NL2010167C2 - Wiel voor een voertuig. - Google Patents
Wiel voor een voertuig. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2010167C2 NL2010167C2 NL2010167A NL2010167A NL2010167C2 NL 2010167 C2 NL2010167 C2 NL 2010167C2 NL 2010167 A NL2010167 A NL 2010167A NL 2010167 A NL2010167 A NL 2010167A NL 2010167 C2 NL2010167 C2 NL 2010167C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- pressure
- chamber
- rim
- wheel
- control system
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 claims description 15
- 239000007789 gas Substances 0.000 description 26
- 238000012423 maintenance Methods 0.000 description 5
- IJGRMHOSHXDMSA-UHFFFAOYSA-N Atomic nitrogen Chemical compound N#N IJGRMHOSHXDMSA-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 4
- 230000007423 decrease Effects 0.000 description 4
- QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N atomic oxygen Chemical compound [O] QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 229910052757 nitrogen Inorganic materials 0.000 description 2
- 239000001301 oxygen Substances 0.000 description 2
- 229910052760 oxygen Inorganic materials 0.000 description 2
- 230000000737 periodic effect Effects 0.000 description 2
- 230000003247 decreasing effect Effects 0.000 description 1
- 230000001934 delay Effects 0.000 description 1
- 230000001419 dependent effect Effects 0.000 description 1
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 1
- 239000000446 fuel Substances 0.000 description 1
- 238000010438 heat treatment Methods 0.000 description 1
- 230000001788 irregular Effects 0.000 description 1
- 238000005259 measurement Methods 0.000 description 1
- 238000013021 overheating Methods 0.000 description 1
- 238000012546 transfer Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60C—VEHICLE TYRES; TYRE INFLATION; TYRE CHANGING; CONNECTING VALVES TO INFLATABLE ELASTIC BODIES IN GENERAL; DEVICES OR ARRANGEMENTS RELATED TO TYRES
- B60C23/00—Devices for measuring, signalling, controlling, or distributing tyre pressure or temperature, specially adapted for mounting on vehicles; Arrangement of tyre inflating devices on vehicles, e.g. of pumps or of tanks; Tyre cooling arrangements
- B60C23/001—Devices for manually or automatically controlling or distributing tyre pressure whilst the vehicle is moving
- B60C23/004—Devices for manually or automatically controlling or distributing tyre pressure whilst the vehicle is moving the control being done on the wheel, e.g. using a wheel-mounted reservoir
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Measuring Fluid Pressure (AREA)
Description
NLP192587
Wiel voor een voertuig
ACHTERGROND VAN DE UITVINDING
De uitvinding heeft betrekking op een wiel voor een voertuig, in het bijzonder voor een vrachtwagen, en een 5 werkwijze voor het op druk brengen van een band van het wiel.
Een bekend wiel voor een vrachtwagen is voorzien van een velg en een band die rondom de velg is aangebracht. De band wordt op een voorgeschreven druk gebracht, die voor 10 vrachtwagens meestal tussen 8 tot 9 bar ligt. De band en de aansluiting daarvan op de velg is echter niet geheel gasdicht. Een deel van de druk zal daarom na verloop van tijd uit de band ontsnappen. Bij vrachtwagens is een drukverlies van 0,1 bar per maand niet ongebruikelijk. Een 15 te lage druk verhoogt het brandstofverbruik van de vrachtwagen, vermindert de grip op de weg en kan leiden tot oververhitting, onregelmatige belasting en slijtage van de band. De desbetreffende band zal eerder moeten worden vervangen of zal tijdens gebruik falen, hetgeen kan leiden 20 tot zeer verkeersonveilige situaties.
Het is daarom van groot belang dat de bestuurder van de vrachtwagen regelmatig de druk in de banden controleert en wanneer nodig aanvult tot het optimale drukniveau. Dit is echter niet altijd mogelijk, door 2 tijdsdruk of door gebrek aan apparatuur die de benodigde hoge druk kan leveren. Het controleren en op druk brengen van de band vindt daarom in de praktijk vaak alleen nog plaats tijdens jaarlijks onderhoud, waardoor de vrachtwagen 5 de rest van het jaar op banden met een onbepaalde, vaak te lage druk rijdt.
Het is een doel van de uitvinding een wiel voor een voertuig te verschaffen waarbij drukverlies kan worden tegengegaan.
10
SAMENVATTING VAN DE UITVINDING
De uitvinding verschaft vanuit een eerste aspect 15 een wiel voor een voertuig, in het bijzonder voor een vrachtwagen, waarbij het wiel is voorzien van een velg en een in gebruik rondom de velg aangebrachte band, waarbij de velg en de band gezamenlijk een eerste kamer vormen voor het bevatten van een gasmedium met een eerste druk, waarbij het 20 wiel ter plaatse van de velg is voorzien van een drukregelsysteem met een tweede kamer voor het bevatten van een gasmedium met een tweede druk en een klep die een gasuitwisseling tussen de tweede kamer en de eerste kamer toelaat, waarbij de klep is ingericht het gasmedium vanuit 25 de tweede kamer naar de eerste kamer door te laten wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk.
Het wiel, in het bijzonder de velg van het wiel, is dus voorzien van een eigen drukregelsysteem, waarmee de 30 in de eerste kamer heersende eerste druk kan worden verhoogd wanneer deze te laag dreigt te worden.
In een uitvoeringsvorm omvat het drukregelsysteem een eerste sensor en een regelaar, waarbij de eerste sensor is ingericht voor het meten van de eerste druk en voor het 35 aan de regelaar afgeven van een signaal dat indicatief is voor de gemeten eerste druk, waarbij de regelaar is ingericht voor het ontvangen van het signaal en het op basis 3 daarvan openen van de klep wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk. De eerste sensor en de regelaar kunnen samenwerken teneinde de werking van het drukregelsysteem te 5 automatiseren. Het drukregelsysteem kan dus zelfstandig ten opzichte van zijn omgeving en de omgeving van het wiel werken.
In een uitvoeringsvorm is de regelaar ingericht de klep na het openen open te houden tot een vooraf bepaalde 10 ideale waarde voor de eerste druk is bereikt. De vooraf bepaalde ideale waarde wordt meestal door de bandenfabrikant voorgeschreven en kan per band verschillend zijn. Door de eerste druk op de ideale waarde te brengen kunnen de omstandigheden voor de band worden geoptimaliseerd, waardoor 15 de levensduur van de band kan worden verlengd of verkeersonveilige situaties kunnen worden voorkomen.
In een uitvoeringsvorm omvat het druksysteem een tweede sensor die is ingericht voor het meten van de tweede druk en voor het aan een waarschuwingssysteem afgeven van 2 0 een waarschuwingssignaal als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk plus tien procent van die waarde, bij voorkeur als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk. Op deze wijze 25 kan tijdig gesignaleerd worden dat de tweede druk te laag wordt en dat de tweede kamer moet worden bijgevuld.
In een uitvoeringsvorm is het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig door de velg gedragen. Bij voorkeur is het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig binnen de 30 buitendiameter van de velg aangebracht. Bij meeste voorkeur is het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig binnen de buitenafmetingen van de velg aangebracht. Het drukregelsysteem kan derhalve zelfstandig van de wereld buiten het wiel werken.
35 In een uitvoeringsvorm is de massa van de tweede kamer in de omtreksrichting van de velg beschouwd gelijkmatig over de velg verdeeld. Hiermee kan worden 4 tegengegaan dat het drukregelsysteem de balans van de velg verstoord.
In een uitvoeringsvorm wordt de tweede kamer gevormd door een ringleiding die concentrisch ten opzichte 5 van de velg in het wiel is aangebracht. Hiermee kan worden tegengegaan dat het drukregelsysteem de balans van de velg verstoord.
In een uitvoeringsvorm is de ringleiding vast aan de velg bevestigd. De ringleiding kan op deze wijze aan de 10 velg worden vastgezet.
In een uitvoeringsvorm is de tweede kamer door de velg gevormd. De ringleiding kan daardoor geïntegreerd worden in de velg.
In een uitvoeringsvorm is het drukregelsysteem 15 ingericht tijdens rotatie van het wiel onafhankelijk van de rotatievaste omgeving buiten het wiel te werken. Het drukregelsysteem kan dus tijdens rotatie van het wiel werken, zonder vaste of operationele verbindingen met de rotatievaste omgeving buiten het wiel.
20 De uitvinding verschaft vanuit een tweede aspect een voertuig met een wiel met een drukregelsysteem zoals dat hiervoor is beschreven.
De uitvinding verschaft vanuit een derde aspect een werkwi j ze voor het op druk brengen van de band van een 25 wiel voor een voertuig, in het bijzonder voor een vrachtwagen, waarbij het wiel is voorzien van een velg en waarbij de band rondom de velg is aangebracht, waarbij de velg en de band gezamenlijk een eerste kamer vormen voor het bevatten van een gasmedium met een eerste druk, waarbij het 30 wiel ter plaatse van de velg is voorzien van een drukregelsysteem met een tweede kamer voor het bevatten van een gasmedium met een tweede druk en een klep die een gasuitwisseling tussen de tweede kamer en de eerste kamer toelaat, waarbij de werkwijze de stap omvat van het via de 35 klep doorlaten van het gasmedium vanuit de tweede kamer naar de eerste kamer wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste 5 druk.
Het wiel, in het bijzonder de velg van het wiel, is dus voorzien van een eigen drukregelsysteem, waarmee de in de eerste kamer heersende eerste druk kan worden verhoogd 5 wanneer deze te laag dreigt te worden.
In een uitvoeringsvorm omvat de werkwij ze verder de stappen van het meten van de eerste druk en het op basis daarvan openen van de klep wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de 10 eerste druk. De werking van het drukregelsysteem kan hierdoor geautomatiseerd worden en kan dus zelfstandig ten opzichte van zijn omgeving en de omgeving van het wiel werken.
In een uitvoeringsvorm wordt de klep na het openen 15 open gehouden tot een vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk is bereikt. Door de eerste druk op de ideale waarde te brengen kunnen de omstandigheden voor de band worden geoptimaliseerd, waardoor de levensduur van de band kan worden verlengd of verkeersonveilige situaties kunnen 20 worden voorkomen.
In een uitvoeringsvorm omvat de werkwijze verder de stappen van het meten van de tweede druk en het aan een waarschuwingssysteem afgeven van een waarschuwingssignaal als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf 25 bepaalde ideale waarde voor de eerste druk plus tien procent van die waarde, bij voorkeur als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk. Op deze wijze kan tijdig gesignaleerd worden dat de tweede druk te laag wordt en dat de tweede kamer moet 30 worden bijgevuld.
In een uitvoeringsvorm vindt het doorlaten van het gasmedium vanuit de tweede kamer naar de eerste kamer plaats tijdens rotatie van het wiel. Het drukregelsysteem kan dus tijdens rotatie van het wiel werken.
35 De in deze beschrijving en conclusies van de aanvrage beschreven en/of de in de tekeningen van deze aanvrage getoonde aspecten en maatregelen kunnen waar 6 mogelijk ook afzonderlijk van elkaar worden toegepast. Die afzonderlijke aspecten kunnen onderwerp zijn van daarop gerichte afgesplitste octrooiaanvragen. Dit geldt in het bijzonder voor de maatregelen en aspecten welke op zich 5 zijn beschreven in de volgconclusies.
KORTE BESCHRIJVING VAN DE TEKENINGEN
10 De uitvinding zal worden toegelicht aan de hand van een aantal in de bij gevoegde schematische tekeningen weergegeven voorbeelduitvoeringen. Getoond wordt in: figuur 1 een voertuig met een wiel volgens een eerste uitvoeringsvorm van de uitvinding, waarbij het wiel 15 is voorzien van een velg, een band en een drukregelsysteem voor het regelen van de druk in de band; figuur 2 een dwarsdoorsnede van het wiel met het drukregelsysteem volgens de lijn II - II in figuur 1/ en figuren 3A, 3B en 3C alternatieve 20 uitvoeringsvormen van het wiel met het drukregelsysteem volgens figuur 2.
GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE TEKENINGEN 25
Figuur 1 toont een voertuig volgens een eerste uitvoeringsvorm van de uitvinding. Het voertuig is bij voorkeur een voertuig voor beroepsvervoer, in het bijzonder een transportvoertuig zoals een vrachtwagen of een voertuig 30 voor personenvervoer zoals een bus. De uitvinding kan echter ook worden toegepast op personenwagens of motorfietsen. In dit voorbeeld is het voertuig een vrachtwagen 1 met een chassis 11 en een as 12 die zich vanaf het chassis 11 buitenwaarts uitstrekt en aan het einde daarvan een wiel 14 35 met een pneumatische band 15 draagt. In figuur 2 is te zien dat de as 12 is voorzien van een schijf- of trommelrem 13 die op een nader te beschrijven wijze met het wiel 14 7 gekoppeld is.
Figuur 2 toont verder dat het wiel 14 een velg 2 omvat waarop, in gebruik, een band 15 is aangebracht. De band 15 sluit op een op zich bekende wijze in de 5 omtreksrichting van de velg 2 in hoofdzaak luchtdicht aan op de velg 2. De band 15 en de velg 2 vormen gezamenlijk een eerste kamer 16 voor het bevatten of ontvangen van een gasmedium, bijvoorbeeld zuurstof of stikstof, met een eerste spanning of druk PI.
10 De velg 2 omvat een naaf 2 0 waarmee de velg 2 op de as 12 van de vrachtwagen 1 gelagerd is, spaken of - in dit voorbeeld - een schijf 21 die zich radiaal buitenwaarts vanaf de naaf 20 uitstrekt en een omlopende cilindrische koker 22 die concentrisch rondom de naaf 20 wordt gedragen 15 door de schijf 21. De koker 22 omvat een omlopend velgbed of steunvlak dat dient als ondersteuning voor de band 15. De naaf 20, de schijf 21 en de koker 22 kunnen als een integraal onderdeel gevormd zijn of als één of meer afzonderlijke onderdelen. De koker 22 bepaalt een vanaf 2 0 buiten benaderbaar binnengebied 23 in de velg 2 voor het ontvangen van onder andere de as 12 en de daarop gemonteerde schijf- of trommelrem 13. De as 12 strekt zich uit door de naaf 20, terwijl de schijf- of trommelrem 13 met behulp van bouten rotatievast met de naaf 20 rondom de as 12 gekoppeld 25 is.
De velg 2 is verder op bekende wijze voorzien van een eerste ventiel 24 dat zich vanuit de eerste kamer 16 van de band 15 door de koker 22 van de velg 2 heen uitstrekt tot in het vanaf buiten benaderbare binnengebied 23 van de velg 30 2. Het eerste ventiel 24 is vanaf buiten het wiel 14 benaderbaar voor het met externe middelen, zoals een losse compressor, bijvullen van het gasmedium in de eerste kamer 16. Door het gasmedium bij te vullen kan de eerste druk PI in de eerste kamer 16 verhoogd worden tot een vooraf 35 bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI. De hoogte van de eerste druk PI bepaalt de bandenspanning, de vorm en de eigenschappen van de band 15 wanneer deze in contact komt 8 met een wegdek. De eerste druk PI is daardoor van grote invloed op de rij eigenschappen van de vrachtwagen 1. De ideale waarde voor de eerste druk PI wordt meestal door de bandenfabrikant voorgeschreven en is per band 15 5 verschillend. De ideale eerste druk PI voor een band 15 van een vrachtwagen 1 ligt meestal in het bereik van ongeveer 8 bar tot ongeveer 9 bar (0,8 megapascal tot ongeveer 0,9 megapascal). De eerste kamer 16 heeft in dit voorbeeld een volume van ongeveer 75 liter, waardoor voor het bereiken van 10 9 bar eerste druk PI ongeveer 675 liter samengeperst gasmedium nodig is.
De eerste druk PI kan dus via het eerste ventiel 24 op de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI worden gebracht. De band 15 en de aansluiting daarvan op 15 de velg 2 is echter niet geheel gasdicht. Een deel van de eerste druk PI zal daarom na verloop van tijd uit de band 15 ontsnappen. Bij een vrachtwagen 1 is een drukverlies van 0,1 bar per maand niet ongebruikelijk. Externe middelen die geschikt zijn om de eerste druk PI in de band 15 opnieuw 20 naar de ideale waarde voor de eerste druk PI te brengen zijn niet altijd voorhanden, of de handelingen ervoor worden als omslachtig en tijdrovend ervaren. Daardoor wordt de eerste druk PI in de band 15 niet regelmatig gecontroleerd en rijdt de vrachtwagen 1 een groot deel van de tijd met een te lage 25 eerste druk PI.
Het wiel 14 van de vrachtwagen 1 is voorzien van een drukregelsysteem 3 dat het hiervoor beschreven controleren en op druk brengen van de eerste druk PI in de band 15 kan automatiseren, op een wijze die hieronder nader 30 zal worden toegelicht.
Zoals in figuren 1 en 2 is weergegeven is het wiel 14 ter plaatse van de velg 2 voorzien van een drukregelsysteem 3 volgens een eerste uitvoeringsvorm van de uitvinding. Het drukregelsysteem 3 is vast op de velg 2 35 aangebracht of daarmee geïntegreerd. Het drukregelsysteem 3 omvat een in de omtreksrichting van de velg 2 omlopende ringleiding 30. De massa van de ringleiding 30 is 9 gelijkmatig over de omtrek van de velg 2 verdeeld teneinde de balans van de velg 2 zo min mogelijk te verstoren. De ringleiding 30 vormt een tweede kamer 31 voor het ontvangen van een gasmedium, bijvoorbeeld zuurstof of stikstof, met 5 een tweede spanning of druk P2. De tweede kamer 31 van het drukregelsysteem 3 is door de wand van de ringleiding 30 gescheiden van de eerste kamer 16 in de band 15. In dit voorbeeld is de ringleiding 30 gevormd binnen de dikte van de schijf 21 van de velg 2, waardoor gesproken kan worden 10 van een integrale ringleiding 30. De ringleiding 30 kan echter ook op andere posities op of in de velg 2 worden aangebracht, zoals later zal worden geïllustreerd met een drietal alternatieve voorbeelduitvoeringsvormen. De dwarsdoorsnede van de tweede kamer 31 is in dit voorbeeld in 15 hoofdzaak rond, hetgeen gunstig is voor de belasting en drukverdeling. De dwarsdoorsnede van de tweede kamer 31 kan echter ook een andere geschikte vorm, zoals een driehoek, een ovaal of een trapeziumvorm hebben.
Het drukregelsysteem 3 is voorzien van een tweede 2 0 ventiel 32 dat zich vanuit de tweede kamer 31 van het drukregelsysteem 3 door de ringleiding 30, en in dit voorbeeld tevens door de schijf 21 van de velg 2 heen uitstrekt tot in het vanaf buiten benaderbare binnengebied 23 van de velg 2. Het tweede ventiel 32 is daardoor, net als 25 het eerste ventiel 24 vanaf buiten het wiel 14 benaderbaar voor het met externe middelen, zoals een losse compressor, bijvullen van het gasmedium in de tweede kamer 31. Het drukregelsysteem 3 omvat verder een eenwegsklep 33, bijvoorbeeld een terugslagklep of een magneetklep, die een 30 gasuitwisseling tussen de tweede kamer 31 en de eerste kamer 16 toelaat. In dit voorbeeld wordt de tweede kamer 31 gevuld tot een maximale tweede druk P2 van ongeveer 90 bar (9 megapascal). De tweede kamer 31 heeft in dit voorbeeld een volume van ongeveer 5 liter. Voor het bereiken van een 35 tweede druk P2 van 90 bar is dus ongeveer 450 liter gasmedium nodig.
Het drukregelsysteem 3 omvat een niet weergegeven 10 eerste druksensor die is ingericht voor het detecteren van de eerste druk PI in de eerste kamer 16 en voor het af geven van een eerste signaal dat indicatief is voor de gemeten eerste druk PI. Het drukregelsysteem 3 omvat tevens een niet 5 weergegeven tweede druksensor die is ingericht voor het detecteren van de tweede druk P2 in de tweede kamer 31 en voor het afgeven van een tweede signaal dat indicatief is voor de gemeten tweede druk P2. Optioneel omvat het drukregelsysteem 3 een niet weergegeven temperatuursensor 10 voor het meten van de temperatuur van het gasmedium in de eerste kamer 16 en voor het af geven van een derde signaal dat indicatief is voor de gemeten temperatuur. Het drukregelsysteem 3 is tenslotte voorzien van een niet weergegeven regelaar voor het ontvangen van de signalen en 15 het op basis van de signalen aansturen van de eenwegsklep 33.
Het drukregelsysteem 3 is volledig binnen de buitendiameter van de velg 2, in het bijzonder volledig binnen de buitenafmetingen van de velg 2 aangebracht. Het 20 drukregelsysteem 3 wordt volledig door de velg 2 gedragen. Het drukregelsysteem 3 heeft zijn eigen gasmedium- en energievoorziening en is daardoor voor de werking niet afhankelijk van de rotatievaste buitenwereld buiten het wiel 14.
25 De werkwijze voor het automatisch controleren en op druk brengen van de eerste druk PI in de band 15 met het bovengenoemde drukregelsysteem 3 zal hieronder aan de hand van figuur 2 uiteen worden gezet.
In een eerste stap wordt de tweede kamer 31 van 30 het drukregelsysteem 3 via het tweede ventiel 32 door een externe compressor gevuld met een gasmedium. Dit vullen kan plaatsvinden tijdens een regulier onderhoud van de vrachtwagen 1 dat op periodieke basis, bijvoorbeeld één keer per jaar, wordt uitgevoerd. De tweede kamer 31 wordt gevuld 35 totdat het gasmedium een maximale tweede druk P2 heeft bereikt die ten minste twee keer, bij voorkeur ten minste vijf keer en bij meeste voorkeur ten minste tien keer zo 11 hoog is als de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI. In dit voorbeeld zal de maximale tweede druk P2 ongeveer 90 bar (9 megapascal) bedragen. De eerste kamer 16 van de band 15 is in dit voorbeeld via het eerste ventiel 24 5 van de velg 2 door een externe compressor gevuld met een gasmedium tot een eerste druk PI die gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI, in dit voorbeeld ongeveer 9 bar (0,9 megapascal).
Vervolgens kunnen de vrachtwagen 1, het wiel 14 en 10 het drukregelsysteem 3 van het wiel 14 in gebruik worden genomen. Het wiel 14 zal tijdens het rijden van de vrachtwagen 1 roteren. Het drukregelsysteem 3 is ingericht teneinde zowel tijdens stilstand als tijdens rotatie van het wiel 14 te werken.
15 Na verloop van tijd ontsnapt er gasmedium uit de eerste kamer 16 van de band 15 en neemt de eerste druk PI langzaam af tot een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk PI wordt bereikt. De vooraf bepaalde ondergrens wordt gekozen binnen een bereik waarbinnen de eerste druk PI 20 lager is dan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI, maar nog wel veilig wordt geacht. De ondergrens voor de eerste druk PI kan bijvoorbeeld in het bereik van ongeveer één procent tot drie procent of ongeveer 0,1 bar (0,01 megapascal) tot 0,3 bar (0,03 megapascal) onder de 25 vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI gekozen worden. De eerste sensor bewaakt en detecteert de eerste druk PI en stuurt een overeenkomstig signaal naar de regelaar.
De regelaar is ingericht voor het op basis van het 30 ontvangen signaal van de eerste sensor vaststellen of de eerste druk PI gelijk is aan of kleiner is dan de vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk PI. Wanneer dit het geval is, veroorzaakt de regelaar dat de eenwegsklep 33 tijdelijk wordt geopend. Door het drukverschil tussen de 35 eerste druk PI en de tweede druk P2 zal het gasmedium in de tweede kamer 31 via de eenwegsklep 33 ontsnappen of overgaan naar de eerste kamer 16, waardoor de eerste druk PI in de 12 eerste kamer 16 toeneemt. Tegelijkertijd neemt de tweede druk P2 in de tweede kamer 31 evenredig af. De regelaar is ingericht de eenwegsklep 33 open te houden totdat de eerste sensor een signaal afgeeft waaruit blijkt dat de vooraf 5 bepaalde ideale waarde van de eerste druk PI is bereikt. Vervolgens veroorzaakt de regelaar dat de eenwegsklep 33 wordt gesloten.
De hiervoor beschreven stappen kunnen worden herhaald voor elke gemeten afname in de eerste druk PI. Door 10 het grote drukverschil tussen de eerste druk PI en de tweede druk P2, kan de eerste druk PI herhaaldelijk worden bijgevuld, totdat de tweede druk P2 in de tweede kamer 31 zodanig is afgenomen dat de tweede druk P2 nog nauwelijks hoger is dan of gelijk is aan de eerste druk PI.
15 Teneinde tijdig te signaleren dat de tweede druk P2 in de tweede kamer 31 moet worden bijgevuld, is de tweede sensor ingericht voor het meten van de tweede druk P2 in de tweede kamer 31. De tweede sensor is ingericht voor het afgeven van een waarschuwingsignaal aan een 20 waarschuwingssysteem bij de bestuurder van de vrachtwagen 1 als de tweede druk P2 kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI plus tien procent van die waarde, en in het bijzonder als de tweede druk P2 kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf 25 bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI. De bestuurder van de vrachtwagen 1 kan vervolgens zelf de tweede kamer 31 bijvullen of dit laten doen bij een onderhoudslocatie.
Met de eerder genoemde volumes van de eerste kamer 16 en de tweede kamer 31 en bij een ideale waarde voor de 30 eerste druk PI van 9 bar, een maximale tweede druk P2 van 90 bar en een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk van 8,9 bar (0,1 bar onder de ideale waarde), kan het drukregelsysteem 3 in theorie de eerste druk PI maarliefst twintig tot vijftig keer aanvullen totdat de tweede druk P2 35 gelijk is aan de eerste druk PI. Dit zou in de praktijk ruim voldoende moeten zijn om in een periode van een jaar, tussen twee periodieke onderhoudsbeurten van de vrachtwagen 1, een 13 normaal drukverlies in de band te compenseren. Tussentijds bijvullen van de tweede kamer 31 zal dus normaal gesproken niet nodig zijn.
Toch zijn er situaties denkbaar waarbij het 5 drukverlies groter is, bijvoorbeeld bij een lek in de band 15, en er dus tussentijdse tussenkomst noodzakelijk is. Daarom is de regelaar bij voorkeur ingericht om bij elke opening van de eenwegsklep 33 een waarschuwingssignaal af te geven aan het waarschuwingssysteem bij de bestuurder van de 10 vrachtwagen. Het waarschuwingssysteem kan de actueel gemeten eerste druk PI ten opzichte van de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk PI weergegeven en het aantal keren dat de eerste druk PI is aangevuld sinds het in gebruik nemen van het drukregelsysteem 3. Op deze wijze kan 15 de bestuurder alert worden gemaakt op het drukverlies en waar nodig zelf actie ondernemen. In aanvulling hierop kan het waarschuwingssysteem de bestuurder erop attenderen dat het drukregelsysteem 3 de eerste druk PI te snel op de vorige bijvulling opnieuw moet aanvullen. Dit zou een 20 aanwijzing kunnen zijn dat de band 15 een lek heeft. Het waarschuwingssysteem zou zelfs gekoppeld kunnen worden aan een startonderbreker van de vrachtwagen 1, zodat de vrachtwagen 1 niet meer gestart kan worden tot de eerste druk PI weer op de vooraf bepaalde ideale waarde voor de 25 eerste druk PI is gebracht.
In een extreem geval, waarbij er een groot lek is in de band 15 en de eerste druk PI in de eerste kamer 16 snel afneemt, blijft de eenwegsklep 33 open staan teneinde de eerste druk PI aan te vullen tot de vooraf bepaalde 30 ideale waarde voor de eerste druk PI, die bij een groot lek echter nooit bereikt zal worden. De continue bijvulling van de eerste druk PI door de tweede druk P2 vertraagt het leeglopen van de band 15, waardoor de bestuurder van de vrachtwagen 1 langer de tijd heeft om de vrachtwagen 1 35 veilig tot stilstand te brengen. In een dergelijk geval werkt het drukregelsysteem 3 dus als een noodsysteem dat de veiligheid bij een lek vergroot.
14
De optionele temperatuursensor kan een signaal aan de regelaar afgeven waarmee in de meting van de eerste druk PI gecompenseerd kan worden voor drukverschillen tengevolge van temperatuurschommelingen.
5 In een alternatieve, niet weergegeven uitvoeringsvorm van de uitvinding is het eerste ventiel 24 uitgevoerd als overdrukventiel, of is het wiel 14 voorzien van een extra ventiel dat fungeert als overdrukventiel. Het overdrukventiel kan een te hoge druk in de eerste kamer 16 10 af laten vloeien, zodat de vrachtwagen 1 na het verhogen van de eerste druk PI niet met een te hoge eerste druk PI rijdt. Het overdrukventiel kan tevens dienst doen als beveiliging voor het geval dat de eenwegsklep 33 niet meer zou sluiten en het gasmedium continu vanuit de eerste kamer 16 naar de 15 tweede kamer 31 vloeit. Eventueel kan het overdrukventiel gekoppeld worden met de eerder genoemde temperatuursensor teneinde te compenseren voor een hogere eerste druk PI door opwarming van het gasmedium in de eerste kamer 16.
In figuren 3A, 3B en 3C zijn drie alternatieve 20 uitvoeringsvormen van de velg 102, 202, 302 weergegeven, elk met een alternatief drukregelsysteem 103, 203, 303 waarvan de ringleidingen 130, 230, 330 telkens op een andere positie op of in de velg 102, 202, 302 zijn aangebracht.
In de uitvoeringsvorm zoals die is weergegeven in 25 figuur 3A is de ringleiding 130 aan de voorzijde van de velg 102 aangebracht. De ringleiding 130 heeft in dit voorbeeld een compacte ronde vorm. De ringleiding 130 kan in deze positie als afzonderlijk onderdeel op de velg 102 geplaatst worden en is hier eenvoudig toegankelijk voor onderhoud.
30 In de uitvoeringsvorm zoals die is weergegeven in figuur 3B is de ringleiding 230 als integraal onderdeel binnen de velg 202 gevormd. De ringleiding 230 heeft een ovale vorm die zich over een grote radiale afstand door de schijf 221 van de velg 202 uitstrekt en daardoor een groot 35 volume kan bepalen voor de ringleiding 230. De capaciteit kan hierdoor worden vergroot.
In de uitvoeringsvorm zoals die is weergegeven in 15 figuur 3C is de ringleiding 330 als integraal onderdeel binnen de velg 302 gevormd. De ringleiding 330 heeft een driehoekige vorm die is gevormd in de restruimte tussen de aansluiting van de schijf 321 op de cilindrische koker 322 5 van de velg 302. Door de ringleiding 330 op deze positie aan te brengen kan de stevigheid van de velg 302 behouden blijven.
De bovenstaande beschrijving is opgenomen om de werking van voorkeursuitvoeringen van de uitvinding te 10 illustreren, en niet om de reikwijdte van de uitvinding te beperken. Uitgaande van de bovenstaande uiteenzetting zullen voor een vakman vele variaties evident zijn die vallen onder de reikwijdte van de onderhavige uitvinding.
Claims (21)
1. Wiel voor een voertuig, in het bijzonder voor een vrachtwagen, waarbij het wiel is voorzien van een velg en een in gebruik rondom de velg aangebrachte band, waarbij de velg en de band gezamenlijk een eerste kamer vormen voor 5 het bevatten van een gasmedium met een eerste druk, waarbij het wiel ter plaatse van de velg is voorzien van een drukregelsysteem met een tweede kamer voor het bevatten van een gasmedium met een tweede druk en een klep die een gasuitwisseling tussen de tweede kamer en de eerste kamer 10 toelaat, waarbij de klep is ingericht het gasmedium vanuit de tweede kamer naar de eerste kamer door te laten wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk.
2. Wiel volgens conclusie 1, waarbij het 15 drukregelsysteem een eerste sensor en een regelaar omvat, waarbij de eerste sensor is ingericht voor het meten van de eerste druk en voor het aan de regelaar afgeven van een signaal dat indicatief is voor de gemeten eerste druk, waarbij de regelaar is ingericht voor het ontvangen van het 20 signaal en het op basis daarvan openen van de klep wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk.
3. Wiel volgens conclusie 2, waarbij de regelaar is ingericht de klep na het openen open te houden tot een 25 vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk is bereikt.
4. Wiel volgens conclusie 2 of 3, waarbij het druksysteem een tweede sensor omvat die is ingericht voor het meten van de tweede druk en voor het aan een 30 waarschuwingssysteem afgeven van een waarschuwingssignaal als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk plus tien procent van die waarde, bij voorkeur als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk.
5. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, 5 waarbij het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig door de velg gedragen is.
6. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig binnen de buitendiameter van de velg aangebracht is.
7. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het drukregelsysteem in hoofdzaak volledig binnen de buitenafmetingen van de velg aangebracht is.
8. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de massa van de tweede kamer in de omtreksrichting 15 van de velg beschouwd gelijkmatig over de velg verdeeld is.
9. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de tweede kamer wordt gevormd door een ringleiding die concentrisch ten opzichte van de velg in het wiel is aangebracht.
10. Wiel volgens conclusie 9, waarbij de ringleiding vast aan de velg bevestigd is.
11. Wiel volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de tweede kamer door de velg gevormd is.
12. Wiel volgens conclusie 11, waarbij het 25 drukregelsysteem is ingericht tijdens rotatie van het wiel onafhankelijk van de rotatievaste omgeving buiten het wiel te werken.
13. Voertuig met een wiel met een drukregelsysteem volgens een der conclusies 1-12.
14. Werkwijze voor het op druk brengen van de band van een wiel voor een voertuig, in het bijzonder voor een vrachtwagen, waarbij het wiel is voorzien van een velg en waarbij de band rondom de velg is aangebracht, waarbij de velg en de band gezamenlijk een eerste kamer vormen voor het 35 bevatten van een gasmedium met een eerste druk, waarbij het wiel ter plaatse van de velg is voorzien van een drukregelsysteem met een tweede kamer voor het bevatten van een gasmedium met een tweede druk en een klep die een gasuitwisseling tussen de tweede kamer en de eerste kamer toelaat, waarbij de werkwijze de stap omvat van het via de klep doorlaten van het gasmedium vanuit de tweede kamer naar 5 de eerste kamer wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk.
15. Werkwijze volgens conclusie 14, waarbij de werkwij ze verder de stappen omvat van het meten van de 10 eerste druk en het op basis daarvan openen van de klep wanneer de eerste druk gelijk is aan of kleiner is dan een vooraf bepaalde ondergrens voor de eerste druk.
16. Werkwijze volgens conclusie 15, waarbij de klep na het openen open wordt gehouden tot een vooraf 15 bepaalde ideale waarde voor de eerste druk is bereikt.
17. Werkwijze volgens conclusie 15 of 16, waarbij de werkwijze verder de stappen omvat van het meten van de tweede druk en het aan een waarschuwingssysteem afgeven van een waarschuwingssignaal als de tweede druk kleiner is dan 20 of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk plus tien procent van die waarde, bij voorkeur als de tweede druk kleiner is dan of gelijk is aan de vooraf bepaalde ideale waarde voor de eerste druk.
18. Werkwijze volgens een der conclusies 14-17, 25 waarbij het doorlaten van het gasmedium vanuit de tweede kamer naar de eerste kamer plaatsvindt tijdens rotatie van het wiel.
19. Wiel voorzien van een of meer van de in de bij gevoegde beschrijving omschreven en/of in de bij gevoegde 30 tekeningen getoonde kenmerkende maatregelen.
20. Voertuig voorzien van een of meer van de in de bij gevoegde beschrijving omschreven en/of in de bij gevoegde tekeningen getoonde kenmerkende maatregelen.
21. Werkwijze voorzien van een of meer van de in 35 de bij gevoegde beschrijving omschreven en/of in de bij gevoegde tekeningen getoonde kenmerkende maatregelen of stappen.
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2010167A NL2010167C2 (nl) | 2013-01-23 | 2013-01-23 | Wiel voor een voertuig. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2010167 | 2013-01-23 | ||
| NL2010167A NL2010167C2 (nl) | 2013-01-23 | 2013-01-23 | Wiel voor een voertuig. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2010167C2 true NL2010167C2 (nl) | 2014-07-24 |
Family
ID=51862664
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2010167A NL2010167C2 (nl) | 2013-01-23 | 2013-01-23 | Wiel voor een voertuig. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL2010167C2 (nl) |
Cited By (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| ES2669397A1 (es) * | 2016-11-23 | 2018-05-25 | Cesar Rojo Vidal | Rueda con regulador de presión y llanta aplicable |
-
2013
- 2013-01-23 NL NL2010167A patent/NL2010167C2/nl active
Cited By (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| ES2669397A1 (es) * | 2016-11-23 | 2018-05-25 | Cesar Rojo Vidal | Rueda con regulador de presión y llanta aplicable |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US7000462B2 (en) | System for monitoring a vehicle with pneumatic tires, signal analysis method, and vehicle tire | |
| CN101903222A (zh) | 用于保证制动组件的功能性的方法和车辆系统以及包括该系统的车辆 | |
| US5651430A (en) | Disc brake assembly | |
| CN110802986B (zh) | 带有恒力机构的车轮组件 | |
| JP5093022B2 (ja) | インホイールモータの制御装置 | |
| US9409450B2 (en) | Tire inflation system and method of control | |
| US9221395B2 (en) | System and method of monitoring wheel end seal assembly wear | |
| BR112019022513B1 (pt) | Sistema de inflação de pneu com base em carga para veículos de serviço pesado | |
| EP2805839B1 (en) | Vehicle load management | |
| NL2010167C2 (nl) | Wiel voor een voertuig. | |
| CN104355235B (zh) | 起升机构的控制方法、控制装置和起升机构 | |
| US20240101082A1 (en) | Trailer brake control system and method of controlling a braking system | |
| RU2126503C1 (ru) | Тормозное устройство | |
| EP3580155B1 (en) | Adjusting components of cargo transportation units | |
| US12196282B2 (en) | System and method for monitoring wear of braking frictional pad of motor vehicle | |
| EP4112335A1 (en) | Tire pressure monitoring system and method employing axle cross comparison | |
| CN104553663A (zh) | 空气悬架系统及其控制方法 | |
| US11155135B2 (en) | Traction system for railcar movers | |
| EP2851216B1 (en) | Tire inflation system and method of control | |
| CN101432157A (zh) | 用于重型车辆内的空气悬挂系统的空气储存系统 | |
| US20100300591A1 (en) | Self-inflating wheel | |
| AU2021239009A1 (en) | Load monitoring, braking control, and height management | |
| US20180005462A1 (en) | Systems, apparatuses, and methods for monitoring pressure in a hydraulic system | |
| CN101391566A (zh) | 无内胎的轮 | |
| US20190126712A1 (en) | Rough road detection as an input to indirect air consumption measurement |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD | Change of ownership |
Owner name: RON BROUWERS; NL Free format text: DETAILS ASSIGNMENT: CHANGE OF OWNER(S), ASSIGNMENT; FORMER OWNER NAME: ARTHUR XAVIER KAPPERS Effective date: 20240531 |