen eerste en tweede wanden van de pouch, waarbij de pouchwanden (101, 102) zijn vervaardigd van een met warmte sealbaar foliemateriaal, bij voorkeur een kunststof-monomatariaal foliemateriaal, - het met warmte op de buitenste sealoppervlakken (110, 120) van de sealwanden 40 van de spout sealen van de pouchwanden, gebruik makende van een warmte-
-47 - sealinrichting omvattende een eerste bek en een tweede bek, waarbij het warmte-sealen het met de eerste bek (210) van een sealinrichting op het buitenste sealoppervlak (110) van de eerste sealwand klemmen van de eerste pouchwand omvat, en het met de tweede bek (220) op het buitenste sealoppervlak (120) van de tweede sealwand klemmen van de tweede pouchwand omvat, waarbij de warmte-sealinrichting (200) wordt aangestuurd om warmte te voorzien vanuit elk van de bekken (210, 220) om de pouchwanden met warmte te sealen op de buitenste sealoppervlakken van de sealwanden.
31. Werkwijze volgens conclusie 30, waarbij het met warmte sealen een impulswarmte- sealcyclus betreft, waarbij in de cyclus: - aanvankelijk de eerste bek (210) en de tweede bek (220) in hun geopende posities zijn, op afstand van het niet-verbonden gebeid van de pouch waarin de spout (1) is gestoken met dies bevestigingsgedeelte (10), - bij bediening van een actuatorsysteem (201, 202) de eerste bek (210) en de tweede bek (220) naar in contact met de respectieve pouchwand worden bewogen in een geklemde positie, zodat de pouchwanden (101, 102) worden geklemd, bij voorkeur licht geklemd, op het buitenste sealoppervlak (110, 120) van de respectievelijke eerste en tweede sealwand (110, 120), - een warmte-impuls wordt opgewekt die wordt uitgestraald vanuit de eerste en de tweede bek (210, 220), waarbij de warmte-impulsen de pouchwanden en de buitenste sealoppervlakken (110,120) van de spout met elkaar laten versmelten, - na beéindiging van de warmte-impuls, de bekken (210, 220) in de geklemde posities blijven en koeling van de spout en de pouchwanden wordt bewerkstelligd, bij voorkeur waarbij koelvloeistof wordt gecirculeerd door een of meer kanalen (216) in de bekken, waarbij bij voorkeur deze circulatie wordt doorgevoerd tijdens alle stappen van de impulswarmte-sealcyclus, - na het koelen, de eerste bek (210) en de tweede bek (220) van elkaar weg worden bewogen, naar de geopende positie, waarbij, bijvoorbeeld, wordt toegelaten dat de pouch met spout wordt bewogen naar een ander verwerkingsstation, bijvoorbeeld voor vullen en/of van een dop voorzien.
32. Werkwijze volgens conclusie 30 of 31, waarbij de spout (1} tenminste volgens conclusie 1 is, en waarbij het klemmen door middel van de eerste bek (210) en de tweede bek (220) van de warmte-sealinrichting een buiging van de gekromde stabilisatieribben (15, 151, 152, 16, 161, 162) veroorzaakt.
33. Werkwijze volgens conclusie 31, waarbij de spout (1) tenminste volgens conclusie 13 is, waarbij de binnenwaarts versprongen onderranden (114, 115) van de sealwanden (11,
- 48 - 12) bewerkstelligen dat, wanneer de spout tezamen met de pouchwanden is geklemd tussen de eerste en tweede bekken (210, 220), een van onderen open groef (G) initieel aanwezig is aan de onderrand van de sealwanden van de pouch, tussen de binnenwaarts versprongen onderrand en de pouchwand, en waarbij, wanneer de warmte-impulsen worden opgewekt, de buitenste sealoppervlakken
(110, 120) van de sealwanden en de pouchwanden (101, 012) worden gesmolten en met elkaar worden versmolten, waarbij, als gevolg van het smelten van de contactoppervlakken van de spout en de pouchwanden, een gedeelte van het gesmolten kunststofmateriaal wegstroomt en in de groef (G) stroomt die initieel is gevormd door de binnenwaarts versprongen onderrand, waarbij deze stroom van gesmolten materiaal de groef (G) die initieel is gevormd door de binnenwaarts versprongen onderrand (114, 115) opvult, waarbij, bij voorkeur, de stroom van gesmolten materiaal ook, wanneer gestold, een rups (103) van kunststofmateriaal vormt die beneden de onderrand (114, 115) van de sealwanden uitsteekt, waarbij de rups is gehecht aan de pouchwand en aan de onderrand.
NL2024915A 2020-02-14 2020-02-14 Plastic spout and pouch packaging NL2024915B9 (en)

Priority Applications (13)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2024915A NL2024915B9 (en) 2020-02-14 2020-02-14 Plastic spout and pouch packaging
BR112022015900A BR112022015900A2 (pt) 2020-02-14 2021-02-10 Bico, conjunto de fechamento, embalagem de bolsa, uso e método para a fabricação de uma embalagem de bolsa
PL21703301.8T PL4103490T3 (pl) 2020-02-14 2021-02-10 Dziobek z tworzywa sztucznego i saszetka opakowaniowa
EP21703301.8A EP4103490B1 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
EP23212423.0A EP4306301A3 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
AU2021220598A AU2021220598A1 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
MX2022009634A MX2022009634A (es) 2020-02-14 2021-02-10 Espita de plastico y envase de bolsita.
ES21703301T ES2974811T3 (es) 2020-02-14 2021-02-10 Boca de plástico y envase de bolsita
CA3182484A CA3182484A1 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
PCT/EP2021/053217 WO2021160675A1 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
US17/799,921 US12157617B2 (en) 2020-02-14 2021-02-10 Plastic spout and pouch packaging
CN202180014250.9A CN115052816A (zh) 2020-02-14 2021-02-10 塑料吸嘴和袋包装
CL2022002176A CL2022002176A1 (es) 2020-02-14 2022-08-10 Espita de plástico y envase de bolsita

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2024915A NL2024915B9 (en) 2020-02-14 2020-02-14 Plastic spout and pouch packaging

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL2024915B1 NL2024915B1 (en) 2021-09-15
NL2024915B9 true NL2024915B9 (en) 2022-01-14

Family

ID=70155278

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2024915A NL2024915B9 (en) 2020-02-14 2020-02-14 Plastic spout and pouch packaging

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2024915B9 (nl)

Family Cites Families (10)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE19737471C2 (de) 1997-08-28 2002-03-07 Robert Peters Heizeinrichtung
JP2002104453A (ja) * 2001-08-01 2002-04-10 Toyo Seikan Kaisha Ltd パウチ用スパウト
DE202006013587U1 (de) 2006-09-05 2008-01-31 Pöppelmann Holding GmbH & Co. KG Ausgießer aus Kunststoff für Folienbeutel
WO2013074953A1 (en) * 2011-11-16 2013-05-23 Meadwestvaco Calmar, Inc. Canoe fitments for pouches
DE202012003293U1 (de) 2012-03-30 2013-07-01 Pöppelmann Holding GmbH & Co. KG Einschweißausgießer
US9701451B2 (en) * 2013-08-16 2017-07-11 Silgan Dispensing Systems Slatersville Llc Dispensing closure
US9751677B2 (en) 2015-09-21 2017-09-05 Scholle Ipn Corporation Pouch assembly having a plug
NL2016212B1 (en) 2016-02-03 2017-08-11 Scholle Ipn Ip Bv A closure assembly and container provided with said closure assembly.
NL2017333B1 (en) 2016-08-18 2018-02-23 Scholle Ipn Ip Bv A closure assembly and container provided with such a closure assembly
NL2018749B1 (en) 2017-04-20 2018-11-05 Scholle Ipn Ip Bv A closure assembly

Also Published As

Publication number Publication date
NL2024915B1 (en) 2021-09-15

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US12157617B2 (en) Plastic spout and pouch packaging
JP6359078B2 (ja) シーリングバー
JP2501777B2 (ja) 包装積層品をヒ―トシ―ルする装置
US5200587A (en) Induction heating coil with conical base
EP4003705B1 (en) Production of collapsible pouches having a fitment
US12428187B2 (en) Impulse heat sealing of a heat-sealable film material
JP2017526550A (ja) 包装スリーブを誘導加熱するための装置および方法
NL2024915B9 (en) Plastic spout and pouch packaging
US5191181A (en) Sealing thermoplastic member devoid of conductive material
JP2002234075A (ja) 高周波ヒートシール装置
KR100438019B1 (ko) 파우치형 액체저장용기용 스파우트의 실링장치, 이를이용한 스파우트의 실링방법 및 파우치형 액체저장용기
JP6457287B2 (ja) 熱溶着装置
KR101000239B1 (ko) 패키지 제조 방법 및 장치
JP3881059B2 (ja) シール装置
JP2000103413A (ja) 高周波ヒートシール装置
JP2821657B2 (ja) プラスチック容器の製造方法
US12097664B2 (en) Continuous motion impulse heat sealing of film material
AU2018240513A1 (en) Pulse welding method and welding tool for pulse welding for a medical pack formed as a bag
JP6722931B1 (ja) 熱溶着チップおよび熱溶着ユニット
JPS58216524A (ja) 蓋を容器胴に融着する融着装置
NL2023584B1 (en) Impulse heat sealing of a heat-sealable film material
WO2025191140A1 (en) Production of collapsible pouches having a plastic spout, wherein use is made of a sealing station
CN112770894B (zh) 用于被设计为袋的医疗包装的用于脉冲焊接的轮廓形成焊接工具和轮廓成形脉冲焊接方法
JPH07156272A (ja) プラスチック形成物の溶着方法
HK40023802A (en) Welding tool for impulse welding, impulse welding methods and medical packaging in the form of a bag

Legal Events

Date Code Title Description
TK Erratum

Effective date: 20220119

PD Change of ownership

Owner name: SIG SERVICES AG; CH

Free format text: DETAILS ASSIGNMENT: CHANGE OF OWNER(S), ASSIGNMENT; FORMER OWNER NAME: SCHOLLE IPN IP B.V.

Effective date: 20240229