NL2012112C2 - Plantenhouder en werkwijze. - Google Patents

Plantenhouder en werkwijze. Download PDF

Info

Publication number
NL2012112C2
NL2012112C2 NL2012112A NL2012112A NL2012112C2 NL 2012112 C2 NL2012112 C2 NL 2012112C2 NL 2012112 A NL2012112 A NL 2012112A NL 2012112 A NL2012112 A NL 2012112A NL 2012112 C2 NL2012112 C2 NL 2012112C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
plant
spacer
plant holder
arms
gripping member
Prior art date
Application number
NL2012112A
Other languages
English (en)
Inventor
René Meij
Original Assignee
Fleur Cd B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Fleur Cd B V filed Critical Fleur Cd B V
Priority to NL2012112A priority Critical patent/NL2012112C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2012112C2 publication Critical patent/NL2012112C2/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A01AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
    • A01GHORTICULTURE; CULTIVATION OF VEGETABLES, FLOWERS, RICE, FRUIT, VINES, HOPS OR SEAWEED; FORESTRY; WATERING
    • A01G9/00Cultivation in receptacles, forcing-frames or greenhouses; Edging for beds, lawn or the like
    • A01G9/12Supports for plants; Trellis for strawberries or the like
    • A01G9/128Fixing of plants to supports, e.g. by means of clips

Landscapes

  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Environmental Sciences (AREA)
  • Supports For Plants (AREA)

Description

Titel: Plantenhouder en werkwijze
De uitvinding heeft betrekking op een plantenhouder voor het stabiliseren van een plant- of bloemstengel, in het bijzonder een stengel van een orchidee.
In de praktijk zijn diverse bevestigingsmiddelen bekend voor het fixeren van orchideestengels aan stabibserende hulpstructuren, zoals stokjes. Hoewel sommige bevestigingsmiddelen uitstekend voldoen bbjkt het stabiliseren van de stengels een arbiedsintensief proces. Zo kost het fixeren van een tweetal stengels in de praktijk al gauw zes handelingen, namelijk per stengel het inbrengen van een stokje, en het bevestigen van twee klemmetjes aan het stokje en de stengel, op verschillende hoogtes. Ook kan materiaal verloren gaan doordat klemmetjes per ongeluk op de grond kunnen vallen.
De uitvinding beoogt een plantenhouder voor het stabiliseren van een plant- of bloemstengel, in het bijzonder een stengel van een orchidee, waarbij minder handelingen vereist zijn. Daartoe omvat de plantenhouder een afstandhouder voorzien van een meervoudig aantal grijporganen, elk voor het aangrijpen van een plant- of bloemstengel.
Door tenminste twee grijporganen in te zetten die via een afstandhouder aan elkaar zijn bevestigd, kan het aantal vereist handelingen drastisch afnemen. Nu kan in principe immers worden volstaan met het bevestigen van de grijporganen aan beide stengels, eenmaal voor beide stengels. Verder is de kans op verlies van materiaal aanzienlijk afgenomen, door de grotere structuren.
De uitvinding berust tenminste gedeeltehjk op het inzicht dat twee stengels die zich in elkaar nabijheid bevinden, zoals het geval is in een pot met tenminste twee stengels, elkaar kunnen stabiliseren. Uiteraard kan het principe ook worden toegepast op drie of meer stengels die dicht bijeen staan, door toepassing van een afstandshouder die is voorzien van meer dan twee grijporganen.
Opgemerkt wordt dat octrooipublicatie NL 1 003 273 een plantsteeldrager met een spiraalvormig verbindingsdeel beschrijft, en dat octrooipublicatie CH 296 279 twee in elkaar geschoven draadklemmen voor het bijeenhouden van vier wijnstokranken beschrijft.
Voorts wordt op gemerkt dat octrooipublicatie GB 328 438 een plantensteun met een drager en een aantal armen met grijper beschrijft, en dat US 4 483 098 een plantensteun met draagstok en twee tegenover elkaar gelegen klemmen beschrijft.
Ook wordt opgemerkt dat octrooipublicatie NL 1 028 223 plantbindbeugels met twee scharnierbaar met elkaar gekoppelde armen beschrijft.
De uitvinding heeft eveneens betrekking op een werkwijze voor het stabiliseren van tenminste twee plant- of bloemstengels.
Verdere voordelige uitvoeringsvormen van de uitvinding zijn weergegeven in de volgconclusies.
De uitvinding zal nader worden toegelicht aan de hand van een uitvoeringsvoorbeeld dat in de tekening is weergegeven. In de tekening toont:
Fig. 1 een schematisch aanzicht van een eerste uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 2 een schematisch aanzicht van een tweede uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 3 een schematisch aanzicht van een derde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 4 een schematisch aanzicht van een vierde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 5 een schematisch aanzicht van een vijfde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 6 een schematisch aanzicht van een zesde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 7 een schematisch aanzicht van een zevende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 8 een schematisch aanzicht van een achtste uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 9 een schematisch aanzicht van een negende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 10 een schematisch aanzicht van een tiende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 11 een schematisch aanzicht van een elfde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding;
Fig. 12 een schematisch aanzicht van een twaalfde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding; en
Fig. 13 een schematisch aanzicht van een dertiende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding.
De figuren zijn slechts schematisch weergaven van een voorkeursuitvoering van de uitvinding. In de figuren zijn gelijke of corresponderende onderdelen met dezelfde verwijzingscijfers aangegeven.
In Figuur 1 is een eerste uitvoering van een plantenhouder 1 conform de uitvinding getoond, voor het stabiliseren van een plant- of bloemstengel, in het bijzonder een stengel van een orchidee zoals een phalanopsis. De houder 1 heeft een afstandhouder 2, gevormd als een langwerpig element, die is voorzien van een tweetal grijporganen 3, 4 die zich aan de uiteinden van de houder 2 bevinden. De grijporganen 3, 4 zijn bedoeld om elk een steel van een bloem of plant aan te grijpen.
De grijporganen 3, 4 zijn elk voorzien van een basis 5, 6 en een tweetal armen 7-10 die scharnierend aan de basis zijn bevestigd. De armen zijn aan hun uiteinde voorzien van een vergrendelmechanisme, uitgevoerd als koppelorganen die bij het sluiten van de armen om de stengel van een plant of bloem aan elkaar koppelen, zodat de aangrijping van het grijporgaan aan de stengel een duurzaam karakter heeft. In de getoonde uitvoeringsvorm zijn de koppelorganen uitgevoerd met weerhaakjes 11-14 die zelfvergrendelend aan elkaar koppelen. In principe zijn andersoortige koppelorganen ook toepasbaar, zoals een klikverbinding.
Bij voorkeur is de plantenhouder integraal gevormd, bij grote voorkeur uit een kunststof. Hierbij kunnen de scharnierende verbindingen tussen de basis 5, 6 en de armen 7-10 als een zogenaamde elastische ‘hinge’ zijn uitgevoerd die een opening 15-18 vrijlaten, zodat de armen over een zeker hoekbereik vrij kunnen scharnieren en toch relatief stijf kunnen zijn.
Voorts is de afstandhouder voorzien van een dragend element 19 voor het dragen van de plantenhouder 1. Het dragende element is bijvoorbeeld een stok of steun die met het onderste uiteinde in de grond kan worden geplaatst. Het dragende element 19 is via een koppelverbinding 20 aan het langwerpige deel verbonden, bij voorkeur ongeveer halverwege.
Figuur 2 toont een schematisch aanzicht van een tweede uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding. Hierbij is de afstandhouder niet voorzien van een dragend element, maar van een opneemmodule 21 voor het opnemen van een separaat dragend element voor het dragen van de plantenhouder. De opneemmodule bevindt zich bij voorkeur ongeveer halverwege het langwerpige deel, en heeft de vorm van een half open bus 22 die de bovenkant, van een dragen element, zoals een stokje, kan opnemen, als een hoedje. Figuur 2 toont de opneemmodule 21 separaat in een perspectivisch aanzicht.
Figuur 3 toont een schematisch aanzicht van een derde uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding, waarbij enkele varianten van het langwerpige element separaat zijn weergegeven. Zo is een langwerpig element getoond met een bevestigingselement 23 om een attribuut zoals een informatiekaartje aan te bevestigen. Ook is een langwerpig element getoond met een paneel 24 voor het weergeven van informatie zoals de naam van de plant of kweker.
Figuren 4-6 tonen schematische aanzichten van een vierde, vijfde en zesde uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding. In de vierde uitvoeringsvorm heeft de afstandhouder een cirkelvorm 25. In de getoonde uitvoering heeft de plantenhouder 1 drie grijporganen 3, 4, 26 die evenredig in omtreksrichting aan de afstandhouder 25 zijn bevestigd. Elk van de grijporganen heeft een paar armen 7-10, 27, 28 die tijdens gebruik de stengels omsluiten. In de vijfde uitvoeringsvorm heeft de afstandhouder een stervorm met een drietal benen 30-32 die op een knooppunt 33 aan elkaar zijn bevestigd. Aan de uiteinde van de benen 30-32 bevinden zich de grijporganen 3, 4, 26. In de zesde uitvoeringsvorm heeft de afstandhouder een driehoeksvorm met een drietal benen 34-36. De grijporganen 3, 4, 26 zijn aan de hoekpunten van de driehoeksvorm bevestigd.
Op gemerkt wordt dat ook andere geometrieën mogelijk zijn, bijvoorbeeld andere veelhoeken, zoals een vierhoek of vijfhoek, of andere stervormen, met meer dan drie benen, bijvoorbeeld vier of vijf benen.
Figuur 7 toont een schematisch aanzicht van een zevende uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding, waarbij de opneemmodule zoals weergegeven in Fig. 2 anders is uitvoerd, namehjk als een gedeeltelijk open klem 40 met vergrendelingsvingers 41, 42 die een dragend element, zoals een stokje, klemmend kunnen omgeven. Uiteraard zijn ook andere geometrieën en/of technieken mogelijk om een dragend element te bevestigen aan de afstandhouder 2.
Figuur 8 toont een schematisch aanzicht van een achtste uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding. Hierbij heeft het grijporgaan een basis 45, 46 en een met de hand vervormbaar klemdraad 47, 48 dat om de stengel kan worden gevouwen, en optioneel weer aan de basis van het grijporgaan kan worden bevestigd.
Figuur 9 toont een schematisch aanzicht van een negende uitvoeringsvorm van een plantenhouder 1 overeenkomstig de uitvinding, waarbij het vergrendelmechanisme van de grijporgaanarmen is voorzien van een meervoudig aantal klemelementen om de stengel met verschillende maatvoering te kunnen omsluiten. Concreet is een meervoudig aantal weerhaakjes 50, 51 gevormd zodat de stengel nauwer en ruimer kan worden omsloten. Echter, ook andere vergrendelmechanismes zijn toepasbaar, zoals hierboven beschreven. Hierdoor is de plantenhouder inzetbaar voor het stabiliseren van stengels met verschillende dikte. Voorts is een bevestigingselement 43 voorzien op de open klem 40 om een attribuut zoals een informatiekaartje aan te bevestigen.
Figuur 10 toont een schematisch aanzicht van een tiende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding. Elk van de grijporganen 3, 4 is voorzien van een basis 5, 6 en een tweetal armen 7-10 die aan de respectievehjke basis zijn bevestigd. De armen 7-10 zijn elastisch vervormbaar en zijn ingericht om een plant- of bloemstengel klemmend aan te grijpen of borgend op te sluiten. Voorts definiëren de uiteinden 7A, 8A, 9A, 10A van de armen 7-10 een opneemopening 60, 61 voor de plant- of bloemstengel. De grootte van de opneemopening 60, 61 is aanpasbaar door de armen ten opzichte van elkaar te vervormen. Door de armen naar elkaar toe te bewegen verkleint de opneemopening 60, 61. Evenzo vergroot de opneemopening 60, 61 door de armen van elkaar vandaan te bewegen. Zo kan de plant- of bloemstengel door het grijporgaan 3, 4 tussen de armen 7-10 worden opgenomen. Wanneer de stengel voldoende dik is klemt de elastische veerkracht van de armen de stengel in het aangrijporgaan.
De elastisch vervormbare armen 7-10 omgeven een aangrijpruimte 62, 63 die is gelegen tussen de basis 5, 6 van het grijporgaan 3, 4 en de opneemopening 60, 61. Tijdens gebruik wordt de stengel klemmend opgenomen of borgend opgesloten in de aangrijpruimte 62, 63 van het aangrijporgaan 3, 4. Voorts zijn twee bevestigingselementen 43A,B voorzien op de afstandhouder 2, in de getoonde uitvoeringsvorm ongeveer halverwege en tegenover elkaar opgesteld. De bevestigingselementen 43A,B dienen om een attribuut zoals een informatiekaartje aan te bevestigen. Uiteraard kan de afstandhouder ook zijn voorzien van slechts één bevestigingselement, of van meer dan twee bevestigingselementen bijvoorbeeld drie bevestigingselementen. Verdere kunnen de bevestigingselement op een andere positie en/of oriëntatie op de afstandhouder zijn aangebracht bijvoorbeeld met dezelfde oriëntatie en evenredig verdeeld in de lengterichting van de afstandhouder.
Figuur 11 toont een schematisch aanzicht van een elfde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding. De getoonde uitvoeringsvorm is in grote trekken gelijk aan de tiende uitvoeringsvorm. Nu is de afstandhouder 2 echter niet voorzien van bevestigingselementen voor bevestiging van een attribuut zoals een informatiekaartje. Verder is de geometrie van de elastisch vervormbare armen 7-10 afwijkend. De uiteinden 7A, 8A, 9A, 10A van de armen 7-10 zijn voorzien van verdikkingen 7B, 8B, 9B, 10B met een glijprofiel zodat de stengel met relatief weinig weerstand tot in de aangrijpruimte 62, 63 kan schuiven, maar daaruit slechts met relatief veel weerstand weer kan ontsnappen wanneer de armen 7-10 zich in de ontspannen toestand bevinden. De stengel is dan borgend opgesloten door de elastisch vervormbare armen, ofwel klemmend door genoemde armen ofwel vrij beweegbaar in de lengterichting van de stengel wanneer de stengel dunner is dan de diameter van de aangrijpruimte 62, 63.
Figuur 12 toont een schematisch aanzicht van een twaalfde uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding. De plantenhouder 1 vertoont gelijkenis met de houders zoals getoond in Fig. 1 en 10. Zo heeft de plantenhouder in Fig. 12 grijporganen 3, 4 zoals bij de houder van Fig. 1 en bevestigingselementen 43A,B zoals bij de houder van Fig. 10. De afstandhouder 2 is voorzien van openingen 65 om tegen te gaan dat vocht zich verzamelt op de afstandhouder 2. Het ontstaan van reservoirs met stilstaand water wordt aldus tegengegaan. Hierbij wordt opgemerkt dat ook andere uitvoeringsvormen van de plantenhouder afstandhouders kunnen omvatten die zijn voorzien van openingen.
Voorts is de plantenhouder in Fig. 12 voorzien van twee opneemorganen die zich bevinden tussen enerzijds bovengenoemde grijporganen 3, 4 en anderzijds de afstandhouder 2. De opneemorganen hebben elk twee armen 81, 82; 83, 84 die de grijporganen 3, 4 verbinden met de afstandhouder 2 en U-profielen vormen die opneemruimtes 89, 90 omgeven. De opening van de U-profielen bevinden zich aan de zijde van de aangrijporganen 3, 4 zodat een stokje via het naasthggende aangrijp orgaan 3, 4 in de opneemruimte 89, 90 van het opneemorganen kan worden geschoven. Zo kan bij gebruik van de plantenhouder desgewenst eerst een stokje of ander dragend element tot in een opneemruimte 89, 90 worden geschoven, waarna de stengel van een plant of bloem wordt bevestigd aan het grijporgaan 3, 4. De opneemorganen zijn optioneel voorzien van een enkelvoudig of meervoudig aantal klemvingers 85, 86, 87, 88, ook stokklemmers genoemd, voor het als een veer klemmend in de opneemruimte 89, 90 opnemen van het stokje of ander dragend element. Zo kunnen dragende elementen met verschillende diameters klemmend worden opgenomen door de opneemorganen. Zo kan één plantenhouder een dragend element met verschillende diameters, bijvoorbeeld tussen circa 3.5 mm tot circa 6.5 mm, klemmend opnemen.
Figuur 13 toont een schematisch aanzicht van een dertiende uitvoeringsvorm van een plantenhouder overeenkomstig de uitvinding. De plantenhouder 1 vertoont gelijkenis met de houder zoals getoond in Fig. 10. Echter, nu zijn de aangrijporganen 3, 4 niet parallel aan de lengteas van de afstandhouder 2 georiënteerd, maar dwars daarop. Zo zijn de elastische armen 7-10 in Fig. 13 niet symmetrische uitgevoerd, maar is een eerste elastische vinger 7, 8 voorzien van een U-bocht, terwijl een tweede elastische vinger 9, 10 in hoofdzaak langwerpig is, en korter dan de eerste elastische vinger. Beide vingers zijn via een basis 5, 6 aan de respectievelijke uiteinden van de afstandhouder 2 bevestigd. De eventuele stokjes en planten- of bloemenstelen worden nu in een dwarsrichting, zijwaarts, dwars op de lengteas van de afstandhouder 2 door de aangrijporganen 3, 4 opgenomen. Voorts zijn de aangrijporganen 3, 4 elk optioneel voorzien van een stokklemmer 70, 71 waarvan de werking hierboven is beschreven in relatie met de stokklemmers 85-88 van de uitvoering getoond in Fig. 12.
Het stabiliseren van plant- of bloemstengels kan als volgt in de praktijk worden gebracht. Als eerste wordt met een eerste grijporgaan van de plantenhouder een eerste plant- of bloemstengel aangegrepen, en bij voorkeur omsloten. Vervolgens wordt een tweede plant- of bloemstengel aangegrepen, met een tweede grijporgaan van dezelfde plantenhouder. Aangezien beide grijporganen mechanisch aan elkaar zijn verbonden kunnen de stengels in evenwicht worden gehouden. Indien de plantenhouder is voorzien van een dragend element kan deze in de grond tussen de stengels worden geplaatst, zodat direct een stabiel geheel is verkregen. Alternatief kan een separaat dragend element worden toegevoegd en bevestigd aan de afstandhouder. Voorts kunnen dragende elementen bij de stengels worden geplaatst, of bestaande dragende elementen worden gekoppeld aan de afstandhouder. Optioneel kan een tweede plantenhouder worden bevestigd aan de stengels, op een andere hoogte, om een nog meer stabiel geheel te verkrijgen.
De uitvinding is niet beperkt tot het hier beschreven uitvoeringsvoorbeeld. Vele variaties zijn mogelijk.
Zo kan de plantenhouder in verschillende kleuren, bijvoorbeeld groen, bruin of zwart, worden uitgevoerd.
Ook kan het grijporgaan zodanig zijn uitgevoerd dat zowel een stengel als een dragend element, zoals een stokje, wordt omsloten.
Dergelijke en andere varianten zijn bijvoorbeeld beschreven in de Nederlandse octrooipublicatie NL 1 035 644.
Opgemerkt wordt nog dat de aangrijporganen en de opneemorganen zoals hierboven beschreven in samenhang met de afstandhouder van de plantenhouder ook zonder afstandhouder kunnen worden uitgevoerd.
Voorts wordt opgemerkt dat de plantenhouder met of zonder dragend element kan worden uitgevoerd.
Dergelijke varianten zullen de vakman duidelijk zijn en worden geacht te liggen binnen het bereik van de uitvinding, zoals verwoord in de hiernavolgende conclusies.

Claims (16)

1. Plantenhouder voor het stabiliseren van een plant- of bloemstengel, in het bijzonder een stengel van een orchidee, omvattende een afstandhouder voorzien van een meervoudig aantal grijporganen, elk voor het aangrijpen van een plant- of bloemstengel, waarbij de afstandhouder in hoofdzaak is uitgevoerd als een langwerpig element of in hoofdzaak een cirkelvorm, een stervorm of een veelhoeksvorm zoals een driehoeksvorm heeft, en waarbij de plantenhouder integraal is gevormd.
2. Plantenhouder volgens conclusie 1, waarbij de afstandhouder is voorzien van een dragend element voor het dragen van de plantenhouder.
3. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij de afstandhouder is voorzien van een opneemmodule voor het opnemen van een dragend element voor het dragen van de plantenhouder.
4. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij de afstandhouder is voorzien van een paneel voor het weergeven van informatie.
5. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij de afstandhouder is voorzien van een bevestigingselement om een attribuut aan te bevestigen.
6. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het meervoudig aantal grijporganen zich bevinden aan uiteinden van de afstandhouder.
7. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het grijporgaan een basis omvat, alsmede twee armen die scharnierend aan de basis zijn bevestigd en waarbij de armen zijn voorzien van een vergrendelmechanisme om de uiteinden van de armen vergrendelend aan elkaar te bevestigen bij het aangrijpen van de stengel van een plant of bloem.
8. Plantenhouder volgens conclusie 7, waarbij het vergrendelmechanisme een meervoudig aantal klemelementen omvat om de stengel met verschillende maatvoering te omsluiten.
9. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het grijporgaan een met de hand vervormbaar klemdraad omvat.
10. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het grijporgaan een basis omvat, alsmede twee elastisch vervormbare armen die aan de basis zijn bevestigd en zijn ingericht om een plant- of bloemstengel klemmend aan te grijpen of borgend op te sluiten.
11. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij uiteinden van de armen een opneemopening voor de plant- of bloemstengel definiëren en waarbij de grootte van de opneemopening aanpasbaar is door de armen ten opzichte van elkaar te vervormen.
12. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij de elastisch vervormbare armen een aangrijpruimte omgeven die is gelegen tussen de basis van het grijporgaan en de opneemopening.
13. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, voorts omvattende een opneemorgaan dat zich tussen een grijporgaan en de afstandhouder bevindt.
14. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij het opneemorgaan is voorzien van een klemelement voor het klemmend opnemen van een dragend element.
15. Plantenhouder volgens één der voorgaande conclusies, waarbij een grijporgaan dwars ten opzichte van de lengteas van de afstandhouder is georiënteerd.
16. Werkwijze voor het stabiliseren van tenminste twee plant- of bloemstengels, in het bijzonder stengels van een orchidee, omvattende de stappen van: - het aangrijpen van een plant- of bloemstengel met een eerste grijporgaan, en - het aangrijpen van een tweede plant- of bloemstengel met een tweede grijporgaan die via een afstandhouder volgens conclusie 1 is bevestigd aan het eerste grijporgaan.
NL2012112A 2014-01-20 2014-01-20 Plantenhouder en werkwijze. NL2012112C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2012112A NL2012112C2 (nl) 2014-01-20 2014-01-20 Plantenhouder en werkwijze.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2012112A NL2012112C2 (nl) 2014-01-20 2014-01-20 Plantenhouder en werkwijze.
NL2012112 2014-01-20

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2012112C2 true NL2012112C2 (nl) 2015-07-21

Family

ID=53838224

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2012112A NL2012112C2 (nl) 2014-01-20 2014-01-20 Plantenhouder en werkwijze.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2012112C2 (nl)

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NL2016187A (nl) * 2016-01-29 2017-08-02 Fleur-Cd B V Opzetstuk.

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NL2016187A (nl) * 2016-01-29 2017-08-02 Fleur-Cd B V Opzetstuk.

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US10302110B2 (en) Spring clamp for construction of plant cages and trellises
US8499492B2 (en) Support for plants
US10165874B2 (en) Bagging station bagging clip
US20140151515A1 (en) Bag support system
RU2691438C2 (ru) Поддерживающая растение скоба
KR20180006217A (ko) 양팔의 간격조절이 용이한 농작물지지대
US20160198642A1 (en) Basket For An Orchid Plant Having Aerial Roots
US10440901B2 (en) Plant support
NL2012112C2 (nl) Plantenhouder en werkwijze.
NL2010536C2 (nl) Plantenhouder en werkwijze.
NL2011549C2 (nl) Plantenhouder en werkwijze.
KR20160144893A (ko) 유실수 나뭇가지의 인위적 결속·지지장치 및 그 방법
US20110197502A1 (en) Stackable plant support device
US20150108778A1 (en) Connector for multiple potted plants
WO2017122191A1 (en) Dual-purpose clip
KR101943092B1 (ko) 식물 줄기 지지용 집게
EP2456295A1 (en) Plant stem support
JP7004293B2 (ja) 植物保持具
KR20060012040A (ko) 식물 고정용 집게
US20170164722A1 (en) Connector for retaining multiple plant pots in an upright orientation
ES2811223T3 (es) Dispositivo de sujeción de una planta a lo largo de un alambre suspendido
NL1042359B1 (nl) Steuninrichting voor een plant
US20140054248A1 (en) Tree display stand
NL1016998C2 (nl) Haak voor het bevestigen van een plant aan een steunelement.
CN205611374U (zh) 一种植物攀爬架