<Desc/Clms Page number 1>
"Hydraulische motor".
De uitvinding heeft betrekking op con hydraulischen motor die de uitwerkingen van de wet van Archimedes toepast op ondergedompelde reservoirs die afwisselend met lucht en water worden gevuld.
Het doel der uitvinding is de energie aan te wenden voortkomend uit het gewichtsverschil tusschen met water gevulde reservoirs en andere die met lucht zijn gevuld, de hieruit voortvloeiende mechanische energie op zichzelf voldoende zijnde om een aan een drijfas gehechte kroon een ronddraaiende beweging te doen verwerven, deze drijfas in staat zijnde deze ronddraaiende beweging
<Desc/Clms Page number 2>
aan een willekeurig apparaat of elijk welke apparatengroep mede te deelen. Deze mechanische energie kan gebeurlijk door een bijgevoegd aandrijfmiddel worden aangevuld, hetwelk bijvoor- beeld zou kunnen aangewend worden om de passieve remeffekten, te wijten aan wrijving en statische weerstanden, te overwinnen en meer in het bijzonder om bet ruimen der cylinders te bevor- deren.
Het principe der opvatting en werking van dit by- draulisch toestel zullen meer verklaard worden door de hierna- volgende uitvoerige beschrijving van een uitvoering, d.ie voor- beeldsgewijze werd genomen en door de figuren der bijgaande teekening schematisch is voorgesteld.
De figuur 1 is er een schematisch vooraanzicht van, terwijl de figuur 2 er een radiale doorsnede van weergeeft.
Volgens de uitvinding bestaat de hydraulische motor uit een zeker aantal cylinders 1. die cirkelvormig zijn opge- steld en bijvoorbeeld door beugels 2 aan een gemeenschappelijk ran 3 zijn gehecht, waarvan de as 4 op kogellagers 5,6 rust.
Op deze wijze verkrijgt men een samenstel dat een volmaakt sta- tisch evenwicht bezit. Al de cylinders hebben denzelfden diame- ter en hun. hartlijn loopt evenwijdig met de centrale as 4 De lagers 5,6 steunen in de randen van een kast of ruimte 7, die volledig is afgedicht en met water of een andere aangepaste vloeistof kan worden gevuld, waardoor bet toestel hierin dus volledig is ondergedompeld. De cylinders zijn enkel aan één hun ner uiteinden door een bodem 8 afgesloten. Al de bodems 8 hebben een opening 1, die uitgeeft op een pijp 10 en al deze pijpen 10 zijn onderling vereenigd door een gemeenschappelijke ringvormige buis 11.
Iedere cylinder 1 bevat een zuiger 12, waarvan de stang in vorm van tandlat is uitgevoerd, De zuigers 2 zijn volledig waterdicht of dicht tegen de vloeistof waarin de hydraulische motor wordt gedompeld.
Ter hoogte van eiken cylinder, voor het open uit-
<Desc/Clms Page number 3>
einde, is een tandrad 14 aanwezig dat met de overeenstemmende tandlat 13 ingrijpt. Dit tandrad 14 is op een spil 15 gespied, die aan ieder uiteinde een tandrad, respectievelijk 16, 17 draagt. De spil 15 draait in lagers 18, 19 waarvan de stand ten opzichte van de cylinders 1 bestendig is.
Bij het door de bijgaande figuren schematisch aan- getoonde voorbeeld maken deze lagers 18 19 deel uit van het rad 3, zoodat hun verplaatsing dus volmaakt synchronisch met deze van het rad geschiedt. Met dit doel vormen deze lagers één stuk met den gemeenschappelijken steun 20 die één gegoten stuk met het rad vormt of hieraan is gehecht. Dezelfde gemeenschap- pelijke steun is zoo geprofileerd dat hij een glijbaan 21 bezit, bestemd voor het leiden van de tandlat 13 bij haar teruggaande beweging.
De tandraderen 16, 17 zijn bestemd om voor het bovenste doode punt, en na het onderste doode punt, in aanraking te komen en in te grijpen met tandlatten, ',respectievelijk 22,
23 en 24, , dit met het doel de zuigers op deze plaatsen te bewegen. Ter verwezenlijking van den motorcyclus volgens de uitvinding, vatten de tandlatten respectievelijk 22, 23 en 24, 25, de tandraderen 16.17 in tegenovergestelde punten aan. Daaruit volgt dat de uit deze ingrijpingen volgende verplaatsingen der zuigers 12 gelijkwaardig, doch in tegengestelden zien, plaats hebben.
Volgens liet voorbeeld der bijgaande figuren zijn de binnenste tandlatten 23, 24 vereenigd met één der vaste ringen voor het lager ¯6 bijvoorbeeld, terwijl de buitenste tandlatten 22,25 stevig aan elementen zijn gehecht die buiten het draaiende
<Desc/Clms Page number 4>
EMI4.1
samenstel zijn gelegen. Hieruit volgt dat de tandlatten dus goed in een vastbepaalden stand worden gehouden.
Van hieruit geschiedt de werking van dezen hydraulischen motor als volgt : het draaiende saijen,<3tel wordt volledig in een vloeistof, doorgaans water, gedompeld; de zuigers 12 van al de cylinders die tusschen do tandlattén 22, II en ±1, gl zijn gelegen, bevinden zich in hun teruggetrokken stand, t.t.z. dat deze cylinders met lucht gevuld zijn, terwijl de zuigers van al de andere cylinders hun einde-koersstand innemen, zoodat deze cylinders, achterwaarts open en ondergedompeld zijnde, automatisch met water zijn gevuld. van Zoo men,/hieruit de hydraulische uitwerkingen beschouwt, namelijk door toepassing van de wet van Archimèdes, zal men opmerken dat het draaiende stelsel in. evenwicbt is.
Doch de statische krachten te wijten aan de zwaartekracht zijn het <ó verschillend en men zal opmerken dat, zojuist is dat het moment gelegen links van de hartlijn A-B, tegengesteld is aan dit gelegen rechts van deze lijn, deze momenten echter niet gelijkwaardig zijn. Inderdaad, het eerste zal als waarde heb- áen een zekere straal R, vermenigvuldig met een kracht P, welke laatste een deel uitmaakt van het totale gewicht van de ledige cylinders die zich, links van de hartlijn A-B bevinden, terwijl het tweede moment ails waarde zal hebben dezelfde straal R vermenigvuldigd met een kracht Pf die een gedeelte is van de som der gewichten van de cylinders die zich rechts van d e hartlijn A-B bevinden en met water gevuld zijn. peut is onbetwistbaar dat Y>p is, waaruit volgt dat het moment e,i>t > R.I. is.
Om de ronddraaiende beweging van iiet samenstel te verkrijgen, volstaat het het apparaat zbó te berekenen en uit te voeren dat het verschil tusschen de momenten R.P!' en R.P. grooter is dan het weerstandsmoment voorzvloeiende uit de verschillende passieve weerstanden.
Dit verschil zal groot genoeg zijn en de eenvoudige onderdompeling van het draaiende samenstel in water of een aangepaste vloeistof zal volstaan om een draaiende boweging rond
<Desc/Clms Page number 5>
de as 4 te verkrijgen, ofwel zal het volstaan in een bijkomend aandrijfmiddel te voorzien om het ruimen der zich aan een der zijden van de hartlijn A-B bevindende cylinders te bevorderen.
Volgens de figuren 1 en 2 zou de. hydraulischen motor in zijn ideale opvatting moeten werken als volgt:
Het samenstel wordt in de met water gevulde ruimte
7 gedompeld ; de cylinders links van de hartlijn A-B met lucht, en de andere cylinders met water gevuld zijnde moet men dus normaal een ronddraaiende beweging )verkrijgen van het samenstel gevormd door het rad en het aantal oylinders 1.
De bestendigheid dezerbeweging zou worden verkregen door het feit dat de tandraderen 16, 17 automatisch in aanraking komen met de tandlatten 24, 25. Hieruit volgt de aandrijving van de overeenstemmende spil 15 en het tandrad 14. Dit laatste doet door zijn ingrijpen met de tandlat-stang den zuiger 12 verplaat- sen, die het zich in den cylinder bevindende water wegstuwt.
Daaruit volgt dat de cylinders, waaneer zij de tand- latten zijn voorbijgegaan van hun waterlast zijn bevrijd en nog alleen lucht bevatten. Wanneer de oylinders het bovenste doode punt naderen, komen zij aan de vaste tandlatten 22.23 die zóó zijn opgesteld dat zij de tandraderen 16, 17 tegengesteld ten opzichte van de tandlatten 24,25 aanvatten. Hierdoor draait het tandrad 14 ook in tegengestelden zin en deelt dit laatste een insgelijks tegengestelde beweging aan de tandlat 13 en den zuiger
12 mede.
Deze laatste beweegt zich dus vertikaal naar den cylinderbodem toe; zoodat den cylinder dus vrij het water of de vloeistof waarin hij gedompeld is toela-at Zooals hierboven gezegd, zou,wanneer het verschil tusschen het aandrijfmoment en het weerstandsmoment van het draaiende stelsel niet groot genoeg moest zijn om de passieve weerstanden, te wijten aan de wrijvingen en aan de tegendruk van de vloeistof in de cylinders te overwinnen, men een bijkomend middel kunnen tewerkstellen om het water uit de cylinders te drijven.
Hieruti zou volgen, dat men mits deze bijvoeging, verekkende van bijvoorbeeld een zeer kleinen eenvou- digen compressor, men een ronddraaiende beweging zou kunnen ver-
<Desc/Clms Page number 6>
krijgen, die in staat zou zijn een. redelijk groote mechanische energie te ontwikkelen. Doordat de pijpen 10 al de bodems der cylinders vereenigen, wordt de door de zuigers weggestuwde lucht tijdens het benaderen van het bovenste donde punt automatisch naar de cylinders gestuwd, die zich ter hoogte van het onderste doode punt bevinden, waarvan de overeenstemmende zuigers terugtrekken. Op deze manier, heeft men een gesloten luchtcyelus, die het mechanische rendement van het stelsel ten goede komt.
Men zou natuurlijk de verschil) lende cylinders en hun draaiende steun op andere dan de aangegeven manieren kunnen uitvoeren, zoowel alsdat de aandrijfmiddelen van de zuigers door gelijksoortige mechanische onderdeelen zouden kunnen worden vervangen.
Het is insgelijks op te merken dat dezen hudrau- lische. motor praktisch in alle afmetingen kan worden gebouwd, en dat men namelijk voor zekere uitvoeringen zeer groote raderen kan voorzien die met een geringe snelheid een aanzienlijk vermogen ontwikkelen dat op willekeurige aangepaste manieren kan worden verveelvuldigd naar gelang van de bestemming der geleverde mechanische energie.
EISCHEN. l.- Hydraulische motor,met het kenmerk dat hij in hoofdzaak bestaat uit een reeks cylinders, die aan een draaiende steun zijn gehecht, waarbij iedere cylinder een zuiger bevat en het samenstel in een vloeistof wordt gedompeld, de zuigers in staat zijnde zoo te worden bevlogen, dat de cylinders die zich aan de eene zijde van het door de hartlijn van der motor loopende vertikale plan bestendig met water zijn gevuld, terwijl de overige lucht bevatten. **WAARSCHUWING** Einde van DESC veld kan begin van CLMS veld bevatten **.