Beschrijving
Deze methode maakt gebruik van elkaar' aantrekkende
<EMI ID=1.1>
nente magneten, alle ferromagnetische metalen, ijzer,
nikkel, enz..., doch ook kan hiervoor gebruikt worden, ferromagnetische massa's, welke in het veld van een electromagneet gebracht zijn en aldus gemagnetiseerd worden.
2. De voor deze eenvoudigste toepassing meest geschikte materialen bestaan uit twee permanente magneten en
een zo week mogelijk ijzeren massa.
3. Deze twee permanente magneten mogen om het even welk samenstelling hebben en om het evenwelke oppervlakken
van deze magneten kunnen gebruikt worden.
Het grootste rendement bij dese techniek wordt echter
bereikt wanneer deze permanente magneten en dit ferromagnetisch stuk materiaal (vb: ijzer) grote naar elkaar gekeerde oppervlakken hebben, en dit natuurlijk in verge-
lijking met hun massa's.
Bij de permanente magneten worden hierbij het best grote pooloppervlakken gebruikt en zal er dus een korte magnetische as noord-zuid aanwezig zijn. In plaats van grote slechts in één richting uit afwisselende noord en zuidpol bestaan. Hierbij is het beste systeem een oppervlak dat is samengesteld uit een een noord en een zuidpool en hierbij kan men verschillende werkwijzen volgen : <EMI ID=2.1> en de zuidpool van twee af zonderlijke magneten, zodat de totale magnetische massa bestaat uit twee tegenover elkaar aangesloten permanente magneten.
- b) men kan de noord en de zuidpool van dezelfde magneet bij elkaar brengen. <EMI ID=3.1> staafmagneet.
Al deze verschillende toepassingen hebben enigszins verschillende uitwerkingen, maar het globaal eff ekt is gelij aan het gebruik van zuivere pooloppervlakken.
4. Met de gebruikte oppervlakken van deze magneten wordt bedoeld'', deze oppervlakken of oppervlakte delen welke naar elkaar gekeerd zijn.
5. Deze beschreven permanente magneten en andere ferromag netische materialen hebben in feite een plaatvorm, dit is trouwens per gegeven magnetische massa altijd de meest renderende vorm, maar dit, zoals gezegd, is niet noodzakelijk om het eff ekt van deze techniek te bereiken , we. om een groot rendement te bekomen.
6. De eigenlijke energiewinst komt tot stand omdat men tw� permanent magnetische ferromagnetische massa's en een niet permanent magnetische hoeveelheid materiaal elkaar laat aantrekken en naar elkaar toebewegen, op een manier dat hierdoor meer kinetische energie geleverd wordt, dan naar hun begintoestand en configuratie te brengen.
7. Omdit te bereiken gaat men dan als volgt te werk :
- a) deze hier uit oogpunt van rendement en duidelijkheid gebruikte plaatvormige massa's worden veronderstel:
e elkaar altijd aan te trekken en naar elkaar toe te bewegen met hun grootste oppervlakken naar elkaar gekeerd.
-b) hier wordt als beginstadium of configuratie genomen het ogenblik waarop deze massa's zich op een afstand van elkaar bevinden waarop de tussen deze mag- <EMI ID=4.1>
van geen belang zijn.
<EMI ID=5.1> netische massa of plaat worden nu in staat gesteld
<EMI ID=6.1>
Hierbij zal door deze massaseen kinetische energie geleverd worden. Wanneer deze massa's dus me�t
hun grootste poibloppervlakken volledige tegen elkaar staan, zal hierdoor de energie van dit stelsel volledig uitgeput zijn. Hierbij zullen deze naar elkaar gekeerde oppervlakken elkaar meestal geheel bedekken. Dit is echter niet noodzakelijk, daar het vooral de massa van deze ferromagnetische plaatis, welke het eff ekt bepaalt, het grootste rendement wordt echter bereikt wanneer deze massa's ongeveer dezelfde oppervlakken bezitten.
- d) hierna wordt deze tweede permanente magneet in staat gesteld deze totale massa van permanente magneet en ferromagnetische plaat aan te trekken en het andere grote oppervlak van de ferromagnetische plaat bedekt, zodat in feite deze niet permanent magnetische plaat zich tussen deze twee permanent magnetische massa's in bevind.
Hierbij, bij deze beweging dus, wordt door deze massa's
<EMI ID=7.1>
eveneens uitgevoerd op een manier waardoor de energie van het stelsel magneet-plaat-magneet uitge^put wordt.
e) het spreekt vanzelf dat deze naderingen gestopt worden op een praktisch vereiste afstand van vb. een tiende millimeter. f) nu wordt deze, zich tussen deze twee magneten bevindende plaat weggetrokken en hiervoor wordt slec� zeer'weinig energie vereist. In het beste geval zal deze vereiste energie zelfs niet dienen mede gerekend te worden om het globaal effekt van de ganse cyclus te bepalen. Deze plaat wordt dus naar een plaats gebracht welke qua krachtverhoudingen equivalent is met de plaa van deze plaat in de beginconfiguratie van het door <EMI ID=8.1>
g) deze twee permanent magnetische ferromagnetische maasa's wemke dus met een noordpool en een zuidpool naar elkaar gekeerd zijn worden nu eveneens van elkaar
<EMI ID=9.1>
(lees : welke qua krachten) equivalent is aan de beginconfiguratie. Hierbij dient eveneens een hoeveelheid energie geleverd te worden.
<EMI ID=10.1>
guratie aangekomen en daardoor vormen deze bewegingen
<EMI ID=11.1>
den.
positieve en tweemaal negatieve arbeid verricht en dit door of aan dezelfde massa's. Omdat bij de positieve arbeidsberrichtingen door de aard van deze bewegingen een maximum aan kinetische energie kan geleverd worden, en bij de negatieve arbeidsverrichtingen in het eerste geval deze vereiste energie bijna nul is en in het tweede geval de aantrekking van de beide magneten op elkaar niet maximum is omdat tussen deze magneten een afstand is, welke bepaald woddt door de
<EMI ID=12.1>
<EMI ID=13.1>
voorkomen, overschot dat de energiewinst van deze uitvinding uitmaakt.
9. Deze hierbeschreven eenvoudigste toepassing van deze techniek uitgevoerd met eenvoudigste materialen , kan natuurlijk op zeer vele manieren gavarieerd worden en gecombineerd. Hierbij kunnen deze bewegingen en arbeidsverrichtingen door het gebruik van speciale magneetvormen en aantallen gesplitste worden en bijna willekeurig gewijzigd maar altijd
<EMI ID=14.1>
<EMI ID=15.1>
of meerdere permanente magneten in staat stelt een of meerdere niet permanent magnetische massa's aan te trekken en naar deze tweede massa toe te bewegen waarbij de in dit door deze massa�s gevormde stelsel,beschikbare energie,
in kinetisc e energie van deze massa's omgezet wardt, en
dat men hierna een of meerdere eveneens permanent magnetische
<EMI ID=16.1>
massa's gevormde si totale massa's aan te trekken en
naar deze totale massa's toe te bewegen, echter op een manier dat hierna deze niet permanent magnetische ferromag-