NL2000751C2 - Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen. - Google Patents

Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen. Download PDF

Info

Publication number
NL2000751C2
NL2000751C2 NL2000751A NL2000751A NL2000751C2 NL 2000751 C2 NL2000751 C2 NL 2000751C2 NL 2000751 A NL2000751 A NL 2000751A NL 2000751 A NL2000751 A NL 2000751A NL 2000751 C2 NL2000751 C2 NL 2000751C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
department store
air
greenhouse
supply means
tubular body
Prior art date
Application number
NL2000751A
Other languages
English (en)
Inventor
Derk Bastiaan Euwen
Original Assignee
Altena Services B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Altena Services B V filed Critical Altena Services B V
Priority to NL2000751A priority Critical patent/NL2000751C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2000751C2 publication Critical patent/NL2000751C2/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A01AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
    • A01GHORTICULTURE; CULTIVATION OF VEGETABLES, FLOWERS, RICE, FRUIT, VINES, HOPS OR SEAWEED; FORESTRY; WATERING
    • A01G9/00Cultivation in receptacles, forcing-frames or greenhouses; Edging for beds, lawn or the like
    • A01G9/24Devices or systems for heating, ventilating, regulating temperature, illuminating, or watering, in greenhouses, forcing-frames, or the like
    • A01G9/246Air-conditioning systems
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y02TECHNOLOGIES OR APPLICATIONS FOR MITIGATION OR ADAPTATION AGAINST CLIMATE CHANGE
    • Y02ATECHNOLOGIES FOR ADAPTATION TO CLIMATE CHANGE
    • Y02A40/00Adaptation technologies in agriculture, forestry, livestock or agroalimentary production
    • Y02A40/10Adaptation technologies in agriculture, forestry, livestock or agroalimentary production in agriculture
    • Y02A40/25Greenhouse technology, e.g. cooling systems therefor

Landscapes

  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Environmental Sciences (AREA)
  • Greenhouses (AREA)

Description

Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen
De uitvinding heeft betrekking op een warenhuis voor het cultiveren van gewassen. De uitvinding heeft tevens betrekking op een werkwijze voor het cultiveren van gewassen 5 in een dergelijk warenhuis.
Een warenhuis, veelal tevens aangeduid als kas, beslaat doorgaans vele honderden vierkante meters grondoppervlak dat effectief kan worden benut voor het cultiveren van gewassen. Doorgaans omvat elk warenhuis een ruimtelijke draagconstructie voor 10 transparante wandpanelen en dakpanelen. Het warenhuis zal veelal in hoofdzaak gesloten zijn uitgevoerd, teneinde de in het warenhuis aanwezige atmosfeer op gefacilieerde wijze te kunnen conditioneren. Teneinde de groei van de gewassen te stimuleren wordt tussen of langs de gewassen relatief koele lucht (van doorgaans circa 16 graden Celsius) toegevoerd aan het warenhuis. Het bekende warenhuis heeft 15 meerdere nadelen. Een belangrijk nadeel van het bekende warenhuis is dat de atmosfeer in het warenhuis doorgaans relatief snel op warmt bij invallende zonnestraling, waardoor door het alsdan ontstane temperatuurgradiënt in het warenhuis doorgaans een aanzienlijke stijgende luchtstroming in het warenhuis wordt gegenereerd die de juist aan het warenhuis toegevoerde relatief koele lucht veelal meezuigt en opwarmt. Gevolg 20 hiervan is enerzijds dat de relatief koele lucht doorgaans niet effectief langs de gewassen kan worden geleid, en anderzijds dat de gewassen veelal zullen gaan transpireren als gevolg van de stijgende temperatuur en de ontstane convectiestroming in het warenhuis, waardoor het vochtgehalte in het warenhuis significant kan stijgen. Voomoemde effecten belemmeren beiden een effectieve groei van de gewassen.
25
De uitvinding heeft als doel het verschaffen van een verbeterd warenhuis, waarin gewassen op relatief efficiënte wijze kunnen worden gecultiveerd.
De uitvinding verschaft daartoe een warenhuis voor het cultiveren van gewassen, 30 omvattende luchttoevoermiddelen die zodanig zijn aangebracht in het warenhuis, dat de luchttoevoermiddelen ten minste zijn ingericht voor het toevoeren van lucht aan het warenhuis op een hoogte van ten minste 1,5 meter. Uit onderzoek is gebleken dat door het aan het warenhuis toevoeren van lucht op een hoogte van minimaal 1,5 meter boven het grondniveau van het warenhuis een significant verbeterde klimaatbeheersing in het 2 warenhuis kan worden verkregen, doordat de temperatuurgradiënt in het warenhuis, en een daarmee gepaard gaande (opwaartse) convectiestroming, doorgaans aanzienlijk zullen worden gereduceerd. Dientengevolge zal het in het warenhuis aanwezige microklimaat op verbeterde wijze kunnen worden bepaald en worden gestabiliseerd, 5 waardoor de groei van de in het warenhuis gecultiveerde gewassen op relatief efficiënte wijze kan worden gestimuleerd en kan worden geoptimaliseerd. Teneinde de klimaatbeheersing in het warenhuis verder te kunnen verbeteren is het warenhuis bij voorkeur in hoofdzaak afgesloten van een het warenhuis omgevende atmosfeer. Een dergelijk warenhuis wordt tevens veelal aangeduid als een (in hoofdzaak) gesloten 10 kassysteem. De in het warenhuis overeenkomstig de uitvinding te cultiveren gewassen kunnen zeer divers van aard zijn; echter doorgaans worden in het bijzonder groenten gekweekt in het warenhuis, waarvan tomaat, komkommer, paprika, aubergine en courgette veelal het meest worden gekweekt. Daarnaast is het denkbaar om bloemen en kamerplanten te kweken in het warenhuis, waarvan chrysanten, rozen en ficussen het 15 meest voorkomen. Tevens is het denkbaar om bijvoorbeeld tuinplanten te kweken in het warenhuis overeenkomstig de uitvinding.
Teneinde de klimaatbeheersing in het warenhuis verdergaand te optimaliseren zijn de luchttoevoermiddelen bij voorkeur ten minste ingericht voor het toevoeren van lucht aan 20 het warenhuis op een hoogte die ten minste gelijk is aan, en bij nadere voorkeur hoger dan, de halve hoogte van het warenhuis, gerekend vanaf het grondniveau van het warenhuis. Daar bekende warenhuizen doorgaans een hoogte hebben van circa 5 meter, dient althans een fractie van de aan het warenhuis volgens de onderhavige voorkeursuitvoering aan het warenhuis te worden toegevoerd op een hoogte van ten 25 minste (circa) 2,5 meter. Op deze wijze kan een optimale vermenging van lucht in het warenhuis worden gerealiseerd, waardoor het de gewassen omgevende microklimaat op optimale wijze kan worden bepaald en kan worden gestabiliseerd. Het is tevens denkbaar dat een deel van de luchttoevoermiddelen is gepositioneerd op een hoogte lager dan 1,5 meter, waarbij het zelfs mogelijk is dat een deel van de 30 luchttoevoermiddelen, in de grond (bodem) van het warenhuis is aangebracht. In bepaalde situaties kan hiermee een verbetering van de klimaatbeheersing in het warenhuis worden gerealiseerd.
3
De aan het warenhuis toegevoerde lucht kan worden gevormd door direct aan de het warenhuis omgevende atmosfeer onttrokken (onbehandelde) lucht. Echter, doorgaans zal deze atmosferische lucht in onbehandelde toestand niet optimaal zijn om tot een effectieve cultivatie van zich in het warenhuis bevindende gewassen te komen.
5 Derhalve omvat het warenhuis overeenkomstig de uitvinding bij voorkeur met de luchttoevoermiddelen gekoppelde conditioneringsmiddelen omvat voor het conditioneren van aan het warenhuis toe te voeren lucht. Op deze wijze kan het de gewassen omgevende artificiële (micro)klimaat worden geoptimaliseerd, afhankelijk van de aard van het te cultiveren gewas. De wijze van conditioneren kan divers van aard 10 zijn, en kan bijvoorbeeld betrekking hebben op het koelen, verwarmen, ontvochtigen, bevochtigen en/of het filteren van de lucht alvorens deze wordt toegevoerd aan het warenhuis. In een bijzondere voorkeursuitvoering omvatten de conditioneringsmiddelen ten minste één koeleenheid, in het bijzonder een koelbatterij, voor het koelen van aan het warenhuis toe te voeren lucht. De koeleenheid zal doorgaans tevens fungeren als 15 condenseereenheid voor het door het onttrekken van latente warmte uit de langsstromende lucht ontvochtigen van de lucht. De gekoelde, ontvochtigde lucht kan vervolgens in het warenhuis worden geleid. Doorgaans zijn gewassen gebaat bij een klimaat met een relatief droge lucht met een temperatuur van circa 10 tot 16 graden Celsius. De lucht kan tevens zijn bevochtigd voor het kunnen bevochtigen van de 20 gewassen. Het is tevens denkbaar om (daarnaast) andersoortige additieven dan water(damp), zoals bijvoorbeeld koolstofdioxide en/of pesticiden, in het bijzonder ozon, toe te voegen aan de in het warenhuis te verspreiden lucht. Het bevochtigen van de luchtstroom kan daarbij geschieden middels het toevoegen van stoom aan de luchtstroom. Echter het is tevens mogelijk dat de luchtstroom wordt bevochtigd middels 25 het aan de luchtstroom toevoegen van ultrasoon verneveld water.
In een voorkeursuitvoering omvat het warenhuis afvoermiddelen voor afvoer van een deel van de zich in het warenhuis bevindende lucht. Door het actief door de afvoermiddelen uit het warenhuis leiden van lucht kan het - bij voorkeur artificiële -30 microklimaat in het warenhuis op verbeterde wijze worden beheerst. Bij nadere voorkeur zijn de toevoermiddelen gekoppeld aan de afvoermiddelen, waardoor een recirculerende luchtstroming ontstaat in het warenhuis, hetgeen vanuit logistiek en energetisch oogpunt doorgaans voordelig is. Veelal zal daarbij de door de afvoermiddelen afgevoerde luchtfractie veelal (opnieuw) worden behandeld door de 4 conditioneringsmiddelen alvorens deze (wederom) aan het warenhuis wordt toegevoerd. In een bijzondere voorkeursuitvoering zijn de afvoermiddelen onder tussenkomst van een met de het warenhuis omgevende atmosfeer in verbinding staande mengkamer gekoppeld aan de toevoermiddelen. Daarbij zal de door de afvoermiddelen afgevoerde 5 luchtstroom in de mengkamer (doorgaans) worden vermengd met van buiten het warenhuis afkomstige atmosferische lucht, waarna het luchtmengsel via de toevoermiddelen aan het warenhuis kan worden toegevoerd. Bij voorkeur omvat de mengkamer daarbij regelmiddelen, in het bijzonder een regelklep, voor het reguleren van de fractie aan de mengkamer toe te voeren atmosferische lucht. De 10 conditioneringsmiddelen zijn daarbij bij voorkeur in serie geschakeld met (en in het bijzonder na) de mengkamer, waardoor het luchtmengsel behandeld kan worden alvorens dit wordt toegevoerd aan het warenhuis.
In een voorkeursuitvoering omvatten de luchttoevoermiddelen ten minste één 15 kokervormig lichaam, welk kokervormig lichaam is voorzien van ten minste één uitvoeropening voor lucht. Het kokervormige lichaam kan daarbij worden gevormd door flexibele en/of starre buis, slang of holle balk, waardoorheen de aan het warenhuis toe te voeren lucht kan worden geleid. De lucht kan via de ten minste ene uitvoeropening uit het kokervormig lichaam in het warenhuis worden geleid. De 20 uitvoeropening kan langgerekt zijn uitgevoerd en zich bijvoorbeeld als gleuf uitstrekken over de in hoofdzaak volledige lengte van het kokervormige lichaam. Echter, bij voorkeur is het kokervormig lichaam voorzien van meerdere geperforeerde uitvoeropeningen. Op deze wijze zal doorgaans een meer beheerste verspreiding van in het warenhuis geleide lucht kunnen worden verkregen. Het kokervormige lichaam heeft 25 daarbij bij voorkeur een doorsnede van tussen 40 en 120 cm, en heeft bij nadere voorkeur een diameter van in hoofdzaak 80 cm. De in het kokervormige lichaam aangebrachte perforaties hebben bij voorkeur een diameter van tussen 10 en 40 millimeter, en bij nadere voorkeur een diameter van in hoofdzaak 20 mm, teneinde een gecontroleerde toevoer van lucht aan het warenhuis mogelijk te maken. Bij voorkeur is 30 het kokervormig lichaam, en in het bijzonder ten minste één uitvoeropening zodanig georiënteerd dat de ten minste ene uitvoeropening is ingericht voor het in neerwaartse richting aan het warenhuis toevoeren van lucht. Op deze wijze wordt althans een deel van de aan het warenhuis toegevoerde (geconditioneerde) lucht richting de gewassen geblazen, hetgeen de cultivatie van de gewassen doorgaans significant ten goede komt.
5
Het kokervormige lichaam kan zijn vervaardigd uit diverse materialen. Voorbeelden van denkbare materialen zijn kunststof, metaal, en textiel. Echter, bij voorkeur is het kokervormige lichaam in hoofdzaak lichtdoorlatend uitgevoerd, teneinde een optimale 5 gewasbelichting niet, of althans nagenoeg niet, te verstoren. Volgens plantfysiologen is de kleur van het licht (en dan nog vooral de kleurverhouding) namelijk van belang voor de lengtegroei van de plant en de kleurintensiteit van bloemen en planten. De spectrale lichtverdeling bepaalt zowel de assimilatenverdeling als de plantvorm. De planten worden doorgaans langer naarmate het aandeel blauw in het groeilicht afneemt. Bij een 10 afnemende (ver)roodverhouding is er doorgaans tevens een toename van de strekkingsgroei. Ter vermijding van een overmatige strekkingsgroei is een aandeel van (daggemiddeld) minimaal circa 11 % (in fotonen) van blauw licht veelal gewenst. Derhalve is het kokervormige lichaam bij voorkeur in hoofdzaak doorlatend voor blauw licht (< 492 nm). De transparantie van het kokervormige lichaam is bij nadere voorkeur 15 hoger dan 90%, teneinde voldoende groeilicht (en eventueel stuurlicht) voor de gewassen door te laten.
Alhoewel het kokervormige lichaam op diverse wijzen kan zijn gepositioneerd in het warenhuis, waarbij bijvoorbeeld een in hoofdzaak verticale oriëntatie, denkbaar is, is 20 het kokervormige lichaam bij voorkeur in hoofdzaak horizontaal gepositioneerd in het warenhuis. Op deze wijze kan op relatief eenvoudige en efficiënte wijze lucht worden toegevoerd over de (in hoofdzaak volledige) breedte en/of lengte van het warenhuis. Teneinde de klimaatbeheersing in het warenhuis verder te optimaliseren omvatten de luchttoevoermiddelen bij voorkeur meerdere kokervormige lichamen, waarbij elk 25 kokervormig lichaam is voorzien van ten minste één uitvoeropening voor lucht. De kokervormige lichaam worden alsdan op afstand van elkaar gepositioneerd in het warenhuis. De onderlinge afstand tussen de kokervormige lichamen is daarbij bij voorkeur gelegen 2 en 6 meter, en bedraagt bij nadere voorkeur in hoofdzaak 4 meter.
30 In een alternatieve voorkeursuitvoering is ten minste een deel van de luchttoevoermiddelen aangebracht in een geveldeel en/of dakdeel van het warenhuis. De luchttoevoermiddelen, of althans tenminste een deel daarvan, kunnen daarbij zelfs geïntegreerd zijn opgenomen in het geveldeel en/of dakdeel. Het geveldeel en/of dakdeel kan daarbij bijvoorbeeld worden gevormd door een in hoofdzaak transparante, 6 eenzijdig geperforeerde kanaalplaat voor doorvoer van aan het warenhuis toe te voeren lucht. Op deze wijze kan een bijzonder efficiënt warenhuis worden verschaft dat constructief relatief eenvoudig is, en waarbij bovendien het aantal in het warenhuis opgenomen obstakels, zoals bijvoorbeeld kokervormige lichamen, doorgaans niet langer 5 behoeven te worden toegepast.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een werkwijze voor het cultiveren van gewassen in een dergelijk warenhuis, omvattende de stap: A) het actief toevoeren van lucht aan het warenhuis op een hoogte van ten minste 1,5 meter. In een 10 voorkeursuitvoering van de werkwijze overeenkomstig de uitvinding omvat de werkwijze tevens stap B), omvattende het vóór het aan het warenhuis toevoeren van de lucht volgens stap A) behandelen, in het bijzonder ontvochtigen, van de lucht. Voordelen en voorkeursuitvoeringen van de werkwijze overeenkomstig de uitvinding zijn reeds in het voorgaande - bij de bespreking van het warenhuis overeenkomstig de 15 uitvinding - uitvoerig besproken.
De uitvinding zal worden verduidelijkt aan de hand van in navolgende figuren weergegeven niet-limitatieve uitvoeringsvoorbeelden. Hierin toont: figuur 1 een dwarsdoorsnede van een eerste voorkeursuitvoering van een warenhuis 20 overeenkomstig de uitvinding, figuur 2 een perspectivisch aanzicht op een luchttoevoerbuis ten gebruike in het warenhuis volgens figuur 1, en figuur 3 een dwarsdoorsnede van een tweede voorkeursuitvoering van een warenhuis overeenkomstig de uitvinding.
25
Figuur 1 toont een dwarsdoorsnede van een eerste voorkeursuitvoering van een warenhuis 1 overeenkomstig de uitvinding. Het warenhuis 1 is ingericht voor het cultiveren van gewassen 2, en omvat daarbij meerdere in hoofdzaak transparante wandpanelen 3, en meerdere in hoofdzaak transparante dakpanelen 4, welke 30 wandpanelen 3 en dakpanelen 4 zodanig op elkaar aansluiten dat het warenhuis 1 in hoofdzaak gesloten is uitgevoerd. Dit houdt in dat het in het warenhuis 1 aanwezige microklimaat in hoofdzaak is afgesloten van de het warenhuis 1 omgevende atmosfeer. Het warenhuis omvat tevens een conventionele irrigatie-inrichting 5 voorzien van meerdere sproeikoppen 6 voor het van water voorzien van de (wortels van de) gewassen 7 2. Teneinde een optimaal microklimaat in het warenhuis 1 te kunnen realiseren en te kunnen stabiliseren voor het cultiveren van de gewassen 2 omvat het warenhuis tevens een toevoerinrichting 7 voor het aan het warenhuis 1 toevoeren van (geconditioneerde) lucht. De toevoerinrichting 7 omvat daarbij meerdere, onderling verbonden buizen 8 5 waardoorheen de aan het warenhuis 1 toe te voeren lucht wordt geleid. Elke buis 8 is voorzien van meerdere doorvoeropeningen 9 voor het de facto in het warenhuis 1 kunnen leiden van de lucht. In het getoonde uitvoeringsvoorbeeld zijn de buitenste buizen 8 slechts ingericht voor het in neerwaartse richting in het warenhuis 1 leiden van lucht, en is de middelste buis 8 ingericht voor het zowel in opwaartse richting alsook in 10 neerwaartse richting in het warenhuis 1 leiden van de lucht. De onderlinge afstand P tussen twee naastgelegen buizen 8 bedraagt in het onderhavige uitvoeringsvoorbeeld in hoofdzaak 4 meter. Belangrijk aspect voor het kunnen realiseren en stabiliseren van een microklimaat in het warenhuis 1 is dat de buizen 8 zijn gepositioneerd in een bovenste segment van het warenhuis 1, id est in de bovenste helft van het warenhuis 1. De hoogte 15 H van het warenhuis 1 bedraagt in dit uitvoeringsvoorbeeld 5 meter. In figuur 1 is duidelijk getoond dat de buizen 8 hoger zijn gelegen dan het niveau van 1,5 meter boven een (van de vaste wereld deel uitmakend) bodemdeel 10 van het warenhuis 1, en - zoals reeds aangegeven - tevens hoger zijn gelegen dan de halve hoogte lAH van het warenhuis 1. Het bodemdeel 10 wordt daarbij de facto gevormd door een kweekbodem 20 voor de gewassen 2. De via de buizen 8 aan het warenhuis 1 toegevoerde lucht is vooraf gekoeld en ontvochtigd in een koelbatterij 11, teneinde het artificiële microklimaat in het warenhuis 1 te kunnen optimaliseren voor het cultiveren van de gewassen 2. Teneinde voldoende luchtverversing in het warenhuis 1 te kunnen realiseren omvat het warenhuis 1 tevens een luchtafvoer 12. De via de luchtafvoer 12 afgevoerde lucht wordt 25 geleid naar een mengkamer 13, alwaar de afgevoerde lucht (eventueel) kan worden vermengd met atmosferische lucht. De hoeveelheid aan de mengkamer 13 toe te voeren lucht kan worden gereguleerd middels een regelklep 14. Door middel van een ventilator 15 wordt het luchtmengsel voorts via de buizen 8 in het warenhuis 1 geleid.
30 Figuur 2 toont een perspectivisch aanzicht op de middelste luchttoevoerbuis 8 ten gebruike in het warenhuis 1 volgens figuur 1. De buis 8 is vervaardigd uit een in hoofdzaak lichtdoorlatend materiaal, bij voorkeur polypropyleen. De buis is voorzien van een bevestigingsstrip 15 voor het kunnen bevestigen van de buis 8 in het warenhuis 1. Daartoe is de bevestigingsstrip 15 voorzien van meerdere ogen 16 voor doorvoer van 8 een haakvormig of andersoortig ophangorgaan voor het gefacilieerd kunnen ophangen van de buis 8 in het warenhuis 1. De onderlinge afstand O tussen twee naastgelegen ogen 16 bedraagt in hoofdzaak 50 cm. De in de buis 8 aangebrachte doorvoeropeningen 9 zijn in rijen gerangschikt, waarbij de onderlinge afstand p van twee in rij gelegen 5 doorvoeropeningen 9 is gelegen op in hoofdzaak 15 cm. Iedere doorvoeropening 9 heeft daarbij een diameter d van in hoofdzaak 2 cm. De dikte van een de buisomtrek definiërende buiswand 17 bedraagt bij voorkeur 0,2 mm, teneinde de buis 8 enerzijds voldoende solide en duurzaam te kunnen maken, en teneinde anderzijds de lichtdoorlaatbaarheid van de buis 8 te kunnen waarborgen. De diameter D van de buis 8 10 bedraagt in het onderhavige uitvoeringsvoorbeeld in hoofdzaak 80 cm, teneinde voldoende toevoer van (geconditioneerde) lucht aan het warenhuis 1 te kunnen waarborgen. De lengte L van de buis 8 kan variëren, van doorgaans enkele meters tot meerdere tientallen meters, afhankelijk van de lengte van het warenhuis 1.
15 Figuur 3 toont een dwarsdoorsnede van een tweede voorkeursuitvoering van een warenhuis 18 overeenkomstig de uitvinding. Het warenhuis 18 is ingericht voor het cultiveren van gewassen 19, en omvat daartoe een in hoofdzaak gesloten glazen behuizing 20, welke behuizing 20 is opgebouwd uit meerdere glazen holle wanden 21 en een op de wanden rustend glazen hol dek 22. Door zowel de holle wanden 21 alsook 20 het holle dek 22 wordt geconditioneerde lucht geleid die via in de holle wanden 21 en het holle 22 aangebrachte spuitmonden 23 aan het warenhuis 18 kan worden toegevoerd voor het in het warenhuis kunnen realiseren van een artificieel microklimaat voor het geoptimaliseerd kunnen cultiveren van de gewassen 19. In figuur 3 is het hoogteniveau van 1,5 meter boven grondniveau aangegeven, waardoor duidelijk wordt dat een groot 25 aantal spuitmonden 23 (of blaasmonden) boven dit niveau is gepositioneerd, teneinde het temperatuurgradiënt in het warenhuis 18 te kunnen reduceren, en daardoor het microklimaat in het warenhuis 18 op relatief eenvoudige wijze te kunnen stabiliseren. Het warenhuis 18 omvat tevens een luchtafVoer 24 voor het afvoeren, en daardoor kunnen verversen, van de zich in het warenhuis 18 bevindende lucht. . Via de luchtafVoer 30 24 en door middel van een ventilator 25 afgevoerde lucht wordt vervolgens door een luchtbehandelingseenheid 26, in het bijzonder een koeleenheid, geleid voor het conditioneren van de lucht, waarna de geconditioneerde lucht wederom via de spuitmonden 23 in het warenhuis 18 wordt geleid. Op deze wijze ontstaat recirculatie van lucht in het warenhuis 18, waardoor de lucht op continue wijze kan worden 9 geconditioneerd, hetgeen de cultivatie van de gewassen 19 doorgaans significant ten goede komt.
Het moge duidelijk zijn dat de uitvinding niet beperkt is tot de hier weergegeven en 5 beschreven uitvoeringsvoorbeelden, maar dat binnen het kader van de bijgaande conclusies legio varianten mogelijk zijn, die voor de vakman op dit gebied voor de hand zullen liggen.

Claims (17)

1. Warenhuis voor het cultiveren van gewassen, omvattende luchttoevoermiddelen die zodanig zijn aangebracht in het warenhuis, dat de luchttoevoermiddelen ten minste 5 zijn ingericht voor het toevoeren van lucht aan het warenhuis op een hoogte van ten minste 1,5 meter.
2. Warenhuis volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het warenhuis in hoofdzaak is afgesloten van een het warenhuis omgevende atmosfeer.
3. Warenhuis volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de luchttoevoermiddelen ten minste zijn ingericht voor het toevoeren van lucht aan het warenhuis op een hoogte die ten minste gelijk is aan de halve hoogte van het warenhuis.
4. Warenhuis volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het warenhuis met de luchttoevoermiddelen gekoppelde conditioneringsmiddelen omvat voor het conditioneren van aan het warenhuis toe te voeren lucht.
5. Warenhuis volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de 20 conditioneringsmiddelen ten minste één koeleenheid omvatten voor het koelen van aan het warenhuis toe te voeren lucht.
6. Warenhuis volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het warenhuis afvoermiddelen omvat voor afvoer van een deel van de zich in het warenhuis 25 bevindende lucht.
7. Warenhuis volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat de toevoermiddelen zijn gekoppeld aan de afvoermiddelen.
8. Warenhuis volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat de afvoermiddelen onder tussenkomst van een met de het warenhuis omgevende atmosfeer in verbinding staande mengkamer zijn gekoppeld aan de toevoermiddelen.
9. Warenhuis volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de luchttoevoermiddelen ten minste één kokervormig lichaam omvatten, welk kokervormig lichaam is voorzien van ten minste één uitvoeropening voor lucht.
10. Warenhuis volgens conclusie 9, met het kenmerk, dat het kokervormig lichaam is voorzien van meerdere geperforeerde uitvoeropeningen.
11. Warenhuis volgens conclusie 9 of 10, met het kenmerk, dat het kokervormig lichaam zodanig is georiënteerd dat ten minste één uitvoeropening is ingericht voor het 10 in neerwaartse richting aan het warenhuis toevoeren van lucht.
12. Warenhuis volgens een der conclusies 9-11, met het kenmerk, dat het kokervormige lichaam in hoofdzaak lichtdoorlatend is.
13. Warenhuis volgens een der conclusies 9-12, met het kenmerk, dat het kokervormige lichaam in hoofdzaak horizontaal is gepositioneerd in het warenhuis.
14. Warenhuis volgens een der conclusies 9-13, met het kenmerk, dat de luchttoevoermiddelen meerdere kokervormige lichamen omvatten, waarbij elk 20 kokervormig lichaam is voorzien van ten minste één uitvoeropening voor lucht.
15. Warenhuis volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat ten minste een deel van de luchttoevoermiddelen is aangebracht in een geveldeel en/of dakdeel van het warenhuis. 25
16. Werkwijze voor het cultiveren van gewassen in een warenhuis volgens een der conclusies 1-15, omvattende de stap: A) het actief toevoeren van lucht aan het warenhuis op een hoogte van ten minste 1,5 meter. 30
17. Werkwijze volgens conclusie 17, met het kenmerk, dat de werkwijze tevens omvat stap B), omvattende het vóór het aan het warenhuis toevoeren van de lucht volgens stap A) behandelen, in het bijzonder ontvochtigen, van de lucht.
NL2000751A 2007-07-16 2007-07-16 Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen. NL2000751C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2000751A NL2000751C2 (nl) 2007-07-16 2007-07-16 Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2000751 2007-07-16
NL2000751A NL2000751C2 (nl) 2007-07-16 2007-07-16 Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2000751C2 true NL2000751C2 (nl) 2009-01-19

Family

ID=39313200

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2000751A NL2000751C2 (nl) 2007-07-16 2007-07-16 Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2000751C2 (nl)

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2002967A1 (nl) * 1968-03-01 1969-11-07 Modine Manufacturing
JPS5981437A (ja) * 1982-10-30 1984-05-11 Nippon Haigou Shiryo Kk 送風ダクト装置の円筒形状軟質ダクト部材の制御方法
DE3331380A1 (de) * 1983-08-31 1985-03-07 Karl Kräss KG, 7912 Weißenhorn Gewaechshaussystem
JPH0545021A (ja) * 1991-08-09 1993-02-23 Makoto Sonoda 気化潜熱型冷房装置
JPH06335324A (ja) * 1993-05-28 1994-12-06 Fumihide Matsuda 温室などの換気温度制御方法および該方法に用いる装置

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR2002967A1 (nl) * 1968-03-01 1969-11-07 Modine Manufacturing
JPS5981437A (ja) * 1982-10-30 1984-05-11 Nippon Haigou Shiryo Kk 送風ダクト装置の円筒形状軟質ダクト部材の制御方法
DE3331380A1 (de) * 1983-08-31 1985-03-07 Karl Kräss KG, 7912 Weißenhorn Gewaechshaussystem
JPH0545021A (ja) * 1991-08-09 1993-02-23 Makoto Sonoda 気化潜熱型冷房装置
JPH06335324A (ja) * 1993-05-28 1994-12-06 Fumihide Matsuda 温室などの換気温度制御方法および該方法に用いる装置

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US11412668B2 (en) Greenhouse and forced greenhouse climate control system and method
US10278337B2 (en) Greenhouse and forced greenhouse climate control system and method
TWI665958B (zh) 高密度無土植物生長系統
KR101710586B1 (ko) 버섯재배 시스템
US20030188477A1 (en) Environmentally friendly conditioning system particularly for a greenhouse
US12408595B2 (en) HVAC system for hydroponic farm
JP7701032B2 (ja) 植物の微小環境を制御する環境制御システム
KR102122407B1 (ko) 멀티 분사구조와 iot 제어를 통한 수경채소 재배시스템
RU2549087C1 (ru) Теплица и способ поддержания и регулирования микроклимата в ней
CN109566181A (zh) 一种垂直农场及其空气调控方法
EP1464218A1 (en) Method and greenhouse for growing crop
Singh et al. Impact of ventilation rate and its associated characteristics on greenhouse microclimate and energy use
JP2005034043A (ja) 土耕植物栽培プラント
KR102825955B1 (ko) 증발냉각 기능을 구비한 온실 재배 시스템 및 이를 이용한 온실 재배 방법
NL2000751C2 (nl) Warenhuis en werkwijze voor het cultiveren van gewassen.
KR101396436B1 (ko) 온실식물 재배시스템
JP2009055871A (ja) 噴霧水耕栽培法
KR101257802B1 (ko) 농업용 복합 시설물
Kumar et al. Climate regulation in protected structures: A review
KR20200040337A (ko) 국부 환경 제어가 가능한 재배시스템
Yanagisawa et al. Spatiotemporal temperature distribution in the canopy of summer-to-autumn flowering chrysanthemum under different zone cooling methods
JP6911222B2 (ja) 植物栽培装置及び植物栽培システム
CA2592674C (en) Greenhouse and forced greenhouse climate control system and method
JP2007061014A (ja) 除湿機能付温室装置
Santosh et al. Optimizing Microclimate Control in Polyhouses for Enhanced Crop Growth and Productivity

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20110201