NL2004331C2 - BIKE LIGHT AND BIKE. - Google Patents

BIKE LIGHT AND BIKE. Download PDF

Info

Publication number
NL2004331C2
NL2004331C2 NL2004331A NL2004331A NL2004331C2 NL 2004331 C2 NL2004331 C2 NL 2004331C2 NL 2004331 A NL2004331 A NL 2004331A NL 2004331 A NL2004331 A NL 2004331A NL 2004331 C2 NL2004331 C2 NL 2004331C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
light
bicycle
control means
power
parameter
Prior art date
Application number
NL2004331A
Other languages
Dutch (nl)
Inventor
Jurriaan Gerrit Bol
Jean-Francois Carlin
Bernard Mosset
Original Assignee
Stenman Holland Nv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Stenman Holland Nv filed Critical Stenman Holland Nv
Priority to NL2004331A priority Critical patent/NL2004331C2/en
Priority to DE102011012936A priority patent/DE102011012936A1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2004331C2 publication Critical patent/NL2004331C2/en

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B62LAND VEHICLES FOR TRAVELLING OTHERWISE THAN ON RAILS
    • B62JCYCLE SADDLES OR SEATS; AUXILIARY DEVICES OR ACCESSORIES SPECIALLY ADAPTED TO CYCLES AND NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, e.g. ARTICLE CARRIERS OR CYCLE PROTECTORS
    • B62J6/00Arrangement of optical signalling or lighting devices on cycles; Mounting or supporting thereof; Circuits therefor
    • B62J6/02Headlights
    • B62J6/028Headlights specially adapted for rider-propelled cycles with or without additional source of power

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Lighting Device Outwards From Vehicle And Optical Signal (AREA)

Description

P90935NL00P90935NL00

Titel: Fietslicht en fietsTitle: Bicycle light and bicycle

De uitvinding heeft betrekking op een fietslicht, in het bijzonder een voorlicht, geconfigureerd om tijdens gebruik door een fietsdynamo te worden gevoed.The invention relates to a bicycle light, in particular a front light, configured to be powered by a bicycle dynamo during use.

Een dergelijke licht is algemeen bekend. Een oude variant omvat 5 een koplamp of schijnwerper, voorzien van een gloeilamp, en een reflector om het door de gloeilamp afgegeven licht te bundelen en ver voor de fiets op de weg (i.e. een te naderen ondergrond) te projecteren. Modernere varianten zijn voorzien van een halogeenlichtbron, of een hoogvermogen LED (licht emitterende diode). Het op een dynamo elektrisch aansluitbare fietslicht 10 kan met name een goede verlichting van een gebied ver voor de fiets leveren bij een relatief hoge fietssnelheid (zoals een snelheid boven de 15 km/uur, bijvoorbeeld 20 km/uur of meer. Een nadeel van een dynamo-systeem is dat het door de dynamo geleverde vermogen doorgaans evenredig is met de fietssnelheid. Daardoor zal het licht relatief weinig wegbelichting kunnen 15 leveren bij lagere fietssnelheden (zoals in het bereik van circa 5-10 km/uur).Such a light is generally known. An old variant comprises a headlight or spotlight, provided with an incandescent lamp, and a reflector to bundle the light emitted by the incandescent lamp and project it far ahead of the bicycle on the road (i.e. a surface to be approached). More modern variants are equipped with a halogen light source, or a high-power LED (light-emitting diode). The bicycle light 10 which can be electrically connected to a dynamo can in particular provide good illumination of an area far in front of the bicycle at a relatively high bicycle speed (such as a speed above 15 km / hour, for example 20 km / hour or more. dynamo system is that the power supplied by the dynamo is generally proportional to the cycling speed, which means that the light will be able to provide relatively little road lighting at lower cycling speeds (such as in the range of approximately 5-10 km / hour).

Andere fietslichten zijn voorzien van een eigen voeding, bijvoorbeeld een batterij, of zijn aangesloten op een fietsaccu. Dergelijke voedingsmiddelen kunnen een vermogen leveren dat onafhankelijk is van de snelheid van de fiets. Toepassing van batterijen en accu’s is echter nadelig 20 uit milieuoogpunt. Daarnaast dienen batterijen regelmatig te worden vervangen, terwijl accu’s regelmatig moeten worden opgeladen, en een relatief korte levensduur hebben. Verder zijn de -doorgaans compacte-batterijen op zichzelf minder geschikt om voor een fietsvoorlicht bruikbare hoge vermogens te leveren. Dit kan worden ondervangen door toepassing 25 van een externe fietsaccu, echter, een dergelijke accu is zwaar en omvangrijk.Other bicycle lights have their own power supply, for example a battery, or are connected to a bicycle battery. Such foods can provide a power that is independent of the speed of the bike. However, the use of batteries and accumulators is disadvantageous from an environmental point of view. In addition, batteries need to be replaced regularly, while batteries need to be charged regularly, and have a relatively short lifespan. Furthermore, the - usually compact - batteries are in themselves less suitable for supplying high power that can be used for bicycle lights. This can be overcome by using an external bicycle battery, however, such a battery is heavy and bulky.

22

Verder is een nadeel van bekende voorlichten, dat het licht tijdens gebruik op één gebied voor de fiets is gericht, bijvoorbeeld ver voor de fiets, of nabij de fiets (afhankelijk van een montagestand van het licht ten opzichte van de fiets).A further drawback of known front lights is that during use the light is directed at one area for the bicycle, for example far in front of the bicycle, or near the bicycle (depending on a mounting position of the light relative to the bicycle).

5 Doorgaans kan de stand van het fietslicht ten opzichte van de fiets worden ingesteld om te bepalen, hoe ver het licht voor de fiets wordt geprojecteerd. Zo zal een gewoonlijk relatief langzame fietser het als prettiger ervaren indien een omgeving nabij de fiets wordt belicht, terwijl een doorgaans snelle fietser juist gebaat is bij belichting van de omgeving op 10 grotere afstand van de fiets (in verband met zijn relatief hoge snelheid). Een gewoonlijk snelle fietser zal derhalve een andere lichtmontagestand kiezen dan een door een gewoonlijk langzame fietser gebruikte montagestand.The position of the bicycle light relative to the bicycle can usually be adjusted to determine how far the light is projected for the bicycle. For example, a normally relatively slow cyclist will find it more pleasant if an environment close to the bicycle is illuminated, while a generally fast cyclist will benefit from exposure of the environment at a greater distance from the bicycle (due to its relatively high speed). A normally fast cyclist will therefore choose a different light mounting position than a mounting position used by a usually slow cyclist.

Echter, fietssnelheid kan wijzigen tijdens een fietstocht. In de praktijk blijkt dat bestuurders in dat geval niet op een vaste afstand vóór de 15 fiets naar het wegoppervlak kijken. De beschouwingsafstand blijkt evenredig met de snelheid te zijn. Grofweg kan gezegd worden dat de bestuurder op steeds evenveel “tijd” vóór zich kijkt. Bij relatief lage snelheden kijkt de bestuurder op relatief kortere afstand voor zich op de weg dan een kijkafstand bij hogere snelheid. Het bekende fietslicht houdt 20 hier geen rekening mee, waardoor de wegbelichting niet ideaal is onder bepaalde fietsomstandigheden.However, bike speed can change during a bike ride. In practice it appears that in that case drivers do not look at the road surface at a fixed distance in front of the bicycle. The viewing distance appears to be proportional to the speed. Roughly speaking, it can be said that the driver always looks ahead in the same amount of "time". At relatively low speeds, the driver looks at the road at a relatively shorter distance than a viewing distance at a higher speed. The known bicycle light does not take this into account, as a result of which the road lighting is not ideal under certain cycling conditions.

Zoals reeds genoemd: bij lage snelheden is het vermogen dat een dynamo levert, dus tevens de lichtopbrengst van de op de dynamo aangesloten licht, laag. Dit maakt een op een dynamo aangesloten licht dat 25 geconfigureerd is om licht op grote afstand voor de fiets te projecteren, bij lage snelheden veelal ongeschikt voor een doorgaans langzame fietser, in verband met een slechte belichting van het wegdek.As already mentioned: at low speeds, the power that a dynamo delivers, so also the light output of the light connected to the dynamo, is low. This renders a light connected to a dynamo configured to project light at a great distance in front of the bicycle, at low speeds often unsuitable for a generally slow cyclist, because of poor illumination of the road surface.

Een voorlicht dat geconfigureerd is om licht op grote afstand voor de fiets te projecteren, is extra onpraktisch in gebruik bij lage snelheden 30 indien het licht is gemonteerd om licht op grote afstand voor de fiets te projecteren. Immers, de langzaam fietsende bestuurder kijkt dan vlak voor 3 de fiets (naar een niet-belicht wegdeel) om obstakels te kunnen ontwijken. De details van het wegoppervlak dat de bestuurder wil zien bevinden zich dan in het donker, hetgeen gevaarlijke situaties kan opleveren.A front light that is configured to project light at a great distance for the bicycle is extra impractical to use at low speeds if the light is mounted to project light at a great distance for the bicycle. After all, the slow-cycling driver then looks just before the 3rd bicycle (to an unexposed road section) to be able to avoid obstacles. The details of the road surface that the driver wants to see are then in the dark, which can lead to dangerous situations.

De onderhavige uitvinding beoogt de hierboven genoemde 5 problemen van het door een dynamo te voeden fietslicht op te heffen, althans te verminderen, onder behoed van de voordelen daarvan.The present invention has for its object to eliminate, at least reduce, the above-mentioned problems of the bicycle light to be fed by a dynamo, while preserving the advantages thereof.

Volgens de uitvinding wordt het fietslicht hiertoe gekenmerkt volgens de maatregelen van conclusie 1.According to the invention, the bicycle light is characterized for this purpose according to the features of claim 1.

Het fietslicht omvat ten minste: 10 -met een eerste elektrisch vermogen te voeden eerste lichtuitzendende middelen, ingericht om een eerste lichtbundel in een eerste richting uit te zenden; - met een tweede elektrisch vermogen te voeden tweede lichtuitzendende middelen, ingericht om een tweede lichtbundel in een van 15 de eerste richting verschillende tweede richting uit te zenden; en -regelmiddelen om een verhouding tussen genoemde eerste en tweede vermogen aan te passen onder invloed van ten minste één parameter.The bicycle light comprises at least: first light emitting means to be fed with a first electric power, adapted to emit a first light beam in a first direction; second light-emitting means to be supplied with a second electric power, adapted to emit a second light beam in a second direction different from the first direction; and control means for adjusting a ratio between said first and second power under the influence of at least one parameter.

Op deze manier kan het fietslicht (slechts) door een dynamo 20 worden gevoed (i.e. de dynamo levert de genoemde elektrische vermogens), waarbij een door het licht afgegeven luchtbundelconfiguratie regelbaar is door genoemde regelmiddelen, op basis van de ten minste ene parameter. De parameter kan bijvoorbeeld een aan een fietssnelheid gerelateerde parameter of signaal zijn, bijvoorbeeld een dynamospanning- of stroom (in 25 het bijzonder frequentie of grootte), zodanig dat de regeling op basis van een actuele fietssnelheid plaatsheeft. Daarbij kan genoemde vermogensverhouding bijvoorbeeld automatisch worden aangepast, afhankelijk van (bijvoorbeeld evenredig met en/of stapsgewijs) de snelheid. De aanpassing is bij voorkeur zodanig dat het licht een voor de fietser bij de 30 instantane rijsnelheid meest comfortabel bundelconfiguratie biedt.In this way the bicycle light can (only) be supplied by a dynamo 20 (i.e. the dynamo supplies the said electrical powers), wherein an air-beam configuration delivered by the light can be controlled by said control means on the basis of the at least one parameter. The parameter can for instance be a parameter or signal related to a bicycle speed, for example a dynamo voltage or current (in particular frequency or magnitude), such that the control takes place on the basis of a current bicycle speed. The power ratio mentioned can, for example, be adjusted automatically, depending on (for example, proportional to and / or stepwise) the speed. The adjustment is preferably such that the light offers a most comfortable bundle configuration for the cyclist at the instantaneous driving speed.

44

In een voordelige nadere uitwerking kunnen de eerste lichtuitzendende middelen, tijdens gebruik (na montage van het licht op een fiets), bijvoorbeeld een eerste lichtbundel in een eerste richting uitzenden, bijvoorbeeld om een gebied relatief ver voor de fiets (bijvoorbeeld een 5 afstand groter dan 5 meter, bijvoorbeeld circa 10 meter, voor de fiets) te belichten. De tweede lichtuitzendende middelen kunnen dan zijn uitgevoerd om met de tweede lichtbundel juist een gebied nabij de fiets te belichten (bijvoorbeeld een afstand kleiner dan 5 meter, bijvoorbeeld circa 2 meter, voor de fiets).In an advantageous further elaboration, during use (after mounting the light on a bicycle), the first light-emitting means can, for example, emit a first light beam in a first direction, for example around an area relatively far in front of the bicycle (for example a distance greater than 5 meters, for example approximately 10 meters for the bicycle). The second light-emitting means can then be designed to illuminate an area near the bicycle with the second light beam (for example, a distance of less than 5 meters, for example approximately 2 meters, for the bicycle).

10 Volgens een nadere uitwerking kunnen de regelmiddelen de vermogensverhouding eenvoudig bijregelen, zodanig, dat de eerste lichtuitzendende middelen door de dynamo worden gevoed bij een tweede relatief hoge fietssnelheid, maar niet -of in mindere mate- bij een lagere eerste fietssnelheid (welke eerste snelheid groter is dan 0 km/h en 15 bijvoorbeeld lager dan 10 km/h). Bij voorkeur is het genoemde tweede elektrisch vermogen door de regelmiddelen naar nul gebracht bij de tweede relatief hoge fietssnelheid, zodat in hoofdzaak al of een substantieel deel van het door het licht ontvangen dynamovermogen kan worden gebruikt om de eerste lichtbundel te genereren.According to a further elaboration, the control means can simply adjust the power ratio, such that the first light-emitting means are fed by the dynamo at a second relatively high cycling speed, but not - or to a lesser extent - at a lower first cycling speed (which first speed is greater) is then 0 km / h and for example lower than 10 km / h). Preferably, said second electrical power is brought to zero by the control means at the second relatively high cycling speed, so that substantially all or a substantial part of the dynamics received by the light can be used to generate the first light beam.

20 De regelmiddelen kunnen zijn ingericht om de vermogensverhouding zodanig aan te passen dat een bij een genoemde eerste, relatief lage fietssnelheid door de dynamo opgewekte vermogen wel substantieel door de tweede lichtuitzendende middelen wordt gebruikt (en niet door de eerste lichtuitzendende middelen), om goede belichting van het 25 gebied nabij de fiets te bewerkstelligen. Voeding van de eerste lichtuitzendende middelen kan bij genoemde lage snelheid bijvoorbeeld zijn uitgeschakeld (i.e. het genoemde eerste elektrisch vermogen is dan nul).The control means may be adapted to adjust the power ratio such that a power generated by the dynamo at said first, relatively low cycling speed is used substantially by the second light-emitting means (and not by the first light-emitting means) for good exposure of the area near the bicycle. For example, supply of the first light emitting means may be turned off at said low speed (i.e., said first electric power is then zero).

Op deze manier kan het fietslicht de omgeving van een fiets (in het bijzonder voor de fiets) op een voor een gebruiker zeer comfortabele, wijze 30 belichten, waarbij het licht zich in feite aanpast aan een natuurlijke, snelheids-evenredige beschouwingsafstand van de fietser.In this way the bicycle light can illuminate the environment of a bicycle (in particular for the bicycle) in a manner very comfortable for a user, wherein the light in fact adapts to a natural, speed-proportional viewing distance of the cyclist.

55

Bij voorkeur is het fietslicht uitgevoerd om geheel autonoom werkzaam te zijn, zonder externe besturing en zonder accuvoeding, waarbij het fietslicht tijdens gebruik elektrische voeding slechts van een dynamo ontvangt, en daarmee tevens informatie betreffende de instantane snelheid 5 van de respectieve fiets. Het fietslicht is zo direct bruikbaar, en kan eenvoudig worden nageleverd om op een fiets worden gemonteerd en aan een dynamo van de fiets te worden gekoppeld (bijvoorbeeld om een licht te vervangen).The bicycle light is preferably designed to operate entirely autonomously, without external control and without battery power supply, while the bicycle light receives electrical power during use only from a dynamo, and thus also information regarding the instantaneous speed of the respective bicycle. The bicycle light is immediately usable, and can easily be supplied to be mounted on a bicycle and be linked to a dynamo of the bicycle (for example, to replace a light).

De uitvinding biedt tevens een fiets, voorzien van een dynamo om 10 elektrisch vermogen te leveren tijdens het fietsen, waarbij de dynamo elektrisch is gekoppeld aan een fietslicht volgens de uitvinding om het licht te voeden.The invention also provides a bicycle provided with a dynamo to provide electric power during cycling, the dynamo being electrically coupled to a bicycle light according to the invention to supply the light.

Nadere uitwerkingen zijn beschreven in de volgconclusies. De uitvinding zal thans worden toegelicht aan de hand van niet-limitatieve 15 uitvoeringsvoorbeelden en de tekening. Daarin toont:Further elaborations are described in the subclaims. The invention will now be elucidated with reference to non-limitative exemplary embodiments and the drawing. It shows:

Figuur 1 schematisch een zijaanzicht van een uitvoeringsvoorbeeld van een fiets volgens de onderhavige uitvinding; enFigure 1 shows diagrammatically a side view of an exemplary embodiment of a bicycle according to the present invention; and

Figuur 2 schematisch een opengewerkt zijaanzicht van een uitvoeringsvoorbeeld van een fietslicht volgens de onderhavige uitvinding.Figure 2 schematically shows a cut-away side view of an exemplary embodiment of a bicycle light according to the present invention.

20 Gelijke of overeenkomstige maatregelen worden in deze octrooiaanvrage met gelijke of overeenkomstige verwijzingstekens aangeduid.In this patent application similar or corresponding measures are indicated by the same or corresponding reference numerals.

Figuur 1 toont een voorbeeld van een fiets F, voorzien van een dynamo Q om elektrisch vermogen te leveren tijdens het fietsen (i.e.Figure 1 shows an example of a bicycle F provided with a dynamo Q to provide electrical power during cycling (i.e.

25 wanneer de fiets F door spierkracht van een fietser wordt voortbewogen). De dynamo Q is gekoppeld aan een voorlicht 1, waarvan een niet-limitatief voorbeeld schematisch in figuur 2 is weergegeven, om dat licht 1 te voeden. De dynamo Q kan tevens dienst doen om andere middelen, bijvoorbeeld een niet weergegeven fietsachterlicht, te voeden.25 when the bicycle F is propelled by the muscular force of a cyclist). The dynamo Q is coupled to a front light 1, a non-limitative example of which is shown schematically in Figure 2, to supply that light 1. The dynamo Q can also serve to feed other means, for example a bicycle rear light (not shown).

30 Het fietsvoorlicht 1 is ingericht om licht in een voorwaartse richting, i.e. een rijrichting van de fiets, uit te stralen, in het bijzonder om 6 een naderend oppervlak G (i.e. van een wegdek) te belichten. Na montage bevindt het licht 1 zich op een bepaalde hoogte boven het oppervlak, bijvoorbeeld een hoogte in het bereik van circa 0,7 tot 1 meter, bijvoorbeeld circa 0,8-0,9 meter (gemeten bij een rechtop staande fiets).The bicycle front light 1 is adapted to emit light in a forward direction, i.e. a direction of travel of the bicycle, in particular for illuminating 6 an approaching surface G (i.e. of a road surface). After mounting, the light 1 is at a certain height above the surface, for example a height in the range of approximately 0.7 to 1 meter, for example approximately 0.8-0.9 meters (measured with an upright bicycle).

5 De dynamo Q kan op zichzelf op verschillende manieren zijn uitgevoerd, en bijvoorbeeld een handdynamo zijn, welke tijdens fietsen wordt aangedreven door een band van de fiets F, of een naafdynamo welke in een naaf van een wiel van de fiets F is gemonteerd,of een ander type dynamo.The dynamo Q can be designed in itself in different ways, and can for instance be a hand dynamo, which during cycling is driven by a tire of the bicycle F, or a hub dynamo mounted in a hub of a wheel of the bicycle F, or another type of dynamo.

10 Bij voorkeur is de dynamo Q de enige voedingsbron om het licht 1 te voeden. Het licht 1 is derhalve op zichzelf niet voorzien van een geïntegreerde voeding zoals een of meer batterijen, noch is het licht 1 op een externe oplaadbare voeding zoals een accu aangesloten. De dynamo Q kan op verschillende manieren elektrisch aan het licht 1 zijn gekoppeld, 15 bijvoorbeeld via elektrische bedrading 12 (zie Fig. 2), via een frame van de fiets en/of anderszins.Preferably, the dynamo Q is the only power source to feed the light 1. The light 1 is therefore not in itself provided with an integrated power supply such as one or more batteries, nor is the light 1 connected to an external rechargeable power supply such as a battery. The dynamo Q can be electrically coupled to the light 1 in various ways, for instance via electrical wiring 12 (see Fig. 2), via a frame of the bicycle and / or otherwise.

Het fietslicht 1 is geconfigureerd om tijdens gebruik door de fietsdynamo Q te worden gevoed. Zoals figuur 2 toont is een behuizing 2 van het voorlicht 1 voorzien van een elektrisch contact 5, dat bijvoorbeeld op 20 elektrische bedrading 12 aansluitbaar is, om elektrisch vermogen van de fietsdynamo Q te ontvangen. De behuizing 2 kan door middel van schematisch weergegeven koppelingsmiddelen 13 aan een fiets F (bijvoorbeeld aan een deel van een fietsframe, aan een fietsstuur), koppelbaar zijn, bij voorkeur losmaakbaar. Ten behoeve van een 25 mechanische koppeling kunnen de koppelingsmiddelen bijvoorbeeld klemmiddelen, moer-/boutmiddelen en/of dergelijke omvatten, hetgeen de vakman duidelijk zal zijn. Verder verdient het de voorkeur indien het licht 1 in verschillende gebruiksstanden aan een fiets F fixeerbaar is, bijvoorbeeld zwenkbaar tussen dergelijke gebruiksstanden, om een richting van 30 uitgezonden bundels Si, S2 ten opzichte van de fiets in te stellen.The bicycle light 1 is configured to be supplied by the bicycle dynamo Q during use. As Figure 2 shows, a housing 2 of the front light 1 is provided with an electrical contact 5, which can be connected, for example, to electrical wiring 12, to receive electrical power from the bicycle dynamo Q. The housing 2 can be connectable, preferably detachable, by means of schematically shown coupling means 13 to a bicycle F (for example to a part of a bicycle frame, to a bicycle handlebar). For the purpose of a mechanical coupling, the coupling means can for instance comprise clamping means, nut / bolt means and / or the like, which will be clear to the skilled person. Furthermore, it is preferable if the light 1 can be fixed to a bicycle F in different positions of use, for example pivotable between such positions of use, to adjust a direction of emitted beams S1, S2 relative to the bicycle.

77

Op voordelige wijze is het voorlicht 1 voorzien van verschillende lichtuitzendende middelen A, B, om respectieve, schematisch getoonde lichtbundels Si, S2 in verschillende voorwaartse richtingen Rl, R2 uit te zenden (in figuur 1 zijn zich langs hoofdrichtingen van de bundels lopende 5 bundeldelen getoond).Advantageously, the front light 1 is provided with different light-emitting means A, B, to emit respective, schematically shown light beams S1, S2 in different forward directions R1, R2 (Figure 1 shows bundle parts extending along main directions of the bundles ).

Zoals uit figuren 1-2 volgt, omvat het licht 1 eerste lichtuitzendende middelen A, geconfigureerd om een eerste lichtbundel SI te genereren die in een eerste hoofdrichting Rl (ten opzichte van de behuizing 2) wordt uitgezonden.As follows from figures 1-2, the light 1 comprises first light-emitting means A, configured to generate a first light beam S1 that is emitted in a first main direction R1 (relative to the housing 2).

10 Het licht is tevens voorzien van tweede lichtuitzendende middelen B, uitgevoerd om een tweede lichtbundel S2 te genereren die in een tweede hoofdrichting R2 (ten opzichte van de behuizing 2) wordt uitgezonden.The light is also provided with second light-emitting means B, designed to generate a second light beam S2 which is emitted in a second main direction R2 (relative to the housing 2).

Genoemde hoofdrichtingen Rl, R2 zijn in dit voorbeeld richtingen van optische assen van de lichtbundels Si, S2 (buiten de behuizing 2). Bij 15 voorkeur is het voorlicht 1 zodanig gemonteerd dat de hoofdrichtingen (en optische assen) van de bundels Si, S2 in een vlak liggen dat samenvalt met een (verticaal) middenlangsvlak van een voorwiel W1 van de fiets F.Said main directions R1, R2 are in this example directions of optical axes of the light beams Si, S2 (outside the housing 2). Preferably, the front light 1 is mounted such that the main directions (and optical axes) of the bundles Si, S2 lie in a plane which coincides with a (vertical) median longitudinal plane of a front wheel W1 of the bicycle F.

Genoemde eerste hoofdrichting Rl kan, na montage van het licht 1 (zie Fig. 1), bijvoorbeeld een relatief kleine hoek met een horizontaal vlak 20 insluiten, bijvoorbeeld een hoek kleiner dan 10°, bijvoorbeeld een hoek in het bereik van circa 3°-7°, bijvoorbeeld circa 5°.Said first main direction R1 may, after mounting the light 1 (see Fig. 1), enclose a relatively small angle with a horizontal surface 20, for example an angle smaller than 10 °, for example an angle in the range of approximately 3 ° - 7 °, for example approximately 5 °.

Genoemde tweede hoofdrichting R2 kan, na montage van het licht 1 (zie Fig. 1), bijvoorbeeld een grotere hoek met een horizontaal vlak insluiten dan de hoek die door de eerste bundel Rl met dat vlak wordt 25 ingesloten. In het bijzonder kan de tweede hoofdrichting een hoek met een horizontaal vlak insluiten die ligt in het bereik van circa 10°-60°, bijvoorbeeld een bereik van circa 15°-35°, bijvoorbeeld circa 20°-30°.Said second main direction R2 can, after mounting the light 1 (see Fig. 1), enclose a larger angle with a horizontal surface than the angle enclosed by the first bundle R1 with that surface. In particular, the second main direction may include an angle with a horizontal plane that is in the range of about 10 ° -60 °, for example a range of about 15 ° -35 °, for example about 20 ° -30 °.

Volgens een voorkeursuitvoering kunnen de hoofdrichtingen Rl, R2 (en, in dit voorbeeld, de optische assen) van door de eerste en tweede 30 lichtuitzendende middelen A, B uitgezonden eerste en tweede lichtbundels Si, S2 onderling bijvoorbeeld een hoek 6 insluiten die groter is dan 5°, 8 bijvoorbeeld groter dan 10° (zie Fig. 1). Genoemde hoek 6 kan bijvoorbeeld kleiner zijn dan 70°, bijvoorbeeld kleiner dan 45°, meer in het bijzonder kleiner dan 35°. Volgens een nadere uitwerking ligt genoemde hoek 6 in een bereik van circa 15°-25°- 5 Aldus kan het voorlicht 1 zodanig zijn gemonteerd (zie Fig. 1) dat de optische as van de eerste lichtbundel Sl een gebied van het oppervlak G relatief ver voor de fiets kan bereiken, bijvoorbeeld op een eerste afstand LI die groter is dan 4 meter, bijvoorbeeld in het bereik van 8-12 meter, bijvoorbeeld circa 10 meter, voor de fiets (in dit geval gemeten vanaf een 10 voorzijde, bijvoorbeeld uittreedvenster 3, van het licht 1). Een dergelijke grote afstand LI is voordelig tijdens relatief snel fietsen, bijvoorbeeld bij een snelheid boven een tweede snelheidswaarde, bijvoorbeeld 15 km/uur (meer in het bijzonder 20 km/uur).According to a preferred embodiment, the main directions R1, R2 (and, in this example, the optical axes) of first and second light beams Si, S2 emitted by the first and second light-emitting means A, B can for example enclose an angle 6 which is greater than 5 °, 8, for example, greater than 10 ° (see Fig. 1). Said angle 6 can for instance be smaller than 70 °, for example smaller than 45 °, more in particular smaller than 35 °. According to a further elaboration, said angle 6 is in a range of approximately 15 ° -25 ° -5. Thus, the front light 1 can be mounted (see Fig. 1) such that the optical axis of the first light beam S1 is a region of the surface G relatively far in front of the bicycle, for example at a first distance L1 that is greater than 4 meters, for example in the range of 8-12 meters, for example approximately 10 meters, for the bicycle (in this case measured from a front, for example exit window) 3, of the light 1). Such a large distance L1 is advantageous during relatively fast cycling, for example at a speed above a second speed value, for example 15 km / hour (more in particular 20 km / hour).

De tweede lichtuitzendende middelen van het gemonteerde licht 1 15 belichten tijdens gebruik een gebied van het grondoppervlak G nabij de fiets F, bij voorkeur op een tweede afstand L2 (wederom gemeten vanaf de voorzijde van het licht 1) die kleiner is dan 5 meter, bijvoorbeeld een gebied in het bereik van 1-4 meter, bijvoorbeeld circa 2-4 meter. Een dergelijke belichting is voordelig bij relatief lage fietssnelheden, bijvoorbeeld een 20 snelheid lager dan een eerste snelheidswaarde, bijvoorbeeld een eerste snelheidswaarde die ten minste 5 km/uur onder genoemde tweede snelheidswaarde ligt (bijvoorbeeld een eerste snelheidswaarde van 10 km/uur).The second light emitting means of the mounted light 1 illuminate during use an area of the ground surface G near the bicycle F, preferably at a second distance L2 (again measured from the front of the light 1) that is smaller than 5 meters, for example an area in the range of 1-4 meters, for example approximately 2-4 meters. Such an exposure is advantageous at relatively low bicycle speeds, for example a speed lower than a first speed value, for example a first speed value that is at least 5 km / h below said second speed value (for example a first speed value of 10 km / hour).

De eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B kunnen elk 25 slechts één lichtbundel uitzenden, of verscheidene lichtbundels. Voorts kan elke uitgezonden lichtbundel Sl, S2 bijvoorbeeld een divergerende en/of een anders gevormde bundel omvatten (om een relatief breed grond oppervlakgebied te belichten). De verder reikende eerste lichtbundel Sl kan bijvoorbeeld een kleinere divergentie hebben dan een divergentie van een 30 tweede lichtbundel S2, gezien in zijaanzicht, maar dat is niet noodzakelijk.The first and second light-emitting means A, B can each emit only one light beam, or several light beams. Furthermore, each emitted light beam S1, S2 may comprise, for example, a diverging and / or a differently shaped beam (to illuminate a relatively wide ground surface area). The further reaching first light beam S1 may, for example, have a smaller divergence than a divergence of a second light beam S2, seen in side view, but that is not necessary.

99

Een door de eerste lichtbundel Sl belicht gebied van het oppervlak G kan deels overlappen met een door de tweede lichtbundel S2 belicht gebied van dat oppervlak G, bijvoorbeeld over een afstand van circa 1 meter of minder (gemeten in een fietsvoortbewegingsrichting). Een totaal, door de 5 eerste lichtbundel Sl te belichten gebied kan zich bijvoorbeeld uitstrekken van circa 3 meter tot circa 10 meter voor de voorzijde van het licht. Een totaal door de tweede lichtbundel S2 te belichten gebied kan zich bijvoorbeeld uitstrekken van circa 2 tot circa 4 meter voor de voorzijde van het licht. Alternatief overlappen de door bundels Sl, S2 te belichten 10 gebieden elkaar niet.An area of the surface G illuminated by the first light beam S1 can partially overlap with an area of that surface G illuminated by the second light beam S2, for example over a distance of approximately 1 meter or less (measured in a bicycle travel direction). A total area to be illuminated by the first light beam S1 can, for example, extend from approximately 3 meters to approximately 10 meters in front of the light. A total area to be illuminated by the second light beam S2 may, for example, extend from approximately 2 to approximately 4 meters in front of the light. Alternatively, the areas to be exposed by beams S1, S2 do not overlap.

Verder is het voordelig indien de eerste lichtuitzendende middelen A zijn ingericht om een eerste lichtbundel Sl met een (aanzienlijk) hogere lichtintensiteit te leveren dan een door de tweede lichtuitzendende middelen B te leveren lichtbundel-lichtintensiteit. Zo kunnen de eerste 15 lichtuitzendende middelen A bijvoorbeeld zijn uitgevoerd om relatief fel licht te genereren, om een ver gelegen gebied voldoende te kunnen belichten. Een door de tweede lichtuitzendende middelen B uit te zenden tweede lichtbundel kan aanzienlijk zwakker zijn dan een genoemde eerste lichtbundel, aangezien deze middelen B na montage bij voorkeur een 20 relatief nabij gelegen gebied belichten.Furthermore, it is advantageous if the first light-emitting means A are arranged to provide a first light beam S1 with a (considerably) higher light intensity than a light beam light intensity to be supplied by the second light-emitting means B. For example, the first light-emitting means A may be designed to generate relatively bright light in order to be able to illuminate a distant area sufficiently. A second light beam to be emitted by the second light emitting means B can be considerably weaker than a said first light beam, since said means B preferably illuminate a relatively nearby area after mounting.

De eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B zijn bij voorkeur beide in het huis 2 van het voorlicht 1 voorzien. Het huis 2 omvat een lichtuittreedvenster 3 (van een lichtdoorlatend materiaal, bijvoorbeeld glas of een transparante kunststof). Zowel de eerste als de tweede 25 lichtuitzendende middelen A, B zijn in dit voorbeeld opgesteld om lichtbundels Sl, S2 via hetzelfde uittreedvenster 3 naar een omgeving toe uit te stralen. Dit biedt constructie-technische voordelen, alsmede visuele eenheid, ten opzichte van toepassing van verschillende lichtuittreedvensters om de eerste en tweede lichtbundels door te laten.The first and second light-emitting means A, B are preferably both provided in the housing 2 of the front light 1. The housing 2 comprises a light exit window 3 (of a light-transmitting material, for example glass or a transparent plastic). Both the first and the second light-emitting means A, B are arranged in this example to emit light beams S1, S2 via the same exit window 3 to an environment. This offers construction-technical advantages, as well as visual unity, compared to the use of different light exit windows to allow the first and second light beams to pass through.

30 Zoals uit de tekening volgt kunnen de eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B bijvoorbeeld zijn opgesteld en ingericht om 10 kruisende bundels Si, S2 te produceren. In het voorbeeld kruist een optische as van de eerste lichtbundel Sl de optische as van de tweede lichtbundel S2 (gezien in zijaanzicht), op een locatie buiten het huis 2. Hiertoe doorloopt de optische as van de eerste bundel Sl het uittreedvenster 5 3 op een lagere positie dan de optische as van de tweede bundel S2. Op deze manier kan een goede lichtspreiding worden verkregen in elk van de door de bundels Sl, S2 te belichten gebieden.As follows from the drawing, the first and second light-emitting means A, B can, for example, be arranged and arranged to produce crossing bundles Si, S2. In the example, an optical axis of the first light beam S1 intersects the optical axis of the second light beam S2 (seen in side view), at a location outside the housing 2. To this end, the optical axis of the first beam S1 passes through the exit window 3 on a lower position than the optical axis of the second bundle S2. In this way, a good light distribution can be obtained in each of the areas to be exposed by the beams S1, S2.

De schematisch getoonde eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B kunnen elk van diverse soorten lichtbronnen, 10 lichtbundelingsmiddelen en dergelijke zijn voorzien. Zo kunnen (bij voorkeur relatief krachtige) eerste lichtuitzendende middelen A bijvoorbeeld een bundelvormende spiegel of lens omvatten, welke is uitgevoerd om licht van een eerste lichtbron te bundelen en via het uittreedvenster 3? als eerste lichtbundel Sl uit te zenden. De eerste lichtbron kan bijvoorbeeld een 15 gloeilamp, LED bron of halogeenlamp omvatten.The schematically shown first and second light-emitting means A, B can each be provided with various types of light sources, light-bundling means and the like. For example (preferably relatively powerful) first light-emitting means A may comprise, for example, a beam-forming mirror or lens, which is designed to bundle light from a first light source and via the exit window 3? Be the first to emit the light beam S1. The first light source can for instance comprise an incandescent lamp, LED source or halogen lamp.

De tweede lichtuitzendende middelen B (die bijvoorbeeld minder krachtig zijn dan de tweede lichtuitzendende middelen A) kunnen bijvoorbeeld een of meer lichtbronnen omvatten, bij voorkeur twee of meer LED bronnen. Een tweede lichtbron, van de tweede lichtuitzendende 20 middelen B, is bijvoorbeeld opgesteld om licht direct naar het uittreedvenster 3 te richten, zonder tussenkomst van een spiegel of dergelijke, om de tweede bundel S2 uit te zenden. Op deze manier kunnen de tweede lichtuitzendende middelen B relatief compact worden uitgevoerd. Bovendien kunnen relatief efficiënte tweede lichtuitzendende middelen B 25 worden toegepast die bij een laag dynamovermogen nog een goede lichtopbrengst kunnen leveren voor belichting nabij de fiets.The second light-emitting means B (which are, for example, less powerful than the second light-emitting means A) may, for example, comprise one or more light sources, preferably two or more LED sources. A second light source, from the second light emitting means B, is arranged, for example, to direct light directly to the exit window 3, without the intervention of a mirror or the like, to emit the second beam S2. In this way the second light-emitting means B can be of relatively compact design. Moreover, relatively efficient second light-emitting means B 25 can be used which can still provide a good light output for lighting near the bicycle with a low dynamo power.

Op voordelige wijze kunnen de eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B met onderling verschillende elektrische vermogens PI, P2 worden gevoed, waarbij het vermogen regelbaar is afhankelijk van een of 30 meer parameters, bijvoorbeeld onder invloed van een snelheid van de fiets. Zoals uit het onderstaande volgt is het bijvoorbeeld voordelig om de eerste 11 lichtuitzendende middelen slechts van elektrisch vermogen te voorzien wanneer voldoende vermogen door de dynamo Q wordt geleverd, i.e., bij een relatief hoge fietssnelheid.Advantageously, the first and second light-emitting means A, B can be supplied with mutually different electrical powers P1, P2, the power being adjustable depending on one or more parameters, for example under the influence of a speed of the bicycle. As follows from the following, it is advantageous, for example, to provide the first 11 light-emitting means with electrical power only when sufficient power is supplied by the dynamo Q, i.e., at a relatively high cycling speed.

In het bijzonder is het licht ingericht om de eerste lichtuitzendende 5 middelen A met een eerste elektrisch vermogen PI te voeden, en om de tweede lichtuitzendende middelen B met een tweede elektrisch vermogen P2 te voeden. Verder zijn regelmiddelen C voorzien, uitgevoerd om een verhouding P1:P2 tussen genoemde eerste en tweede vermogen aan te passen onder invloed van ten minste één parameter.In particular, the light is adapted to supply the first light-emitting means A with a first electrical power P1, and to supply the second light-emitting means B with a second electrical power P2. Furthermore, control means C are provided, designed to adjust a ratio P1: P2 between said first and second power under the influence of at least one parameter.

10 Genoemde regelmiddelen C kunnen op verschillende manieren zijn uitgevoerd, hetgeen de vakman duidelijk zal zijn, en bijvoorbeeld een elektrisch circuit, micro-elektronica, een of meer schakelaars, een microcontroller, filtermiddelen, elektrische aansluitingen en/of dergelijke omvatten.Said control means C can be designed in different ways, which will be clear to those skilled in the art, and comprise for instance an electrical circuit, microelectronics, one or more switches, a microcontroller, filtering means, electrical connections and / or the like.

15 In het bijzonder omvatten de regelmiddelen C een voedingsregeling omvatten welke is ingericht om een door het licht 1 (via het contact 5) ontvangen dynamovermogen (dat in hoofdzaak een totaal geleverd dynamovermogen kan omvatten, of een deel daarvan) te verdelen in genoemde eerste en tweede elektrische vermogen, in een genoemde 20 verhouding PI: P2.In particular, the control means C comprise a supply control which is adapted to divide a dynamo power received by the light 1 (via the contact 5) (which can substantially comprise a total supplied dynamo power, or a part thereof) into said first and second electrical power, in a said P1: P2 ratio.

De regelmiddelen C zijn in het voorbeeld aangesloten op het elektrische contact 5, via een elektrische koppeling 7. In het voorbeeld zijn de eerste en tweede lichtuitzendende middelen aan de regelmiddelen C gekoppeld via respectieve elektrische koppeling 8, 9. De regelmiddelen C 25 kunnen bijvoorbeeld zijn ingericht om het elektrisch contact 5 en genoemde lichtuitzendende middelen A, B elektrisch te koppelen afhankelijk van een door de regelmiddelen bepaalde vermogensverhouding P1:P2. Volgens een nadere uitwerking kunnen de regelmiddelen bijvoorbeeld zijn uitgevoerd om elektrische impedanties tussen de lichtuitzendende middelen A, B en het 30 elektrische contact bij te stellen, afhankelijk van een genoemde parameter (genoemde impedanties maken bijvoorbeeld deel uit van de regelmiddelen).In the example, the control means C are connected to the electrical contact 5, via an electrical coupling 7. In the example, the first and second light-emitting means are coupled to the control means C via respective electrical coupling 8, 9. The control means C can for instance be arranged to electrically couple the electrical contact 5 and said light-emitting means A, B depending on a power ratio P1: P2 determined by the control means. According to a further elaboration, the control means can for instance be designed to adjust electrical impedances between the light-emitting means A, B and the electrical contact, depending on a said parameter (said impedances are, for example, part of the control means).

1212

Verder kunnen de regelmiddelen C bijvoorbeeld zijn voorzien van elektronische schakelmiddelen om genoemde vermogensverhouding P1:P2 tijdens gebruik automatisch aan te passen.Furthermore, the control means C can for instance be provided with electronic switching means for automatically adjusting said power ratio P1: P2 during use.

De regelmiddelen C kunnen geheel in het huis 2 van het voorlicht 5 zijn voorzien, zoals in het voorbeeld, opdat een compacte, gemakkelijk monteerbare configuratie wordt verkregen. Alternatief kan bijvoorbeeld ten minste een deel van de regelmiddelen C zich buiten een voorlichthuis 2 bevinden, bijvoorbeeld op afstand van het huis 2.The control means C can be provided entirely in the housing 2 with the front light 5, as in the example, so that a compact, easily mountable configuration is obtained. Alternatively, for example, at least a part of the control means C can be located outside a front light housing 2, for example at a distance from the housing 2.

De regelmiddelen C zijn bij voorkeur uitgevoerd om genoemde 10 vermogensverhouding P1:P2 automatisch aan te passen onder invloed van een wijziging van de ten minste ene parameter. Genoemde parameter is bij voorkeur een frequentie of grootte van een van de fietsdynamo Q ontvangen wisselstroom, of een daaraan gerelateerde waarde. Vanzelfsprekend kan in plaats van de dynamowisselstroom tevens de dynamowisselspanning 15 worden gebruikt. De regelmiddelen C kunnen bijvoorbeeld zijn uitgevoerd om genoemde parameter te meten of te berekenen. Daarnaast kunnen de regelmiddelen C bijvoorbeeld zijn uitgevoerd om automatisch werkzaam te zijn onder invloed van die parameter, bijvoorbeeld onder gebruikmaking van filtermiddelen, een comparator en/of dergelijke.The control means C are preferably designed to adjust said power ratio P1: P2 automatically under the influence of a change in the at least one parameter. Said parameter is preferably a frequency or magnitude of an alternating current received from the bicycle dynamo Q, or a related value. Naturally, alternator alternating current may also be used instead of alternating alternating current. The control means C may, for example, be designed to measure or calculate said parameter. In addition, the control means C may, for example, be designed to operate automatically under the influence of that parameter, for example using filter means, a comparator and / or the like.

20 Een snelheid van de fiets F is doorgaans evenredig is met een door de dynamo opgewekt vermogen. Aldus kan de ten minste ene parameter, waarop de vermogensverhouding P1:P2 wordt ingesteld, tevens een fietssnelheid-afhankelijke parameter omvatten. In andere woorden: de dynamo Q kan bij voorkeur tevens direct of indirect fungeren als 25 fietssnelheidssensor, waarbij de regelmiddelen C het dynamo-signaal gebruiken om een fietssnelheid-afhankelijke parameter te bepalen.A speed of the bicycle F is generally proportional to a power generated by the dynamo. Thus, the at least one parameter on which the power ratio P1: P2 is set can also comprise a bicycle speed-dependent parameter. In other words: the dynamo Q can preferably also function directly or indirectly as a bicycle speed sensor, wherein the control means C use the dynamo signal to determine a bicycle speed-dependent parameter.

Bij voorkeur kunnen de regelmiddelen C een genoemde vermogensverhouding P1:P2 automatisch bijstellen wanneer de parameter (in het bijzonder de fietssnelheid-afhankelijke parameter, bijvoorbeeld 30 betreffende een dynamospanning- of stroom) een bepaalde drempelwaarde overschrijdt. Genoemde drempelwaarde is bij voorkeur gerelateerd aan een 13 voorafbepaalde fietssnelheid, bijvoorbeeld een fietssnelheiddempelwaarde in het bereik tussen genoemde eerste en tweede snelheidswaarde, bijvoorbeeld een bereik van circa 10-20 km/uur, bijvoorbeeld 10-15 km/uur. De regelmiddelen kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van een 5 dynamosignaaldrempelwaarde (amplitude of grootte) die is gerelateerd aan die fietssnelheiddempelwaarde.Preferably, the control means C can automatically adjust a said power ratio P1: P2 if the parameter (in particular the bicycle speed-dependent parameter, for example concerning a dynamo voltage or current) exceeds a certain threshold value. Said threshold value is preferably related to a predetermined bicycle speed, for example a bicycle speed threshold value in the range between said first and second speed values, for example a range of approximately 10-20 km / hour, for example 10-15 km / hour. The control means can for instance use a dynamo signal threshold value (amplitude or size) that is related to that bicycle speed threshold value.

De regeling kan op diverse manieren worden uitgevoerd. Zo kunnen de regelmiddelen C bij een instantane fietssnelheid-afhankelijke parameterwaarde lager dan genoemde drempelwaarde bijvoorbeeld 10 bewerkstelligen dat ontvangen dynamovermogen in hoofdzaak (bijvoorbeeld geheel) aan de tweede lichtuitzendende middelen B wordt doorgegeven. De regelmiddelen C kunnen in dat geval bijvoorbeeld zodanig zijn ingericht dat bij een eerste waarde van genoemde parameter, bijvoorbeeld in een eerste parameterbereik (gerelateerd aan een relatief lage fietssnelheid, onder 15 genoemde eerste snelheidswaarde), het genoemde eerste elektrisch vermogen PI nul is, en het tweede elektrisch P2 vermogen niet, zodat slechts de tweede lichtuitzendende middelen B worden gevoed.The control can be implemented in various ways. Thus, with an instantaneous bicycle speed-dependent parameter value lower than said threshold value, the control means C can, for example, ensure that received dynamics power is transmitted substantially (for example entirely) to the second light-emitting means B. In that case, the control means C can for instance be arranged such that at a first value of said parameter, for instance in a first parameter range (related to a relatively low cycling speed, below said first speed value), said first electric power P1 is zero, and the second electric P2 power does not, so that only the second light-emitting means B are fed.

Bij een instantane fietssnelheid-afhankelijke parameterwaarde hoger dan genoemde drempelwaarde kunnen de regelmiddelen C 20 bijvoorbeeld bewerkstelligen dat ontvangen dynamovermogen in hoofdzaak tevens (bijvoorbeeld deels, in hoofdzaak, of geheel) aan de eerste lichtuitzendende middelen A wordt doorgegeven. De regelmiddelen C kunnen dan bijvoorbeeld zodanig zijn ingericht dat bij een van de eerste parameterwaarde verschillende tweede waarde van de parameter, 25 bijvoorbeeld in een tweede parameterbereik (gerelateerd aan een relatief hoge fietssnelheid boven genoemde tweede snelheidswaarde), het genoemde tweede elektrisch vermogen P2 nul is, en het eerste elektrisch PI vermogen niet, zodat slechts de eerste lichtuitzendende middelen A worden gevoed.With an instantaneous bicycle speed-dependent parameter value higher than said threshold value, the control means C can for instance ensure that received dynamo power is substantially also (for example partly, substantially, or entirely) transmitted to the first light-emitting means A. The control means C can then for instance be arranged such that at a second value of the parameter different from the first parameter value, for instance in a second parameter range (related to a relatively high cycling speed above said second speed value), said second electrical power P2 is zero and the first electric PI power is not, so that only the first light emitting means A are fed.

Voorts kunnen de regelmiddelen C bijvoorbeeld zodanig zijn 30 ingericht dat bij een bepaalde waarde van de parameter, bijvoorbeeld in bepaald parameterbereik, geen van het eerste en tweede elektrisch 14 vermogen PI, P2 gelijk aan nul is, zodat zowel de eerste als tweede lichtuitzendende middelen A, B worden gevoed.Furthermore, the control means C can for instance be arranged such that at a certain value of the parameter, for instance in a certain parameter range, none of the first and second electrical power P1, P2 is equal to zero, so that both the first and second light-emitting means A , B are fed.

Om een voor de fietser relatief natuurlijke overgang tussen omgevingsbelichting door de verschillende lichtbundels Si, S2 te realiseren 5 is het voordelig, wanneer de regelmiddelen C zijn ingericht om een genoemde vermogensverhouding P1:P2 trapsgewijs aan te passen, in verschillende stappen, of geleidelijk, bij een bepaalde verandering van de fietssnelheid. Door de overgang min of meer geleidelijk te laten verlopen kan de indruk worden gewekt dat er eerder sprake is van een 10 lichtbundel verstelling dan van een omschakeling. En dergelijke natuurlijke overgang kan door de regelmiddelen C worden uitgevoerd onder gebruikmaking van de snelheidsafhankelijke parameter, en in het bijzonder wanneer die parameter van een waarde gerelateerd aan een lage fietssnelheid (bijvoorbeeld een genoemde eerste snelheidswaarde, 15 bijvoorbeeld 10 km/uur) naar een waarde gerelateerd aan een hoge fietssnelheid (bijvoorbeeld hoger dan genoemde tweede snelheidswaarde, bijvoorbeeld 15 km/uur) overgaat en vice-versa.In order to realize a transition between ambient lighting through the various light beams Si, S2 that is relatively natural for the cyclist, it is advantageous if the control means C are adapted to gradually adjust a said power ratio P1: P2, in different steps, or gradually, at a certain change in bicycle speed. By allowing the transition to take place more or less gradually, the impression can be created that it is more a matter of a light beam adjustment than of a switchover. Such a natural transition can be carried out by the control means C using the speed-dependent parameter, and in particular when that parameter changes from a value related to a low bicycle speed (for example a said first speed value, for example 10 km / hour) to a value related to a high bicycle speed (for example higher than said second speed value, for example 15 km / hour) and vice-versa.

Met voordeel zijn de regelmiddelen C instelbaar, bijvoorbeeld via een door een gebruiker bedienbaar instelmiddel 6 (bijvoorbeeld een of meer 20 schakelaars, een instelbare weerstand, een bedieningsknop of dergelijke). Instelling van de regelmiddelen C (via het instelmiddel 6) dient bijvoorbeeld om een schakelpunt of schakelbereik, bijvoorbeeld genoemde parameterdrempelwaarde(n) voor aanpassing van de vermogensverhouding P1:P2, in te stellen. Verder kunnen de regelmiddelen C bijvoorbeeld 25 bedienbaar zijn om aanpassing van de vermogensverhouding uit te schakelen, bijvoorbeeld om slechts één van de eerste en tweede lichtuitzendende middelen A, B van dynamovermogen te voorzien, onafhankelijk van de fietssnelheid, of om alle lichtuitzendende middelen A, B van dynamovermogen te voorzien, onafhankelijk van de fietssnelheid.Advantageously, the control means C are adjustable, for example via an adjustment means 6 that can be operated by a user (for example one or more switches, an adjustable resistor, an operating button or the like). Adjustment of the control means C (via the adjustment means 6) serves, for example, to set a switching point or switching range, for example, said parameter threshold value (s) for adjusting the power ratio P1: P2. Furthermore, the control means C can be operable, for example, to switch off the power ratio adjustment, for instance to provide only one of the first and second light-emitting means A, B with dynamo power, independent of the bicycle speed, or to all light-emitting means A, B with dynamo power, independent of the bicycle speed.

30 Tijdens gebruik wordt van het voorlicht 1 voorziene fiets F door een fietser met spierkracht aangedreven, waarbij de dynamo Q stroom aan het 15 voorlicht 1 levert. De regelmiddelen C van het voorlicht 1 bepalen een genoemde fietssnelheid-afhankelijke parameter (bijv. via de dynamospanning of -stroom), en stellen de vermogensverhouding P1:P2 in op basis van die parameter. Zoals uit het bovenstaande volgt, is die 5 verhouding bijvoorbeeld zodanig dat slechts de tweede lichtuitzendende middelen B met dynamovermogen worden gevoed bij relatief lage fietssnelheden (i.e. Pl=0). De eerste lichtuitzendende middelen A worden bij voorkeur pas gevoed bij relatief hoge fietssnelheden, waarbij de tweede lichtuitzendende middelen B kunnen zijn uitgeschakeld (dat is echter niet 10 noodzakelijk).During use, the bicycle F provided with the front light 1 is driven by a cyclist with muscle power, the dynamo Q supplying current to the front light 1. The control means C of the front light 1 determine a said bicycle speed-dependent parameter (e.g. via the alternator voltage or current), and set the power ratio P1: P2 on the basis of that parameter. As follows from the above, that ratio is, for example, such that only the second light-emitting means B are supplied with dynamo power at relatively low cycling speeds (i.e. P1 = 0). The first light-emitting means A are preferably only fed at relatively high bicycle speeds, wherein the second light-emitting means B may be switched off (however, this is not necessary).

Het voorlicht 1 kan relatief veel licht produceren, zowel bij hoge als lage fietssnelheden. De eerste lichtuitzendende middelen A kunnen na activering een relatief grote lichtopbrengst Sl leveren, zodat de weg tot ver voor de bestuurder verlicht kan worden. Dit is prettig bij middelbare en 15 hoge snelheden. Om een goede lichtopbrengst te bewerkstelligen is de lichtverdeling daarbij bij voorkeur zo ingesteld dat er weinig of geen licht dichtbij de fiets F op de weg wordt geprojecteerd (i.e. P2=0).The front light 1 can produce a relatively large amount of light, both at high and low cycling speeds. The first light emitting means A can provide a relatively large light output S1 after activation, so that the road can be illuminated far in front of the driver. This is pleasant at middle and 15 high speeds. In order to achieve a good light output, the light distribution is thereby preferably set such that little or no light is projected close to the bicycle F on the road (i.e. P2 = 0).

Bij een relatief lage fietssnelheid kijkt de bestuurder op relatief kortere afstand voor zich op de weg. De regelmiddelen C bewerkstelligen bij 20 een dergelijke snelheid dat het door het licht 1 ontvangen dynamovermogen bij voorkeur geheel (of gedeeltelijk) naar de tweede lichtuitzendende middelen B wordt geleid. De tweede lichtuitzendende middelen B zijn geplaatst om licht S2 nabij de fiets (vóór de fiets) op het wegoppervlak G te projecteren, zodat ook bij lage snelheden nog voldoende licht intensiteit op 25 de weg plaatsheeft. De regelmiddelen C kunnen het regelen van de vermogensverhouding P1:P2 bijvoorbeeld uitvoeren aan de hand van een door die middelen gemeten (of anderszins bepaalde) frequentie of grootte van het door de dynamo geleverde elektrische vermogen.At a relatively low bicycle speed, the driver looks at the road at a relatively shorter distance. The control means C ensure at such a speed that the dynamics power received by the light 1 is preferably wholly (or partially) directed to the second light-emitting means B. The second light emitting means B are arranged to project light S2 near the bicycle (in front of the bicycle) on the road surface G, so that sufficient light intensity still takes place on the road even at low speeds. The control means C may, for example, perform the control of the power ratio P1: P2 on the basis of a frequency or magnitude of the electrical power supplied by the dynamo measured by (or otherwise determined by) those means.

Voor de vakman spreekt vanzelf dat de uitvinding niet is beperkt 30 tot de beschreven uitvoeringsvoorbeelden. Diverse wijzigingen zijn mogelijk binnen het raam van de uitvinding zoals is verwoord in de navolgende 16 conclusies. De term “een” kan in deze aanvrage “slechts één”, “ten minste één” of “verscheidene” betekenen, tenzij anders aangegeven.It is obvious to a person skilled in the art that the invention is not limited to the exemplary embodiments described. Various changes are possible within the scope of the invention as set forth in the following claims. The term "one" in this application may mean "only one", "at least one" or "several" unless otherwise specified.

Verder kunnen de eerste en tweede lichtuitzendende middelen bijvoorbeeld zijn opgesteld om respectieve lichtbundels SI, S2 telkens in 5 dezelfde richting ten opzichte van een huis 2 van het licht 1 uit te zenden. Alternatief kunnen de eerste en/of tweede lichtuitzendende middelen op zichzelf bijvoorbeeld instelbaar zijn, om een uitzendrichting aan te passen, bijvoorbeeld om een genoemde hoek 6 tussen genoemde hoofdrichtingen Rl, R2 (en tevens bijvoorbeeld tussen optische assen) van de eerste en tweede 10 lichtbundels SI, S2 aan te passen.Furthermore, the first and second light-emitting means can be arranged, for example, to emit respective light beams S1, S2 in the same direction relative to a housing 2 of the light 1. Alternatively, the first and / or second light-emitting means can be adjustable per se, for example, to adjust a transmitting direction, for example about a said angle 6 between said main directions R1, R2 (and also for example between optical axes) of the first and second light beams S1, S2.

Daarnaast kan de genoemde parameter bijvoorbeeld de frequentie en/of grootte van een van een fietsdynamo ontvangen stroom of spanning zijn, of een andere parameter, bijvoorbeeld een parameter die niet direct van het dynamovermogen afhangt.In addition, the said parameter can for instance be the frequency and / or magnitude of a current or voltage received from a bicycle dynamo, or another parameter, for example a parameter that does not depend directly on the dynamics power.

15 De regelmiddelen van het licht kunnen bijvoorbeeld op een alternatieve aanstuurbaar zijn, bijvoorbeeld onder gebruikmaking van een afstandsbediening (bijvoorbeeld een op een fietsstuur aangebracht, door de fietser bedienbare signaalgever) om een bedieningssignaal naar de regelmiddelen van het licht te verzenden ten behoeve van het aanpassen 20 van de vermogensverhouding P1:P2.The control means of the light can for instance be controllable on an alternative, for instance using a remote control (for instance a signal transmitter mounted on a bicycle handlebar, operated by the cyclist) to send an operating signal to the control means of the light for the purpose of adjusting 20 of the power ratio P1: P2.

Claims (24)

1. Fietslicht, in het bijzonder voorlicht (1), geconfigureerd om tijdens gebruik door een fietsdynamo (Q) te worden gevoed, ten minste omvattende: -met een eerste elektrisch vermogen (PI) te voeden eerste lichtuitzendende middelen (A), ingericht om een eerste lichtbundel (Sl) in een eerste richting 5 (Rl) uit te zenden; - met een tweede elektrisch vermogen (P2) te voeden tweede lichtuitzendende middelen (B), ingericht om een tweede lichtbundel (S2) in een van de eerste richting verschillende tweede richting (R2) uit te zenden; en 10 -regelmiddelen (C) om een verhouding (P1:P2) tussen genoemde eerste en tweede vermogen aan te passen onder invloed van ten minste één parameter.A bicycle light, in particular front light (1), configured to be powered during use by a bicycle dynamo (Q), comprising at least: - first light emitting means (A) to be fed with a first electrical power (PI), adapted to emitting a first light beam (S1) in a first direction 5 (R1); - second light emitting means (B) to be fed with a second electrical power (P2), adapted to emit a second light beam (S2) in a second direction (R2) different from the first direction; and control means (C) for adjusting a ratio (P1: P2) between said first and second power under the influence of at least one parameter. 2. Fietslicht volgens conclusie 1, waarbij genoemde parameter de frequentie en/of grootte van een van een fietsdynamo (Q) ontvangen stroom 15 of spanning is.A bicycle light according to claim 1, wherein said parameter is the frequency and / or magnitude of a current or voltage received from a bicycle dynamo (Q). 3. Fietslicht volgens conclusie 1 of 2, waarbij genoemde parameter wordt geleverd door een elektrisch signaal, bijvoorbeeld een aan een fietssnelheid gerelateerd signaal.A bicycle light according to claim 1 or 2, wherein said parameter is supplied by an electrical signal, for example a signal related to a bicycle speed. 4. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de 20 regelmiddelen (C) zijn uitgevoerd om genoemde verhouding (P1:P2) automatisch aan te passen onder invloed van een wijziging van de ten minste ene parameter.4. Bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are designed to automatically adjust said ratio (P1: P2) under the influence of a change of the at least one parameter. 5. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) een voedingsregeling omvatten welke is ingericht om een 25 door het licht ontvangen dynamovermogen te verdelen in genoemde eerste en tweede elektrische vermogen, in een genoemde verhouding (P1:P2).5. Bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) comprise a supply control which is adapted to divide a dynamo power received by the light into said first and second electrical power, in a said ratio (P1: P2). 6. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) zijn ingericht om een genoemde vermogensverhouding (P1:P2) bij te stellen wanneer de parameter een bepaalde drempelwaarde overschrijdt.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are adapted to adjust a said power ratio (P1: P2) when the parameter exceeds a certain threshold value. 7. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) zijn ingericht om een genoemde vermogensverhouding (P1:P2) trapsgewijs in verschillende stappen, of geleidelijk, aan te passen.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are adapted to adjust a said power ratio (P1: P2) stepwise in different steps, or gradually. 8. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) zodanig zijn ingericht dat: 10 -bij een eerste waarde van genoemde parameter, bijvoorbeeld in een eerste parameterbereik, het genoemde eerste elektrisch vermogen (PI) nul is, en het tweede elektrisch (P2) vermogen niet, zodat slechts de tweede lichtuitzendende middelen (B) worden gevoed.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are arranged such that: at a first value of said parameter, for example in a first parameter range, said first electrical power (P1) is zero, and the second electric (P2) power not, so that only the second light emitting means (B) are fed. 9. Fietslicht volgens conclusie 8, waarbij de regelmiddelen (C) zodanig 15 zijn ingericht dat: -bij een van de eerste parameterwaarde verschillende tweede waarde van de parameter, bijvoorbeeld in een tweede parameterbereik, het genoemde tweede elektrisch vermogen (P2) nul is, en het eerste elektrisch (PI) vermogen niet, zodat slechts de eerste lichtuitzendende middelen (A) 20 worden gevoed.A bicycle light according to claim 8, wherein the control means (C) are arranged such that: at a second value of the parameter different from the first parameter value, for example in a second parameter range, said second electrical power (P2) is zero, and the first electric (PI) power is not, so that only the first light emitting means (A) are supplied. 10. Fietslicht volgens conclusie 8 of 9, waarbij de regelmiddelen (C) zodanig zijn ingericht dat: -bij een bepaalde waarde van de parameter, bijvoorbeeld in bepaald parameterbereik, geen van het eerste en tweede elektrisch vermogen (PI,A bicycle light according to claim 8 or 9, wherein the control means (C) are arranged such that: at a certain value of the parameter, for example in a certain parameter range, none of the first and second electrical power (P1, 25 P2) gelijk aan nul is, zodat zowel de eerste als tweede lichtuitzendende middelen (A, B) worden gevoed.P2) is zero, so that both the first and second light emitting means (A, B) are fed. 11. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de eerste lichtuitzendende middelen (A) zijn ingericht om een lichtbundel met een hogere lichtintensiteit te leveren dan een door de tweede lichtuitzendende 30 middelen (B) te leveren lichtbundel-lichtintensiteit. _11. Bicycle light as claimed in any of the foregoing claims, wherein the first light-emitting means (A) are arranged to provide a light beam with a higher light intensity than a light beam-light intensity to be supplied by the second light-emitting means (B). _ 12. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij hoofdrichtingen (Rl, R2) van door de eerste en tweede lichtuitzendende middelen (A, B) uitgezonden eerste en tweede lichtbundels (SI, S2) een hoek (6) insluiten die groter is dan 5°.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein main directions (R1, R2) of first and second light beams (S1, S2) emitted by the first and second light emitting means (A, B) enclose an angle (6) that is greater than 5 °. 13. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij hoofdrichtingen (Rl, R2) van door de eerste en tweede lichtuitzendende middelen (A, B) uitgezonden eerste en tweede lichtbundels (SI, S2) een hoek (6) insluiten die kleiner is dan 70°, bijvoorbeeld kleiner dan 45°.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein main directions (R1, R2) of first and second light beams (S1, S2) emitted by the first and second light emitting means (A, B) enclose an angle (6) that is smaller than 70 °, for example, less than 45 °. 14. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de eerste 10 en tweede lichtbundels (SI, S2) divergerende bundels zijn, waarbij een divergentie van de tweede lichtbundel (S2) bij voorkeur groter is dan een divergentie van de eerste lichtbundel (Sl)A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the first and second light beams (S1, S2) are diverging beams, wherein a divergence of the second light beam (S2) is preferably greater than a divergence of the first light beam (S1) 15 B) bevat.15 B). 15. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, voorzien van een lichthuis (2) dat genoemde eerste en tweede lichtuitzendende middelen (A,A bicycle light according to any one of the preceding claims, provided with a light housing (2) that said first and second light-emitting means (A, 16. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, voorzien van een lichtuittreedvenster (3), waarbij zowel de eerste als de tweede lichtuitzendende middelen (A, B) zijn ingericht om lichtbundels (Sl, S2) door hetzelfde uittreedvenster (3) uit te stralen.A bicycle light according to any one of the preceding claims, provided with a light exit window (3), wherein both the first and the second light emitting means (A, B) are adapted to emit light beams (S1, S2) through the same exit window (3). 17. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, voorzien van een elektrisch contact (5) om elektrisch vermogen van een fietsdynamo (Q) te ontvangen, waarbij genoemde regelmiddelen (C) zijn ingericht om het elektrisch contact (5) en genoemde lichtuitzendende middelen (A, B) elektrisch te koppelen volgens een door de regelmiddelen bepaalde 25 vermogensverhouding (P1:P2).A bicycle light according to any one of the preceding claims, provided with an electrical contact (5) to receive electrical power from a bicycle dynamo (Q), wherein said control means (C) are arranged to control the electrical contact (5) and said light-emitting means (A) , B) electrically coupled according to a power ratio determined by the control means (P1: P2). 18. Fietslicht volgens conclusie 17, waarbij de regelmiddelen zijn uitgevoerd om elektrische impedanties tussen de lichtuitzendende middelen (A, B) en het elektrische contact te regelen.A bicycle light according to claim 17, wherein the control means are adapted to control electrical impedances between the light emitting means (A, B) and the electrical contact. 19. Fietslicht volgens conclusie 17 of 18, waarbij de regelmiddelen zijn 30 voorzien van elektronische schakelmiddelen om genoemde vermogensverhouding automatisch aan te passen.19. Bicycle light according to claim 17 or 18, wherein the control means are provided with electronic switching means to adjust said power ratio automatically. 20. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) instelbaar zijn, bijvoorbeeld via een door een gebruiker bedienbaar instelmiddel (6).Bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are adjustable, for example via an adjustment means (6) that can be operated by a user. 21. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de 5 regelmiddelen (C) in een huis van het licht zijn voorzien.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are provided with light in a housing. 22. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen (C) buiten een huis van het licht zijn voorzien.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means (C) are provided with the light outside a housing. 23. Fietslicht volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de regelmiddelen bedienbaar zijn om aanpassing van de vermogensverhouding 10 uit te schakelen.A bicycle light according to any one of the preceding claims, wherein the control means are operable to switch off adjustment of the power ratio 10. 24. Fiets (F), voorzien van een dynamo (Q) om elektrisch vermogen te leveren tijdens het fietsen, waarbij de dynamo elektrisch is gekoppeld aan een licht (1) volgens een der voorgaande conclusies om het licht te voeden. 15A bicycle (F) provided with a dynamo (Q) to provide electric power during cycling, the dynamo being electrically coupled to a light (1) according to any one of the preceding claims to supply the light. 15
NL2004331A 2010-03-03 2010-03-03 BIKE LIGHT AND BIKE. NL2004331C2 (en)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2004331A NL2004331C2 (en) 2010-03-03 2010-03-03 BIKE LIGHT AND BIKE.
DE102011012936A DE102011012936A1 (en) 2010-03-03 2011-03-03 Light for e.g. bicycle, has bicycle dynamo connected to electrical power unit, where set of light emitting units are attached with electrical power unit, and control unit arranged between electrical power units

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2004331 2010-03-03
NL2004331A NL2004331C2 (en) 2010-03-03 2010-03-03 BIKE LIGHT AND BIKE.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2004331C2 true NL2004331C2 (en) 2011-09-06

Family

ID=42669699

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2004331A NL2004331C2 (en) 2010-03-03 2010-03-03 BIKE LIGHT AND BIKE.

Country Status (2)

Country Link
DE (1) DE102011012936A1 (en)
NL (1) NL2004331C2 (en)

Families Citing this family (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
WO2013186685A1 (en) * 2012-06-11 2013-12-19 Koninklijke Philips Electronics N.V. Bicycle front lamp with dual focus optical system
DE102012106323A1 (en) * 2012-07-13 2014-01-16 Busch & Müller KG Multifunction headlight with function connection cable
US9630669B2 (en) * 2015-02-04 2017-04-25 Christopher Slaughter Dynamic cycle light distribution system

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2658150A1 (en) * 1990-02-09 1991-08-16 Favier Andre Illumination or position-identifying light for a cycle or motorcycle and illumination system including such a light
WO1998006975A1 (en) * 1996-08-13 1998-02-19 Eveready Battery Company, Inc. Lighting devices e.g. bicycle lamps
US20040141316A1 (en) * 2002-11-22 2004-07-22 Harald Twardawski Mobile lamp
JP2008081074A (en) * 2006-09-29 2008-04-10 Fujifilm Corp Headlight control system
EP1918185A1 (en) * 2006-10-30 2008-05-07 Shimano Inc. Bicycle illumination apparatus

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2658150A1 (en) * 1990-02-09 1991-08-16 Favier Andre Illumination or position-identifying light for a cycle or motorcycle and illumination system including such a light
WO1998006975A1 (en) * 1996-08-13 1998-02-19 Eveready Battery Company, Inc. Lighting devices e.g. bicycle lamps
US20040141316A1 (en) * 2002-11-22 2004-07-22 Harald Twardawski Mobile lamp
JP2008081074A (en) * 2006-09-29 2008-04-10 Fujifilm Corp Headlight control system
EP1918185A1 (en) * 2006-10-30 2008-05-07 Shimano Inc. Bicycle illumination apparatus

Also Published As

Publication number Publication date
DE102011012936A1 (en) 2012-01-19

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US6394633B1 (en) Guidance and safety illumination for baby carriages
US7731375B2 (en) Phosphorescent charging system for wheeled vehicles having phosphorescent wheels
US20130033883A1 (en) Bicycle handlebar with integral lighting system
JP2017218133A (en) Position lighting device
NL2004331C2 (en) BIKE LIGHT AND BIKE.
CN110641586B (en) Bicycle light control system and bicycle
EP1399355B1 (en) Control unit
TW201520097A (en) Headlamp control system
GB2568113A (en) A bicycle light
CN202593696U (en) Bicycle light with manual automatic adjustment of lighting distance function
EP0952073A2 (en) Bicycle light
WO2013186685A1 (en) Bicycle front lamp with dual focus optical system
WO2014117399A1 (en) Vehicle-mounted intelligent lighting device
EP4488150A1 (en) Bicycle lighting device
CN219361216U (en) Bicycle lamp capable of switching far and near light
JP3205109U (en) Bicycle light
CN222798735U (en) An LED headlight module with greatly enhanced low beam brightness
NL2025830B1 (en) Vehicle light, and frame or vehicle comprising such a vehicle light
KR101405383B1 (en) Control method of a vehicle lamp
NL1032336C1 (en) Directional indication device for a safety helmet.
KR20130068882A (en) Headlight control apparatus for responding vehicle speed
KR102406684B1 (en) Blinker for Personal Mobility
JP3193492U (en) Bicycle indicator
JP2524076Y2 (en) Brake lamp device
TR2023013406U5 (en) LIGHT WARNING SECURITY LAMP

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20180401