NL2010655C2 - In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor. - Google Patents

In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor. Download PDF

Info

Publication number
NL2010655C2
NL2010655C2 NL2010655A NL2010655A NL2010655C2 NL 2010655 C2 NL2010655 C2 NL 2010655C2 NL 2010655 A NL2010655 A NL 2010655A NL 2010655 A NL2010655 A NL 2010655A NL 2010655 C2 NL2010655 C2 NL 2010655C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
uprights
chair
seat
height
relative
Prior art date
Application number
NL2010655A
Other languages
English (en)
Inventor
Geert Jan Drent
Rob Roetert
Original Assignee
Geert Jan Drent
Krol Steven
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Geert Jan Drent, Krol Steven filed Critical Geert Jan Drent
Priority to NL2010655A priority Critical patent/NL2010655C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2010655C2 publication Critical patent/NL2010655C2/nl

Links

Classifications

    • A—HUMAN NECESSITIES
    • A47—FURNITURE; DOMESTIC ARTICLES OR APPLIANCES; COFFEE MILLS; SPICE MILLS; SUCTION CLEANERS IN GENERAL
    • A47C—CHAIRS; SOFAS; BEDS
    • A47C3/00—Chairs characterised by structural features; Chairs or stools with rotatable or vertically-adjustable seats
    • A47C3/20—Chairs or stools with vertically-adjustable seats
    • A47C3/34—Chairs or stools with vertically-adjustable seats with pins coacting with holes
    • A—HUMAN NECESSITIES
    • A47—FURNITURE; DOMESTIC ARTICLES OR APPLIANCES; COFFEE MILLS; SPICE MILLS; SUCTION CLEANERS IN GENERAL
    • A47D—FURNITURE SPECIALLY ADAPTED FOR CHILDREN
    • A47D1/00—Children's chairs
    • A47D1/002—Children's chairs adjustable
    • A47D1/004—Children's chairs adjustable in height

Landscapes

  • Special Chairs (AREA)

Description

IN HOOGTE VERSTELBARE STOEL EN WERKWIJZE HIERVOOR
De uitvinding heeft betrekking op een in hoogte verstelbare stoel. Dergelijke stoelen zijn aan te passen op de lengte van de gebruiker door het instellen van de hoogte van de zitting ten opzichte van de ondergrond waarop de stoel rust.
Hoewel er uit de praktijk in hoogte verstelbare stoelen bekend zijn, blijkt het instellen van de hoogte onvoldoende om het verschil in lichaamsbouw tussen kinderen en volwassenen op te vangen. Evenmin kunnen conventionele stoelen op een doeltreffende wijze aangepast worden op groeiende kinderen.
Een doel van de uitvinding is dit probleem te verhelpen en een stoel te verschaffen die dienst kan doen als stoel voor zowel kinderen als volwassenen, ook tijdens de groei van kinderen.
Dit doel wordt bereikt met de in hoogte verstelbare stoel volgens de uitvinding, omvattende: - twee staanders die in hoofdzaak parallel aan elkaar zijn, waarin elke staander een onderste deel en een ten opzichte van het onderste deel verschuifbaar bovenste deel omvat; - een tussen de bovenste delen van de staanders aangebrachte zitting die in hoofdzakelijk horizontale richting ten opzichte van de bovenste delen van de staanders verplaatsbaar is; - een dieptestelmiddel voor het instellen van de horizontale positie van de zitting ten opzichte van de bovenste delen van de staanders; en - een hoogtestelmiddel voor het instellen van de positie van het bovenste deel ten opzichte van het onderste deel, en daarmee de totale hoogte van de stoel.
In de stoel volgens de uitvinding is zowel de hoogte van de zitting als de diepte van de zitting instelbaar. Door het instellen van de diepte van de zitting is de stoel verder instelbaar op de afmetingen van de gebruiker. Voor volwassenen kan de zitdiepte worden vergroot, zodat de zitting voldoende steun aan de bovenbenen geeft. Voor kinderen kan de zitdiepte worden verkleind, zodat de knieën van een kind dat op de zitting plaatsneemt voorbij de voorste rand van de zitting reiken, zodat het kind comfortabel zit.
Bovendien is de stoel volgens de uitvinding aanpasbaar op de groei van een kind.
Een bijkomend voordeel van de stoel volgens de uitvinding is dat de totale hoogte van de stoel instelbaar is, doordat het bovenste deel van de staanders verschuifbaar is ten opzichte van het onderste deel van de staanders. Indien de stoel opgeborgen moet worden, kan de stoel in zijn laagste stand worden gebracht door het inschuiven van de staanders. Hierdoor is de stoel goed op te bergen, doordat deze door zijn geringe hoogte bijvoorbeeld onder een tafel past.
Bijvoorbeeld vormen de bovenste delen van de staanders een frame. Bijvoorbeeld is een dwarsverbinding aangebracht die de bovenste delen van de staanders verbindt. De zitting kan zijn aangebracht aan het frame, bijvoorbeeld aan een dergelijke dwarsverbinding. Bijvoorbeeld zijn geleiders, zoals rails, voorzien aan het frame voor het langs deze geleiders verplaatsen van de zitting voor de diepteinstelling.
Het dieptestelmiddel kan zijn ingericht om de zitting traploos te verstellen. In een andere uitvoering is de diepte van de zitting in te stellen op een aantal voorafbepaalde dieptes. Eveneens kan het hoogtestelmiddel zijn ingericht om de hoogte traploos in stellen of juist op voorafbepaalde hoogtes in te stellen. De voorafbepaalde hoogte komt bij voorkeur overeen met de hoogtes zoals voorgeschreven in de norm EN-1729. Bij voorkeur is de hoogte instelbaar over een bereik van 20-60 cm, met meer voorkeur 26-51 cm. Bij voorkeur is de afstand van de zitting tot een rugleuning instelbaar van 20-55 cm, met meer voorkeur 25-46 cm.
In een voorkeursuitvoeringsvorm omvat de stoel een rugleuning die is aangebracht tussen de bovenste delen van de staanders.
Een dergelijke rugleuning dient ter ondersteuning van de rug van de gebruiker. De rugleuning is verbonden met de bovenste delen van de staanders. De rugleuning kan rechtstreeks verbonden zijn met de bovenste delen of via een onderdeel van een frame waarvan de bovenste delen deel uitmaken. De rugleuning verplaatst zich met de zitting wanneer de hoogte van de stoel wordt ingesteld.
Bijvoorbeeld is de afstand van de onderzijde van de rugleuning tot de zitting een vaste afstand. In dat geval heeft de rugleuning bij voorkeur een lengte van 10 cm - 40 cm, met meer voorkeur van 15 cm - 35 cm, met nog meer voorkeur van 20 - 30 cm en met meeste voorkeur van ongeveer 25 cm.
Een dergelijke lengte bewerkstelligt dat bij volwassenen in ieder geval een onderste gedeelte van de rug wordt ondersteund, wat voor een goede zithouding van groot belang is, terwijl bij kinderen de rugleuning voldoende hoog is om te voorkomen dat zij achterover van de stoel vallen.
In een voorkeursuitvoeringsvorm is de rugleuning verplaatsbaar ten opzichte van de zitting door middel van een verder stelmiddel.
Hierdoor is voor elke gebruiker de gewenste afstand tussen zitting en rugleuning in te stellen. Daardoor is bovendien een rugleuning met relatief kleine lengte te voorzien, bijvoorbeeld een lengte van 1-10 cm, 1-8 cm of 1-5 cm.
In een voorkeursuitvoeringsvorm definieert een bovenste uiteinde van het bovenste deel van de staanders en/of een bovenste uiteinde van een tussen de bovenste delen van de staanders aangebrachte rugleuning de bovenzijde van de stoel, en daarmee de totale hoogte van de stoel.
Met andere woorden, het hoogste punt van de stoel wordt bepaald door het bovenuiteinde van a) de staanders en/of b) een tussen de staanders aangebrachte rugleuning. Doordat dit hoogste punt ten opzichte van het onderste deel van de staanders te verplaatsen is, wordt bewerkstelligd dat de totale hoogte van de stoel kan worden aangepast. Hierdoor kan de stoel eenvoudig worden opgeborgen.
In een voorkeursuitvoeringsvorm is het bovenste deel van de staander buisvormig voor het om het onderste deel verschuiven van het bovenste deel. De doorsnede van het bovenste deel kan ronde, vierkante, rechthoekige of ander geschikte vorm hebben.
In een andere uitvoeringsvorm is het onderste deel in hoofdzaak U-vormig en is het bovenste deel voorzien in het onderste deel.
In een voorkeursuitvoeringsvorm omvat ten minste één van de staanders een begrensmiddel voor het begrenzen van het verschuiven van het bovenste deel van de staanders ten opzichte van het onderste deel van de staanders.
In het geval dat het bovenste deel buisvormig is en om het onderste deel is geplaatst, voorkomt het begrensmiddel dat het bovenste deel volledig los kan komen van het onderste deel. Bijvoorbeeld omvat het begrensmiddel een eerste aanslagvlak aan het bovenuiteinde van het onderste deel van de ten minste ene staander en een tweede aanslagvlak aan het onderuiteinde van het bovenste deel van de ten minste ene staander. De aanslagvlakken maken contact wanneer het bovenste deel zich op een voorafbepaalde hoogte bevindt ten opzichte van het onderste deel, zodanig dat het niet verder kan worden verschoven.
In een voorkeursuitvoeringsvorm omvat de stoel een met de staanders verbonden voet voor het ondersteunen van de staanders. Bij voorkeur is deze voet zodanig ingericht dat de staanders in gebruik een hoek maken met een horizontale ondergrond.
Bijvoorbeeld is de hoek die de staanders met de ondergrond maakt 20-85 graden, met meer voorkeur 30-80 graden, met nog meer voorkeur 40-75 graden, met nog meer voorkeur 50-70 graden, met nog meer voorkeur 55-65 graden en met meeste voorkeur ongeveer 61 graden.
Indien de hoek te klein wordt gekozen, kunnen de staanders een obstakel gaan vormen. Wordt de hoek te groot gekozen, dan komt de zitting verder naar voren ten opzichte van de staanders wat de stoel minder stabiel maakt. Het is gebleken dat bovenstaande hoeken een optimum vormen.
Bijvoorbeeld is de voet uitgevoerd als een U-vormige beugel waarvan de benen elk zijn bevestigd aan één van de staanders.
In een verdere voorkeursuitvoeringsvorm is de voet bevestigd aan de staanders op een punt dat zich op afstand bevindt van het onderste uiteinde van de staanders.
De voet grijpt aan op de staanders op een punt dat zich boven het onderste uiteinde van de staanders bevindt. Een krachtcomponent veroorzaakt door het gewicht van een gebruiker op een stoel kan daarmee worden opgevangen door de voet, zodat knikken van de staanders wordt tegengegaan.
In een verdere voorkeursuitvoeringsvorm is de voet bevestigd door middel van een scharnier voor het tussen een opbergtoestand, waarin de voet in hoofdzaak parallel aan de staanders is, en een gebruikstoestand, waarin de voet de staanders ondersteunt, bewegen van de voet.
Een voordeel van deze uitvoering is dat de stoel met de voet in de opbergtoestand nog minder ruimte inneemt, zodat de stoel eenvoudiger op te bergen is.
Bij voorkeur is eveneens de zitting en/of de rugleuning scharnierbaar, zodat deze parallel, althans nagenoeg parallel, te brengen zijn met de staanders. Hiermee is de stoel nog beter op te bergen.
Alternatief of aanvullend is de voet, zitting en/of rugleuning loskoppelbaar van de stoel, zodat de onderdelen van de stoel goed op te bergen zijn.
Bij voorkeur omvat de stoel verder een aan ten minste één van de staanders gekoppelde armleuning.
In een voorkeursuitvoeringsvorm omvat de stoel een automatisch verstelmechanisme dat is ingericht om de zitting te verplaatsen ten opzichte van het bovenste deel van de staanders indien het bovenste deel ten opzichte van het onderste deel wordt verplaatst.
Met andere woorden, indien het de zitting in hoogte wordt ingesteld, wordt automatisch de diepte van de zitting ingesteld. Hierdoor kan altijd de gewenste verhouding tussen de zitdiepte en hoogte van de stoel worden aangehouden.
In een voorkeursuitvoeringsvorm omvat het hoogtestelmiddel een bedienelement dat in een bovenste zone van de bovenste delen is ingericht.
Het hoogtestelmiddel kan worden geactiveerd door het bedienen van het bedienelement. Doordat deze zich in een gebied bevindt aan de bovenzijde van de bovenste delen van de staanders, en dus aan de bovenzijde van de stoel, is de bediening intuïtief en eenvoudig.
De uitvinding heeft verder betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van een stoel zoals bovenstaand beschreven. Voor een dergelijke werkwijze gelden dezelfde voordelen en effecten als bovenstaand beschreven met betrekking tot de stoel volgens de uitvinding.
Verdere voordelen, kenmerken en details van de uitvinding worden toegelicht aan de hand van voorkeursuitvoeringsvormen daarvan, waarbij wordt verwezen naar de bijgevoegde figuren: - Figuur IA en 1B tonen in zijaanzicht een stoel volgens de uitvinding, waarin de zitting van de stoel zich in figuur IA in een lage stand bevindt en in figuur 1B in een hoge stand; - Figuur 2 toont de stoel uit figuren 1A-1B waarin details van het diepte- en hoogtestelmiddel zijn weergegeven; - Figuur 3A-B tonen in detail het dieptestelmiddel uit figuur 2; en - Figuur 4 toont in detail het hoogtestelmiddel uit figuur 2.
Stoel 2 omvat staanders 4 die een bovenste deel 6 en een onderste deel 8 omvat (figuren 1A-1B). Bovenste deel 6 is buisvormig met een rechthoekige doorsnede en onderste deel 8 bevindt zich deels binnen bovenste deel 6. Onderste deel 8 heeft eveneens een rechthoekige doorsnede. Stoel 2 omvat verder een zitting 10, die tussen het bovenste deel 6 van staanders 4 is aangebracht. Daarnaast is rugleuning 12 aangebracht tussen de bovenste delen 6. Bovendien is stoel 2 voorzien van een beugel 13 die dient als voet voor staanders 4. Beugel 13 is bevestigd aan onderste delen 8 van staanders 4 ter hoogte van punt P, zodat staanders 4 een schuinstand vertonen, waarbij ze een hoek α van 61 graden maken ten opzichte van de ondergrond.
In dit voorbeeld zijn staanders 4 vervaardigd uit staal. Alternatief kunnen ze bijvoorbeeld als pultrusie-profiel voorzien zijn. Zitting 10 en rugleuning 12 zijn in dit voorbeeld gemaakt van een biocomposiet. Alternatief kan bijvoorbeeld hout of kunststof worden toegepast.
Door het verschuiven van bovenste deel 6 over onderste deel 8 volgens pijl A, kan de hoogte van zitting 10 ten opzichte van de ondergrond worden ingesteld. Figuur IA toont hierbij een lage stand en figuur 1B een hoge stand.
De totale hoogte van stoel 2 wordt bepaald door het hoogste punt van stoel 2, in dit geval het bovenste uiteinde van rugleuning 12. Doordat rugleuning 12 meebeweegt naar een de lage stand (figuur IA), heeft stoel 2 in deze stand een geringe hoogte, zodat deze eenvoudig worden opgeborgen.
In de lage stand (figuur IA) is de stoel geschikt als kinderstoel. In dat geval wordt tevens zitting 10 naar verschoven volgens pijl B om de juiste zitdiepte in te stellen. De zitdiepte is de afstand van het voorste uiteinde van zitting 10 (het linkeruiteinde van zitting 10 in figuur IA) tot het voorste uiteinde van rugleuning 12. In de lage stand zal men zitting 10 in het algemeen naar achteren (naar rechts in de figuur) willen verplaatsen om de zitdiepte te verkleinen.
Het verstellen van zitting 12 vindt plaats door het bedienen van hendel 14 (figuur 2). Hendel 14 is verbonden met as 16. As 16 is verbonden met blokkeerplaatje 16. Indien hendel 14 wordt bediend, wordt door rotatie van as 16 blokkeerplaatje 18 bewogen. In figuur 2 bevindt blokkeerplaatje 18 zich in uitsparing 20 van strip 22. Strip 22 bevat naast uitsparing 20 nog andere uitsparingen, zoals uitsparing 24.
Strip 22 is via dwarsverbinding 26 (figuur 3A) en kokerprofiel 28 bevestigd aan bovenste delen 6 van staanders 4. Strips 22 worden door rails 30 opgesloten (figuur 3B), aan twee zijden van zitting 10 (figuur 3A), zodat zitting 10 gekoppeld is met het bovenframe van stoel 2 en alleen volgens pijl B kan bewegen. Wanneer blokkeerplaatje 18 uit opening 22 wordt bewogen, door bediening van hendel 14, kan zitting 10 verschuiven ten opzichte van bovenste delen 6 van staanders 4. Hierbij beweegt rails 30 ten opzichte van strip 22. Zoals in figuur 2 en figuur 3B weergegeven, is strip 22 voorzien van meerdere openingen 20, 24, zodat de zitting op een aantal voorafbepaalde diepteposities te vergrendelen is.
Bij voorkeur is as 16 voorzien van een veer, zodanig dat blokkeerplaatje 18 tegen strip 22 wordt gedrukt. Wanneer hendel 14 niet wordt ingedrukt, schiet blokkeerplaatje 18 door de spanning van de veer tijdens het verschuiven van zitting 10 in de eerste opening 20, 24 die het tegenkomt, waardoor zitting 10 vergrendeld is in de respectieve diepteinstelling. In dit voorbeeld is de zitdiepte in te stellen op 20 cm, 23 cm, 26 cm, 29 cm, 32 cm, 35 cm of 38 cm. Bijvoorbeeld is een kleurcodering voorzien, zodat de zitdiepte kan worden gecombineerd met een bijbehorende zithoogte.
De hoogteinstelling wordt bereikt door het verschuiven van bovenste deel 6 ten opzichte van onderste deel 8, volgens pijl A (figuur 2). Het mag duidelijk zijn dat daarmee ook rugleuning 12 en zitting 10 worden verplaatst. Onderste deel 8 van staanders 4 zijn voorzien van openingen 32 die elk een hoogtepositie definiëren. In dit voorbeeld zijn de openingen zodanig voorzien dat een hoogte van de zitting van 21 cm, 26 cm, 31 cm, 35 cm, 38 cm, 43 cm of 46 cm kan worden verkregen. Bijvoorbeeld is met een kleurcodering aangegeven met welke diepte-instelling de desbetreffende hoogte-instelling normaalgesproken gecombineerd dient te worden.
Bovenste deel 6 is voorzien van knop 34. Knop 34 bevindt zich aan de achterzijde van stoel 2, zodat deze bediend kan worden door achter stoel 2 te gaan staan en over leuning 12 te buigen. Op deze wijze kan een hand rond staander 6 gebracht worden, waarbij een duim zich aan de voorzijde van stoel 2 bevindt. Knop 34 wordt dan met de overige vingers ingedrukt. Dit is een intuïtieve manier om stoel 2 te verstellen.
Knop 34 omvat een been 38 dat zich uitstrekt binnen dwarsverbinding 26 (figuur 4). Knop 34 kan een draaibeweging uitvoeren rond as 36, zodanig dat een uiteinde 40 van been 38 tegen een uitsteeksel 42 van pen 44 duwt. Pen 44 is voorzien van veer 46 die pen 44 in opening 32 drukt. Door knop 34 in te duwen, drukt been 38 tegen uitsteeksel 42, zodat pen 44 tegen de veerkracht van veer 46 in uit opening 32 wordt bewogen. Hierdoor wordt een verschuiven van bovenste deel 6 ten opzichte van onderste deel 8 mogelijk. Indien knop 34 niet wordt ingehouden, zal pen 44 door de veerdruk van veer 44 in de eerste opening 32 schieten die hij tegenkomt tijdens het verschuiven.
De uitvinding is geenszins beperkt tot de bovenbeschreven voorkeursuitvoeringsvormen daarvan. De gevraagde rechten worden bepaald door de navolgende conclusies binnen de strekking waarvan vele modificaties denkbaar zijn.

Claims (13)

1. In hoogte verstelbare stoel (2), omvattende: - twee staanders (4) die in hoofdzaak parallel aan elkaar zijn, waarin elke staander een onderste deel (8) en een ten opzichte van het onderste deel verschuifbaar bovenste deel (6) omvat; - een tussen de bovenste delen van de staanders aangebrachte zitting (10) die in hoofdzakelijk horizontale richting (B) ten opzichte van de bovenste delen van de staanders verplaatsbaar is; - een dieptestelmiddel (18, 20, 22, 24, 26, 30) voor het instellen van de horizontale positie van de zitting ten opzichte van de bovenste delen van de staanders; en - een hoogtestelmiddel (32, 34, 44, 46) voor het instellen van de positie van het bovenste deel ten opzichte van het onderste deel, en daarmee de totale hoogte van de stoel.
2. Stoel volgens conclusie 1, omvattende een rugleuning (12) die is aangebracht tussen de bovenste delen van de staanders.
3. Stoel volgens conclusie 2, waarin de rugleuning verplaatsbaar is ten opzichte van de zitting door middel van een verder stelmiddel.
4. Stoel volgens conclusie 1, 2 of 3, waarin een bovenste uiteinde van het bovenste deel van de staanders en/of een bovenste uiteinde van een tussen de bovenste delen van de staanders aangebrachte rugleuning de bovenzijde van de stoel definieert, en daarmee de totale hoogte van de stoel.
5. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies, waarin het bovenste deel van de staander buisvormig is voor het om het onderste deel verschuiven van het bovenste deel.
6. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies waarin ten minste één van de staanders een begrensmiddel omvat voor het begrenzen van het verschuiven van het bovenste deel van de staanders ten opzichte van het onderste deel van de staanders.
7. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies, omvattende een met de staanders verbonden voet (13) voor het ondersteunen van de staanders, die zodanig is ingericht dat de staanders in gebruik een hoek (ex) maken met een horizontale ondergrond.
8. Stoel volgens conclusies 7, waarin de voet bevestigd is aan de staanders op een punt (P) dat zich op afstand van het onderste uiteinde van de staanders bevindt.
9. Stoel volgens conclusie 7 en 8, waarin de voet is bevestigd door middel van een scharnier voor het tussen een opbergtoestand, waarin de voet in hoofdzaak parallel aan de staanders is, en een gebruikstoestand, waarin de voet de staanders ondersteunt, bewegen van de voet.
10. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies, verder omvattende een aan ten minste één van de staanders gekoppelde armleuning.
11. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies, omvattende een automatisch verstelmechanisme dat is ingericht om de zitting te verplaatsen ten opzichte van het bovenste deel van de staanders indien het bovenste deel ten opzichte van het onderste deel wordt verplaatst.
12. Stoel volgens één van de voorgaande conclusies, waarin het hoogtestelmiddel een bedienelement omvat dat in een bovenste zone van de bovenste delen is ingericht.
13. Werkwijze voor het vervaardigen van een stoel volgens één van de voorgaande conclusies.
NL2010655A 2013-04-18 2013-04-18 In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor. NL2010655C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2010655A NL2010655C2 (nl) 2013-04-18 2013-04-18 In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2010655A NL2010655C2 (nl) 2013-04-18 2013-04-18 In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor.
NL2010655 2013-04-18

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2010655C2 true NL2010655C2 (nl) 2014-10-21

Family

ID=52596219

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2010655A NL2010655C2 (nl) 2013-04-18 2013-04-18 In hoogte verstelbare stoel en werkwijze hiervoor.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2010655C2 (nl)

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
CN105708228A (zh) * 2016-04-09 2016-06-29 慈溪市佳宝儿童用品有限公司 一种儿童餐椅

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
CN105708228A (zh) * 2016-04-09 2016-06-29 慈溪市佳宝儿童用品有限公司 一种儿童餐椅

Similar Documents

Publication Publication Date Title
CN101558947B (zh) 用于高脚椅的餐盘卡合机构
JP6619749B2 (ja) 階段
US9282822B2 (en) Multi-adjustable multi-position seating apparatus
US9883746B2 (en) Chair with seat and backrest movable in a synchronized way
KR101635485B1 (ko) 높이 및 각도 조절 가능한 헤드레스트를 구비한 의자
US8894078B2 (en) Juvenile walker
EP2659805B1 (en) A chair with a backrest adjustment mechanism
CN103037738B (zh) 座椅
US20160128481A1 (en) Chair with seat and backrest movable in a synchronized way
US20190029436A1 (en) Chair With A Footrest Device
US3464753A (en) Folding chair seating
CN111163665A (zh) 坐具、尤其是儿童高脚椅
US780771A (en) Chair.
US20120211952A1 (en) Movable Wheelchair Structure
FR2959404A1 (fr) Siege avec assise a appuis diffencies
JP2016202677A5 (ja) 起立補助椅子及びこれに使用する起立補助装置
US636725A (en) Foot-rest for chairs.
US795535A (en) Reclining-chair.
US1702016A (en) Adjustable back for chairs and means for operating same
NL1037497C2 (nl) Stoel.
US644933A (en) Reclining-chair.
NL1032418C1 (nl) Rolstoel geschikt voor minder valide personen, voorzien van een verstelbare voetensteun.
KR20180024775A (ko) 높낮이 조절 기능을 갖는 테이블 책상
TWM530596U (zh) 兒童餐椅結構
CN118892252A (zh) 家具装置

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20160501