NL2016312B1 - Aansluitdoos. - Google Patents

Aansluitdoos. Download PDF

Info

Publication number
NL2016312B1
NL2016312B1 NL2016312A NL2016312A NL2016312B1 NL 2016312 B1 NL2016312 B1 NL 2016312B1 NL 2016312 A NL2016312 A NL 2016312A NL 2016312 A NL2016312 A NL 2016312A NL 2016312 B1 NL2016312 B1 NL 2016312B1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
wall
junction box
opening
box according
housing
Prior art date
Application number
NL2016312A
Other languages
English (en)
Inventor
Marinus Witte Adriaan
Original Assignee
Abb Technology Ltd
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Abb Technology Ltd filed Critical Abb Technology Ltd
Priority to NL2016312A priority Critical patent/NL2016312B1/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2016312B1 publication Critical patent/NL2016312B1/nl

Links

Classifications

    • HELECTRICITY
    • H02GENERATION; CONVERSION OR DISTRIBUTION OF ELECTRIC POWER
    • H02GINSTALLATION OF ELECTRIC CABLES OR LINES, OR OF COMBINED OPTICAL AND ELECTRIC CABLES OR LINES
    • H02G3/00Installations of electric cables or lines or protective tubing therefor in or on buildings, equivalent structures or vehicles
    • H02G3/02Details
    • H02G3/08Distribution boxes; Connection or junction boxes
    • H02G3/081Bases, casings or covers
    • HELECTRICITY
    • H02GENERATION; CONVERSION OR DISTRIBUTION OF ELECTRIC POWER
    • H02GINSTALLATION OF ELECTRIC CABLES OR LINES, OR OF COMBINED OPTICAL AND ELECTRIC CABLES OR LINES
    • H02G3/00Installations of electric cables or lines or protective tubing therefor in or on buildings, equivalent structures or vehicles
    • H02G3/02Details
    • H02G3/08Distribution boxes; Connection or junction boxes
    • H02G3/086Assembled boxes
    • HELECTRICITY
    • H02GENERATION; CONVERSION OR DISTRIBUTION OF ELECTRIC POWER
    • H02GINSTALLATION OF ELECTRIC CABLES OR LINES, OR OF COMBINED OPTICAL AND ELECTRIC CABLES OR LINES
    • H02G3/00Installations of electric cables or lines or protective tubing therefor in or on buildings, equivalent structures or vehicles
    • H02G3/02Details
    • H02G3/08Distribution boxes; Connection or junction boxes
    • H02G3/088Dustproof, splashproof, drip-proof, waterproof, or flameproof casings or inlets
    • HELECTRICITY
    • H02GENERATION; CONVERSION OR DISTRIBUTION OF ELECTRIC POWER
    • H02GINSTALLATION OF ELECTRIC CABLES OR LINES, OR OF COMBINED OPTICAL AND ELECTRIC CABLES OR LINES
    • H02G3/00Installations of electric cables or lines or protective tubing therefor in or on buildings, equivalent structures or vehicles
    • H02G3/02Details
    • H02G3/08Distribution boxes; Connection or junction boxes
    • H02G3/12Distribution boxes; Connection or junction boxes for flush mounting
    • H02G3/121Distribution boxes; Connection or junction boxes for flush mounting in plain walls

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Architecture (AREA)
  • Civil Engineering (AREA)
  • Structural Engineering (AREA)
  • Connection Or Junction Boxes (AREA)

Abstract

De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een aansluitdoos voor elektrische installaties, voor opname in een betonlichaanx met een hoofdbegrenzingsvlak, zoals een gietbouwvloer, gietbouwplafond, breedplaat of kanaalplaat, waarbij de aansluitdoos is voorzien van een behuizing met een rechthoekige omtrekswand, een tuitencluster met tuiten die in dezelfde richting van de omtrekswand uitsteken, een toegangsopening“ aan. de bovenzijde van. de omtrekswand. die toegang geeft tot een inwendige inbouwruimte van de behuizing, een deksel voor het afsluiten van de toegangsopening, en aan de tegengestelde onderzijde een bodemwand waarin een inzetopening is voorzien, een separaat bodemdeel dat losneembaar in de inzetopening is vastgezet, en een op de bodemwand gehecht afsluitvel van een doorsteekbaar materiaal dat de inzetopening waterdicht afsluit.

Description

Aansluitdoos
ACHTERGROND VAN DE UITVINDING
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een aansluitdoos voor elektrische installaties, voor opname in een betonlichasm.
Een eenvoudige vorm van een dergelijke aansluitdoos is de bekende gietbouwdoos. Deze wordt vastgezet tegen een bekistingswand waarop in situ een beton wordt gestort voor het vormen van bijvoorbeeld een plafond. Na verwijdering van de bekistingswand kunnen in de gietbouwdoos elektrische verbindingen worden gemaakt door installateurs.
Er bestaat behoefte aan een aansluitdoos voor elektrische installaties, voor opname in een betonlichaam, waarmee de elektrische installaties voorafgaand aan het storten van het beton kunnen worden aangelegd. Een doel van de uitvinding is om daarin te voorzien.
SAMENVATTING VAN DE UITVINDING
De uitvinding verschaft, vanuit een eerste aspect, een aansluitdoos voor elektrische installaties, voor opname in een betonlichaam met een hoofdbegrenzingsvlak, zoals een gietbouwvloer, gietbouwplafond, breedplaat of kanaalplaat, waarbij de aansluitdoos is voorzien van een behuizing met een rechthoekige omtrekswand, een tuitencluster met tuiten die dezelfde .richting van de omtrekswand Uitsteken, een toegangsopening aan de bovenzi jde van de ointrekswand αί e toegang geeft tot een inwendige inbouv/ruimte van de behuizing, een deksel voor het afsluiten van de toegangsopening, en aan de tegengestelde onderzijde een bodeitiwand waarin een inzetopening is voorzien, een seoaraar bodemdeel dat losneembaar in de inzetopening j_s vastgezet en een op de bodemwand gehecht afsluitvel van een doorsteekbaar materiaal dat de inzetopening waterdicht afsluit.
De aansluitdoos volgens de uitvinding kan worden opgenomen in een te vervaardigen beto.nl ichaam met eer hoofdbegrenzingsvlak, zoals een gietbouwvloer, gietbouwplafond, breedpiaat of kanaalplaat. Deze kunnen in situ worden gestort of prefab worden aangeleverd. Het betonlichaam wordt vervaardigd door uithardend beton oo een horizontale bekistingswand te storten die bijvoorbeeld een onderdeel vormt van een gietbouwtunnel, of door hot-uithardend beton aan te brengen op een horizontale gietbaan. De aansluitdoos kan met de inzetopening naar beneden gericht en met de t oegangsopening naar boven gericht op de bekistingswand ot de gietbaan worden vastgezet. Het afsluitvel voorkomt dat tijdens de vervaardiging van het betonlichaam er betonwater in de aansluitdoos kan binnendringen. Voorafgaand aan het storten van het beton kunnen op de tuiten in het betonlichaam op te nemen buizen worden vastgezet, waarin al de elektrische bedrading aanwezig is, Via de toegangsopening kan een overlengte van de bedrading in de behuizing worden opgerold of worden aangesloten op stekercontacten die in het bodemdeel kunnen worden opgenomen, De elektrische installatie kan worden geïntegreerd door de stekercontacten aan te sluiten of door het bodemdeel tijdelijk uit te nemen zodat de overlengte van de bedrading kan worden uitgenomen,
In een uitvoeringsvorm is de inzetopening begrensd door een bevestigingsrand 'waarop het bodemdeel aangrijpt. De bodemwand vormt dan een recht vlak waarmee de aansluitdoos goed op de gietbaan of de foekistingswand kan worden gepositioneerd.
In een uitvoeringsvorm daarvan omvat de aansluitdoos één of meerdere bevestigingspennen die zich evenwijdig aan de omtrekswand vanaf de bodemwand uitstrekken. De bevestigingspennen kunnen in bevestigingsgaten in de gietbaan of de bekistingswand worden gestoken om de aansluitdoos daarop vast te zetten.
In een uitvoeringsvorm is het boderndeel voorzien van een bodemplaat en een zich dwars daarvan uitstekende omtrekwand, waarbij de bodemplaat verhoogd is gelegen ten opzichte van de inzetopening. De bodemplaat kan daardoor vrij blijven van zich tot op de gietbaan of de bekistingswand uit zakkend betonwater.
In een uitvoeringsvorm daarvan is de omtrekswand van het boderndeel voorzien van bevestigingen die aangrijpen op een bevestigingsrand die de inzetopening begrenst, waarbij de bevestigingen een onderdeel vormen van een elastisch vervormbaar gedeelte van de omtrekswand. Het boderndeel kan dan eenvoudig worden uitgenomen door een kracht uit te oefenen op het elastische gedeelte waar ze onderdeel van vormen, bijvoorbeeld door middel van een schroevendraaier.
In een uitvoeringsvorm daarvan omvat de aansluitdoos aan de onderzijde van de behuizing een langs de bevestigingsrand naar de omtreksrand getrapt teruggelegen onderrand., waarbij de bevestigingen aan de onderzijde zijn verzonken in de ruimte die wordt begrensd door de onderrand. De behuizing steunt daardoor buiten de bevestigingen op de gietbaan of de bekistingswand, waardoor de bevestigingen niet loslaten door het plaatsen van de behuizing op de gietbaan of de bekistingswand.
In een uitvoeringsvorm is het boderndeel voorzien van een bevestigingsopening waarin een s t e ke rconta ct is vastgezet dat is ingericht voor het opnemen van een steker via de inzetopening. Het stekercontact kan direct bij het vervaardigen van het betonlichaam op de aansluitdoos worden aangesloten,, zonder noodzaak om het bodemdeel daarvoor uit te nemen.
In een uitvoeringsvorm is het bodemdeel voorzien van meerdere bevestigingsopeningen voor het vastzetten van stekercontacten, waarbij de bevestigingsopeningen zijn afgesloten met een uitbreekdeel. Elk stekercontact kan bijvoorbeeld zijn bestemd om één elektrische groep van een groepenkast op aan te sluiten. Hiermee kunnen verschillende groepen via dezelfde aansluitdoos worden aangesloten. Het betonlichaaxn kan daartoe met de aansluitdoos recht boven een groepenkast worden geplaatst.
In een uitvoeringsvorm omvat het tuitencluster een met de tuiten verbonden voorplaat die is voorzien van opneemopeningen die toegang geven tot de tuiten.
In een uitvoeringsvorm daarvan is het tuitencluster voorzien van een op de voorplaat gehecht afsluitvel van een doorsteekbaar materiaal dat de inzetopeningen waterdicht afsluit. Het afsluitvel voorkomt dat tijdens de vervaardiging van het betonlichaam er betonwater in de aansluitdoos kan binnendringen via de tuiten die niet worden gebruikt.
In een uitvoeringsvorm, zijn de tuiten in de richting naar de omtrekswand voorzien, van een buitenste inzetdeel met een eerste binnendiameter dat getrapt overgaat in een binnenste inzetdeel met een tweede kleinere binnendiameter. De verschillende diameters kunnen overeenkomen met gebruikelijke diameters voor flexibele of starre buizen, zoals 16, 19 en 20 millimeter.
In een uitvoeringsvorm zijn de tuiten voorzien van een cilindrische wand en een zich vanaf de cilindrische wand naar binnen stekende veerkrachtige vergrendellip. Hiermee kan een ingestoken buis, in het bijzonder een flexibele ribbelbuis, worden vergrendeld.
In een uitvoeringsvorm omvat de omtrekswand een rechte voorwand, een rechte achterwand en dwars daarop twee rechte zijwanden, waarbij de voorwand en de achterwand in de offit re ksricht ing langer zijn dan de zijwanden. Deze langwerpige vorm is in het bijzonder gunstig wanneer de aansluitdoos recht boven een groepenkast wordt geplaatst. De verschillende groepen kunnen dan geordend naast elkaar worden aangesloten.
In een uitvoeringvorm bevindt het tuitencluster zich aan de voorwand.
In een uitvoeringsvorm is het deksel niet een filmscharnier verbonden met de behuizing,, zodat deze er één geheel mee vormt..
In een uitvoeringsvorm is de behuizing aan de binnenzijde van de omtrekswand voorzien van houders die een buiggeleider in de inbouwruimte ondersteunen, waarbij de buiggeleider zich voor de tuiten uitstrekt. De buiggeleider kan lijdelijk worden ingezet wanneer er bedrading door de buizen moet worden getrokken die op de aansluitdoos zijn aangesloten. De buiggeleider helpt dan om een verticaal van de betonplaat afgerichte trekkracht op de bedrading om te zetten naar een in de richting van de tuiten gerichte trekkracht.
De uitvinding' verschaft voorts, volgens een tweede aspect, een samenstel van een betonlichaam met een recht hoofdbegrenzingsvlak, zoals een gietbouwvioer, gietbouwplafond, breedplaat of kanaalplaat, en een daarin opgenomen aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de aansluitdoos met de inzetopening uitmondt in het hoofdbegrenzingsvlak van het betonlichaam en in het betonlichaam een of meerdere buizen zijn opgenomen waarvan een uiteinde in de tuiten is gestoken.
In een uitvoeringsvorm daarvan omvat het betonlichaam een dwars op het hoofdbegrenzingsvlak gericht kopvlak en is de aansluitdoos op korte afstand van het kopvlak gelegen.
In een uitvoeringsvorm is het bodemdeel voorzien van een bevestigingsopening waarin een stekercontact is vastgezet dat is ingericht voor het opnemen van een steker via de inzetopening, waarbij zich door een buis elektrische geleiders uitstrekken die in de inwendige inbouwruimte van de behuizing zijn aangesloten op het stekercontact.
In een uit voer inasvorm omvat het samenstel , vex.cler een muur waarop het betonlichaam met , het. hoof dbegrenzingsvlak horizontaal gericht is gelegen 0f · overgaat, waarbij tegen de muur een groepenkast t -i- bevestigd waarop per groep elektrische geleider·? - ..... z i g g aangesloten, waarbij de elektrische geleiders aan v ‘"l uiteinde zijn verbonden met een steker die -j n , -Ai sieKsi c o n b c t i. π ο β b b π s i. ιι 11 d o os i. s q e s token.
De uitvinding heeft verder betrekking 00 computer-leesbaar medium met door een computer uitvoerbar- instructies die zijn ingericht het printen va·-'
Uii een aansluitdoos volgens de uitvinding te veroorzaken. oe in deze beschrijving en conclusies n--. , ‘ ........ ' v au Oe aanvrage beschreven en/or ae ir. de tekeningen van dez« aanvrage getoonde aspecten en maatregelen kunnen v " mogelaos ook afzonderlijk van elkaar worden toegepast. D<„ afzonderlijke aspecten, en andere aspeoten kurm“ onder we.ro zijn van daar-·.·-, . , J v-.=sti_s..p gerichte argespütste octrooiaanvragen. Dit ae'idt ; n , . .. . , yc-JL -mi her. bijzonder voor de maatregelen en asceet en we] k^ . . . , , — zien zijn beschreven in de volgconclusies.
KORTE BESCHRIJVING VAN DE TEKENINGEN
De uitvinding zal woni,, > ·, , , j -na..;. wt,Qeri coegelicht aan de hand van een m de bij gevoegde , i -*y -uc tejcemngen weergegeven voorbeelduitvoering. Getoond wordt in·
Figuur i een . . . , cctnsiuitaoos volgens een uitvoeringsvorm van de uitvinding;
Figuren 2A en 2B een · , , isometnsch bovenaanzicht van een aansluitdoos volgens da L . J Rirvinding, weergegeven met en zonder bodemdeel;
Figuren 0A-3C i sometri «s-u t · - ·
Ulsche onderaanzienren van de aansluitdoos volgens figuur 1 , - ' ' waarin opeenvolgend enicele delen zijn weggelaten; en
Figuren 4A en 4B een . -^omeerisch bovenaanzicht en een zijaanzicht van de toepassing van de aansluitdoos in e e n b e t o η n e n. b r e e dp 1 aat.
GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE TEKENINGEN
Figuur 1 toont een aansluitdoos 1 volgens een uitvoeringsvorm van de uitvinding. De aansluitdoos 1 omvat een kunststof behuizing 2 met een langwerpige voorwand 3 en een langwerpige achterwand 4 die evenwijdig aan elkaar staan en die via rondingen overgaam in twee evenwijdige kortere zijwanden 5 die daar dwars op staan waardoor een rechthoekige omtrekswand is gevormd, De voorwand 3, de achterwand 4 en de zijwanden 5 vormen een omlopende bovenrand 15 die een toegangsopening 17 begrenst naar de inwendige inbouwruimte 20. De behuizing 2 omvat een langwerpige deksel 12 die met een films char nier 13 is verbonden met de bovenzijde van de achterwand 4. Het deksel 12 omvat een licht naar binnen hellende sluitrand 14 die rondom klemmend binnen de omlopende bovenrand 15 valt om de behuizing: aan de bovenzijde rondom waterdicht af te sluiten.
Zoals weergegeven in figuren 2B en 3C omvat de behuizing 2 een bodemwand 7 met een rechthoekige inzetopening 8. Door de grote omvang van de inzetopening 8 vormt de bodemwand 7 een naar binnen gerichte omlopende onderrand 9 met een constante breedte vanaf aan de voorwand 3, de achterwand 4 en de twee zijwanden 5, en een getrapt hoger en dieper: in de inzetopening 8 reikende bevestigingsrand 10. De behuizing 2 is voorzien van twee aangevormde bevestigingspennen 16 die bij de zijwanden 5 uitstéken van de onc:erranc: 9. 7^-. i, weergegeven in figuren 2A en 2B is de behuizing 2 aan binnenzijde van de twee zijwanden 5 voorzien van «en reeks evenwijdige draagschotten 21 die aan de onderz-i jd® 0vergaan in de bodemwand 7. De draagschotten 2i bezitten een bovenrand 22 die in het hoofdvlak van de zijwanden 5 op een denkbeeldige cirkel C gelegen zijn. De draagschotten 21 zijn bestemd voor het dragen van een optionele, los in te leggen kunststof geleidingsbuis 23.
De behuizing 2 is aan de voorzijde voorzien van een tuicencluster 30. De tuitencluster 30 omvat in dit voorbeeld elf cilindrische tuiten 31 die om en om in twee evenwijdige rijen gelegen zijn. De tuiten 31 omvatten elk een buitenste inzetdeel 32 waarvan de binnendiameter geleidelijk van 20 millimeter naar 19 miUimeter toeloopt. Het ouitenste inzetdeel 32 gaat getrapt over in een binnenste inzetdeel 33 met een binnendiameter van 16 millimeter dat overgaat in de voorwand 3 en dat inwendig uitmondt in de inbouwruimte 20. Het buitenste inzetdeel 32 en het binnenste inzetdeel 33 zijn beide in hun omtrekswand voorzien van een opening 34 en een veerkrachtige 'weerhaak of vergrendellip 35 waarvan het uiteinde via de opening 34 in de inzetdelen 32, 33 steekt.
Het tuitencluster 30 is aan de voorzijde voorzien van een met de tuiten 31 verbonden voorplaat 37 met openingen 36 die toegang geven naar de tuiten. 31. Aan de bovenzijde zijn verstijvingsribben 39 voorzien die zich langs en dwars over de tuiten 31 uitstrekken. De verstijvingsribben 39 bezitten een gezamenlijke bovenrand 40 die vloeiend aansluit op de bovenrand 41 van de voorplaat 37, waarbij de bovenranden 40, 41 in hetzelfde denkbeeldige rechte vlak dwars op de voorplaat 37 gelegen zijn. De voorplaat 37 en de daarop aansluitende bovenranden 40, 41 van de verstijvingsribben 39 bepalen een gezamenlijk eerste aanhechtoppervlak 38 waarop door middel van lijm een flexibel en doorsteekbaar eerste afsluitvel 42 is gehecht.
Zoals weergegeven in figuren 3B en 3C is de aansluitdoos 1 voorzien van een los inzetbaar bodemdeel 50 van kunststof. Het bodemdeel 50 omvat een rechte bodemplaat 51 en langs de omtrek daarvan twee opstaande zijwanden 52 en twee opstaande kortere dwarswanden 53 die via rondingen in elkaar overgaan. In de ingezette toestand van het bodemdeel 50 passen de zijwanden 52 en dwarswanden 53 precies of onder nauwe toleranties binnen, de omlopende bevestigingsrand 10 van de boderawand 7. In de zijwanden 52 zijn in totaal. vier bevestigingen 5b gevormd. De bevestigingen 5o omvatten eik een wigvormige bevestigingslip 55 die in de richting van de bodemplaat 51 ar schuin na.ar buiten is gericht, en aan weerzijden daarvan een bevestigingshaak 56. Aan de buitenzijde van de bevestigingshaken 56 zijn spleten 57 gevormd waardoor het samenstel van de bevestigingslip 55 en de bevestigingshaken 56 elastisch naar binnen kan buigen en weer terugveren. In de ingezette toestand van het bodemdeel 50 ariipen de bevestigingslippen 55 en de bevestigingshaken 56 boven respectieveli. j k onder de bevestigingsrand 10 op de oodemwand 7 aan, waarbij de bevestigingshaken 56 verzonken zijn in de ruimte die wordt begrensd door de omlopende onderrand 9.
Het bodemdeel 50 omvat een verstilvingswand 58 die overgaat in de bodemplaat 51 en de zijwanden 52, en meerdere rechthoekige uitbreekplaten 59 aan weerzijden van de verstijvingswand 58 die rechthoekige inbouwopeningen 60 afdekken. Na het uitbreken kan er in een inbouwopening 60 een stekeraansiuiting 70 worden vastgezet die vanaf de onderzijde van de aansluitdoos 1 toegankelijk is. In dit voorbeeld is de stekeraansiuiting 70 een driepolige Wieland steker waarin een aarddraad, een nuldraad en een fasedraad van een iaagspanningshuisinstaliatie op kunnen worden aangesloten.
Zoals weergegeven in figuren 3A en 3B vormt de boderriwand 7 een tweede aanhecht oppervlak 11 waarop door middel van lijm een flexibel en doorsteekbaar tweede afsluitvel 43 is gehecht nadat het bodemdeel 50 met de stekeraansiuiting 70 is ingezet.
De afsluitvellen 42, 43 sluiten waterdicht aan op de behuizing 2 waardoor water niet de aansluitdoos 1 kan binnendringen. De gebruikte afsluitvallen 42, 43 zijn gemaakt van een materiaal dat een voor het doel geschikte doorboringssterkte en/of puntinslagsterkte en/of treksterkte en scheurtreksterkte bezit. Voorbeelden van dergeiijke materialen 21 jn cie verschillende polyethylenen, zoais PE, LDPE, HOPE, LLDPE, polyacrylamides en polyetnyxenimxnes, en celiuloseachtige materialen, zoals (kationogeen) zetmeel, caseïne, celluloseharsen en cexluloseaerivativen, en combinaties hiervan. De arsluitvexien 42, 43 zullen voldoende dampdicht en waterdicht zijn, Daarvoor kunnen eventueel verschillende polyethyivinylalcoholen (PVOH) en polyvinylalcoholen georuxKt worden. Ook kunnen verschillende materialen tot samengestelde afsluitvellen 42, 43 gecombineerd worden, bijvoorbeeld een laag PR met een laag PVOH, Verdere materialen die op geschikte wijze gecombineerd kunnen worden omvatten nylon6 en nylon 6,6. Over het algemeen Kunnen deze afsluitvellen 42, 43 eenvoudig van een hechtlaag voorzien worden.
Een voorbeeld van een geschikt materiaal is papieren tape E500 of Q477 verkrijgbaar bij Stokvis Tapes te Alblasserdam, Nederland. Een ander geschikt materiaal is verkrijgbaar bij Herald Speciaald.ruk.keri j te. Hermen onder de naam Polyetheen Extra permanent. Geschikt is ook het bij UPM Raflatac verkrijgbare PE gloss white als sticker/labelmateriaal (ais vel) met een kleeflaag R77, op een. dragerrol van HD 7 0 white.
Figuren 4A en 4B tonen een toepassingsvoorbeeld van de aansluitdoos 1 in een beton lichaam 80, in dit voorbeeld betonnen breedplaat. In figuur 4A is de vervaardiging van de betonplaat 80 weergegeven. De betonplaat 80 wordt gevormd op een gietbaan 90 waarin bevestiaingsgaten 91 aanwezig zijn voor bevestiging van de j--gocS 1 door middel van de bevestigingspennen 16. De , . . . ..,^ηηβη 16 klemmen voldoende om de aansluitdoos bevestigmgsperiXiC' ^ , . . , , vervaardiging van het betonlichaam 80 op zijn 1 tijdens o'e , . , , Na het bevestigen van de aansluitdoos 1 pxaats te ho<-‘-tfcU1 nemen buizen uitqelegd en met een uiteinde worden ae op · 20 aestoken. In dit voorbeeld ziin een IR o'Θ t*U': buis 8 6 en twee starre PVC buizen 87 flexibele Pvu aangesroten. sij het insteken van cte buizen 86, 87 worcit alleen het gedeelte van het eerste afsluitvel 42 doorgestoken dat de betreffende tuit 31 afdekt. Het andere eind van de buizen 86, 87 eindigt bijvoorbeeld, bij een verder niet getoonde, eveneens in het beton op te nemen centraaldozen. De buizen 86, 87 kunnen bij het uitleggen al worden voorzien van inwendige bedrading 88, zoals voornoemde aarddraad, nuldraad en fasedraad, die in de inbouwruimte 20 wordt aangesloten op de stekeraansluiting 70, zoals voornoemde drie-aderige Wieland steker. Ka het maken van deze aansluitingen wordt het deksel 12 gesloten en 'wordt over de gietbaan 90 een laag beton gestort waarin de aansluitdoos 1 en de buizen 86, 87 geheel worden opgenomen.
De laag beton vormt na het uitharden het bodernvlak 81, de rangszigden 82 en de kopzijde 83 van de breedplaat 80, waarbij de aansluitdoos 1 zich op korte afstand van de kopzijde 83 bevindt met het tuitencluster 30 daar vanar gericht. De afstand bedraagt ongeveer 10-20 centimeter. Na uitharding van het beton kan de betonplaat 80 van de gietbaan 90 worden verwijderd, de vrijgekomen bevestigingspennen 16 worden afgeknipt en het tweede atsluitvei 43 in zijn geheel worden afcrenomen zodat het teruggelegen bodemdeel 50 vrij komt te liggen.
Figuur 4B toont de plaatsing van net beton!ichaam 80 in een gebouw in aanbouw. Het betoniichaam 80 rust aan de kopzijde 83 op een muur 100 waarop tevens een groepenkast 110 is bevestigd. De aarddraad, nuldraad en fasedraad van één van de elektrische groepen van de groepenkast 110 is ter plaatse, in het werk, met een steker 72, in dit voorbeeld een Wielandsteker, aangesloten op de stekeraansluiting 70 in de aansluitdoos 1.
Wanneer achteraf een extra stekeraansluiting 70 nodig is, dan kan het bodemdeel 50 worden uitgenomen door de bevestigingen 5b plaatselijk naar binnen te drukken, bijvoorbeeld met een schroevendraaier. Na het uitbreken van een extra uitoreekplaat. 5 9 kan een extra stekeraansluiting 70 in de vrijgekomen inbouwopening 60 worden geklikt. Wanneer extra bedrading moet worden getrokken of wanneer de buizen 86, 87 niet vooraf waren voorzien van bedrading, dan de geleidingsbuis 23 worden ingezet om de draden vloeiend vanuit de tuiten 31 verticaal uit de rechthoekige inzetopening 8 te geleiden.
De bovenstaande beschrijving is opgenomen om de werking van voorkeursuitvoeringen van de uitvinding te illustreren, en niet om de reikwijdte van de uitvinding te beperken. Uitgaande van de bovenstaande uiteenzetting zullen voor een vakman vele variaties evident zijn die vallen onder de reikwijdte van de onderhavige uitvinding.

Claims (21)

C O N_ C L U S 1 E S
1. Aansluitdoos voor elektrische installaties, voor opname in een betonlichaam met een h o o f db egrenz i n g s v 1 a k, zoals e e n g i e t b o u wv 1 o e r, gietbouwplaf ond, breedpïaa^ 0j- kanaalplaat, waarbij de aansluitdoos is voorzien van een behuizing met een rechthoekige omtrekswand, een tui Lencruster met tuiten o'xe in dezelfde richting van de omtrekswand uitsteken, een toegangsopening aan de bovenzijde van de omtrekswand die toegang geeft tot een inwendige inbouwruimte van de behuizing, een deksel voor her. afsluiten van de toegangsopening, en aan de tecrencjesteide onderzijde een bodemwand waarin een inzetopening is voorzien, een separaat boderndeel dat losneembaar in de inzetopening is vastgezet, en een op de bodemwand gehecht afsluitvei van een doorsteekbaar materiaal dat de inzetopening waterdicht afsluit.
2. Aansluitdoos volgens conclusie 1, waarbij de inzetopening is begrensd door een bevestigingsrand waarop het boderndeel aangrijpt.
3. Aansluitdoos volgens conclusie 2, omvattend één of meerdere bevestigingspennen die zie zich evenwijdig aan de omtrekswand vanaf de bodemwand uitstrekken.
4. Aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het boderndeel is voorzien van een bodemplaat en een zich dwars daarvan uitstekende omtrekwand, waarbij de bodemplaat verhoogd is gelegen ten opzxcnte van de inzetopening.
5. Aansluitdoos volgens conclusie 4, waarbij de omtrekswand van het boderndeel is voorzien van bevestigingen die aangrijpen op een bevestigingsrand die de inzetopening begrenst, waarbij de bevestigingen een onderdeel vormen van een elastisch vervormbaar gedeelte van de omtrekswand.
6. AansiUirdoos voigens conclusie o, omvattend aan de ondermi jcie va^ de uenuj_2ing een langs de bevestigingsrand naar de omtrezsrand getrapt ceruggeXegen onderrand, waarbij de bevestigingen aan de onderzijde zijn verzonken in de ruimte are wordt begrensd door de onderrand.
7. Asnsluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waardij net boderadeel is voorzien van een bevestigingsopening waarin een stekercontact is vastgezet dat is ingericht voor het opnenen van een steker via de inzetopening.
8. Aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het bodemdeel is voorzien van meerdere bevestigingsopeningen voor neu vastzetten van stekercontacten, waarbij de bevestigingsopeningen zijn afgesloten met een. uz zbreeudeel.
9. Aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het tuitencluster een met de tuiten verbonden voorplaat omvat die is voorzien van opneemooeningen die toegang geven tor de tuiten.
10. Aansluitdoos volgens conclusie 9, waarbij het f ui tenci uster Is voorzien van een op de voorplaat gehecht af si rit t-vel van een doorsteekba&amp;r materiaal dat de inzetopeningen waterdicht afstuit.
11. Aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de tuiten in de richting naar de omtrekswand zijn voorzien van een buitenste inzetdeel met een eerste binnendiameter dat getrapt overgaat in een binnenste inzetdeel met een tweede kleinere binnendiameter.
12. Aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de tuiten zijn voorzien van een cilindrische wand en een zich vanaf de cilindrische wand naar binnen stekende veerkrachtige vergrendeliip.
13. Aansluitdoos volgens een der: voorgaande conclusies, waarbij de omtrekswand een rechte voorwand, een rechte achterwand en dwars daarop twee rechte zijwanden omvat, waarbij de voorwand en de achterwand in de ointreksrichting langer zijn dan de zijwanden.
14. ftansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het tuitencluster zich aan de voorwand bevindt.
15. ftansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het deksel met een filmscharnier is verbonden met de behuizing.
16. ftansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de behuizing aan de binnenzijde van de omtrekswand is voorzien van houders die een buiggeleider in de inhouwruimte ondersteunen, waarbij de buiggeleider zich voor de tuiten uitstrekt.
17. Samenstel van een foetonlichaam met een recht hoofdbegrenzingsvlak, zoals een gietbouwvloer, gietbouwplafond, breedplaat of kanaalplaat, en een daarin opgenomen aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de aansluitdoos met de inzetopening uitmondt in het hoofdbegrenzingsvlak van het betonlichaam en in het betonlichaam een of meerdere buizen zijn opgenomen waarvan een uiteinde in de tuiten is gestoken.
18. Samenstel· volgens conclusie 17, waarbij het betonlichaam een dwars op het hoofdbegrenzingsvlak gericht kopvlak omvat en de aansluitdoos op korte afstand van het kopvlak is gelegen.
19. Samenstel volgens conclusie 17 of 18, waarbij het bodemdeel is voorzien van een bevestigingsopening waarin een stekercontact is vastgezet dat is ingericht voor het opnemen van een steker via de inzetopening, waarbij zich door een buis elektrische geleiders uitstrekken die in de inwendige inbouwruirate van de behuizing zijn aangesloten op het stekercontact.
20. Samenstel volgens een der conclusies 17-19, verder omvattend een muur waarop het betonlichaam met net hoofdbegrenzingsvlak horizontaal gericht is gelegen of in overgaat, waarbij tegen de muur een groepenkast is bevestigd waarop per groep elektrische geleiders zijn aangesloten, waarbij de elektrische geleiders aan het uiteinde zijn verbonden met een steker die in het stekercontact in de aansluitdoos is gestoken.
21. Computer-leesbaar medium met door een computer uitvoerbare instructies die zijn ingericht het printen van een aansluitdoos volgens een der voorgaande conclusies te veroorzaken.
NL2016312A 2016-02-24 2016-02-24 Aansluitdoos. NL2016312B1 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2016312A NL2016312B1 (nl) 2016-02-24 2016-02-24 Aansluitdoos.

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2016312A NL2016312B1 (nl) 2016-02-24 2016-02-24 Aansluitdoos.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2016312B1 true NL2016312B1 (nl) 2017-09-11

Family

ID=55858864

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2016312A NL2016312B1 (nl) 2016-02-24 2016-02-24 Aansluitdoos.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2016312B1 (nl)

Citations (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US20040094319A1 (en) * 2002-11-15 2004-05-20 Juergen Koessler Junction box
US20130255988A1 (en) * 2008-08-27 2013-10-03 Bruce G. Phillips Open Back Junction Box and Method for Pre-fab Wiring
US20150325992A1 (en) * 2012-12-20 2015-11-12 Legrand France Electrical housing for electrical equipment

Patent Citations (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US20040094319A1 (en) * 2002-11-15 2004-05-20 Juergen Koessler Junction box
US20130255988A1 (en) * 2008-08-27 2013-10-03 Bruce G. Phillips Open Back Junction Box and Method for Pre-fab Wiring
US20150325992A1 (en) * 2012-12-20 2015-11-12 Legrand France Electrical housing for electrical equipment

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US11316330B2 (en) Cable wall passthrough and kit
US6069317A (en) Junction box for facilitating the installation of electrical cable therein
IT8349321A1 (it) Sistema di pavimentazione cellulare e procedimento di messa in opera.
NL2016312B1 (nl) Aansluitdoos.
US5266741A (en) Unitary cable closure
EP1156566A3 (en) A junction box for electric cables
FI105586B (fi) Kaapelointia helpottava kaapelikouru
SK500192025U1 (sk) Elektroinštalačná krabica
BE1022073B1 (nl) Werkwijze voor het inbouwen van een functionele module in een wand en samenstel daarvoor
SE436957B (sv) Ram for en dorr
RU195036U1 (ru) Устройство для установки светильника
CN205791361U (zh) 楼宇智能化布线集线器
RU2310959C2 (ru) Основание монтажного короба, элемент закрытия, элемент облицовки и монтажный короб (варианты)
FR2660120A1 (fr) Plinthe pour distribution de courants electriques et electroniques.
GB2556022A (en) Electrical socket box
KR100972986B1 (ko) 가변 벽체용 배선박스
ATE429052T1 (de) Übergangsstückabdeckung für kabelleitung
BE1022712B1 (nl) Inbouwdoos voor elektrisch materiaal
GB2243251A (en) Junction box with locking hooks
BE1022718B1 (nl) Ophoogkader voor een inbouwdoos voor de montage van elektrotechnische componenten in een muur en werkwijze voor het monteren van een elektrotechnische component in een muur
FR2618825A1 (fr) Systeme de construction a partir d&#39;elements modulaires en matieres plastique (a garnir de beton, platre etc.)
EP3531521A1 (en) An electricity network infrastructure of a room
FI107087B (fi) Menetelmä ja järjestelmä rasiatiivisteen muodostamiseksi
BE1022038B1 (nl) Samenstel voor inbouw in een wand, en werkwijze voor het inbouwen van een dergelijk samenstel
BE1022035B1 (nl) Samenstel met functionele module en werkwijze voor het aansluiten en inbouwen van een dergelijke functionele module

Legal Events

Date Code Title Description
PD Change of ownership

Owner name: ABB SCHWEIZ AG; CH

Free format text: DETAILS ASSIGNMENT: CHANGE OF OWNER(S), MERGE; FORMER OWNER NAME: ABB TECHNOLOGY LTD.

Effective date: 20221223