NL7905901A - ALUMINUM ALLOY AND METHOD FOR MANUFACTURING A BAND FOR CANS AND COVERS OF SUCH ALLOY. - Google Patents

ALUMINUM ALLOY AND METHOD FOR MANUFACTURING A BAND FOR CANS AND COVERS OF SUCH ALLOY. Download PDF

Info

Publication number
NL7905901A
NL7905901A NL7905901A NL7905901A NL7905901A NL 7905901 A NL7905901 A NL 7905901A NL 7905901 A NL7905901 A NL 7905901A NL 7905901 A NL7905901 A NL 7905901A NL 7905901 A NL7905901 A NL 7905901A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
alloy
magnesium
manganese
strip
rolled
Prior art date
Application number
NL7905901A
Other languages
Dutch (nl)
Original Assignee
Coors Container Co
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority claimed from US05/931,036 external-priority patent/US4260419A/en
Priority claimed from US05/931,041 external-priority patent/US4282044A/en
Priority claimed from US05/931,040 external-priority patent/US4269632A/en
Application filed by Coors Container Co filed Critical Coors Container Co
Publication of NL7905901A publication Critical patent/NL7905901A/en

Links

Classifications

    • CCHEMISTRY; METALLURGY
    • C22METALLURGY; FERROUS OR NON-FERROUS ALLOYS; TREATMENT OF ALLOYS OR NON-FERROUS METALS
    • C22CALLOYS
    • C22C21/00Alloys based on aluminium
    • C22C21/06Alloys based on aluminium with magnesium as the next major constituent
    • C22C21/08Alloys based on aluminium with magnesium as the next major constituent with silicon
    • CCHEMISTRY; METALLURGY
    • C22METALLURGY; FERROUS OR NON-FERROUS ALLOYS; TREATMENT OF ALLOYS OR NON-FERROUS METALS
    • C22FCHANGING THE PHYSICAL STRUCTURE OF NON-FERROUS METALS AND NON-FERROUS ALLOYS
    • C22F1/00Changing the physical structure of non-ferrous metals or alloys by heat treatment or by hot or cold working
    • C22F1/04Changing the physical structure of non-ferrous metals or alloys by heat treatment or by hot or cold working of aluminium or alloys based thereon
    • C22F1/05Changing the physical structure of non-ferrous metals or alloys by heat treatment or by hot or cold working of aluminium or alloys based thereon of alloys of the Al-Si-Mg type, i.e. containing silicon and magnesium in approximately equal proportions

Landscapes

  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Materials Engineering (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Metallurgy (AREA)
  • Organic Chemistry (AREA)
  • Physics & Mathematics (AREA)
  • Thermal Sciences (AREA)
  • Crystallography & Structural Chemistry (AREA)
  • Manufacture And Refinement Of Metals (AREA)
  • Metal Rolling (AREA)
  • Materials For Medical Uses (AREA)
  • Closures For Containers (AREA)

Description

j _ ·* , ; ψ* ï ï vo 8209j _ · *,; ψ * ï ï vo 8209

Coors Container CompanyCoors Container Company

Golden, Colorado, herenigde Staten van Amerika.Golden, Colorado, United States of America.

Aluminiumlegering alsmede -werkwijze voor het vervaardigen van een hand voor blikken en deksels uit een dergelijke legering.Aluminum alloy as well as a method of making a hand for cans and lids from such an alloy.

De uitvinding heeft betrekking op een aluminium! ege-ring met magnesium en mangaan als essentiële legeringsbestanddelen, alsmede een werkwijze voor het vervaardigen van een voor het maken : van diepgetrokken en gestrekte bliklichamen, alsmede deksels geschikte 5 -band uit een dergelijke aluminiumlegering.The invention relates to an aluminum! alloy with magnesium and manganese as essential alloying constituents, as well as a method for manufacturing a 5-strip of such an aluminum alloy suitable for making deep-drawn and stretched can bodies, as well as lids.

Houders uit η-Ί-ηττηττη-πη bestemd voor levensmiddelen en dranken worden sinds ongeveer 19^0 met groot succes vervaardigd. Onder het begrip "houder” worden hier alle produkten uit aluminiumblik begrepen, die zodanig gevormd zijn dat zij een materiaal kunnen op-10 nemen, zoals b.v. blikken voor koolzuurhoudende dranken, vacuumblikken, alsmede houderdelen zoals volledig verwijderbare deksels en scheur-ringdéksels. Het begrip "blik" heeft betrekking op een volledig gesloten, ten opzichte van inwendige en uitwendige druk, bestendige houder, zoals b.v. vacuumblikken en blikken voor koolzuurhoudende 15 dranken.Containers made of η-Ί-ηττηττη-πη have been manufactured with great success since approximately 19 ^ 0. The term "container" here encompasses all aluminum can products which are formed in such a way that they can absorb a material, such as, for example, cans for carbonated drinks, vacuum cans, as well as container parts such as fully removable lids and tear-off lids. "can" refers to a completely closed container, which is resistant to internal and external pressure, such as eg vacuum cans and cans for carbonated drinks.

Oorspronkelijk werden slechts de deksels van de blik- t ken uit aluminium vervaardigd en als "soft tops" aangeduid. Deze deksels hadden nog niet het kenmerk van een gemakkelijk te openen bliksluiting en werden uit legering AA 5086 vervaardigd. Het intro-20 duceren van deksels die de eigenschap hadden dat zij als bliksluiting gemakkelijk te openen waren, zoals b.v. de "ring pull" deksels maakte de toepassing van beter vervormbare legeringen nodig zoals AA 5182, .Originally, only the lids of the cans were made of aluminum and referred to as "soft tops". These lids were not yet characterized by an easy-open can closure and were made of alloy AA 5086. The introduction of lids which have the property of being easy to open as a can closure, such as e.g. the ring pull covers necessitated the use of more deformable alloys such as AA 5182,.

5082 en 5052. De meest toegepaste legeringen 5082 en 5052 bezitten een hoog magnesiumgehalte (*1·,0 - 5,0% Mg) en zijn derhalve verhoudings-25 gewijze hard vergeleken met de voor de bliklichamen toegepaste legeringen. Legering 5052 werd in eenrste instantie voor in meerdere trappen diepgetrokken, niet onder druk staande houders toegepast, aangezien deze voor de meeste toepassingsgebieden van blikken geen voldoende hoge sterkte bezit.5082 and 5052. The most commonly used alloys 5082 and 5052 have a high magnesium content (* 1.0-0.0% Mg) and are therefore relatively hard compared to the alloys used for the can bodies. Alloy 5052 was initially used for multi-stage deep-drawn, non-pressurized containers, since it does not have sufficiently high strength for most fields of application of cans.

790 5 9 01 ' 2790 5 9 01 '2

Kort na het invoeren van; blikdeksels uit aluminium werden ook bliklichamen uit aluminium ingevoerd. Aluminium· bliklicha-men werden in het begin als onderdelen van een driedelig blik gemaakt, zoals dit voor de gebruikelijke tinnen blikken reeds bekend 5 was. Driedelige blikken bestaan uit twee uiteinden en een cilindrisch gevormd, met een naad voorzien, bliklichaam. Bij blikken voor dranken heeft het nieuw ontwikkelde tweedelige blik het driedelige blik geleidelijk verdrongen. Tweedelige blikken bestaan uit een deksel en een naadloos bliklichaam met een daarmee een geheel vormende bodem. Blik-10 lichamen van tweedelige blikken worden in meerdere trappen door diep-trekken en strekken gevormd.Shortly after entering; aluminum can lids were also imported aluminum can bodies. Aluminum can bodies were initially made as parts of a three-piece can, as was already known for conventional tin cans. Three-piece cans consist of two ends and a cylindrical shaped, seamed can body. In beverage cans, the newly developed two-piece can has gradually supplanted the three-piece can. Two-piece cans consist of a lid and a seamless can body with an integral bottom. Can-bodies of two-piece cans are formed in several stages by deep drawing and stretching.

In het Amerikaanse octroorschrift 3.402.591 wordt een inrichting beschreven ter vervaardiging van diepgetrokken en gestrekte blikken. Bij het dieptrekken en strekken wordt het bliklichaam 15 gevormd uit een cirkelvormig stuk blik of plaat, dat in een eerste trap tot een nap wordt getrokken. De zijwand wordt dan verlengd en dunner,, gemaakt, doordat de nap door een reeks trekringen met af nemende boringen loopt. De trekringen hebben een strekeffeet tot gevolg, waardoor de zijwand in de lengte wordt uitgerekt, en aldus de vervaar-20 diging van een bliklichaam mogelijk wordt, waarvan de zijwand dunner is dan de bodem. Ter vervaardiging van bliklichamen uit tweedelige blikken wordt het meest legering AA 3004 toegepast, aangezien deze voor de dieptrek- en strektrap een voldoende goede vervormings- stevigheids- en slijtbestendigheid ten opzichte van werktuigen bezit. Deze 25 eigenschappen zijn een functie van het lage gehalte van de legering aan magnesium (0,3 - 1,8#) en mangaan (1,0 - 1,5#)·U.S. Pat. No. 3,402,591 discloses an apparatus for making deep drawn and stretched cans. In deep drawing and stretching, the can body 15 is formed from a circular piece of can or plate, which is drawn into a cup in a first stage. The sidewall is then extended and made thinner, as the cup passes through a series of pull rings with decreasing bores. The pull rings result in a stretching effect, whereby the side wall is stretched longitudinally, thus enabling the manufacture of a can body, the side wall of which is thinner than the bottom. For the production of can bodies from two-piece cans, the most alloy AA 3004 is used, since it has a sufficiently good deformation strength and wear resistance compared to tools for the deep drawing and stretching step. These properties are a function of the low alloy content of magnesium (0.3 - 1.8 #) and manganese (1.0 - 1.5 #)

Het nadeel van de momenteel toegepaste legering AA 3004 bestaat erin dat deze voor het bereiken van de gewenste eind-eigenschappen aan een langdurige gloeiing of homogenisering bij hoge 30 temperatuur moet worden onderworpen. Het gebruikelijke gloeien is echter één van de grootste kostenfactoren bij de vervaardiging van blik. Bovendien is de gietsnelheid voor legering 3004 betrekkelijk klein en bij amdeskundig gieten blijken grove primaire segregaties te worden gevoimd.The drawback of the currently used alloy AA 3004 consists in that it must be subjected to a long-term annealing or high temperature homogenization in order to achieve the desired end properties. However, the usual annealing is one of the biggest cost factors in the manufacture of can. In addition, the casting speed for alloy 3004 is relatively low, and expert casting proves to involve coarse primary segregations.

35 Er zijn reeds eerder andere legeringen voor toepassing voor bliklichamen in aanmerking genomen, zoals b.v, legering AA 3004.Other alloys for use in can bodies have previously been considered, such as, for example, alloy AA 3004.

7 9 0 5 9 01 37 9 0 5 9 01 3

Deze legering voldoet -wel aan alle eisen van vervormtaarheid bij diept rekken en strekken, maar men is daarvan afgestapt vanwege de bij economische materiaaldikten geringe sterkte van deze legering.This alloy fulfills all the requirements for deformability in deep stretching and stretching, but has been abandoned because of the low strength of this alloy at economic material thicknesses.

Zoals bovenbeschreven wijken de conventionele lege-5 ringen voor blikdeksels en lichamen wat hun samenstelling betreft duidelijk van elkaar af, zoals uit tabel A blijkt. De aangegeven getalswaarden zijn gew.#» die overigens in de gehele beschrijving worden toegepast. Voor zover niet anders aangeduid, geven de in tabel A aangegeven gewichtsprocenten de maximale waarden aan. De aan-10 duiding AA en de daarbij behorende getalsaanduidingen hebben betrekking op het klasseringssysteem van de Aluminium Association. CSk2 heeft betrekking op een door Alcan ontwikkelde en hierna verder beschreven legering voor blikdeksels en scheurringen.As described above, the conventional blankings for can lids and bodies differ significantly in their composition, as shown in Table A. The indicated numerical values are wt # which, incidentally, are used throughout the description. Unless otherwise specified, the percentages by weight shown in Table A indicate the maximum values. The designation AA and the associated numerical indications refer to the classification system of the Aluminum Association. CSk2 relates to an alloy developed by Alcan and further described below for can lids and tear rings.

Momenteel wordt een intensief onderzoek verricht naar 15 alternatieve energie- en grondstofbronnen alsmede het oplossen van de in het bijzonder bij de drankindustrie aanwezige problemen van verspilling en af val van materiaal. Men streeft er naar dit te bereiken door het tot stand brengen van een gesloten re cyclings -programma in de aluminiumblikindustrie, samengesteld uit (1) het verzamelen en 20 terugnemen van de gebruikte lege aluminiumblikken voor koolzuurhoudende en andere dranken en (2) het opnieuw toepassen van de gebruikte aluminiumblikken ter vervaardiging van nieuwe blikken.Intensive research is currently being carried out into alternative energy and raw material sources as well as solving the problems of waste and waste of material, particularly in the beverage industry. The aim is to achieve this by establishing a closed recycling program in the aluminum can industry, composed of (1) collecting and taking back the used empty aluminum cans for carbonated and other drinks and (2) re-applying of the aluminum cans used to manufacture new cans.

Bij het gerede blik zijn de deksel en het lichaam praktisch onscheidbaar aan elkaar verbonden, zodat een economisch re-25 cyclings-systeem moet berusten op toepassing van het totale blik. Als gevolg daarvan wijkt de samenstelling van de smelt van gerecirculeerde blikken aanmerkelijk af van de samenstellingen van de conventionele legeringen voor blikdeksels en lichamen. Hierna worden legeringen en banden voor het vervaardigen van bliklichamen als bliklegerin-30 gen resp. blikbanden en legeringen’en banden ter vervaardiging van deksels als deksellegeringen resp. dekselbanden aangeduid. Wenst men uit de smelt van gerecirculeerde blikken weer de oorspronkelijke legerings-samenstellingen te verkrijgen dan dienen aanmerkelijke hoeveelheden aan primair resp. een zuiver aluminium, te worden toegevoegd om een 35 conventionele bliklegering te verkrijgen; dienovereenkomstig moeten 790 5 9 01 b nog grotere hoeveelheden aan primair aluminium voor het opnieuw vervaardigen van conventionele dehsellegeringen worden toegevoegd.In the finished can, the lid and the body are practically inseparably connected to each other, so that an economic recycling system must rely on the application of the entire can. As a result, the melt composition of recycled cans differs markedly from the compositions of the conventional can lid and body alloys. In the following, alloys and belts for the manufacture of can bodies such as can alloys, respectively. tinplate tapes and alloys and tapes for the manufacture of lids as lid alloys resp. lid bands indicated. If it is desired to regain the original alloy compositions from the melt of recycled cans, then considerable amounts of primary or. a pure aluminum, to be added to obtain a conventional tinplate alloy; accordingly, even greater amounts of primary aluminum must be added to remanufacture conventional alloy alloys.

790 5 9 01 f 5 oj ΙΛ ΙΛ tr\ ΙΛ ΙΑ ΙΛ g r- τ— τ— τ— τ— τ— _l3 α λ a a λ λ cooooooo <u -p u 0 s d 0 Ö 0 ΙΑ ΙΛ ΙΑ ΙΑ ΙΛ 1Λ790 5 9 01 f 5 oj ΙΛ ΙΛ tr \ ΙΛ ΙΑ ΙΛ g r- τ— τ— τ— τ— τ— _l3 α λ a a λ λ cooooooo <u -p u 0 s d 0 Ö 0 ΙΑ ΙΛ ΙΑ ΙΑ ΙΛ 1Λ

<HOOOOOO<HOOOOOO

pi λ λ λ λ λ λ cd Ο Ο Ο Ο Ο Ο § ο ο οpi λ λ λ λ λ λ cd Ο Ο Ο Ο Ο Ο § ο ο ο

Cd I I τ— J τ- +3 I I « η I λ •Η I I Ο Ο I Ο Ε-ι vj Ο ΙΑ ΙΑ ΙΑ Ο ΙΛCd I I τ— J τ- +3 I I «η I λ • Η I I Ο Ο I Ο Ε-ι vj Ο ΙΑ ΙΑ ΙΑ Ο ΙΛ

Ö τ- CM CM CM *- CUÖ τ- CM CM CM * - CU

.pj a Α Λ Λ Λ A.pj a Α Λ Λ Λ A

Μ Ο Ο Ο Ο Ο Ο ΙΤ\ η ë Λ § Ο ΙΓν Ο Ο Ο I I τ- 1 τ- a I I * Λ 1Γ\ *» χ; I I Ο Ο *- Ο ° Ο* § η ο ο οο ο •Η » « » * « <έ Μ I Τ- ΙΑ ΙΑ (Μ -=ί·Μ Ο Ο Ο Ο Ο Ο ΙΤ \ η ë Λ § Ο ΙΓν Ο Ο Ο I I τ- 1 τ- a I I * Λ 1Γ \ * »χ; I I Ο Ο * - Ο ° Ο * § η ο ο οο ο • Η »« »*« <έ Μ I Τ- ΙΑ ΙΑ (Μ - = ί ·

0 I I 1 1 I I0 I I 1 1 I I

c I 00 Ο Ο OJ ο hfl Λ η Λ Λ Λc I 00 Ο Ο OJ ο hfl Λ η Λ Λ Λ

Cd Ο -3" -3" CVJ 00Cd Ο -3 "-3" CVJ 00

ΗΪ SΗΪ S

WW.

ο ο Ρ3 tr\ ιτ\ d ΙΑ ΙΑ » Λ <τ* cd λ λ Ο CAN Ο Οο ο Ρ3 tr \ ιτ \ d ΙΑ ΙΑ »Λ <τ * cd λ λ Ο CAN Ο Ο

C0 τ- τ— I τ— τ- IC0 τ- τ— I τ— τ- I

tl fcO I ΙΟ « λ ο S Ο Ο (Μ Ο Ο 04 cd * * « " S - - Ο οtl fcO I ΙΟ «λ ο S Ο Ο (Μ Ο Ο 04 cd * *« "S - - Ο ο

CMCM

η a Ο ΙΑ ΙΛ ΙΑ Ο ΙΛ 0 I CVI '— — "· ’ a a a a «* Ο ο ο ο ο ο ο * ο Ο ΙΛ ΙΛ ΙΛ a c— c— co cn cn 0 η " η λ Λ Ν Ο Ο Ο Ο Ο h> Η <ϋ fe + •Η a cq ρ ο ο ο οη a Ο ΙΑ ΙΛ ΙΑ Ο ΙΛ 0 I CVI '- - "·' aaaa« * Ο ο ο ο ο ο ο * ο Ο ΙΛ ΙΛ ΙΛ ac— c— co cn cn 0 η "η λ Λ Ν Ο Ο Ο Ο Ο h> Η <ϋ fe + • Η a cq ρ ο ο ο ο

•Η VO cn CM CV] ΙΑ\ CM• Η VO cn CM CV] ΙΑ \ CM

ο « η a a _3t nο «η a a _3t n

Η Ο Ο Ο Ο * OΗ Ο Ο Ο Ο * O

Η OO.

•H CQ• H CQ

toto

a cn CM CM CM CMa cn CM CM CM CM

•Η Ο O CO CO 1Λ -=t• Η Ο O CO CO 1Λ - = t

in Ο O *- O O CQin Ο O * - O O CQ

0 m η ia ia ia o ω0 m η ia ia ia o ω

3 3 5 5 S S3 3 5 5 S S

790 5 9 01 * 6790 5 9 01 * 6

Het zou derhalve voordelig zijn voor deksels en blik-lichamen een aluminium! egering met een en dezelfde samenstelling te kunnen toepassen, zodat hij het weer smelten van deze blikken geen aanpassing van de legeringssamenstelling noodzakelijk zou zijn. Dit 5 voordeel werd reeds in het Amerikaanse oetrooischrift 3.787.21+8 beschreven, waarin wordt voorgesteld zowel de deksels alsook de blik-lichamen uit een legering van het type AA 3004 te vervaardigen, waarbij de voor de deksels noodzakelijke vormhaarheid door een warmtebehandeling wordt bereikt. Het in het Amerikaanse oetrooischrift 10 voorgestelde proces houdt in. dat men het produkt na het koud walsen op een hogere temperatuur houdt. Bovendien zouden de in het Amerikaanse· oetrooischrift voorgestelde legeringssamenstellingen een samenstelling van de smelt tot gevolg hebben die duidelijk is te onderscheiden van een smelt van conventionele, tweedelige blikken met ver-15 schillende blik- en deksellegeringen.It would therefore be advantageous for aluminum lids and can bodies! alloy with one and the same composition, so that the re-melting of these cans would not require any modification of the alloy composition. This advantage has already been described in United States Patent Specification 3,787.21 + 8, which proposes to manufacture both the lids and the can bodies from an alloy of the type AA 3004, whereby the shape hair necessary for the lids is achieved by a heat treatment . The process proposed in U.S. Pat. No. 10 involves. that the product is kept at a higher temperature after cold rolling. In addition, the alloy compositions proposed in the United States Patent Specification would result in a melt composition that is clearly distinguishable from a melt of conventional two-piece cans with different can and lid alloys.

Aan de uitvinding ligt nu de opgave ten grondslag te voorzien in een aluminiumlegering en een werkwijze ter vervaardiging van een voor het maken van diepgetrokken en gestrekte blikliehalmen, alsmede deksels geschikte band, waarbij het opnieuw toepassen 20 van gebruikte aluminiumblikken en blikdelen door opsmelten daarvan en aanpassen van de smelt aan de gewenste samenstelling op economische wijze mogelijk is. Volgens de uitvinding wordt dit doel bereikt door een legering, die 1,3 - 2,5$ magnesium, 0,4 - 1,0$ mangaan, 0,ΙΟ, 9$ ijzer, 0,1 - 1,0$ silicium, 0,05 - 0,4$ koper, 0 - 0,-2$ titaan met 25 als rest aluminium bevat, waarbij het totale gehalte aan magnesium en mangaan tussen 2,0 en 3,3$ ligt en de verhouding van magnesium tot mangaan tussen 1,4 : 1 en 4,4 : 1 ligt.The object of the invention is now to provide an aluminum alloy and a method for manufacturing a strip suitable for making deep-drawn and stretched tin strips, as well as lids, wherein the re-use of used aluminum cans and tin parts by melting them and adapting them of the melt to the desired composition is economically possible. According to the invention, this object is achieved by an alloy containing 1.3 - 2.5 $ magnesium, 0.4 - 1.0 $ manganese, 0. ΙΟ, 9 $ iron, 0.1 - 1.0 $ silicon, 0.05 - 0.4 $ copper, 0 - 0.2 - $ titanium with 25 as the balance aluminum, the total magnesium and manganese content being between 2.0 and 3.3 $ and the magnesium to manganese ratio is between 1.4: 1 and 4.4: 1.

De werkwijze volgens de uitvinding is daardoor gekenmerkt, dat 30 a) een smelt uit een aluminiumlegering wordt bereid, welke aluminiumlegering naast gebruikelijke verontreinigingen als essentiële bestanddelen 1,3 - 2,5$ magnesium en 0,4 - 1,0$ mangaan bevat, waarbij het totale gehalte aan magnesium en mangaan tussen 2,0 en 3,3$ bedraagt en de verhouding van magnesium tot mangaan tussen 1,4 : 1 35 en 4,1 : 1 ligt; 790 5 9 01 7 b) de smelt bij een temperatuur van 700 - 750°C tot een staaf wordt gegoten; c) de staaf bij een. temperatuur van 550 - 700°C gedurende h - 6 uur wordt gehomogeniseerd; 5 d) de gehomogeniseerde staaf warm tot een band wordt uitgewalst en e) de warmgewalste band met een diktevermindering van ten minste ko% koud tot de einddikte wordt gewalst, De smelt van de werkwijze van de uitvinding kan uit ten minste k0% aluminiumschroot-10 metaal zijn samengesteld.The process according to the invention is characterized in that a) a melt is prepared from an aluminum alloy, which aluminum alloy contains, in addition to conventional impurities, as essential constituents 1.3-2.5 magnesium and 0.4-1.0 manganese, wherein the total magnesium and manganese content is between 2.0 and 3.3% and the magnesium to manganese ratio is between 1.4: 1 and 4.1: 1; 790 5 9 01 7 b) the melt is cast into a rod at a temperature of 700-750 ° C; (c) the bar at a. temperature of 550-700 ° C is homogenized for h-6 hours; D) the homogenized rod is rolled hot to a strip and e) the hot-rolled strip with a thickness reduction of at least ko% cold until the final thickness is rolled. The melt of the process of the invention can be made from at least KO% aluminum scrap. metal.

Figuur 1 toont een stroomdiagram voor het verduidelijken van de werkwijze van de uitvinding als deel van een recirculatie-systeem; figuur 2 een grafische voorstelling van de koud-15 versteviging van de onderhavige legering en van twee vergelijkings-legeringen afhankelijk van de koudvervorming; figuur 3 een grafische voorstelling van veranderingen van de mechanische eigenschappen van de onderhavige legering en een vergelijkingslegering bij thermische behandeling.Figure 1 shows a flow chart for explaining the method of the invention as part of a recirculation system; Figure 2 is a graphical representation of the cold reinforcement of the present alloy and of two comparative alloys depending on the cold deformation; Figure 3 is a graphic representation of changes in the mechanical properties of the present alloy and a comparison alloy in heat treatment.

20 De werkwijzen voor het smelten van verschillende ty pen schroot, het aanpassen van de smelt aan een gewenste samenstelling, het gieten van de smelt, de vervaardiging van het bandmateriaal en de aanmaak van de houders omvatten volgens fig, 1 een gesloten kringloopsysteem, waarin de door de fabrikatiemethode verkregen 25 schroot wordt gerecirculeerd en weer als grondstofmateriaal voor het proces wordt beschikbaar gesteld. Het in de uitvinding toegepaste schroot bevat schroot uit de vervaardiging van bandmateriaal (band-schroot), schroot uit de aanmaak van blikken (blikschroot) en ver-bruikersschroot.The methods for melting different types of scrap, adjusting the melt to a desired composition, pouring the melt, manufacturing the strip material and manufacturing the containers according to FIG. 1 comprise a closed loop system, in which the scrap obtained by the manufacturing method is recycled and made available again as raw material for the process. The scrap used in the invention contains scrap from the manufacture of belt material (belt scrap), scrap from the production of cans (tin scrap) and consumer scrap.

30 Onder verbruikersschroot worden produkten uit alumi- niumlegering verstaan, in het bijzonder blikken, die bedrukt, bekleed of anderszins zijn verontreinigd en daarna verkocht en gebruikt werden,30 Consumer scrap is understood to mean aluminum alloy products, in particular cans, which are printed, coated or otherwise contaminated and then sold and used,

De uitvinding is in het bijzonder aangepast voor 35 het toepassen van aluminiumblikschroot.The invention is in particular adapted for the use of aluminum can scrap.

790 5 9 01 8 * *790 5 9 01 8 * *

De hierboven aangegeven waarden stellen de ruime trajecten voor, alsmede de voorkeursgebieden van de samenstellingen van de legering volgens de uitvinding.The values indicated above represent the wide ranges as well as the preferred ranges of the alloy compositions of the invention.

De samenstelling van de legering kan tussen de aan-5_ gegeven trajecten variëren, maar de trajecten zelf zijn kritisch, in het bijzonder die van de hoofdlegeringselementen magnesium en mangaan. Magnesium, en mangaan bewerken samen door het feit dat zij in vaste oplossing· aanwezig zijn een mengkristalhardheidseffect in de onderhavige legering. Het is derhalve essentieel dat de concentra-10 ties van deze elementen binnen de aangegeven trajecten liggen; dat de verhouding van magnesium tot. mangaan een waarde tussen 1,1+ ; 1 en !+·,!+ : 1 vertoont, en dat het totale gehalte aan magnesium en mangaan tussen 2,0 en 3,3$ ligt.' Verdere spoorelementen die als verontreinigingen in recirculatiemethoden zijn te verwachten, zijn in de 15 onderhavige legeringssamenstelling tot een bepaalde grens toelaatbaar, zoals chroom tot ten hoogste 0,1$, zink tot ten hoogste 0,25$ en andere afzonderlijk tot ten hoogste 0,05$, tezamen tot ten hoogste 0,2$.The composition of the alloy may vary between the ranges indicated, but the ranges themselves are critical, particularly those of the main alloying elements magnesium and manganese. Magnesium, and manganese, together due to the fact that they are present in solid solution, effect a mixed crystal hardness effect in the present alloy. It is therefore essential that the concentrations of these elements are within the ranges indicated; that the ratio of magnesium to. manganese a value between 1.1+; 1 and! + ·,! +: 1, and that the total magnesium and manganese content is between 2.0 and 3.3 $. " Further trace elements expected as impurities in recirculation methods are permissible up to a certain limit in the present alloy composition, such as chromium up to 0.1 $, zinc up to 0.25 $ and others individually up to 0.05 $, together up to a maximum of 0.2 $.

Koper en ijzer zijn in de onderhavige samenstelling, 20 in verband met het feit dat zij steeds in verbruikers schroot aanwezig zijn, inbegrepen. De aanwezigheid van koper in een hoeveelheid tussen 0,05 en 0,1+ $ geeft een verbetering met het oog op lagere punt-vorming en bewerkt aanvullend een sterkte verhoging in de legering.Copper and iron are included in the present composition, due to the fact that they are always present in consumer scrap. The presence of copper in an amount between 0.05 and 0.1 + $ gives an improvement in view of lower point formation and additionally effects a strength increase in the alloy.

Om de aangegeven gebieden resp. voorkeursgebieden 25 van de samenstelling van de onderhavige legering te bereiken kan het noodzakelijk worden dé smelt aan te passen. Dit kan plaatsvinden door toevoeging van magnesium of mangaan of - ter verdunning van overtollige le gerings elementen - door toevoeging van niet-gelegeerd aluminium aan de smelt.To the indicated areas resp. To achieve preferred ranges of the composition of the present alloy, it may become necessary to adjust the melt. This can be done by adding magnesium or manganese or - to dilute excess alloying elements - by adding unalloyed aluminum to the melt.

30 De in totaal noodzakelijke energie ter vervaardiging van niet-gelegeerd primair aluminium uit het erts daarvan ligt ongeveer 20 x hoger dan de energiehoeveelheid die voor het smelten van . aluminiumschroot noodzakelijk is. Men kan derhalve aanmerkelijke hoeveelheden aan energie en kosten besparen, wanneer de voor de be-35 reiding van de gewenste legering noodzakelijke hoeveelheid primair alu- 790 5 9 01 f 9 minima zo laag mogelijk wordt gehouden. Is een overmaat aan magnesium aanwezig dan kan het magnesiumgehalte in de smelt ook door spoelen van de gesmolten legering met chloor worden verlaagd, waarbij het zich vormende niet-oplosbare magn.esiumchloride met de slakken wordt verwij-5 derd. Wegens magnesiumverlies uit de smelt en wegens de milieu-ver-ontreinigingsgevaren hij het werken met chloor is deze methode uiteraard niet bepaald gewenst.The total energy required to produce unalloyed primary aluminum from its ore is about 20 times higher than the amount of energy used for smelting. aluminum scrap is necessary. Substantial amounts of energy and costs can therefore be saved if the amount of primary aluminum required for the preparation of the desired alloy is kept as low as possible. If an excess of magnesium is present, the magnesium content in the melt can also be lowered by rinsing the molten alloy with chlorine, removing the insoluble magnesium chloride that forms with the slag. Of course, this method is not particularly desirable because of magnesium loss from the melt and because of the environmental pollution risks associated with working with chlorine.

Het aanpassen van de smelt kan ook door toevoeging van laaggelegeerd aluminium plaatsvinden, waarbij de legeringselemen-10 ten ter verdunning van overtollige elementen in overeenkomstige verhouding aanwezig zijn.The melt can also be adjusted by adding low-alloy aluminum, the alloy elements being present in a corresponding proportion to dilute excess elements.

Tabel B toont de samenstellingen van de legeringen AA. 3004 en 5182 alsmede de stoeehiometrische smeltsamenstelling, die verkregen wordt door het smelten-van typisch verbruikersschroot 15 uit blikken van de genoemde legeringen.Table B shows the compositions of the alloys AA. 3004 and 5182 as well as the stoichiometric melting composition obtained by melting typical consumer scrap from cans of said alloys.

TABEL· BTABLE · B

Legering (Typerende samenstelling) Primaire factor (%) 3004 5182 Smelt 3004 5182 van de onderhavige lege- 20__ring_Alloy (Typical Composition) Primary Factor (%) 3004 5182 Melt 3004 5182 of the Present Empty Ring

Magnesium 0,9 4,5 1,5 4o — ---Magnesium 0.9 4.5 1.5 4o - ---

Mangaan 1,0 0,25 0,8 --- 70 18 IJzer 0,45 0,25 0,4 — 39 3Manganese 1.0 0.25 0.8 --- 70 18 Iron 0.45 0.25 0.4 - 39 3

Silicium 0,2 0,12 0,2 -- 33 -- 25 Titaan 0,04 0,05 0,04 -- — ---Silicon 0.2 0.12 0.2 - 33 - 25 Titanium 0.04 0.04 0.04 - - ---

Koper 0,18 0,08 0,1 — 27Copper 0.18 0.08 0.1 - 27

In het getal van 1,5# magnesium in de kolom "smelt" is een magnesiumverlies van 0,3# tengevolge van de magnesiumoxyda-tie gedurende het insmelten inbegrepen. De in de tabel met "primaire 30 factor" aangegeven getalswaarden geven' de hoeveelheid primair of zuiver aluminium aan die moet worden, toegevoegd om elk element op de nominale samenstelling van AA '3004, 5182 of de onderhavige legering te brengen. De nominale samenstelling van de onderhavige legering zoals deze in de beschrijving en in de voorbeelden wordt toegepast is als 790 5 9 01 * 10 . volgt:The 1.5 # magnesium number in the "melt" column includes a 0.3 # magnesium loss due to magnesium oxidation during fusion. The numerical values indicated in the table with "primary 30 factor" indicate the amount of primary or pure aluminum to be added to bring each element to the nominal composition of AA "3004, 5182 or the present alloy. The nominal composition of the present alloy as used in the description and in the examples is as 790 5 9 01 * 10. follows:

Magnesium 1,8$Magnesium 1.8 $

Mangaan 0,7$ IJzer 0,1*5$ 5 Silicium. 0,25$Manganese 0.7 $ Iron 0.1 * 5 $ 5 Silicon. 0.25 $

Koper 0^2$Buyer 0 ^ 2 $

Titaan 0,05$Titan 0.05 $

Aangezien de voor de elementen in de legeringen AA 3001* en 5182 aangegeven gehalten, behalve voor mangaan en magne-10 sium, maximale waarden voorstellen is voor elke legering de grootste aangegeven primaire factor bepalend.Since the levels indicated for the elements in the alloys AA 3001 * and 5182, except for manganese and magnesium-10, represent maximum values, the largest stated primary factor is decisive for each alloy.

Zo toont, tabel B dat een- hoeve elheidv zuiver aluminium .overeenkomend met”.4.0$ van het· smeltgewicht moet worden toegevoegd, wanneer men het gehalte aan magnesium in de smelt op de type-15 rende hoeveelheid van 0,9$ van AA 3004 wil terugbrengen. Op soortgelijke wijze dient men een hoeveelheid zuiver aluminium overeenkomend met 70$ van het smeltgewicht toe te voegen wanneer men het gehalte aan mangaan in de smelt tot de typerende 0,25$ van AA 5182 wil terugbrengen. Daarentegen zijn slechts 18$ zuiver aluminium nodig om het 20 mangaangehalte in de smelt op de nominale waarde van de legering van de .werkwijze van de uitvinding te brengen.For example, Table B shows that a quantity of pure aluminum corresponding to "4.0% of the melt weight" must be added when the magnesium content in the melt is added to the 0.9 type amount of AA. 3004 wants to return. Similarly, an amount of pure aluminum corresponding to 70% of the melt weight is to be added if one is to reduce the manganese content in the melt to the typical 0.25% of AA 5182. In contrast, only 18% pure aluminum is needed to bring the manganese content in the melt to the nominal value of the alloy of the process of the invention.

Tabel C toont dezelfde verhoudingen met betrekking tot het bandschroot met een fractie van 88$ AA 3004 en 12$ CS 42.Table C shows the same proportions with respect to the tire scrap with a fraction of 88 $ AA 3004 and 12 $ CS 42.

TABEL CTABLE C

pCpC

7 Legering (Typerende samenstelling) Primaire factor ($) 3004 CS42 Smelt 3004 CS42 . onderhavige ___ legering7 Alloy (Typical Composition) Primary Factor ($) 3004 CS42 Melt 3004 CS42. present ___ alloy

Magnesium 0,9 3,5 1,21 26Magnesium 0.9 3.5 1.21 26

Mangaan 1,0 0,25 0,91 — 73 23 30 IJzer 0,45 0,25 0,43 — 42 5Manganese 1.0 0.25 0.91 - 73 23 30 Iron 0.45 0.25 0.43 - 42 5

Silicium 0,2 0,12 0,19 — 37Silicon 0.2 0.12 0.19 - 37

Titaan 0,04 0,05 0,04 — — —Titanium 0.04 0.04 0.04 - - -

Koper 0,18 0,08 0,17 — 53 790 5 9 01 11Copper 0.18 0.08 0.17 - 53 790 5 9 01 11

Volgens tabel C zou er dientengevolge 26% primair aluminium noodzakelijk zijn om het magnesiumgehalte van de smelt op de voor AA 3004 typerende vaarde van 0 ,9% te laten dalen. Tevens zou 73$ primair aluminium noodzakelijk zijn om het mangaangehalte van de 5 smelt op de waarde van 0,25$ van de Cs 42- samenstelling te brengen. Daarentegen zou men slechts 23% primair aluminium nodig hebben om het mangaangehalte van de smelt op het nominale gehalte van de onderhavige legering te laten dalen.According to Table C, 26% primary aluminum would therefore be required to decrease the magnesium content of the melt at the 0.9% AA 3004 typical rate. Also, $ 73 primary aluminum would be necessary to bring the manganese content of the melt to the value of $ 0.25 of the Cs 42 composition. In contrast, only 23% of primary aluminum would be required for the manganese content of the melt to drop to the nominal content of the present alloy.

Uit tabellen B en C blijkt dat bij de samenstelling 10 van. de onderhavige legering- voor het opwerken van de smelt minder dan 25% niet gelegeerd aluminium noodzakelijk is. Er is aldus een kleinere hoeveelheid primair aluminium nodig dan voor het opwerken van elk van de andere békende houderlegeringen.Tables B and C show that in the composition 10 of. the present alloy requires less than 25% unalloyed aluminum to work up the melt. Thus, a smaller amount of primary aluminum is required than to work up each of the other known container alloys.

De tabellen tonen tevens aan dat het type schroot 15 in de smelt invloed heeft op de voor het bereiken van een gewenste smeltsamenstelling noodzakelijke hoeveelheid primair metaal. De onderhavige legeringssamenstelling kan afhankelijk van het type van de aan het smeltsysteem toegevoerde schroot ook door toepassing van 100/» schroot worden bereikt. Een typische blikfabrikatie-installatie 20 heeft b.v. 83% bliktand (AA 3004) en 17$ dekselband (Cs 42) nodig.The tables also show that the type of scrap in the melt influences the amount of primary metal necessary to achieve a desired melt composition. Depending on the type of scrap supplied to the melting system, the present alloy composition can also be achieved by using 100 / scrap. A typical can manufacturing plant 20 has e.g. 83% can tooth (AA 3004) and 17 $ lid band (Cs 42) needed.

Van de bij de blikvervaardiging als afval verkregen en weer in te smelten 21,6% schroot blijken 24,9$ afkomstig te zijn van blik- en '2,7$ van dekselschroot. Aan de smelt kan schroot uit de blikfabri-katieinstallatie en verbruikt schroot in de vorm van teruggevoerde, 25 gebruikte blikken worden toegevoegd. Wanneer men een smeltverlies van 5% betrokken op de blikfabrikat ie schroot en van 8% betrokken op de door de verbruikers teruggegeven blikken aanneemt dan vereist de terugvoering van alle op een dergelijke installatie vervaardigde blikken een toevoeging van slechts 1,2% primair aluminium aan- de smelt .opdat 30 de onderhavige legeringssamenstelling wordt bereikt. Deze hoeveelheid kan door toepassing van andere schrootlegeringen in de smelt, met inbegrip van de toepassing van schroot uit de onderhavige legering, verder worden teruggebracht. Bij de toepassing van bekende le-geringssamenstellingen was het tot dusver niet mogelijk de vereiste 35 hoeveelheid primair aluminium, die voor het bereiken van een bruikbare 790 5 9 01 i * 12 smeltsamenstelling uit verbruikersschroot noodzakelijk is, op minder dan b0% van het schroot gewicht in de smeltoven terug te brengen- Met de uitvinding is het mogelijk de onderhavige legeringssamenstelling te vormen uit ten minste b-0% schroot, via een groter bereik van frac-5 ties van bandschroot, blikschroot en verbruikers schroot.Of the 21.6% scrap obtained as waste and can be re-melted in the tin production, $ 24.9 appear to come from tinplate and $ 2.7 from lid scrap. Scrap from the can manufacturing plant and spent scrap in the form of recycled used cans can be added to the melt. Assuming a melting loss of 5% based on the scrap metal can and 8% based on the cans returned by the consumers, the return of all cans manufactured on such an installation requires the addition of only 1.2% primary aluminum. the melt to achieve the present alloy composition. This amount can be further reduced by using other scrap alloys in the melt, including using scrap from the present alloy. In the use of known alloy compositions, it has hitherto not been possible to obtain the required amount of primary aluminum, which is necessary to achieve a useful 790 5 9 01 * 12 melt composition from consumer scrap, at less than 10% of the scrap weight in the melting furnace. With the invention it is possible to form the present alloy composition from at least b-0% scrap, through a wider range of fractions of strip scrap, can scrap and consumer scrap.

De onderhavige legering heeft talrijke voordelen, die daaruit voortvloeien dat de legeringssamenstelling uitgaande van de smelt wordt bereikt. Een eerste voordeel is, als reeds vernield, het feit dat de onderhavige legering gemakkelijk uit de recycling van 10 momenteel aanwezig aluminiumschroot verkregen kan warden. Een verder-voordeel is te zien in het feit dat de onderhavige legering een breed tolerantiegebied voor silicium, ijzer, koper en andere elementen vertoont, die bij gebruikelijke legeringen.als ongewenste- verontreinigingen worden beschouwd, maar die echter in verbruikersschroot onver-15 mijdelijk aanwezig zijn. Zo mag b.v. een verhoudingsgewijs hoge concentratie van titaan aanwezig zijn, hetgeen vanuit het standpunt van de recirculatie bijzonder belangrijk is, aangezien een groot deel van het verbruikersschroot titaanoxyde bevat, dat gedurende het smelten wordt gereduceerd en in de gesmolten legering oplost. Een breed 20 tolerantiebereik voor titaan is verder belangrijk, omdat het titaan-gehalte in de smelt stijgt, wanneer'schroot in op elkaar volgende cyclussen wordt versmolten. De te verwachten concentratie in het gebied tussen 0,15 en 0,20$ mag ook in de onderhavige legering aanwezig zijn.The present alloy has numerous advantages, which result from the fact that the alloy composition is achieved from the melt. A first advantage is, as already destroyed, the fact that the present alloy can easily be obtained from the recycling of aluminum scrap currently present. A further advantage can be seen in the fact that the present alloy exhibits a wide tolerance range for silicon, iron, copper and other elements, which are considered undesirable impurities in conventional alloys, but which are inevitably present in consumer scrap. to be. For example, e.g. a relatively high concentration of titanium is present, which is particularly important from the recycle point of view, since much of the consumer scrap contains titanium oxide, which is reduced during melting and dissolves in the molten alloy. A wide tolerance range for titanium is further important because the titanium content in the melt increases as scrap is melted in successive cycles. The expected concentration in the range between 0.15 and 0.20 $ may also be present in the present alloy.

25 Als verder voorbeeld kan de legering een naar ver houding grote fractie silicium uit in het schroot aanwezig zand of vuil vertonen. De onderhavige legering tolereert deze hoeveelheid en heeft bovendien het voordeel dat bij siliciumgehalten boven 0,^5$ en bij de boven genoemde elementbereiken een warmtebehandeling mogelijk 30 is. De warmtebehandeling heeft betrekking op de werkwijze waarbij' een legering op een temperatuur wordt verhit, die voldoende hoog is dat de oplosbare legeringselementen of -componenten (MggSi) in vaste oplossing worden gebracht, typerend bij 510 - 610°C. De legering wordt dan afgeschrikt om deze elementen in oververzadigde, vaste op-35 lossing te verkrijgen. Aansluitend wordt de legering hetzij bij kamer- 790 59 01 13 temperatuur of tij verhoogde temperatuur verouderd, waarbij gedurende deze tijd afzettingen gevormd worden die tot uitharding van de legering aanleiding geven. De uitharding kan bij temperaturen plaatsvinden zoals deze bij het inbranden van polyme.erbeklsdingen van aluminium-5 · houders gebruikelijk zijn, zoals verder hierna beschreven. Dit maakt toepassing van vervaardigingsmethoden mogelijk, waarbij blikken met kleinere sterkte verkregen worden als deze anders voor blikken in door walsen geharde toestand noodzakélijk zouden zijn.As a further example, the alloy may exhibit a relatively large fraction of silicon from sand or dirt present in the scrap. The present alloy tolerates this amount and moreover has the advantage that heat treatment is possible at silicon contents above 0.5% and at the above-mentioned element ranges. The heat treatment refers to the process of heating an alloy to a temperature sufficiently high that the soluble alloy elements or components (MggSi) are brought into solid solution, typically at 510-610 ° C. The alloy is then quenched to obtain these elements in supersaturated solid solution. Subsequently, the alloy is aged either at room temperature or at an elevated temperature or temperature, during which time deposits are formed which give rise to the alloy curing. Curing can take place at temperatures as are customary in the burning of polymer coatings of aluminum containers, as described further below. This permits the use of manufacturing methods which produce cans of lower strength if they would otherwise be required for roll-cured cans.

ÏTadat de legering in de smeltoven op de gewenste 10 samenstelling is ingesteld wordt de smelt behandeld om opgeloste waterstof en niet-metallische insluitsels, die het gieten van de legering alsmede de kwaliteit van het vervaardigde blik nadelig zouden beïnvloeden te verwij deren. Hiertoe wordt een gasmengsel uit chloor en een inert gas, zoals stikstof of argon, door ten minste een invoerbuis 15 uit koolstof geleid, die zich op de bodem van de oven bevindt, en waarmede een gasspoeling van de smelt mogelijk is. Het gasmengsel wordt in een blaasstroaa gedurende ongeveer 20 - Uo min door de gesmolten legering geleid, waarbij de zich vormende slak aan het oppervlak van de smelt drijft en van daar uit door middel van een bepaal-20 de geschikte methode wordt afgeschept. Het lage magnesiumgehalte van de onderhavige legering geeft aanleiding tot minder slak en een kleinere magnesiumafbrand dan de legeringen AA. 5082, 5182 en andere gebruikelijke deksellegeringen. De uitgeputte legering wordt dan door middel van een filterbed uit vuurvast materiaal, zoals b.v. alumi-25 niumoxyde, van niet-metallische insluitsels bevrijd. Ter verdere ontgas sing van de legering wordt nogmaals een gasmengsel, zoals dit boven werd beschreven, in tegenstroom door de smelt geleid.After the alloy is set to the desired composition in the melting furnace, the melt is treated to remove dissolved hydrogen and non-metallic inclusions, which would adversely affect the casting of the alloy as well as the quality of the can produced. To this end, a gas mixture of chlorine and an inert gas, such as nitrogen or argon, is passed through at least one carbon feed tube 15 located at the bottom of the furnace, which allows gas melt flushing. The gas mixture is passed through the molten alloy in a blower for about 20 - 15 min, the forming slag floating on the surface of the melt and skimmed from there by a suitable method. The low magnesium content of the present alloy gives rise to less slag and less magnesium burning than the alloys AA. 5082, 5182 and other conventional cover alloys. The depleted alloy is then made by means of a filter bed of refractory material, such as e.g. aluminum oxide, freed from non-metallic inclusions. To further degas the alloy, a gas mixture, as described above, is again passed through the melt in counter-current.

De gesmolten legering met deronderhavige samenstelling kan door middel van bekende strengpersmethoden tot staven worden 30 gegoten. Bij het gieten in de coquille bedraagt de temperatuur van het van de metaalsmelt voor de onderhavige legering 700 - 750°C.The molten alloy of the present composition can be cast into bars by known extruder methods. When pouring into the mold, the temperature of the metal melt for the present alloy is 700-750 ° C.

De legering volgens de uitvinding kan in een tevoren aangebrachte coquille voor walsstaven worden gegoten met een snelheid van meer dan 110 kg/minuut, terwijl vergelijkingsgewijze legering 35 AA. 300U met een maximale snelheid van 110 kg/minuut kan worden gegoten.The alloy according to the invention can be cast into a pre-arranged roll bar mold at a rate of more than 110 kg / minute, while comparatively alloy is 35 AA. 300U with a maximum speed of 110 kg / minute can be cast.

790 5 9 01 14790 5 9 01 14

De onderhavige legering kan sneller worden gegoten in verband met de kleinere korrelgrootte daarvan, de kleinere dendrietarmafstanden de de kleinere primaire afzettingen van (FéHm)Alg. Door deze eigenschappen ontstaan ook minder scheuren gedurende het gieten, hetgeen 5 tot een vermindering van het afvalschroot van de door strengpersen gegoten staven leidt.The present alloy can be cast faster because of its smaller grain size, the smaller dendrite arm spacings, and the smaller primary deposits of (FeHm) Alg. These properties also result in fewer cracks during casting, which leads to a reduction in waste scrap from the bars cast by extruded bars.

De gegoten- staven worden dan ter verwijdering -Tan onregelmatigheden in de samenstelling van de walsoppervlakken mechanisch. gefreesd. Er is gebleken, dat staven volgens de onderhavige· 10 legering in vergelijking met staven uit legering SS 3004 minder sterk behoeven te worden gefreesd, waardoor een kleiner schrootafval ontstaat. Staven volgens de legering van de uitvinding dienen aan elke zijde ongeveer 12 mm te worden afgefreesd, hetgeen ongeveer 25# minder bedraagt dan bij staven uit legering AA 3004.The cast bars are then mechanically removed to remove irregularities in the composition of the roll surfaces. milled. It has been found that rods of the present alloy require less milling than those of alloy SS 3004, resulting in less scrap waste. Bars according to the alloy of the invention should be milled approximately 12 mm on each side, which is approximately 25 # less than with AA 3004 alloy bars.

15 De afgefreesde walsstaven worden bij een temperatuur van 550 - 600°C, bij voorkeur 570°C, gedurende 4-6 uur gehomogeniseerd. Deze homogeniseringstijd heeft betrekking op de verblijftijd bij een voorafingestelde temperatuur, uitgezonderd de verhittings-en koeltijd. In vergelijking hiermee heeft een staaf uit de legering 20 AA-3004 een homogenisering van 4-6 uur bij 5^5 - 610°C nodig. De lagere homogeniseringstemperatuur bij de legering volgens de uitvinding is mogelijk door het kleinere mangaan- en grotere magnesiumgehal-te in vergelijking met legering AA 3004.The milled-off bars are homogenized at a temperature of 550-600 ° C, preferably 570 ° C, for 4-6 hours. This homogenization time refers to the residence time at a preset temperature, excluding the heating and cooling time. In comparison, an alloy bar AA-3004 requires a homogenization of 4-6 hours at 5-5-610 ° C. The lower homogenization temperature in the alloy according to the invention is possible due to the smaller manganese and higher magnesium content compared to alloy AA 3004.

De homogeniseringstemperatuur wordt zodanig gekozen, 25 da-t deze onder de niet evenwicht-solidus-temperatuur van de legering ligt, d.w.z. onder de laagste temperatuur, waarbij een van de aanwezige fasen of componenten begint te smelten. De atomaire bewegelijkheid bij de homogeniseringstemperatuur compenseert de bij het gieten optredende uitzakkingen en vermindert de korrelgrensconcentratie 30 van de legeringselementen. Bovendien treden bij legeringen, die de elementen mangaan, ijzer en silicium bevatten, bepaalde vastestof-reacties op, waarbij een deel van de fase (FeEFm)Alg in de a-fase Al(FeSiMn) overgaat. De legering van de uitvinding vertoont een sterkere a-transformatie bij een bepaalde temperatuur dan legering AA 3004, 35 hetgeen een kleinere werktuigslijtage gedurende de dieptrek- en strek- 790 5 9 01 15 behandeling bij de vervaardiging van blikken tot gevolg heeft. De legering wordt zodanig verwerkt, dat een a-transformatie van ten minste 25/e wordt bereikt, gewoonlijk 30 - 50% of meer. De a-transforma-tie kan gedurende de homogeniseringsgloeiing, gedurende het hierna 5 beschreven, bij hoge temperaturen en met sterke doorsteekvermindering plaatsvindende walsen in hete toestand of gedurende het gloeien bij verhoogde temperatuur plaatsvinden.The homogenization temperature is selected to be below the unbalance solidus temperature of the alloy, that is, below the lowest temperature at which any of the phases or components present begin to melt. The atomic mobility at the homogenization temperature compensates for the sagging during casting and reduces the grain boundary concentration of the alloying elements. In addition, with alloys containing the elements manganese, iron and silicon, certain solid reactions occur, with part of the phase (FeEFm) Alg changing into the α phase Al (FeSiMn). The alloy of the invention exhibits a stronger α-transformation at a certain temperature than alloy AA 3004, resulting in less tool wear during deep drawing and stretching processing in the manufacture of cans. The alloy is processed to achieve an α-transformation of at least 25 / e, usually 30-50% or more. The α-transformation can take place during the homogenization annealing, during the hot-rolling and high-throughput rollers described hereinafter at high temperatures or during annealing at elevated temperature.

Ha het homogeniseren wordt de staaf op een wals-starttemperatuur van 1*50 - 510°C af gekoeld en aan een eerste warmwals-10 doorsteek onderworpen. Het is niet strikt nodig, dat de staaf langzaam wordt afgekoeld, deze kan echter aan mistige lucht bij kamertemperatuur worden af gekoeld. De starttemperatuur voor het warm-walsen, die niet kritisch is, ligt aanzienlijk lager dan de temperatuur, die bij legering AA 5182 wordt toegepast. (!*80 - 525°C).After homogenization, the bar is cooled to a roll starting temperature of 1 * 50-510 ° C and subjected to a first hot roll through-through. It is not strictly necessary that the rod is cooled slowly, but it can be cooled at room temperature by misty air. The hot rolling start temperature, which is not critical, is significantly lower than the temperature used in alloy AA 5182. (! * 80 - 525 ° C).

15 . Gedurende de eerste warme walsdoorsteek wordt de walsstaaf van b.v. een dikte na het affrezen van 1*7,6 cm tot een plaat van typerend ongeveer 19 mm gewalst, d.w.z. met een diktevermin-dering van ongeveer 96%. Deze eerste warmewalsdoorsteken dienen met een diktevermindering van ongeveer 1*0 - 96% plaats te vinden en die-20 nen ertoe de legering in een geschikt formaat te brengen voor het verdere walsen in hete toestand. Deze eerste warmewalsdoorsteken vinden gewoonlijk plaats op een omkeerwalswerk.15. During the first hot roll through, the roll bar of e.g. a thickness of 1 * 7.6 cm after milling into a sheet of typically about 19 mm rolled, i.e. with a thickness reduction of about 96%. These first hot roll punches should be made with a thickness reduction of about 1 * 0 - 96% and serve to bring the alloy into a suitable size for further hot rolling. These first hot roll punches usually take place on a reversing roll mill.

Ha deze eerste warmwals door steken wordt de warmwals-plaat onmiddellijk op een meervoudig warmwalswerk met een diktevermin-25 dering van 70 - 96%, bij voorkeur ongeveer 65%, warm van 19 mm op 3,0 mm gewalst. Gedurende het walsen in hete toestand worden smeermiddelen ter verhindering van het kleven van de hete walsplaat aan de werkwalsen en ter koeling van de walsen toegepast. De warmgewalste band, die nu. op de dikte voor koud walsen is, wordt later door geschikt 30 walsen in koude toestand op de einddikte gewalst. De onderhavige legering is aanmerkelijk zachter dan legering AA 5182, vereist minder energietoevoer bij de warm- en koudvervorming en is minder gevoelig voor scheurvorming aan de kanten. De warmgewalste band wordt bij een eindtemperatuur van bij voorkeur 300°C opgewikkeld. De eindtemperatuur 35 kan echter ook lager liggen, afhankelijk van de capaciteit van het 790 5 9 01 16 toegepaste walswerk.After this first hot rolling mill, the hot rolling plate is immediately rolled hot on a multiple hot rolling mill with a thickness reduction of 70 - 96%, preferably about 65%, from 19 mm to 3.0 mm. During hot rolling, lubricants are used to prevent the hot roll plate from sticking to the work rolls and to cool the rolls. The hot-rolled strip, now. on the thickness for cold rolling, it is later rolled to the final thickness by suitable cold rolling. The present alloy is considerably softer than alloy AA 5182, requires less energy input in the hot and cold deformation and is less sensitive to edge cracking. The hot-rolled strip is wound at a final temperature of preferably 300 ° C. However, the final temperature 35 may also be lower, depending on the capacity of the rolling mill used.

De opgewikkelde band wordt vervolgens vöor het aansluitende koudwalsen gegloeid. Deze gloeiing wordt met voordeel uitgevoerd bij 315 - ^00°C, bij voorkeur ongeveer 3^5°C, gedurende 2-1+ 5 uur. Bij warmwalswerken waarbij een voldoend hoge eindtemperatuur ter vermijding van koudvervorming mogelijk is (d.w.z. ongeveer 315°C), kan de gloeiing van de opgewikkelde band vervallen. De gloeiing wordt gedefinieerd als een warmtebehandeling boven de rekristallisa-tietemperatuur van de legering en dient voor het afbreken van voor-10 keurskorrelorientaties, die afkomstig zijn van de warmte vervorming beneden de rekristallisatietemperatuur.The wound tape is then annealed before the subsequent cold rolling. This calcination is advantageously carried out at 315 - 00 ° C, preferably about 3 - 5 ° C, for 2-1 + 5 hours. In hot rolling mills where a sufficiently high final temperature is possible to avoid cold deformation (i.e. about 315 ° C), the annealing of the wound strip can be omitted. The annealing is defined as a heat treatment above the alloy recrystallization temperature and serves to break down preferred grain orientations originating from the heat distortion below the recrystallization temperature.

De gloeiing kan ook als een kortstondige tussen-gloeiing van de band in een banddoorloopoven tussen de koudwalsdoorsteken worden uitgevoerd. Hiervoor wordt de band gedurende 3-90 15 seconden, bij voorkeur 3-30 seconden, bij een temperatuur tussen 350 en 500°C gegloeid. Deze korte tussengloeiing leidt tot een verbeterde vormgedrag en tot verbeterde rekwaarden bij de voor het maken van bliklichamen toegepaste band. Ha het warmwalsen en de noodzakelijke gloeiïngen wordt de band door koudwalsen op de einddikte koud 20 verstevigd.The annealing can also be carried out as a brief intermediate annealing of the belt in a belt continuous furnace between the cold-roll piercings. For this, the strip is annealed at a temperature between 350 and 500 ° C for 3-90 seconds, preferably 3-30 seconds. This short annealing results in improved molding behavior and improved elongation values in the belt used to make can bodies. After hot rolling and the necessary annealing, the strip is reinforced by cold rolling to the final thickness cold.

Onder koudversteviging verstaat men de sterkteverho-ging van de legering, afhankelijk van de hoeveelheid koudvervorming, welke’op het metaal wordt uitgeoefend. In vergelijking met gebruikelijke blikdekselmaterialen toont de legering van de uitvinding 25 een lagere mate van koudversteviging, zoals uit fig. 2 blijkt. Dit betekent, dat voor het bereiken van de einddikte minder doorsteken nodig zijn resp. het gelijke aantal doorsteken bij hogere snelheid of grotere bandbreedte kan plaatsvinden. Tevens leidt de legering van de uitvinding in vergelijking met gebruikelijke deksellegeringen tot 30 minder oneffenheden en tot minder scheuren langs de randen. Bovendien is de koudverstevigingsgraad van de legering van de uitvinding zonder meer te vergelijken met die van de gebruikelijke bliklichaamlegering AA 3001+, hetgeen aantoont, dat een voldoende sterkte voor blikband zonder overmatige koudvervorming kan worden bereikt.Under cold-strengthening is meant the increase in strength of the alloy, depending on the amount of cold-forming which is applied to the metal. In comparison with conventional can lid materials, the alloy of the invention shows a lower degree of cold-strengthening, as can be seen from Figure 2. This means that fewer penetrations are required to achieve the final thickness. the same number of piercings at higher speed or greater bandwidth can occur. In addition, the alloy of the invention, compared to conventional lid alloys, results in less unevenness and fewer cracks along the edges. Moreover, the degree of cold reinforcement of the alloy of the invention is readily comparable to that of the conventional can body alloy AA 3001+, demonstrating that a sufficient strength for tinplate tape can be achieved without excessive cold deformation.

35 Het volgende doorsteekprogramma voor het koudwalsen 790 59 01 17 is bij de vervaardiging van blikband voor diepgetrokken en gestrekte bliklichamen voordelig gebleken:35 The following cold rolling piercing program 790 59 01 17 has proven to be advantageous in the manufacture of sheet metal strip for deep-drawn and stretched sheet metal bodies:

De opgewikkelde band wordt na de gloeiing en aansluitende afkoeling op lager dan 200°C, gewoonlijk op kamertemperatuur, 5 van 3,0 op 0,34 mm - d.w.z. 89$ vermindering - koud gewalst, bij voorkeur onder doorlopen van een ten minste uit meerdere trappen bestaand tandem-walswerk. Een andere mogelijkheid bestaat erin de band in meerdere doorsteken met de doorsteekvolgorde 3,0 mm —^ 1,03 mm —^ 0,66 ma —} 0,34 mm op een een-trapswalswerk koud af te walsen. Gloeiing tus-10 sen de koudwalstrappen wordt als tussengloeiïng aangeduid en wordt voorzover nodig als boven beschreven uitgevoerd. Een tussengloeiing kan ook noodzakelijk zijn wanneer tussen twee doorsteken scheuren optreden of ook cm de koudwalseigenschappen van de gerede band te veranderen. Wordt een eentrapswalswerk toegepast, dan wordt de tussengloei-15 ing bij voorkeur voor de laatste doorsteekvermindering doorgevoerd.The coiled strip is cold rolled after annealing and subsequent cooling to below 200 ° C, usually at room temperature, from 3.0 to 0.34 mm - ie 89% reduction - preferably with a minimum of several stairs existing tandem rolling mill. Another possibility is to cold-roll the strip in several passes with the piercing sequence 3.0 mm - ^ 1.03 mm - ^ 0.66 ma -} 0.34 mm. Annealing between the cold rolling stages is referred to as intermediate annealing and is performed as described above as necessary. Intermediate annealing may also be necessary if cracks appear between two piercings or also to change the cold rolling properties of the finished strip. If a single-stage rolling mill is used, the intermediate annealing is preferably carried out before the last piercing reduction.

Bij doorvoering van een tussengloeiing bedraagt de laatste dóórsteekt vermindering bij voorkeur 4θ - 6θ$. Een dergelijke tussengloeiing voor de laatste koudwalsdoorsteek is voordelig voor het verminderen van puntvorming gedurende het dieptrekken en strekken. Om de nood-20 zakelijke koudvervorming overeenkcmstig de in fig. 2 voorgestelde koud-verstevigingsgraad te bereiken kan men ook een combinatie van wals-werken uit een of meerdere trappen toepassen.When an intermediate annealing is carried out, the last piercing reduction is preferably 4θ - 6θ $. Such intermediate annealing for the final cold roll through is advantageous for reducing point formation during deep drawing and stretching. In order to achieve the necessary cold deformation in accordance with the degree of cold reinforcement proposed in Fig. 2, a combination of one or more stage rolls may also be used.

Onder recht maken van de kant en het op de gewenste breedte snijden wordt de band gereed gemaakt. Een dergelijke gereed 25 blik heeft een 0,2 strekgrens van 250 - 310 MPa, bij voorkeur 2T0 -290 MPa, een treksterkte van 260 - 320 MPa, bij voorkeur 270 - 300 MPa en een rek bij breuk (ASTM) van 1 - 8%, bij voorkeur 2-3$.The band is prepared by straightening the lace and cutting it to the desired width. Such a ready can has a 0.2 stretch limit of 250-310 MPa, preferably 2T0-290 MPa, a tensile strength of 260-320 MPa, preferably 270-300 MPa, and an elongation at break (ASTM) of 1-8. %, preferably 2-3 $.

Het volgende doorsteekprogramma voor het koudwalsen is voordelig gebleken bij de vervaardiging van dekselband met een 30 voor het maken van blikdeksels voldoende sterkte en flexibiliteit:The following cold rolling piercing program has proven advantageous in the manufacture of lid band with a can lid making material of sufficient strength and flexibility:

Warmwalsband van 3,0 urn dikte wordt in een doorgang door een tandemwalswerk met meerdere trappen met een dikteveiminde-ring van 91$ op 0,26 mm koud gewalst. De vermindering moet tussen 60 en 95$ liggen. Een andere mogelijkheid bestaat erin de band in vier 35 door steken met de doorsteekreeks 3,0 mm —^ 1,30 mm —^0,66 mm —τ' 0,34 mm —} 0,26 mm op een duowalswerk koud te walsen. Tussengloeiing 790 5 9 01 « 18 is niet nodig. Door recht maken van de hand en op de gewenste breedte snijden wordt het blik gereed gemaakt. Het doorsteekprogramma voor het koudwalsen van de dekselband leidt tot de volgende mechanische eigenschappen in gewalste toestand: 5 0,2$ strekgrens 310 - 370 MPa, bij voorkeur 320 - 3é0 MPa; treksterkte 320 - 380 MPa, bij voorkeur 3^0 - 350 MPa en rek bij breuk (ASTM) 1 -5%, bij voorkeur 1-3#· 10 De bovenbeschreven werkwijzetrappen voor blik- en dekselband zijn geanalyseerd voor de vervaardiging van overeenkomstig koud verstevigd blik en wel gebaseerd op de overweging, dat blikband een minimale 0,2$r s strekgrens van 2^0 MPa, en dekselband in een door walsen geharde toestand een minimale 0,2$'s strekgrens van 300 MPa 15 dienen te bezitten.3.0 µm thick hot-rolled strip is cold-rolled in a pass through a multi-stage tandem rolling mill with a thickness gauge of 91 $ at 0.26 mm. The reduction should be between $ 60 and $ 95. Another possibility is to cold-roll the strip in four by stitching with the piercing series 3.0 mm - ^ 1.30 mm - ^ 0.66 mm —τ '0.34 mm -} 0.26 mm on a twin roller mill. . Intermediate annealing 790 5 9 01 «18 is not necessary. The can is prepared by straightening the hand and cutting to the desired width. The piercing program for cold rolling of the cover strip results in the following mechanical properties in the rolled state: 5 0.2 $ yield strength 310-370 MPa, preferably 320-300 MPa; tensile strength 320 - 380 MPa, preferably 3 ^ 0 - 350 MPa and elongation at break (ASTM) 1 -5%, preferably 1-3 # · 10 The above-described process steps for tinplate and lid tape have been analyzed to produce corresponding cold Reinforced can based on the consideration that tin tape should have a minimum 0.2% stretch limit of 2.0 MPa, and cover tape in a roll-cured state should have a minimum 0.2% stretch limit of 300 MPa.

De beschreven werkwijzetrappen kunnen uiteraard worden veranderd, om andere toestanden te'verkrijgen, zoals zachtgloeien, koudverstevigen en gedeeltelijk gloeien, koud verstevigen en stabiliseren, oplossingsgloeien, verouderen en ontstevigen. Wordt de lege-20 ring in een dergelijke toestand vervaardigd, dan kan deze ook voor het vervaardigen van sluitingen en houders, zoals sardineblikjes, vleesconserveblikjes, houders voor gerechten, olieblikken, filmblik-ken, en andere houders en sluitingen alsmede houders en sluitingen die voor eetbare en niet-eetbare vullingen dienen worden toegepast.The disclosed process steps can, of course, be changed to achieve other conditions, such as soft annealing, cold setting and partial annealing, cold setting and stabilizing, solution annealing, aging and de-firing. When the blank is manufactured in such a condition, it can also be used to make closures and containers, such as sardine cans, meat preserving cans, food containers, oil cans, film cans, and other containers and closures, as well as containers and closures that edible and inedible fillings should be used.

25 Deze houders kunnen natuurlijk ook door andere dan de hier verder onder beschreven werkwijzen worden vervaardigd, zoals door dieptrekken in ien of meer trappen of door hol stempelen.These containers can of course also be manufactured by methods other than those described further below, such as by deep drawing in one or more stages or by hollow stamping.

Het volgens de bovenbeschreven werkwijze vervaardig-. de blikband werd tot eén-delige, diepgetrokken bliklichamen gevormd.It is manufactured according to the above-described method. the can band was formed into one-piece, deep-drawn can bodies.

30 Daartoe werden uit het blik ronde stukken gesneden, die via een stempel door een matrijs werden getrokken en zo tot busjes werden gevormd. De rand van een dergelijk gevormd busje ligt bij voorkeur in een cirkelvormig vlak. De afstand welke de rand van dit vlak afwijkt wordt als puntvorming aangeduid. De onderhavige legering voert bij een eer-35 ste dieptrekking van 32 tot bofa tot een tot 50$ geringere puntvorming 790 5 9 01 19 op ^5° op de walsrichting als de AA 3004 "bliktand. Zoals uit tabel E blijkt kunnen met de onderhavige legering met gemak waarden voor de puntvoming van 2% of minder worden bereikt. De procentuele aanwijzing voor het dieptrekken wordt zodanig berekend, dat men van de door-5 snede van het ronde vlak de doorsnede van het busje aftrekt en door de doorsnede van het ronde vlak deelt. De diepgetrokken busjes worden dan verder getrokken en gestrekt in een dieptrek-strekmethode, waarbij het busje door een reeks van trekringen met cirkelronde boringen met afnemende straal wordt gedrukt. De trekringen hebben een TO sterkeffect tot gevolg, waardoor de zijwand van het blik door verkleining van de wanddikte wordt verlengd. Op deze wijze kunnen blik-liehamen worden vervaardigd waarvan de zijwand dunner is dan de bo dem. Wanneer het te vervormen metaal te zacht is kan het aan de werkvlakken van de trekringen blijven kleven waardoor de dieptrek- en 15 strekbehandeling wordt gestoord, hetgeen tot materiaalfouten en tot onderbrekingen van de fabrikagemethode leidt. De onderhavige legering toont dit effect in veel mindere mate dan de gebruikelijke blikband-legeringen en leidt tengevolge ook tot een geringe slijtage van de werktuigen.To this end, round pieces were cut from the can, which were drawn through a die through a punch and thus formed into small cans. The edge of such a shaped canister preferably lies in a circular plane. The distance that the edge deviates from this plane is referred to as point formation. The present alloy, at an initial drawing from 32 to bofa to up to 50 $ less tip formation, advances 790 5 9 01 19 at 5 ° to the roll direction as the AA 3004 "can tooth. As shown in Table E, the present Alloy values are easily achieved to the point shape of 2% or less The percentage drawing for deep drawing is calculated such that one subtracts the cross-section of the can from the cross-section of the round surface and the cross-section of the round The deep-drawn canisters are then pulled further and stretched in a deep-drawing-stretching method, where the can is pushed through a series of draw rings with circular circular holes with decreasing radius. The draw rings produce a TO strong effect, resulting in the side wall of the can can be extended by decreasing the wall thickness.In this way, tins can be manufactured with a side wall that is thinner than the bottom.If the metal to be deformed is too soft, cling to the work surfaces of the draw rings, interfering with the deep drawing and stretching treatment, leading to material defects and interruptions in the manufacturing method. The present alloy shows this effect to a much lesser extent than the conventional tinplate alloys and consequently also results in low tool wear.

20 Bij de vervaardiging van blikdeksels wordt de dek- selband effen gemaakt, gereinigd, voorzien van een conversielaag en desgewenst van een grondlaag voorzien. Aansluitend wordt de deksel-band op de verder hierna beschreven wijze bekleed. De beklede deksel-band wordt dan aan een pers toegevoerd, waar de deksel als diepge-25 trokken en met een flens voorziene schotel wordt voorgevormd. De schotel wordt dan ter vorming van een gemakkelijk te openen deksel aan een conversiepers toegevoerd, waar de deksel wordt rondgemaakt en een doorlopende klinknagel wordt gevormd. Een scheurring kan in een overeenkomstige pers in een afzonderlijke werkt rap worden vervaar-30 digd en ter klinking met de deksel aan de conversiepers worden toegevoerd. De scheurring kan echter ook in de pers uit een afzonderlijke band worden vervaardigd en de scheurring en de deksel in dezelfde pers worden gevormd en verbonden. Scheurringen worden dikwijls uit andere legeringen gemaakt dan de blikdeksel.- Het cmvormvermogen van 35 de onderhavige legering maakt echter ook de vervaardiging van scheur- 790 5 9 01 4 20 ringen mogelijk. Een verdere beschrijving van de vervaardiging van blikken, deksels en scheurringen kan men aantreffen in de Amerikaanse octrooischriften 3.787.2½ en 3.888.199·In the manufacture of can lids, the cover tape is smoothed, cleaned, provided with a conversion layer and, if desired, provided with a primer. The cover tape is then coated in the manner described further below. The coated lid band is then fed to a press where the lid is drawn as a deep-drawn and flanged tray. The tray is then fed to a conversion press to form an easy-to-open lid, where the lid is rounded and a continuous rivet is formed. A rupture ring can be manufactured in a separate press in a separate operation and fed to the conversion press for clinging with the lid. However, the tear ring can also be made from a separate belt in the press, and the tear ring and cover can be formed and connected in the same press. Tear rings are often made of alloys other than the can lid. However, the molding ability of the present alloy also permits the production of tear rings. A further description of the manufacture of cans, lids and tear rings can be found in U.S. Pat. Nos. 3,787.2½ and 3,888,199

Op gebruikelijke wijze worden zowel de dekselband 5 alsook de diepgetrokken en gestrekte bliklichamen bekleed met een polymeerlaag om direct contact tassen de houder en het te vullen materiaal te vermijden. Een typerende bekleding bestaat uit een epoxy-resp. vinylpolymeer, dat als poederemulsie of door middel van een oplosmiddel wordt opgebracht en aansluitend tot een bestendige be-10 schermingslaag wordt ingebrand. De bekleding wordt bij verhoogde temperatuur, gewoonlijk gedurende ongeveer 5 tot 20 sec bij 175 -220°C ingebrand. Bij deze warmtebehandeling vindt bij de meeste alu-miniumlegeringen een verwerking plaats. In figuur 3 zijn de mechanische waarden van de onderhavige legering en de· legering AA 5082 met 15 een koudvormingsgraad van 85% na een verwekingstijd van k min weergegeven. De krammen zijn voor alle beproefde verwekingstijden gelijk.Conventionally, both the lid band 5 and the deep-drawn and stretched can bodies are coated with a polymer layer to avoid direct contact of the container and the material to be filled. A typical coating consists of an epoxy resp. vinyl polymer, which is applied as a powder emulsion or by means of a solvent and subsequently burnt into a resistant protective layer. The coating is fired at 175-220 ° C at elevated temperature, usually for about 5 to 20 seconds. During this heat treatment, most aluminum alloys are processed. Figure 3 shows the mechanical values of the present alloy and the AA 5082 alloy with a cold forming degree of 85% after a softening time of k min. The staples are the same for all proven softening times.

De treksterkte van de onderhavige legering daalt bij een temperatuur van 190°C van 3½ MFa tot 330 MFa, terwijl de treksterkte van bekleed AA 5082 dekselband van bOO op 370 MPa. daalt. Voor de 0,2$ strekgrenzen 20 'betekent de warmtebehandeling bij de onderhavige legering een daling tussen 29 en 33 MPa, bij de legering AA 5082 tussen 30 en 35 MPa.The tensile strength of the present alloy decreases from 3½ MFa to 330 MFa at a temperature of 190 ° C, while the tensile strength of coated AA 5082 bOO lid tape at 370 MPa. drops. For the 0.2 $ stretching limits 20 ', the heat treatment in the present alloy means a drop between 29 and 33 MPa, in the alloy AA 5082 between 30 and 35 MPa.

In een andere proef werden voor de legering 5182 en voor de onderhavige legering de sterktedallng na een warmtebehandeling van 8 min bij 190°C bepaald. De 0,2$ strekgrens toonde een daling van 3½ op 305 MPa 25 voor de onderhavige legering en een daling van 360 op 290 MPa voor legering AA 5182.In another test, for the alloy 5182 and for the present alloy, the decrease in strength after a heat treatment of 8 min at 190 ° C was determined. The 0.2 $ stretch limit showed a drop of 3½ at 305 MPa for the present alloy and a drop of 360 at 290 MPa for alloy AA 5182.

Deze getalswaarden tonen aan dat de voor de aluminium-houders gebruikelijke inbrandt emperaturen en inbrandtijden de gebruikelijke dekselband in veel sterkere mate verzwakken dan de dekselband 30 van de onderhavige legering. Aldus kan de onderhavige legering tot een kleinere sterkte worden gewalst als de andere legeringen en toch in het eindprodukt een voldoende sterkte vertonen. De rekkrommen tonen aan dat de rek van de onderhavige legering in vergelijking met legering AA 5082 bij een gegeven inbrandproces sterker toeneemt en dat al-35 dus de onderhavige legering ten opzichte van andere legeringen bij een 790 5 9 01 21 gegeven, inbrandproces ook een sterkere toename van de cravormbaarheid vertoont.These numerical values show that the burn-in temperatures and burn-in times common to the aluminum containers weaken the conventional lid band to a much greater degree than the lid band 30 of the present alloy. Thus, the present alloy can be rolled to a lesser strength than the other alloys and yet exhibit sufficient strength in the final product. The elongation curves show that the elongation of the present alloy increases more compared to alloy AA 5082 with a given burn-in process and thus al-35 the present alloy also has a stronger burn-in process compared to other alloys with a 790 5 9 01 21 given burn-in process. shows an increase in craformability.

De toepassing van de legering van de uitvinding en de verkwijze daarvan levert bij het vervaardigen van het bandmateriaal 5 alsmede bij het maken van blikdelen uit dit bandmateriaal onder andere de volgende voordelen: (1) een kleinere energiebehoefte bij de -warm- en koudwalsbehandelingen alsmede een verbeterd gedrag bij de thermische - behandeling in vergelijking met de gebruikelijke deksellegeringen; 10 (2) verbeterde hanteerbaarheid in een valsverk als gevolg van het feit dat een aantal fabrikage-trappen voor de blik-en dekselband identiek zijn; (3) verbeterde hanteerbaarheid met betrekking tot de legerings opwerking en gietmethoden als gevolg van de gelijke lege-15 ringssamenstelling voor de blik- en dekselband; en (¾) de aansluitende aanmaak van alle delen van een blik uit bandmateriaal van een en dezelfde legeringssamenstelling.The use of the alloy of the invention and the method thereof yields, inter alia, the following advantages in the production of the strip material 5 and in the manufacture of tin parts from this strip material: (1) a lower energy requirement in the hot and cold rolling treatments and a improved heat treatment performance compared to conventional cover alloys; (2) improved handling in a counterfeit due to the fact that a number of manufacturing steps for the can and lid band are identical; (3) improved handling with respect to the alloy work-up and casting methods due to the equal emptying composition for the can and lid band; and (¾) the subsequent production of all parts of a can from belt material of one and the same alloy composition.

790 59 01790 59 01

Claims (11)

1. Aluminiumlegering, met magnesium en mangaan als essentiële legeringsbestanddelen, ter vervaardiging- van een voor het maken van diepgetrokken en gestrekte bliklichamen alsmede deksels geschikte band, met het kenmerk, dat deze 1,3 - 2,5$ magnesium, 0,4 - 5 1,0$ mangaan, 0,1 - 0,9$ ijzer, 0,1 - 1,0$ silicium, 0,05 - 0,4$ koper, 0 - 0,2$ titaan, met als rest in wezen aluminium bevat, waarbij het totale gehalte aan magnesium en mangaan tassen 2,0 en 3,3$ en de· verhouding van magnesium tot mangaan tussen 1,4 : 1 en 4,4 : 1 ligt,1. Aluminum alloy, with magnesium and manganese as essential alloying constituents, for the manufacture of a strip suitable for making deep-drawn and stretched can bodies and lids, characterized in that they are 1.3 - 2.5 $ magnesium, 0.4 - 5 1.0 $ manganese, 0.1 - 0.9 $ iron, 0.1 - 1.0 $ silicon, 0.05 - 0.4 $ copper, 0 - 0.2 $ titanium, with the remainder essentially aluminum, the total magnesium and manganese bags content 2.0 and 3.3 $ and the magnesium to manganese ratio being between 1.4: 1 and 4.4: 1, 2. Legering volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat 10 deze 1,6 - 2,0$ magnesium, 0,6 — 0,8$ mangaan, 0,3 - 0,7$ ijzer en 0,15 - 0,40$ silicium bevat.2. An alloy according to claim 1, characterized in that it contains 1.6-2.0 magnesium, 0.6-0.8 manganese, 0.3-0.7 iron and 0.15-0.0. Contains 40 $ silicon. 3. Legering volgens conclusies 1-2, met het kenmerk, dat deze tevens tot ten hoogste 0,1$ chroom en 0,25$ zink bevat.Alloy according to claims 1-2, characterized in that it also contains up to 0.1% chromium and 0.25 $ zinc. 4. Legering volgens conclusies 1-3, met het kenmerk, 15 dat deze 0,04 - 0,15$ titaan bevat.Alloy according to claims 1-3, characterized in that it contains 0.04 - 0.15 titanium. 5- Werkwijze voor het vervaardigen van het voor het maken van diepgetrokken en gestrekte bliklichamen, alsmede deksels geschikte band uit een aluminiumlegering, met het kenmerk, dat a) een smelt wordt bereid uit een aluminiumlege-20 ring, welke aluminiumlegering naast gebruikelijke verontreinigingen als essentiële bestanddelen 1,3 - 2,5$ magnesium en 0,4 - 1,0$ mangaan bevat, waarbij het totale gehalte aan magnesium en mangaan tussen 2,0 en 3,3$ bedraagt en de verhouding van magnesium tot mangaan tussen 1,4 : 1 en 4,1 : 1 ligt; 25 b) de smelt bij een temperatuur van 700 - 750°C tot een staaf wordt gegoten; c) de staaf bij een temperatuur van 550 - 600°C gedurende 4-6 uur wordt gehomogeniseerd; d) de gehomogeniseerde staaf warm tot een band wordt 30 gewalst en e) de warmgewalste band met een diktevermindering van ten minste 40$ in koude toestand op de einddikte wordt gewalst. 790 5 9 01Method for manufacturing the aluminum alloy strip suitable for making deep-drawn and stretched can bodies, as well as lids, characterized in that a) a melt is prepared from an aluminum alloy, which aluminum alloy is essential in addition to conventional impurities. contains 1.3 - 2.5 $ magnesium and 0.4 - 1.0 $ manganese, the total magnesium and manganese content being between 2.0 and 3.3 $ and the magnesium to manganese ratio being between 1, 4: 1 and 4.1: 1; B) the melt is cast into a rod at a temperature of 700-750 ° C; c) the rod is homogenized at a temperature of 550-600 ° C for 4-6 hours; d) the homogenized bar is hot-rolled into a strip and e) the hot-rolled strip is rolled to a final thickness with a thickness reduction of at least 40% in the cold state. 790 5 9 01 6. Werkwijze volgens conclusie 5» met het kenmerk, dat de aanvangstemperatuur voor het walsen in hete toestand tussen en 510°C ligt.6. Method according to claim 5, characterized in that the starting temperature for hot rolling is between and 510 ° C. 7. Werkwijze volgens conclusies 5-6, met het kenmerk, 5 dat het walsen van de staaf in hete toestand in meerdere doorsteken tot een plaat en aansluitend, continu met een dikte verlaging van ΤΟ - 9&% plaats vindt.7. Method according to claims 5-6, characterized in that the rolling of the bar in the hot state takes place in several passes into a plate and subsequently, continuously with a thickness reduction of ΤΟ - 9 &%. 8. Werkwijze volgens conclusies 5-7» met het kenmerk, dat de in hete toestand gewalste hand voor het koudwalsen bij een 10 temperatuur van 315 - ^00°C gedurende 2 - k uur wordt gegloeid.8. Process according to claims 5-7, characterized in that the hot-rolled hand is annealed for cold rolling at a temperature of 315 - 00 ° C for 2 - k hours for cold rolling. 9. Werkwijze volgens conclusies 5-8, met het kenmerk, dat voor het vervaardigen van een voor het maken van diepgetrokken en gestrekte bliklichamen geschikte band.’het koudwalsen tot de einddikte zodanig wordt uitgevoerd, dat: 15 a} de in hete toestand gewalste band in een eerste doorsteékreeks in koude toestand op een tussendikte wordt gewalst en b) de op de tussendikte in koude toestand gewalste band wordt onderworpen aan een korte tussengloeiïng bij een temperatuur tussen 350 en 500°C gedurende 3-90 seconden, bij voorkeur 20 3 - 30 seconden, en c) de kort gegloeide band tot een einddikte met een diktevermindering van ^0 - 60% in koude toestand wordt gewalst.9. A method according to claims 5-8, characterized in that for producing a strip suitable for making deep-drawn and stretched can bodies, the cold-rolling to the final thickness is carried out in such a way that: 15 a} the hot-rolled strip is rolled in a first cold pass through series at an intermediate thickness and b) the strip rolled on the intermediate thickness in cold state is subjected to a short annealing at a temperature between 350 and 500 ° C for 3-90 seconds, preferably 20 3 - 30 seconds, and c) the short annealed strip is rolled to a final thickness with a thickness reduction of 0 - 60% in the cold state. 10. Werkwijze volgens conclusies 5-8, met het kenmerk, dat ter vervaardiging van een voor het maken van deksels geschikte 25 band het walsen in koude toestand tot de einddikte plaatsvindt bij een diktevermindering van 60 - 95$.10. A method according to claims 5-8, characterized in that for the manufacture of a strip suitable for making lids, the cold rolling is carried out to the final thickness with a thickness reduction of 60 - 95%. 11. Werkwijze volgens conclusies 5 - 10, met het kenmerk, dat de smelt uit ten minste k0% aluminiumschrootmetaa! wordt gemaakt. 790 5 9 0111. A method according to claims 5-10, characterized in that the melt consists of at least 40% aluminum scrap metal. is made. 790 5 9 01
NL7905901A 1978-08-04 1979-07-31 ALUMINUM ALLOY AND METHOD FOR MANUFACTURING A BAND FOR CANS AND COVERS OF SUCH ALLOY. NL7905901A (en)

Applications Claiming Priority (6)

Application Number Priority Date Filing Date Title
US93104178 1978-08-04
US93103678 1978-08-04
US05/931,036 US4260419A (en) 1978-08-04 1978-08-04 Aluminum alloy composition for the manufacture of container components from scrap aluminum
US93104078 1978-08-04
US05/931,041 US4282044A (en) 1978-08-04 1978-08-04 Method of recycling aluminum scrap into sheet material for aluminum containers
US05/931,040 US4269632A (en) 1978-08-04 1978-08-04 Fabrication of aluminum alloy sheet from scrap aluminum for container components

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL7905901A true NL7905901A (en) 1980-02-06

Family

ID=27420668

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL7905901A NL7905901A (en) 1978-08-04 1979-07-31 ALUMINUM ALLOY AND METHOD FOR MANUFACTURING A BAND FOR CANS AND COVERS OF SUCH ALLOY.

Country Status (11)

Country Link
AT (1) AT375961B (en)
AU (1) AU523120B2 (en)
CH (1) CH643001A5 (en)
DE (1) DE2929724C2 (en)
ES (1) ES483109A0 (en)
FR (1) FR2432555A1 (en)
GB (1) GB2027744B (en)
IT (1) IT1122433B (en)
NL (1) NL7905901A (en)
NO (1) NO153183C (en)
SE (1) SE447129B (en)

Families Citing this family (24)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NZ194640A (en) * 1979-08-30 1983-05-10 Alcan Res & Dev Aluminium alloy sheet product
US4318755A (en) 1980-12-01 1982-03-09 Alcan Research And Development Limited Aluminum alloy can stock and method of making same
JPS57143472A (en) * 1981-03-02 1982-09-04 Sumitomo Light Metal Ind Ltd Manufacture of aluminum alloy sheet for forming
US4411707A (en) * 1981-03-12 1983-10-25 Coors Container Company Processes for making can end stock from roll cast aluminum and product
NO148076C (en) * 1981-05-08 1983-08-03 Ardal Og Sunndal Verk ALUMINUM ALLOY BANDS AND MANUFACTURING AND USING THE SAME
JPS6047900B2 (en) * 1981-11-10 1985-10-24 株式会社化成直江津 Superplastic aluminum alloy and its manufacturing method
JPS58156197A (en) * 1982-03-10 1983-09-17 Sumitomo Light Metal Ind Ltd Super high pressure plate fin type heat exchanger
FR2526047A1 (en) * 1982-04-30 1983-11-04 Conditionnements Aluminium PROCESS FOR THE PRODUCTION OF ALUMINUM ALLOY PRODUCTS FOR STRETCHING
JPS58224141A (en) * 1982-06-21 1983-12-26 Sumitomo Light Metal Ind Ltd Cold roller aluminum alloy plate for forming and its manufacture
NO165349C (en) * 1982-07-15 1991-01-30 Continental Can Company Usa In PROCEDURE FOR THE PREPARATION OF ALUMINUM ALLOY ALBUMS.
FI77266C (en) * 1982-08-31 1989-02-10 Aluminum Co Of America FOERFARANDE FOER ATT AVSKILJA METALLFOERENINGAR FRAON VARANDRA.
CH657546A5 (en) * 1982-12-16 1986-09-15 Alusuisse METHOD FOR PRODUCING A TAPE SUITABLE FOR THE PRODUCTION OF CAN LIDS.
EP0121620B1 (en) * 1983-04-11 1986-06-25 Kabushiki Kaisha Kobe Seiko Sho Bake-hardenable aluminium alloy sheets and process for manufacturing same
JPS60194040A (en) * 1984-02-18 1985-10-02 Kobe Steel Ltd Aluminum alloy substrate for disc having superior suitability to plating
JPS60187656A (en) * 1984-03-05 1985-09-25 Sumitomo Light Metal Ind Ltd Aluminum alloy sheet for packaging having excellent corrosion resistance and its production
ATE69067T1 (en) * 1986-12-05 1991-11-15 Alcan Int Ltd MANUFACTURE OF SHEET OF ALUMINUM ALLOY AND ARTICLES MADE THEREOF.
EP0282162A1 (en) * 1987-02-24 1988-09-14 Alcan International Limited Aluminium alloy can ends and method of manufacture
FR2615530B1 (en) * 1987-05-19 1992-05-22 Cegedur ALUMINUM ALLOY FOR THIN SHEET SUITABLE FOR OBTAINING LIDS AND BOX BODIES AND PROCESS FOR PRODUCING THE SAME
FR2617188B1 (en) * 1987-06-23 1989-10-20 Cegedur AL-BASED ALLOY FOR CASING AND PROCESS FOR OBTAINING
CN1237195C (en) * 2001-07-09 2006-01-18 克里斯铝轧制品有限公司 Weldable high strength Al-Mg-Si alloy product
JP4499369B2 (en) * 2003-03-27 2010-07-07 株式会社神戸製鋼所 Al-Mg-Si-based alloy plate with excellent surface properties with reduced generation of ridging marks
WO2007135838A1 (en) * 2006-05-18 2007-11-29 Kabushiki Kaisha Kobe Seiko Sho Process for producing aluminum alloy plate and aluminum alloy plate
FR3005664B1 (en) * 2013-05-17 2016-05-27 Constellium France ALLOY ALLOY SHEET FOR METAL BOTTLE OR AEROSOL HOUSING
CN115976375A (en) * 2022-12-21 2023-04-18 广东省科学院工业分析检测中心 Aluminum alloy for solar cell panel frame and production method of section bar of aluminum alloy

Family Cites Families (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1085004B (en) * 1957-01-10 1960-07-07 Degussa Use of surface oxidized aluminum alloys with more than 1% alloy components
CH493642A (en) * 1967-12-29 1970-07-15 Alusuisse Process for the production of fine-grained strips from aluminum alloys containing manganese
US3945860A (en) * 1971-05-05 1976-03-23 Swiss Aluminium Limited Process for obtaining high ductility high strength aluminum base alloys

Also Published As

Publication number Publication date
CH643001A5 (en) 1984-05-15
NO792543L (en) 1980-02-05
NO153183C (en) 1986-01-29
IT7924931A0 (en) 1979-08-03
AU523120B2 (en) 1982-07-15
ATA533679A (en) 1983-01-15
GB2027744A (en) 1980-02-27
SE7906558L (en) 1980-02-05
AT375961B (en) 1984-09-25
IT1122433B (en) 1986-04-23
FR2432555B1 (en) 1983-12-09
GB2027744B (en) 1983-03-23
DE2929724A1 (en) 1980-02-14
AU4936079A (en) 1980-02-07
NO153183B (en) 1985-10-21
ES8101650A1 (en) 1980-12-16
ES483109A0 (en) 1980-12-16
FR2432555A1 (en) 1980-02-29
SE447129B (en) 1986-10-27
DE2929724C2 (en) 1985-12-05

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL7905901A (en) ALUMINUM ALLOY AND METHOD FOR MANUFACTURING A BAND FOR CANS AND COVERS OF SUCH ALLOY.
US4235646A (en) Continuous strip casting of aluminum alloy from scrap aluminum for container components
US4260419A (en) Aluminum alloy composition for the manufacture of container components from scrap aluminum
US4282044A (en) Method of recycling aluminum scrap into sheet material for aluminum containers
US4269632A (en) Fabrication of aluminum alloy sheet from scrap aluminum for container components
CA1252649A (en) Aluminum alloy can stock
DE69622163T3 (en) METHOD FOR PRODUCING PANEL PRODUCTS FROM AN ALUMINUM ALLOY
US5192378A (en) Aluminum alloy sheet for food and beverage containers
WO1997011205A1 (en) A method for making beverage can sheet
EP4334486A1 (en) 5xxx aluminium sheets for can making
US6579387B1 (en) Continuous casting process for producing aluminum alloys having low earing
US5380379A (en) Aluminum foil product and manufacturing method
US4431463A (en) Alloy and process for manufacturing rolled strip from an aluminum alloy especially for use in the manufacture of two-piece cans
EP4306668A1 (en) Method of producing aluminum can sheet
AU659108B2 (en) Al base - Mg-Mn alloy sheet for manufacturing drawn and ironed container bodies
Lippard et al. Process metallurgy of wrought CoCrMo alloy
EP3974550A1 (en) Method for providing aluminium can material
GB2473050A (en) An aluminium-silicon-iron-beryllium alloy
US20240209480A1 (en) 5xxx aluminium sheets for can making
CA3239615A1 (en) 6xxx series aluminium alloy sheets or blanks with improved formability
Lequeu Earing control and deformation processing of aluminium alloys
none Powder Metallurgy Group Meeting, Eastbourne, 11–13 October 1976: Report of Proceedings
Craggs The extraction and fabrication of aluminium
JPH06145870A (en) Aluminum alloy sheet for high speed forming and its production

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
BV The patent application has lapsed