BE1016613A3 - Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen. - Google Patents

Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen. Download PDF

Info

Publication number
BE1016613A3
BE1016613A3 BE200500287A BE200500287A BE1016613A3 BE 1016613 A3 BE1016613 A3 BE 1016613A3 BE 200500287 A BE200500287 A BE 200500287A BE 200500287 A BE200500287 A BE 200500287A BE 1016613 A3 BE1016613 A3 BE 1016613A3
Authority
BE
Belgium
Prior art keywords
pressing
sections
characterized
plate
method according
Prior art date
Application number
BE200500287A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Flooring Ind Ltd
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Flooring Ind Ltd filed Critical Flooring Ind Ltd
Priority to BE200500287A priority Critical patent/BE1016613A3/nl
Priority to BE200500287 priority
Application granted granted Critical
Publication of BE1016613A3 publication Critical patent/BE1016613A3/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B44DECORATIVE ARTS
    • B44BMACHINES, APPARATUS OR TOOLS FOR ARTISTIC WORK, e.g. FOR SCULPTURING, GUILLOCHING, CARVING, BRANDING, INLAYING
    • B44B5/00Machines or apparatus for embossing decorations or marks, e.g. embossing coins
    • B44B5/02Dies; Accessories
    • B44B5/026Dies
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B44DECORATIVE ARTS
    • B44CPRODUCING DECORATIVE EFFECTS; MOSAICS; TARSIA WORK; PAPERHANGING
    • B44C3/00Processes, not specifically provided for elsewhere, for producing ornamental structures
    • B44C3/08Stamping or bending
    • B44C3/085Stamping or bending stamping
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B44DECORATIVE ARTS
    • B44CPRODUCING DECORATIVE EFFECTS; MOSAICS; TARSIA WORK; PAPERHANGING
    • B44C5/00Processes for producing special ornamental bodies
    • B44C5/04Ornamental plaques, e.g. decorative panels, decorative veneers
    • B44C5/0469Ornamental plaques, e.g. decorative panels, decorative veneers comprising a decorative sheet and a core formed by one or more resin impregnated sheets of paper
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B44DECORATIVE ARTS
    • B44FSPECIAL DESIGNS OR PICTURES
    • B44F9/00Designs imitating natural patterns
    • B44F9/02Designs imitating natural patterns wood grain effects
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC
    • Y10TTECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER US CLASSIFICATION
    • Y10T156/00Adhesive bonding and miscellaneous chemical manufacture
    • Y10T156/10Methods of surface bonding and/or assembly therefor
    • Y10T156/1002Methods of surface bonding and/or assembly therefor with permanent bending or reshaping or surface deformation of self sustaining lamina
    • Y10T156/1039Surface deformation only of sandwich or lamina [e.g., embossed panels]
    • Y10T156/1041Subsequent to lamination

Abstract

Werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen (2) die aan een persbewerking worden onderworpen, daardoor gekenmerkt dat bij het persen aan de sierzijde (13) van de te persen plaatvormige elementen (2), een perselement (14) wordt aangewend dat meerdere afzonderlijke gevormde persgedeelten (15) bezit.

Description

Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen.

Deze uitvinding heeft betrekking op een werkwijze, een inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen.

Meer speciaal heeft zij betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen die aan een persbewerking worden onderworpen, waarbij in het bijzonder deze persbewerking mede bepalend is voor het uitzicht van de uiteindelijk verkregen vloerpanelen.

Meer speciaal nog heeft de uitvinding betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van laminaatvloerpanelen, en in het bijzonder laminaatvloerpanelen van het type waarbij het plaatvormig element waarvan uitgegaan wordt, meer speciaal de laminaatplaat waaruit de vloerpanelen worden gevormd, vervaardigd wordt door middel van een korte perscyclus, hetgeen in het Duits met de term "Kurztakt" benoemd wordt. In de eerste plaats, doch niet beperkend, wordt hierbij vooral de productie van laminaatvloerpanelen beoogd van het type waarbij beharste materiaalbanen of beharste materiaalvellen op een substraat worden geperst.

Een belangrijk toepassingsgebied waarin de uitvinding vooral tot haar recht komt is de productie van laminaatvloerpanelen van het DPL-type (Direct Pressure Laminate). Dergelijke vloerpanelen worden doorgaans verwezenlijkt door eerst grote plaatvormige elementen uit DPL aan te maken en deze vervolgens te verzagen tot vloerpanelen die dan aan hun randen van koppelprofielen worden voorzien. De plaatvormige elementen uit DPL worden zoals bekend in het algemeen verwezenlijkt door, enerzijds, één of meer beharste materiaalvellen, waaronder een bedrukte decorlaag, en, anderzijds, een al dan niet uit meerdere lagen of delen gevormd substraat door middel van een persbewerking, onder invloed van druk en temperatuur, met elkaar te consolideren.

Zoals verder uit de hiernavolgende beschrijving zal blijken, komt de uitvinding tevens in het bijzonder tot haar recht bij toepassingen waarbij tijdens het uitvoeren van de persbewerking ook indrukkingen in de sierzijde van het plaatvormig materiaal worden gevormd, welke in overeenstemming dienen te zijn met het aangewende decor. Deze techniek, die "embossed in register" wordt genoemd, is onder meer bekend uit het octrooidocument WO 01/96689.

Bij de productie van voomoemde vloerpanelen is het bekend dat voor het uitvoeren van de voornoemde persbewerking gebruik wordt gemaakt van grote perselementen, bestaande uit ééndelige persplaten, waarmee het voornoemde plaatvormig materiaal wordt verperst. Doorgaans hebben deze persplaten, welke ook "blekken" genoemd worden, afmetingen in de orde van grootte van 2,5 x 5 meter en een dikte van ongeveer 0,5 cm of meer.

De aanwending van grote persplaten heeft als voordeel dat een vrij groot oppervlak in één persbewerking kan bewerkt worden, met andere woorden in één persbewerking een plaatvormig element element kan bewerkt worden dat zodanig groot is dat hieruit meerdere vloerpanelen, doorgaans 10 à 30, tot stand kunnen worden gebracht. Nog een voordeel van het gebruik van dergelijke grote persplaten bestaat erin dat betere rendementen worden verkregen voor wat betreft het energieverbruik voor het verwarmen van de persen, dan in het geval dat bijvoorbeeld kleinere persplaten in kleine persen zouden worden aangewend.

De aanwending van de bekende grote persplaten heeft echter ook verschillende nadelen.

Een nadeel bestaat erin dat wanneer zulke grote persplaat plaatselijk beschadigd wordt, bijvoorbeeld door een kras of dergelijke, deze volledig moet vervangen worden. Het vervangen van dergelijke persplaat is vrij duur, enerzijds, omdat de persplaat zelf veel kost, doch anderzijds ook omwille van de transportkost, aangezien de aanmaak van dergelijke grote persplaten uitsluitend bij gespecialiseerde firma's plaatsvindt die zich dikwijls op een verre locatie bevinden.

Door het feit dat dergelijke grote persplaten tot op heden door gespecialiseerde firma's worden aangemaakt, ontstaat ook het nadeel dat de communicatie tussen de ontwikkelaar van een decor, welke doorgaans bij de vloerpanelenfabricant gevestigd is, en de producent van de persplaten, welke dikwijls op een verre locatie zit, regelmatig vrij moeilijk verloopt. Aangezien de persplaten dikwijls worden voorzien van een reliëf dat in overeenstemming moet zijn met het decor, is een goede communicatie zeer belangrijk. Om aan dit nadeel te verhelpen zou men wel eraan kunnen denken om installaties voor het aanmaken van persplaten te integreren in een productie-eenheid voor vloerpanelen, zodat een vlottere communicatie mogelijk wordt. Door de omvang van de bekende grote persplaten zijn echter dure installaties noodzakelijk voor de aanmaak ervan, bijvoorbeeld voor het etsen van het oppervlak van dergelijke persplaten, en loont het tot op heden niet om dergelijk integratie door te voeren. Dergelijke geïntegreerde installaties zouden immers slechts af en toe in gebruik zijn, met name telkens een nieuwe persplaat moet worden aangemaakt, wat slechts tot lage rendementen qua gebruik van de installaties en qua inzet van gespecialiseerd personeel zou leiden.

Een ander nadeel van dergelijke grote eendelige persplaten bestaat erin dat wanneer deze van een reliëf, bijvoorbeeld een geëtste textuur of geëtst patroon, moeten worden voorzien, het vrij moeilijk is om zulke textuur of zulk patroon feilloos over het volledige oppervlak uit te voeren. In het geval van een niet toelaatbare afwijking dient een nieuwe persplaat te worden aangemaakt. Ook is het moeilijk om bij grote oppervlakken hoge resoluties bij het etsen te handhaven. Bovendien is het moeilijk om grote oppervlakken op een gelijkmatige wijze te etsen. Bij het etsen van grote oppervlakken dienen een aantal handelingen nog manueel te worden uitgevoerd, waartoe bijzondere vakkennis vereist wordt.

In het geval dat met persplaten wordt gewerkt die een reliëf vertonen waarmee indrukkingen moeten worden verwezenlijkt die in overeenstemming of nagenoeg in overeenstemming moeten zijn met een op een te verpersen decorpapier of dergelijke aanwezig decor, doet zich nog een verder nadeel voor. Bij dergelijke decorpapieren is het bekend dat het bijzonder moeilijk is om deze met een constante breedte af te leveren. Tijdens het beharsen van de bedrukte materiaalbaan, meer speciaal papierbaan waaruit het voornoemde decorpapier wordt gevormd, wordt dit materiaal, respectievelijk papier, weker en bijgevolg meer rekbaar. Bij het transport doorheen de beharsingsinstallatie treden verschillende krachten op, waardoor het papier een weinig gerokken wordt. Tot op heden is het bijzonder moeilijk om deze rek, die zich in de breedte van de materiaalbaan meer manifesteert dan in de lengte, precies onder controle te houden. Dit heeft tot gevolg dat een in het decor aanwezig patroon in functie van de zich manifesterende rek soms meer of minder uitgedeind is. Vermits het patroon op een persplaat echter onwijzigbaar vast ligt, is het duidelijk dat in functie van de voornoemde rek het ingedrukte patroon in kleinere of grotere mate kan afwijken van het gedrukt patroon. Om te grote afwijkingen uit te sluiten, is het bekend om twee of drie persplaten aan te maken ieder met een reliëf met een gelijkaardig patroon of motief, doch onderling iets verschillend doordat de patronen of motieven onderling iets meer, respectievelijk iets minder uitgedeind zijn ten opzichte van elkaar. In functie van iedere batch geproduceerde materiaal vellen kan dan voor het verpersen de best bij het decor passende persplaat worden toegepast. Het nadeel is echter dat het vervaardigen van twee of meer van dergelijke grote persplaten, met onderling meer of minder uitgerokken reliëfpatronen een dure aangelegenheid is.

De uitvinding beoogt in de eerste plaats een werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen die aan een persbewerking worden onderworpen, waarbij deze werkwijze door toepassing van een bijzonder perselement meer geoptimaliseerd kan voltrokken worden, terwijl bij voorkeur ook één of meer van voomoemde nadelen worden uitgesloten, doch bij voorkeur ook nog de voornoemde voordelen van het gebruik van grote persplaten behouden worden.

Hiertoe betreft de uitvinding een werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen die aan een persbewerking worden onderworpen, met als kenmerk dat bij het persen aan de sierzijde van de te persen plaatvormige elementen, een perselement wordt aangewend dat meerdere afzonderlijk gevormde persgedeelten bezit.

Door het feit dat volgens deze werkwijze afzonderlijk gevormde persgedeelten worden aangewend, wordt een in menig aspect meer geoptimaliseerd proces verkregen. Meer speciaal worden hierdoor één of meer van de hierna genoemde voordelen verkregen, of wordt althans minstens de mogelijkheid verschaft om deze voordelen te creëren.

Een eerste voordeel bestaat erin dat wanneer zulke perselement plaatselijk beschadigd wordt, bijvoorbeeld door een kras of dergelijke, uitsluitend de betreffende of dus beschadigde persgedeelten moeten worden vervangen en dus niet het volledige perselement. Dit kan relatief vlug en aan een geringe kost worden gerealiseerd.

Doordat meerdere afzonderlijke persgedeelten worden aangewend in de plaats van een ééndelige grote persplaat, vertonen deze persgedeelten op zich een kleiner oppervlak, met als voordeel dat de fabricage van dergelijk persgedeelte wegens het kleinere oppervlak op een beter gecontroleerde wijze kan geschieden. Ook zijn zulke kleine persgedeelten beter geschikt om fijne vervaardigingstechnieken, zoals verfijnde etsprocessen, freesprocessen en dergelijke, hierop toe te passen. Zodoende kunnen gemakkelijk reliëfpatronen met hogere resoluties tot stand worden gebracht. Indien bij het realiseren van een persgedeelte een fout wordt gemaakt, moet uitsluitend dit persgedeelte hernieuwd aangemaakt te worden, hetgeen gezien de geringe omvang ervan een relatief beperkte kost met zich meebrengt.

Ook laten dergelijke persgedeelten vlot toe om testen met nieuwe persmotieven uit te voeren, aangezien slechts een relatief klein reliëfmotief voor zulke test moet worden uitgewerkt, namelijk ter grootte van zulk persgedeelte.

Wanneer gedeelten van een decor tijdens de ontwikkelingsfase of daarna moeten worden aangepast, terwijl reeds een bijpassend perselement is vervaardigd, hoeft niet meer opnieuw een volledig perselement te worden aangemaakt, doch volstaat het om de betreffende persgedeelten te vervangen door nieuwe persgedeelten die aangepast zijn aan het gewijzigde gedeelte van het decor.

Nog een voordeel van het gebruik van dergelijke persgedeelten bestaat erin dat zij op persen van verschillende formaten kunnen worden toegepast, waarbij dan in functie van het formaat van de pers meer of minder persgedeelten op bijvoorbeeld een gemeenschappelijk basiselement worden aangebracht.

Voor het aanmaken van de voornoemde persgedeelten kunnen kleinere en dus ook goedkopere machines worden ingezet dan in het geval dat traditionele grote blekken worden aangemaakt. Hierdoor kan een vloerpanelenfabricant gemakkelijker de betreffende technologie in eigen huis halen of verkrijgt hij ook de mogelijkheid om zich tot etsbedrijven te wenden die uitsluitend in het etsen van kleinere oppervlakken gespecialiseerd zijn.

Ook laat het gebruik van meerdere afzonderlijke persgedeelten toe om vlot meerdere reeksen van perselementen op te bouwen die nodig zijn om zoals voornoemd aan de nadelen ingevolge papierrek te verhelpen.

Opgemerkt wordt dat het gebruik van afzonderlijke geëtste persgedeelten, die bevestigd zijn op een gemeenschappelijk basiselement, reeds bekend is uit het US 4.544.440. Hierbij betreft het echter een persdeel voor een vormpers die bedoeld is om uit een massa houtpartikels een bepaalde vorm te realiseren. Deze bekende techniek situeert zich in een volledig ander technisch gebied dan het vormen van laminaatpanelen. Bovendien laten de extreem in diepte variërende vormen van de volgens het US 4.544.440 aangewende persdelen niet toe om dergelijke persgedeelten aan te wenden in combinatie met de basisplaten die traditioneel voor het vervaardigen van vloerpanelen worden aangewend, enerzijds omdat dergelijke platen, die doorgaans bestaan uit MDF of HDF weinig vervormbaar zijn, en anderzijds omdat de te verpersen laminaattoplagen weinig vervorming toelaten.

Kenmerken van voorkeurdragende uitvoeringsvormen van de huidige uitvinding en de daarbij verkregen voordelen zullen blijken uit de gedetailleerde beschrijving en de aangehechte conclusies.

De huidige uitvinding heeft ook betrekking op een inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen en meer speciaal voor het verwezenlijken van de voornoemde werkwijze, waarvan de kenmerken uit de verdere beschrijving zullen blijken.

Daarnaast heeft de uitvinding vanzelfsprekend ook betrekking op vloerpanelen die door toepassing van de voornoemde werkwijze en inrichting zijn verkregen.

Met het inzicht de kenmerken van de uitvinding beter aan te tonen, zijn hierna, als voorbeeld zonder enig beperkend karakter, enkele voorkeurdragende uitvoeringsvormen beschreven, met verwijzing naar de bijgaande tekeningen, waarin: figuur 1 schematisch een pers met een perselement weergeeft voor het verwezenlijken van de werkwijze van de uitvinding; figuur 2 op een grotere schaal het gedeelte weergeeft dat in figuur 1 met F2 is aangeduid; figuur 3 schematisch een zicht van de perszijde van het perselement uit de pers van figuur 1 weergeeft, samen met een reeds verperst plaatvormig element; figuur 4 op een grotere schaal een doorsnede weergeeft volgens lijn IV-IV in figuur 1, evenwel uitsluitend van het perselement en een reeds verperst plaatvormig element ; figuur 5 op een grotere schaal het gedeelte weergeeft dat in figuur 4 met F5 is aangeduid; figuur 6 een gedeelte van een vloerpaneel weergeeft dat volgens de werkwijze van de uitvinding is verwezenlijkt; figuur 7 schematisch een reeks van perselementen volgens de uitvinding weergeeft; figuur 8 een detail weergeeft van een uitvoeringsvorm van een perselement volgens de uitvinding; figuur 9 op een grotere schaal een doorsnede weergeeft volgens lijn IX-IX in figuur 8; figuren 10 en 11 doorsneden weergeven volgens lijn X-X in figuur 9, in twee verschillende standen; figuur 12 nog een variante van een perselement van de uitvinding weergeeft; figuur 13 op een grotere schaal een doorsnede weergeeft volgens lijn XIII-XIII in figuur 12; figuur 14 op een grotere schaal een zicht weergeeft van het gedeelte dat in figuur 13 met F14 is aangeduid, evenwel voor een variante.

Zoals weergegeven in figuur 1 heeft de uitvinding betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen 1, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen 2 die aan een persbewerking in een pers 3 worden onderworpen.

In het schematisch weergegeven voorbeeld van figuur 1 zijn de plaatvormige elementen 2 als DPL (Direct Pressure Laminate) uitgevoerd en worden de samenstellende lagen hiervan in de pers 3 tot één geheel geconsolideerd. Het DPL is hierbij op bekende wijze samengesteld uit een substraat 4, bij voorkeur een MDF of HDF-plaat (Medium Density Fibreboard of High Density Fibreboard), en één of meer, in dit geval drie, beharste materiaallagen 5-6-7, waaronder een bedrukte decorlaag 5.

De in figuur 1 weergegeven lagenopbouw is ter verduidelijking meer in detail weergegeven in de uitvergroting van figuur 2, waarbij de te verpersen samenstellende lagen op een afstand boven elkaar zijn afgebeeld. Aan de bovenzijde van het substraat 4 bevinden zich twee van de voornoemde beharste materiaallagen, respectievelijk de voornoemde decorlaag 5 en de zogenaamde overlay 6. De decorlaag 5 bestaat uit een van hars 8 voorzien dragervel 9, bijvoorbeeld papier, dat met een decor 10 is bedrukt. De overlay 6 bestaat uit een eveneens van hars 8 voorzien dragervel 11, bijvoorbeeld wit papier, dat na het verpersen transparant wordt. In deze overlay 6 zijn bij voorkeur harde partikels, zoals korund, verwerkt om de slijtvastheid van het uiteindelijke product te vergroten. Aan de onderzijde van het substraat 4 is de derde materiaallaag 7 aanwezig, welke eveneens uit een van hars 8 voorzien dragervel 12 bestaat en die bedoeld is als tegenlaag te fungeren.

Het bijzondere van de uitvinding bestaat erin dat bij het persen, aan de sierzijde 13 van de te persen plaatvormige elementen 2, een perselement 14 wordt aangewend dat, zoals zichtbaar in de figuren 1 en 3, meerdere afzonderlijk gevormde persgedeelten 15 bezit. Het bij het persen aanwenden van dergelijke afzonderlijke persgedeelten 15 in de plaats van één grote persplaat biedt verschillende voordelen, waartoe naar de uiteenzetting in de inleiding wordt verwezen.

Zoals weergegeven in de figuren 1, 3 ,4 en 5 zijn de persgedeelten 15 ieder op zich bij voorkeur als plaatvormige delen uitgevoerd, waardoor zij ieder op zich een zogenaamd "blek" vormen. Deze plaatvormige delen vertonen bij voorkeur een globale dikte van minder dan 5 mm, en bij voorkeur een dikte van minder dan 2 mm en beter nog een dikte in de orde van grootte van 1 mm of dunner.

Zoals nog blijkt uit de schematisch weergegeven uitvoeringsvorm van figuren 1, 3, 4 en 5, wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van een perselement 14 waarvan meerdere van voornoemde persgedeelten 15, en bij voorkeur alle persgedeelten 15, op een gemeenschappelijk basiselement 16 zijn bevestigd. Dit basiselement 16 is zoals afgebeeld bij voorkeur op zich ook plaatvormig en bestaat bijvoorbeeld uit een plaat die vergelijkbaar is met een traditioneel onbehandeld blek. Het is evenwel duidelijk dat zulk gemeenschappelijk basiselement 16 niet noodzakelijk plaatvormig hoeft te zijn en ook in andere vormen kan verwezenlijkt worden.

In het geval dat het basiselement 16 plaatvormig is uitgevoerd, geniet het de voorkeur dat de persgedeelten 15 gewoon tegen de betreffende zijde, meer speciaal onderzijde, van het basiselement 16 worden aangebracht, zoals dit ook in de schematische voorstelling van figuren 1, 3, 4 en 5 het geval is.

Algemeen geldt dat de persgedeelten 15 op eender welke geschikte wijze aan het basiselement 16 kunnen worden bevestigd. In de schematische weergave van de figuren 1, 3, 4 en 5 zijn dan ook geen bijzondere bevestigingsmiddelen afgebeeld. Volgens een eerste mogelijkheid kunnen de persgedeelten 15 tegen het basiselement 16 wordt vastgehecht met een kleefstof of dergelijke, bijvoorbeeld met een metaallijm, hechtende pasta of dergelijke. Volgens een tweede mogelijkheid kan gebruik worden gemaakt van mechanische bevestigingsmiddelen, zoals schroeven of klemmen, waarvan verder nog een praktische uitvoeringsvorm zal worden beschreven. Volgens nog andere mogelijkheden kunnen de persgedeelten 15 aan het basiselement 16 worden vastgehouden door middel van magnetische krachten of door aanzuiging door middel van vacuüm. Andere technieken, bijvoorbeeld het gebruik van lasverbindingen, zijn niet uitgesloten. Ook kunnen combinaties van de hiervoor geschetste mogelijkheden worden toegepast.

Volgens een belangrijke voorkeurdragende uitvoeringsvorm van de uitvinding worden de persgedeelten 15 losmaakbaar aan het betreffend basiselement 16 aangebracht, met als voordelen dat zij vervangbaar en/of uitwisselbaar en eventueel herpositioneerbaar zijn. Met losmaakbaar wordt bedoeld dat zij van het basiselement 16 kunnen verwijderd worden, waarna het basiselement 16 en/of de persgedeelten 15 nog herbruikbaar blijven. Bij een li jmverbinding betekent dit dat deze bijvoorbeeld toelaat dat de persgedeelten 15 kunnen los gestoken of losgeweekt worden van het basiselement 16, zodanig dat het basiselement 16 en/of de persgedeelten 15 niet beschadigd worden, en dus hergebruikt kunnen worden. De losmaakbaarheid wordt bij voorkeur evenwel gerealiseerd door middel van middelen die het losmaken op een niet-destructieve wijze toelaten, meer speciaal mechanische middelen, zoals schroeven, klemmen of dergelijke, of een magnetische bevestiging of bevestiging door aanzuiging onder vacuüm. Doordat bij dergelijke vormen van bevestiging bij het losmaken van de persgedeelten geen destructieve ingrepen moeten worden uitgevoerd, zoals het verbreken van lijmverbindingen, lasverbindingen of dergelijke wordt de kans dat de persgedeelten en/of het basiselement onherroepbaar worden beschadigd nagenoeg nihil.

Naast het feit dat een perselement 14 wordt aangewend dat meerdere afzonderlijke persgedeelten 15 bezit, kan de werkwijze voor het vervaardigen van de vloerpanelen 1 overigens op bekende wijze voltrokken worden. Meer specifiek wordt hiermee bedoeld dat na het persen van de plaatvormige elementen 2, waarbij het substraat 4 en de voornoemde materiaallagen 5-6-7 worden geconsolideerd, deze plaatvormige elementen 2, door middel van één of meer zaagbewerkingen, worden verzaagd tot vloerpanelen 1, waarna aan de verkregen randen van deze vloerpanelen 1 koppelmiddelen 17 worden voorzien, bijvoorbeeld door middel van een freesbewerking of op enige andere wijze. Het zagen van de plaatvormige elementen 2 tot vloerpanelen 1 is schematisch in figuur 3 weergegeven door middel van zaaglijnen 18-19, respectievelijk in de breedterichting B en de langsrichting L. Een mogelijke uitvoeringsvorm van de te verwezenlijken koppelmiddelen 17 is in streeplijn aangeduid in de figuren 4 en 5. Bij voorkeur zijn deze koppelmiddelen 17 van het type dat een verticale en horizontale vergrendeling voorziet wanneer twee van dergelijke vloerpanelen 1 aan elkaar gekoppeld zijn. Voorbeelden van dergelijke koppelmiddelen 17 zijn ruim bekend uit de stand van de techniek en zijn bijvoorbeeld beschreven in de octrooidocumenten WO 97/47834 en WO 01/98603.

De voornoemde persgedeelten kunnen, ongeacht hun overige kenmerken, aan hun perszijde voorzien zijn met een door oneffenheden of uitsteeksels gevormd reliëf om zodoende bij het persen indrukkingen in de bovenzijde van de plaatvormige elementen 2 te vormen. Op zich is het gebruik van perselementen met een reliëf om indrukkingen in de te persen plaatvormige elementen 2 te vormen, bekend, doch, zoals uiteengezet in de inleiding, komt de uitvinding vooral bij deze toepassing tot haar recht. Voor de voordelen die verbonden zijn aan het gebruik van meerdere kleine afzonderlijk gevormde persgedeelten in het geval dat door middel van het perselement ook een reliëf in de plaatvormige elementen moet worden gevormd, wordt dan ook verwezen naar de inleiding.

Het reliëf kan op zich van verschillende aard zijn, dit in functie van de beoogde te vormen indrukkingen.

In de figuren 4 en 5 zijn bij wijze van voorbeeld twee reliëfvormen aan de perszijden 20 van de persgedeelten 15 weergegeven.

Een eerste reliëf 21 bestaat hierbij uit oneffenheden of uitsteeksels 22 die bij het verpersen indrukkingen 23 verwezenlijken die in het oppervlak van het geperste product een reliëf 24 vormen dat het natuurlijk oppervlak van hout imiteert. De verkregen indrukkingen 23 zijn hierbij zodanig dat zij de poriën en/of nerven van hout imiteren.

Een tweede reliëf 25 dat in de figuren 4 en 5 is afgebeeld, is gevormd uit oneffenheden of uitsteeksels 26 die bij het verpersen indrukkingen 27 vormen die weggenomen materiaalgedeelten of vervormde gedeelten imiteren. In het voorbeeld betreft het oneffenheden 26 waarmee groeven in het oppervlak van de plaatvormige elementen 2 worden gedrukt om zodoende zoals weergegeven vellingkanten of dergelijke te verkrijgen.

Het is duidelijk dat de toepassing van een reliëf zich niet beperkt tot de in figuren 4 en 5 weergegeven voorbeelden.

Zo bijvoorbeeld kunnen ook reliëfs, respectievelijk oneffenheden worden toegepast die het natuurlijk en/of typisch oppervlak van andere materialen dan hout imiteren, zoals bijvoorbeeld het oppervlak van steen, keramiek of dergelijke. Bij de imitatie van bepaalde steensoorten, zoals leisteen, kunnen deze oneffenheden ook terrasvormig uitgevoerd zijn, om bijvoorbeeld het schilfervormige oppervlak van zulke steensoorten te imiteren.

Ook kunnen aan de perszijde 20 van de persgedeelten 15 nagenoeg microscopisch kleine oneffenheden zijn aangebracht, welke zoals bekend worden toegepast om het laminaatoppervlak, of bepaalde gedeelten ervan, een mat uitzicht te verschaffen bij het persen.

Ook kan een reliëf worden toegepast met oneffenheden die bedoeld zijn indrukkingen na het verpersen na te laten in het geperste product, welke weggeschraapte materiaalgedeelten imiteren, bijvoorbeeld voor het vervaardigen van laminaatvloerpanelen die zogenaamd geschraapt hout imiteren.

Zoals uiteengezet in de inleiding, komt de uitvinding vooral tot haar recht bij het persen van plaatvormige elementen 2 die een decor 10 vertonen en waarbij het in de plaatvormige elementen 2 aangebrachte reliëf, bijvoorbeeld reliëf 24, in overeenstemming of hoofdzakelijk in overeenstemming met het decor 10 dient te worden uitgevoerd.

Tenslotte is ter verduidelijking in figuur 6 een gedeelte van een vloerpaneel 1 weergegeven dat volgens de uitvinding is verwezenlijkt en waarin verschillende van de hiervoor beschreven kenmerken met betrekking tot het gevormde reliëf zijn toegepast. Het gedrukte decor 10 geeft hierbij een tekening weer van een houtmotief. In het oppervlak zijn door aanwending van een passend reliëf aan de bij de vervaardiging aangewende persgedeelten zowel kleine indrukkingen 23 gevormd die poriën imiteren, als grotere indrukkingen 28 die weggeschraapt materiaal imiteren, alsook indrukkingen 27 waarmee een afhellend randgedeelte wordt gevormd.

Bij voorkeur zijn de hoogteverschillen in het reliëf dat toegepast wordt aan de perszijde 20 van de persgedeelten 15 kleiner dan 1 mm.

De reliëfs, bijvoorbeeld 21 en 25, die toegepast worden in de perszijde 20 van de persgedeelten 15 worden bij voorkeur verwezenlijkt door materiaalgedeelten uit het vlak van de betreffende perszijde 20 weg te nemen. Volgens een variante is het echter niet uitgesloten om het reliëf minstens gedeeltelijk op een andere wijze te vormen, bijvoorbeeld door materiaal op het betreffende oppervlak op te dragen of door de persgedeelten 15 plaatselijk te vervormen.

Bij voorkeur wordt gebruik gemaakt van persgedeelten 15 waarvan het daaraan aanwezige reliëf minstens gedeeltelijk door middel van een etsproces is verwezenlijkt, bijvoorbeeld het reliëf voor het imiteren van poriën en houtnerven. De toepassing van afzonderlijke persgedeelten 15 in combinatie met de aanwending van een geëtst oppervlak biedt verschillende voordelen in de praktijk, waartoe naar de uiteenzetting in de inleiding wordt verwezen.

Het feit dat kleine persgedeelten worden aangewend, laat toe dat deze afzonderlijk geëtst worden, waardoor zij zeer geschikt zijn om digitale etstechnieken toe te passen, waarbij de te etsen oppervlakken bijvoorbeeld van digitale opdrukken worden voorzien om afschermende lagen tijdens het etsproces te verwezenlijken.

Het voorgaande sluit niet uit dat het vormen van een reliëf in de perszijde 20 van een persgedeelte 15 door het wegnemen van materiaalgedeelten ook op andere wijzen kan worden verwezenlijkt. Zo bijvoorbeeld kan een reliëf of minstens een gedeelte ervan gevormd worden door een mechanische bewerking, bijvoorbeeld een verspanende bewerking, en meer specifiek een freesbewerking, bijvoorbeeld door middel van een bolkopfrees of bijvoorbeeld door middel van graveren. Door het feit dat gebruik wordt gemaakt van afzonderlijke persgedeelten 15 die op zich relatief klein zijn, ontstaan de voordelen dat werktuigen kunnen worden aangewend van relatief kleine omvang, meer speciaal met een relatief kleine werkstuktafel, en dat minder zware stuurprogramma's kunnen worden toegepast aangezien slechts een relatief klein oppervlak in één keer moet verwezenlijkt worden. Het gebruik van verspanende werktuigen, zoals frezen, is vooral nuttig bij het vormen van grotere oneffenheden, aldus voor het vormen van grotere indrukkingen in het te persen plaatmateriaal, zoals bijvoorbeeld indrukkingen die bedoeld zijn om zogenaamd geschraapt hout in laminaat te imiteren.

In het algemeen worden volgens de uitvinding bij voorkeur persgedeelten 15 aangewend waarvan de perszijde 20, met uitzondering van plaatselijke uitsteeksels of oneffenheden, zoals de oneffenheden 22 en 26, voor het vormen van een reliëf in het te persen product, een globaal vlak oppervlak vertoont, zoals dit ook in de figuren 4 en 5 zichtbaar is.

Bij voorkeur vertonen de persgedeelten 15 een globale vlakke achterzijde 29, dit met het oog op een goed contact met de structuur waartegen zij aansluiten, om zodoende bij het uitvoeren van de voornoemde persbewerking de persdruk zo effectief mogelijk over te dragen met een minimum aan risico van vervorming van de persgedeelten 15 zelf. In het geval dat met een verwarmde pers 3 wordt gewerkt, hetgeen onder andere het geval is bij het persen van DPL, kan door de aanwending van een globale vlakke achterzijde 29 ook een beter contact met de onderliggende structuur, hetzij het basiselement 16, hetzij de verwarmingsplaat van de pers, worden gewaarborgd, waardoor een efficiënte warmteoverdracht naar de persgedeelten 15 en van de persgedeelten 15 naar het te persen product kan worden verzekerd.

Volgens de uitvinding kunnen de perselementen 14 met de daaraan aan te brengen persgedeelten 15 zodanig uitgevoerd zijn dat de locatie van één of meer persgedeelten 15 ten opzichte van het basiselement 16 en/of de onderlinge locatie van de persgedeelten 15 verschillend kan gekozen worden in functie van de uit te voeren persbewerking, hetzij doordat de betreffende persgedeelten 15 bij het samenstellen van het perselement 14 op vaste locaties worden bevestigd in functie van de beoogde persbewerking, hetzij doordat de locatie van één of meer persgedeelten 15 ten opzichte van het basiselement 16 en/of ten opzichte van andere van de persgedeelten 15 instelbaar is, meer speciaal regelbaar is en zodoende ten allen tijde in functie van de beoogde persbewerking kan gewijzigd worden.

De mogelijkheid om de voornoemde locaties te kiezen, is vooral voordelig bij het vervaardigen van vloerpanelen 1 van het type waarbij de plaatvormige elementen 2 van een decorlaag 5 worden voorzien die bestaat uit een bedrukt en beharst materiaalvel, zoals bedrukt en beharst papier, dat afkomstig is uit een materiaalbaan met een lengterichting en dwarsrichting, waarbij dit materiaalvel mee verperst wordt. Bij het beharsen worden dergelijke materiaalbanen doorheen een beharsingsinrichting getrokken. Als een gevolg van de hierbij in de materiaalbaan optredende krachten en het feit dat het materiaal onder invloed van het vochtig hars verzwakt wordt, ontstaat een bepaalde rek. Vooral de rek in de breedte is hierbij moeilijk controleerbaar, althans toch minstens in het geval van papier. Een gevolg hiervan is dat het papier, en dus ook het daarop gedrukt decor, zich in functie van de ene materiaalbaan, of dus papierbaan, tot de andere, over verschillende breedtes uitstrekt, waardoor het uitgesloten is om met éénzelfde grote persplaat indrukkingen uit te voeren die over de volledige breedte van de materiaalbaan in overeenstemming zijn met het gedrukt decor. Door nu gebruik te maken van afzonderlijke persgedeelten 15, wordt het voordeel verkregen dat de persgedeelten 15 op het basiselement 16, of een eventuele andere dragende structuur, kunnen worden gepositioneerd op onderlinge locaties die in functie van de rek van de materiaalbaan, en bij voorkeur minstens in functie van de rek in de breedte, zijn bepaald.

Het is immers zo dat na de impregnatie van zulke materiaalbaan de rek in de breedte eenvoudig kan worden opgemeten. Aangezien deze rek meestal vrij constant is voor materiaalvellen die uit éénzelfde materiaalbaan, bijvoorbeeld éénzelfde rol papier, afkomstig zijn, kunnen dan de persgedeelten 15 optimaal worden ingesteld voor het verpersen van de volledige batch materiaalvellen die afkomstig is van de betreffende materiaalbaan.

Een optimale instelling kan er dan in bestaan dat de persgedeelten 15 op zulke onderlinge locaties worden gepositioneerd dat het reliëf voor het vormen van de indrukkingen per persgedeelte zo goed als mogelijk in overeenstemming is met het motief van het gedrukt decor. Hierbij kan bijvoorbeeld ieder persgedeelte met zijn perszijde 2 0 zodanig aan het perselement 14 aangebracht worden dat het reliëf in het centrum van ieder persgedeelte 15 in overeenstemming of nagenoeg in overeenstemming is met het motief van het bij het verpersen zich eronder bevindende gedrukt decor. De mogelijke afwijkingen tussen het reliëf voor het vormen van de indrukkingen en het gedrukt decor die zich dan nog kunnen voordoen ter hoogte van de randen van ieder persgedeelte zijn dan op zich zeer beperkt.

Zulke instelling loont zich zoals voornoemd vooral in breedterichting, doch het is niet uitgesloten deze ook in langsrichting te realiseren.

Volgens een bijzondere uitvoeringsvorm van de werkwijze van de uitvinding wordt een reeks van twee of meer perselementen aangewend die identieke persgedeelten bezitten die in gelijkvormige configuraties op respectievelijke basiselementen zijn aangebracht, waarbij de persgedeelten -of althans de reliëfmotieven die erop aanwezig zijn- minstens via de voornoemde dwarsrichting op verschillende afstanden van elkaar staan opgesteld voor de verschillende perselementen, zodanig dat perselementen worden verkregen die ieder geëigend zijn voor het verpersen van gelijkaardige materiaalvellen die evenwel verschillend gerokken zijn, waarbij voor het verpersen dan in functie van de rek het meest geëigende perselement uit de voornoemde reeks wordt gekozen. Een voorbeeld hiervan, waarbij gewerkt wordt met een reeks van drie perselementen 14A-14B-14C, is ter verduidelijking schematisch weergegeven in figuur, 7. Ieder van de drie perselementen, respectievelijk 14A, 14B en 14C, bevat een identieke reeks persgedeelten 15A tot 15G. Dit betekent dat de persgedeelten 15A van de respectieve perselementen 14A, 14B en 14C van een identiek reliëf zijn voorzien. Hetzelfde geldt voor alle persgedeelten 15B en zo verder. Zoals schematisch afgebeeld in figuur 7, worden de persgedeelten 15A tot 15G per perselement, respektievelijk 14A, 14B en 14C op andere onderlinge afstanden Al, A2 en A3 aan dit perselement 14 aangebracht. Wanneer nu met materiaallagen 5, meer special materiaalvellen, met een breedte BI wordt gewerkt waarbij zich een geringe rek heeft voorgedaan tijdens het beharsen, kan dan gebruik gemaakt worden van het perselement 14A . Bij een ietwat grotere rek, bijvoorbeeld bij een materiaalvel met de weergegeven breedte B2, kan dan overgegaan worden op het gebruik van het perselement 14B . Bij een nog grotere rek, bijvoorbeeld bij een materiaalvel met de weergegeven breedte B3, kan tenslotte gekozen worden voor het perselement 14C.

Opgemerkt wordt dat deze rek in figuur 7 verhoudingswijze groot is afgebeeld. In werkelijkheid betreft het een rek die doorgaans in de orde van grootte van slechts enkele millimeter is, bijvoorbeeld 2 à 3 millimeter over een breedte van bijvoorbeeld twee meter.

Het is duidelijk dat deze techniek het voordeel biedt dat geen drie grote persplaten moeten worden aangemaakt, alle drie met een verschillend gerekt reliëf voor het vormen van de indrukkingen, doch dat volgens de uitvinding nu kleine persgedeelten 15A tot 15G kunnen worden aangewend die identiek zijn per perselement 14A-14B-14C, doch uitsluitend op verschillende onderlinge afstanden A1-A2-A3 hieraan dienen bevestigd te worden. De afwijkingen die binnen de breedte B van ieder persgedeelte optreden tussen het reliëf en het decor, zijn op zich verwaarloosbaar.

In de figuren 8 tot 11 is een praktische uitvoeringsvorm weergegeven om de afzonderlijke persgedeelten 15 qua positie instelbaar aan een basiselement 16 aan te brengen. De persgedeelten 15 zijn hierbij door middel van schroeven 30 aan het basiselement 16 bevestigd. Deze schroeven 30 grijpen aan in elementen 31, meer speciaal busjes, die in zittingen 32, meer speciaal boringen, in het basiselement 16 zijn aangebracht. De elementen 31 worden in axiale richting tegengehouden door middel van een kraag 33, terwijl zij tegen rotatie vergrendeld zijn door middel van een uitsteeksel 34 dat in een overeenstemmende uitsparing in het basiselement 16 past. Om een instelling van de persgedeelten 15 toe te laten, zijn verschillende reeksen van elementen 31 beschikbaar, waarvan de elementen onderling van elkaar verschillen doordat zij schroefgaten 35 voor de voornoemde schroeven 30 vertonen die op verschillende excentrische afstanden in de elementen zijn aangebracht, een en ander zodanig dat door de keuze van de aangewende elementen een verschuiving in de locatie van de persgedeelten 15 aan het basiselement 16 kan worden bewerkstelligd. Dit laatste is weergegeven in figuren 10 en 11, waarbij figuur 11 de bevestiging van een zelfde persgedeelte 15 als dat van figuur 10 weergeeft, maar toch met een ander element 31. In figuur 10 is de excentriciteit nul, terwijl deze in figuur 11 niet nul is en met E is aangeduid. Deze afstand E vormt ook het verschil in lokalisatie van het persgedeelte.

Zoals weergegeven in figuur 8, kunnen de persgedeelten 15 zodanig uitgevoerd zijn dat zij met vingervormige uiteinden 36 of dergelijke aan de randen in elkaar passen, waarbij ter hoogte van deze vingervormige uiteinden 36 dan de hiervoor beschreven bevestigingsgedeelten, meer speciaal de elementen 31, worden aangebracht. Dit heeft als voordeel dat de zone Z waarbinnen de bevestigingsgedeelten aanwezig zijn, klein kan worden gehouden en eventueel beperkt kan worden tot de zones waar de voornoemde zaagsneden worden uitgevoerd en de koppelmiddelen worden in verwezenlijkt. In deze zones wordt de toplaag immers weggehaald en is het dus geen nadeel dat eventuele afdrukken van de schroeven 30 in de toplaag, welke tijdens de persbewerking zouden kunnen ontstaan, worden gevormd.

Het is duidelijk dat de hiervoor beschreven bevestigingsgedeelten slechts een illustratief voorbeeld vormen en dat het niet uitgesloten is om dergelijke instelbare bevestigingsgedeelten op eender welk andere wijze te realiseren. Eventueel kunnen dergelijke bevestigingsgedeelten van instelmiddelen worden voorzien zodanig dat bij het wijzigen van de positie van één van de persgedeelten 15 automatisch in overeenstemming ook de posities van de andere persgedeelten 15 worden gewijzigd. Volgens een verdere mogelijkheid kunnen de instelmiddelen ook geautomatiseerd worden, waarbij de positionering van de persgedeelten 15 dan automatisch wordt uitgevoerd in functie van bijvoorbeeld ingebrachte waarden die representatief zijn voor de voornoemde rek.

In het algemeen geniet het de voorkeur dat één of meer van de persgedeelten 15 in overeenstemming zijn met de te vormen vloerpanelen 1, waarmee bedoeld wordt dat het oppervlak van één persgedeelte zodanige afmetingen heeft en zodanig gelokaliseerd is dat hiermee het oppervlak van precies één vloerpaneel 1 of precies een veelvoud van vloerpanelen 1 kan worden geperst.

Het is duidelijk dat de tussenafstand tussen de nuttige oppervlakken van de persgedeelten 15 bij voorkeur niet groter is dan de minimumafstand die nodig is voor het vormen van de voornoemde zaagsnede en de voornoemde koppelmiddelen.

Volgens een bijzonder kenmerk van de uitvinding worden de persgedeelten 15 bij de vloerpanelenfabrikant zelf aangemaakt. Doordat slechts relatief kleine persgedeelten 15 moeten worden gevormd, kan dergelijke techniek vlotter in huis gehaald worden dan dit tot op heden het geval is bij het aanmaken van grote persplaten.

Volgens nog een bijzondere uitvoeringsvorm zullen de persgedeelten 15 worden vervaardigd uit plaat, meer speciaal staalplaat, afkomstig van een rol, meer speciaal afkomstig van bandstaal. Een voordeel hiervan is dat dergelijk bandstaal universeel op de markt beschikbaar is, dit in tegenstelling tot grote persplaten die specifiek voor persbewerkingen moeten worden aangemaakt.

Opgemerkt wordt dat de werkwijze volgens de uitvinding zich niet beperkt tot persbewerkingen voor het vervaardigen van DPL, doch ook bij andere werkwijzen voor het vervaardigen van vloerpanelen 1, waarbij een persbewerking wordt toegepast, kunnen worden aangewend. Zo bijvoorbeeld kan zij ook worden aangewend bij het verpersen van zogenaamd HPL (High Pressure Laminate). Ook kan zij worden aangewend in combinatie met technieken waarbij een decor rechtstreeks op het substraat 4 wordt gedrukt en daarna door middel van een persbewerking indrukkingen in het oppervlak worden geperst.

Tevens wordt opgemerkt dat het voornoemde gemeenschappelijk basiselement 16 niet noodzakelijk als een plaat moet uitgevoerd zijn. Zoals schematisch weergegeven in de figuren 12 en 13, kan dit bijvoorbeeld ook bestaan uit een kadervormige structuur waarin doorgaande openingen 37 zijn aangebracht waarin de persgedeelten 15 kunnen worden bevestigd, die dan bij voorkeur wel dikker uitgevoerd zijn dan de dikte van de kadervormige structuur zelf. Een voordeel hiervan is dat de afzonderlijke persgedeelten 15 dan met hun achterzijde rechtstreeks in contact kunnen komen met het verwarmde persdeel, dit om een goede warmteoverdracht te verzekeren.

De bevestiging van de persgedeelten 15 in de kadervormige structuur kan op eender welke wijze geschieden. In figuur 13 is dit verwezenlijkt door middel van lasverbindingen 38. Zulke lasverbindingen kunnen eventueel zeer fijn worden uitgevoerd door gebruik te maken van door middel van een laser gerealiseerde lassen. Figuur 14 geeft een variante weer waarbij de bevestiging geschiedt door middel van schroeven 39.

Volgens nog een variante kunnen de persgedeelten 15 ook zonder basiselement 16 worden toegepast, bijvoorbeeld wanneer gebruik wordt gemaakt van een aangepaste pers 3 waarin de persgedeelten 15 afzonderlijk kunnen worden bevestigd, of bijvoorbeeld wanneer gebruik wordt gemaakt van persgedeelten 15 die al dan niet door middel van bijkomende koppelstukken onderling naast en aan elkaar kunnen worden bevestigd zodanig dat zij als het ware een geheel vormen.

Om een goede warmteoverdracht te verzekeren, kunnen warmtegeleidende pasta's of dergelijke worden aangewend. Zo bijvoorbeeld kan zulke warmtegeleidende pasta tussen de persgedeelten 15 en het basiselement 16 worden aangebracht, die in figuren 8 en 9 zijn weergegeven. Ook is het mogelijk om bijvoorbeeld warmtegeleidende matten of dergelijke tussen de persgedeelten 15 en het basiselement 16 aan te brengen.

De warmteoverdracht kan ook verbeterd worden door in het materiaal van de persgedeelten 15, dat doorgaans bestaat uit staal, een bepaald kopergehalte te verwerken of door koper op te dampen, of nog door in de plaats van staal uitsluitend gebruik te maken van goede warmtegeleidende materialen, zoals onder andere koper.

In bepaalde toepassingen kan het nuttig zijn om ervoor te zorgen dat de persgedeelten 15 minstens gedeeltelijk vrij beweegbaar zijn ten opzichte van het basiselement 16 om te verhinderen dat de persgedeelten 15 zouden vervormen wanneer onder invloed van temperatuur zich verschillende uitzettingen in het basiselement 16 en de persgedeelten 15 zouden voordoen. In de uitvoering van de figuren 8 tot 11 zou dit bijvoorbeeld kunnen verwezenlijkt worden door de persgedeelten 15 nabij één uiteinde vast te bevestigen met behulp van de voornoemde schroeven, terwijl zij aan de andere uiteinden in het vlak van het basiselement 16 vrij beweegbaar vastgehouden worden.

Ter verduidelijking wordt er op gewezen dat met "afzonderlijk gevormde" perselementen bedoeld wordt dat deze zich voor en/of bij het aanbrengen aan het basiselement en/of het aanbrengen ervan in de pers als afzonderlijke elementen hebben voorgedaan. Bij voorkeur worden deze perselementen wel eerst uit een basisplaat gevormd en pas daarna van het eventuele reliëf voorzien, doch het is niet uitgesloten om eerst een grotere plaat van een reliëf te voorzien en deze dan in kleinere gedeelten te verdelen die dan de voornoemde persgedeelten vormen.

Volgens de werkwijze van de uitvinding worden bij voorkeur persgedeelten aangewend die aanzienlijk kleiner zijn dan de traditionele persplaten. Bij voorkeur worden persgedeelten aangewend waarvan de perszijde een oppervlak vertoont van minder dan 1,5 vierkante meter, en beter nog van minder dan 0,5 vierkante meter. Ook geniet het de voorkeur dat persgedeelten worden aangewend waarvan de perszijde een oppervlak vertoont dat overeenstemt met maximaal vijf te vervaardigen vloerpanelen. In een praktische uitvoeringsvorm worden persgedeelten aangewend waarvan de perszijde een oppervlak bestrijkt waarmee het oppervlak van precies één vloerpaneel kan worden gevormd. Ook is het niet uitgesloten persgedeelten aan te wenden met een oppervlak dat kleiner is dan dat van een te verwezenlijken vloerpaneel.

Volgens een bijzondere mogelijkheid worden persgedeelten aangewend in de vorm van langwerpige banen, die bijvoorbeeld bedoeld zijn om een oppervlak te persen dat overeenstemt met meerdere zich in langsrichting achter elkaar gesitueerde vloerpanelen.

Het aantal in éénzelfde pers aangewende persgedeelten bedraagt bij voorkeur 8 à 30, die bij voorkeur alle op éénzelfde basiselement worden aangebracht.

De uitvinding heeft eveneens betrekking op een inrichting voor het vervaardigen van vloerpanelen volgens de hiervoor toegelichte werkwijze. Deze inrichting is daardoor gekenmerkt dat zij een pers omvat, alsmede een in de pers aanwendbaar perselement 14 dat meerdere afzonderlijk gevormde persgedeelten 15 bezit.

De uitvinding heeft ook betrekking op een accessoir voor het vervaardigen van vloerpanelen volgens werkwijze van de uitvinding, met als kenmerk dat dit accessoir bestaat uit een persgedeelte, bij voorkeur het hiervoor beschreven persgedeelte 15, dat samen met gelijkaardige persgedeelten aan een gemeenschappelijk basiselement kan worden aangebracht teneinde zodoende een perselement te vormen voor het verpersen van plaatvormige elementen tot laminaatplaten voor het vormen van vloerpanelen.

Tevens heeft zij betrekking op een accessoir voor het vervaardigen van vloerpanelen, met als kenmerk dat het in hoofdzaak bestaat uit een persgedeelte voor het verpersen van laminaat, waarbij dit persgedeelte hoofdzakelijk in de vorm van een plaat is uitgevoerd, meer speciaal een plaat die op zich de persfunctie van een zogenaamd blek vervult, waarbij deze plaat eventueel met een reliëf is voorzien, en waarbij dit persgedeelte een oppervlak vertoont van minder dan 1,5 vierkante meter, en beter nog van minder dan 0,5 vierkante meter. Meer speciaal nog vertoont het persgedeelte hierbij een oppervlak dat overeenstemt met maximaal vijf te vervaardigen vloerpanelen, en bij voorkeur overeenstemt met het oppervlak van slechts één vloerpaneel. Verder is dit aan zijn perszijde bij voorkeur voorzien van een reliëf dat minstens gedeeltelijk gevormd is door een etsproces. Opgemerkt wordt dat zulk persgedeelte eventueel ook enkel op zich zou kunnen worden aangewend in het geval dat dan een kleine pers wordt aangewend.

In de weergegeven uitvoeringsvormen worden de perselementen en persgedeelten 15 aan de bovenzijde van de pers 3 aangewend. Het is evenwel niet uitgesloten om zulke perselementen aan de onderzijde aan te brengen, in het geval dat de plaatvormige elementen 2 met hun sierzijde naar onderen gericht worden verperst, of zowel aan de bovenzijde als onderzijde dergelijke perselementen en persgedeelten 15 aan te wenden wanneer plaatvormige elementen 2 worden geperst die zowel aan de bovenzijde als onderzijde met een sierzijde worden uitgerust.

In het algemeen geniet het de voorkeur dat de voornoemde persgedeelten gechromeerd zijn. Het basismateriaal is bij voorkeur evenwel staal, of een legering op basis van staal. Het gebruik van andere materialen is evenwel niet uitgesloten.

De huidige uitvinding is geenszins beperkt tot de als voorbeeld beschreven en in de figuren weergegeven uitvoeringsvormen, doch dergelijke werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen kunnen in verschillende varianten worden verwezenlijkt zonder buiten het kader van de uitvinding te treden.

Claims (23)

1. Werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen, waarbij wordt uitgegaan van plaatvormige elementen (2) die aan een persbewerking worden onderworpen, daardoor gekenmerkt dat bij het persen aan de sierzijde (13) van de te persen plaatvormige elementen (2), een perselement (14) wordt aangewend dat meerdere afzonderlijk gevormde persgedeelten (15) bezit.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden toegepast die aan hun perszijde (20) voorzien zijn met een reliëf (21, 25).
3. Werkwijze volgens conclusie 2, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden aangewend waarvan het voornoemde reliëf (21) minstens gevormd is uit oneffenheden (22) die bij het verpersen indrukkingen (23) verwezenlijken die een reliëf (24) vormen dat het natuurlijk oppervlak van hout, steen of dergelijke imiteert.
4. Werkwijze volgens conclusie 2 of 3, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden aangewend waarvan het reliëf (25) minstens gevormd is uit oneffenheden (26) die bij het verpersen indrukkingen (27-28) vormen die weggenomen materiaalgedeelten of vervormde gedeelten imiteren en meer speciaal een vellingkant, een groef, weggeschraapte materiaalgedeelten of dergelijke imiteren.
5. Werkwijze volgens één van de conclusies 2 tot 4, daardoor gekenmerkt dat de plaatvormige elementen (2) een decor (10) vertonen en dat het reliëf (24), respectievelijk de indrukkingen (23,27) in het plaatvormige element, minstens gedeeltelijk in overeenstemming met het decor (10) wordt, respectievelijk worden uitgevoerd.
6. Werkwijze volgens één van de conclusies 2 tot 5, daardoor gekenmerkt dat gebruik wordt gemaakt van persgedeelten (15) waarvan het aan de perszijde daarvan aanwezige reliëf minstens gedeeltelijk door middel van een etsproces is verwezenlijkt.
7. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat voor de persgedeelten (15) plaatvormige delen worden aangewend.
8. Werkwijze volgens conclusie 7, daardoor gekenmerkt dat de plaatvormige delen een dikte vertonen van minder dan 5 mm, en bij voorkeur een dikte vertonen van minder dan 2 mm en beter nog een dikte vertonen in de orde van grootte van 1 mm of dunner.
9. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat gebruik wordt gemaakt van een perselement (14) waarvan meerdere van voornoemde persgedeelten (15) , en bij voorkeur alle persgedeelten (15) , aan een gemeenschappelijk basiselement (16) zijn bevestigd.
10. Werkwijze volgens conclusie 9, daardoor gekenmerkt dat de persgedeelten (15) losmaakbaar aan het basiselement worden aangebracht.
11. Werkwijze volgens conclusie 9 of 10, daardoor gekenmerkt dat gebruik wordt gemaakt van een perselement (14) dat op voornoemde wijze is samengesteld, waarbij bovendien de locatie van één of meer persgedeelten (15) ten opzichte van het basiselement (16) instelbaar is, en meer speciaal regelbaar is.
12. Werkwijze volgens één van de conclusies 9 tot 11, daardoor gekenmerkt dat de plaatvormige elementen (2) van een decor laag (5) worden voorzien die bestaat uit een bedrukte en beharste materiaallaag, respectievelijk een bedrukt materiaalvel, zoals bedrukt en beharst papier, dat afkomstig is uit een materiaalbaan met een lengterichting en dwarsrichting, waarbij dit materiaalvel mee verperst wordt, en dat de persgedeelten (15) op het basiselement (16) worden gepositioneerd op locaties die in functie van de rek van de materiaalbaan zijn bepaald.
13. Werkwijze volgens conclusie 12, daardoor gekenmerkt dat de positionering in functie van de rek minstens volgens de voornoemde dwarsrichting wordt uitgevoerd.
14. Werkwijze volgens conclusie 12 of 13, daardoor gekenmerkt dat een reeks van twee of meer perselementen (14A, 14B, 14C) wordt aangewend die identieke persgedeelten (15A-15G) bezitten die in gelijkvormige configuraties aan respectievelijke basiselementen (16) zijn aangebracht, waarbij de persgedeelten (15A-15G) minstens volgens de voornoemde dwarsrichting op verschillende afstanden (A1-A2-A3) van elkaar staan opgesteld voor de verschillende perselementen (14), zodanig dat perselementen (14A, 14B, 14C) worden verkregen die ieder geëigend zijn voor het verpersen van gelijkaardige materiaalvellen die evenwel verschillend gerokken zijn, waarbij voor het verpersen dan in functie van de rek het meest geëigende perselement (14) uit de voornoemde reeks wordt gekozen.
15. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden aangewend waarvan de perszijde een oppervlak vertoont van minder dan 1,5 vierkante meter, en beter nog van minder dan 0,5 vierkante meter.
16. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden aangewend waarvan de perszijde een oppervlak vertoont dat overeenstemt met maximaal vijf te vervaardigen vloerpanelen.
17. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat persgedeelten (15) worden aangewend waarvan de perszijde (20) een oppervlak bestrijkt waarmee het oppervlak van precies één vloerpaneel (1) kan worden gevormd.
18. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat zij wordt toegepast bij het vervaardigen van vloerpanelen (1) volgens het DPL-principe (Direct Pressure Laminate).
19. Inrichting voor het vervaardigen van vloerpanelen volgens een werkwijze zoals beschreven in één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat deze inrichting een pers omvat, alsmede een in de pers aanwendbaar perselement (14) dat meerdere afzonderlijk gevormde persgedeelten (15) bezit.
20. Accessoir voor het vervaardigen van vloerpanelen volgens een werkwijze zoals beschreven in één van de conclusies 1 tot 18, daardoor gekenmerkt dat het bestaat uit een persgedeelte (15) dat samen met gelijkaardige persgedeelten (15) aan een gemeenschappelijk basiselement (16) kan worden aangebracht teneinde zodoende een perselement (14) te vormen voor het verpersen van plaatvormige elementen (2) tot laminaatplaten voor het vormen van vloerpanelen (1).
21. Accessoir voor het vervaardigen van vloerpanelen, daardoor gekenmerkt dat het in hoofdzaak bestaat uit een persgedeelte (15) voor het verpersen van laminaat, waarbij dit persgedeelte hoofdzakelijk in de vorm van een plaat is uitgevoerd, meer speciaal een plaat die op zich de persfunctie van een zogenaamd blek vervult, waarbij deze plaat eventueel met een reliëf is voorzien, en waarbij dit persgedeelte (15) een oppervlak vertoont van minder dan 1,5 vierkante meter, en beter nog van minder dan 0,5 vierkante meter.
22. Accessoir volgens conclusie 21, daardoor gekenmerkt dat het persgedeelte een oppervlak vertoont dat overeenstemt met maximaal vijf te vervaardigen vloerpanelen, en bij voorkeur overeenstemt met het oppervlak van slechts één vloerpaneel.
23. Accessoir volgens conclusie 21 of 22, daardoor gekenmerkt dat het aan zijn perszijde (20) is voorzien van een reliëf dat minstens gedeeltelijk gevormd is door een etsproces.
BE200500287A 2005-06-06 2005-06-06 Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen. BE1016613A3 (nl)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE200500287A BE1016613A3 (nl) 2005-06-06 2005-06-06 Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen.
BE200500287 2005-06-06

Applications Claiming Priority (4)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE200500287A BE1016613A3 (nl) 2005-06-06 2005-06-06 Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen.
PCT/IB2006/001892 WO2006136949A2 (en) 2005-06-06 2006-06-02 Method, device and accesories for manufacturing laminate floor panels by using a press
EP06795085A EP1901927A2 (en) 2005-06-06 2006-06-02 Method, device and accessories for manufacturing laminate floor panels by using a press
US11/921,555 US7964133B2 (en) 2005-06-06 2006-06-02 Method, device and accessories for manufacturing laminate floor panels by using a press

Publications (1)

Publication Number Publication Date
BE1016613A3 true BE1016613A3 (nl) 2007-02-06

Family

ID=35614200

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
BE200500287A BE1016613A3 (nl) 2005-06-06 2005-06-06 Werkwijze, inrichting en accessoires voor het vervaardigen van vloerpanelen.

Country Status (4)

Country Link
US (1) US7964133B2 (nl)
EP (1) EP1901927A2 (nl)
BE (1) BE1016613A3 (nl)
WO (1) WO2006136949A2 (nl)

Families Citing this family (21)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US20130139478A1 (en) 2005-03-31 2013-06-06 Flooring Industries Limited, Sarl Methods for packaging floor panels, as well as packed set of floor panels
BE1016938A6 (nl) 2005-03-31 2007-10-02 Flooring Ind Ltd Werkwijzen voor het vervaardigen en verpakken van vloerpanelen, inrichtingen hierbij aangewend, alsmede vloerpaneel en verpakte set van vloerpanelen.
BE1016846A3 (nl) * 2005-11-09 2007-08-07 Flooring Ind Ltd Vloerbekleding, vloerpanelen en werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen.
BE1016875A5 (nl) * 2005-12-23 2007-08-07 Flooring Ind Ltd Vloerpaneel en werkwijze voor het vervaardigen van dergelijk vloerpaneel.
BE1017157A3 (nl) 2006-06-02 2008-03-04 Flooring Ind Ltd Vloerbekleding, vloerelement en werkwijze voor het vervaardigen van vloerelementen.
DE102007046532B3 (de) * 2007-09-28 2008-10-09 Agepan-Tarkett Laminatepark Eiweiler Gmbh & Co. Kg Verfahren zum Herstellen eines Fußbodenpaneels mit hoher Rutschfestigkeit
US7947139B2 (en) 2007-12-14 2011-05-24 Kings Mountain International, Inc. Systems and methods for creating textured laminates
US7947138B2 (en) * 2007-12-14 2011-05-24 Kings Mountain International, Inc Systems and methods for creating textured laminate press plates
PL2116778T3 (pl) * 2008-05-09 2016-09-30 Podgrzewany system wykładzinowy
DE102008025542B4 (de) 2008-05-27 2010-04-29 Flooring Technologies Ltd. Verfahren zur Herstellung von Fußbodenpaneelen
BE1018191A5 (nl) * 2008-06-19 2010-07-06 Flooring Ind Ltd Sarl Werkwijze voor het vervaardigen van een laminaatproduct, laminaatproducten hierdoor verkregen en inrichting om de werkwijze te verwezenlijken.
US20110052905A1 (en) * 2009-08-31 2011-03-03 Patrick Smith Process of providing press plates with a flouro-polymer impregnated hard coating
BE1018943A3 (nl) * 2009-10-01 2011-11-08 Flooring Ind Ltd Sarl Werkwijzen voor het vervaardigen van panelen en paneel hierbij bekomen.
US8051886B2 (en) 2009-12-14 2011-11-08 Unilin Flooring Nc Llc Distressing process and apparatus for applying such process
DE102009060103A1 (de) * 2009-12-21 2011-06-22 Fritz Egger Gmbh & Co. Og Verfahren zur Herstellung einer Gruppe von Paneelen zur Nachahmung einer Langdiele
EP2540487B1 (de) * 2011-06-29 2015-08-26 Hueck Rheinische GmbH Pressblech oder Endlosband mit einer Struktur in Sandwichbauweise, Verfahren zur Herstellung eines solchen Pressbleches oder Endlosbandes und Verfahren zur Herstellung geprägter Werkstoffe mittels eines solchen Pressbleches oder Endlosbandes
BE1020072A5 (nl) * 2011-07-12 2013-04-02 Flooring Ind Ltd Sarl Werkwijzen voor het vervaardigen van laminaatpanelen.
US20130025216A1 (en) * 2011-07-26 2013-01-31 Gip International, Ltd Laminate flooring product with enhanced visual and tribological properties
WO2013150414A2 (en) * 2012-04-03 2013-10-10 Flooring Industries Limited, Sarl Laminate panel, method for manufacturing a laminate panel and press element to realize the method
DE102012107526A1 (de) * 2012-08-16 2014-05-22 Sandvik Surface Solutions Division Of Sandvik Materials Technology Deutschland Gmbh Oberflächenstrukturierung von Presswerkzeugen
DE102014104760A1 (de) 2014-04-03 2015-10-08 Fritz Egger Gmbh & Co. Og Schichtstoff und Verfahren zu dessen Herstellung

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP0095046A1 (de) * 1982-05-25 1983-11-30 Interprint Rotationsdruck GmbH & Co. KG Schichtstoff und Verfahren zu seiner Herstellung
US4544440A (en) * 1977-09-12 1985-10-01 Wheeler Robert G Method of manufacturing an embossed product
FR2680726A1 (fr) * 1991-08-30 1993-03-05 Bonheur Vivre Sa Procede d'obtention de plaques ou panneaux rigides comportant un decor en relief sur au moins l'une de leurs faces, et panneaux ainsi realises.
WO2001096689A1 (en) * 2000-06-13 2001-12-20 Flooring Industries Ltd. Floor covering, floor panels, method for their realization
US6465046B1 (en) * 1999-12-23 2002-10-15 Pergo (Europe) Ab Process for achieving decor on a surface element

Family Cites Families (10)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US2672176A (en) 1946-04-03 1954-03-16 Briggs Mfg Co Die apparatus for making laminated panels
US3661688A (en) * 1970-02-18 1972-05-09 Wood Process Oregon Ltd Composite board laminate
DE3105236C2 (nl) * 1981-02-13 1983-12-08 G. Siempelkamp Gmbh & Co, 4150 Krefeld, De
EP0345790A3 (de) 1988-06-10 1991-06-05 BOXLER GMBH & CO. KG HOLZ-DESIGN + INNENAUSBAU Verfahren und Prägewerkzeug zum Einprägen einer Struktur in die Sichtfläche von Hölzern oder Holzplatten
US5397406A (en) * 1992-06-19 1995-03-14 Masonite Corporation Methods of designing embossing dies and making wood composite products
BE1010487A6 (nl) 1996-06-11 1998-10-06 Unilin Beheer Bv Vloerbekleding bestaande uit harde vloerpanelen en werkwijze voor het vervaardigen van dergelijke vloerpanelen.
BE1013569A3 (nl) 2000-06-20 2002-04-02 Unilin Beheer Bv Vloerbekleding.
CA2365786C (en) * 2001-12-19 2010-10-19 Rinox Inc. Press and mould for precast cementitious article
DE10319432B3 (de) 2003-04-29 2004-07-08 Heinrich Wemhöner GmbH & Co KG Maschinenfabrik Presse zur Herstellung folienbeschichteter Werkstücke mit dreidimensionaler Oberfläche
SE526727C2 (sv) 2003-11-13 2005-11-01 Pergo Europ Ab Förfarande för framställning av ett dekorativt laminat med matchad ytstruktur

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4544440A (en) * 1977-09-12 1985-10-01 Wheeler Robert G Method of manufacturing an embossed product
EP0095046A1 (de) * 1982-05-25 1983-11-30 Interprint Rotationsdruck GmbH & Co. KG Schichtstoff und Verfahren zu seiner Herstellung
FR2680726A1 (fr) * 1991-08-30 1993-03-05 Bonheur Vivre Sa Procede d'obtention de plaques ou panneaux rigides comportant un decor en relief sur au moins l'une de leurs faces, et panneaux ainsi realises.
US6465046B1 (en) * 1999-12-23 2002-10-15 Pergo (Europe) Ab Process for achieving decor on a surface element
WO2001096689A1 (en) * 2000-06-13 2001-12-20 Flooring Industries Ltd. Floor covering, floor panels, method for their realization

Also Published As

Publication number Publication date
WO2006136949A2 (en) 2006-12-28
US7964133B2 (en) 2011-06-21
US20090078129A1 (en) 2009-03-26
WO2006136949A3 (en) 2007-04-26
EP1901927A2 (en) 2008-03-26

Similar Documents

Publication Publication Date Title
AU2006252175B2 (en) Floor covering
RU2302498C2 (ru) Механическая запирающая система для досок настила
EP2189591B1 (en) Floorboards for decorative grooves
ES2361735T3 (es) Procedimiento de fabricación de grabados en bajo relieve alineados.
US20080176039A1 (en) Surface covering panel
BE1016938A6 (nl) Werkwijzen voor het vervaardigen en verpakken van vloerpanelen, inrichtingen hierbij aangewend, alsmede vloerpaneel en verpakte set van vloerpanelen.
ES2328236T3 (es) Ennoblecimiento decorativo de un tablero de compuesto de madera.
ES2456316T3 (es) Panel para suelo estampado y método para fabricarlo
US7989050B2 (en) Building slab, floor panels in particular, and method of manufacturing the same
BE1017311A6 (nl) Vloerbekleding, vloerpanelen en werkwijze voor het vervaardigen van vloerpanelen.
CA2795411C (en) Floor panel and methods for manufacturing floor panels.
ES2220849T3 (es) Procedimiento para la preparacion de un estratificado decorativo.
DE102006007976B4 (de) Verfahren zur Veredelung einer Bauplatte
DE60225475T2 (de) Strukturierte platten mit angepasster fläche
EP2108524B1 (en) Method for manufacturing coated panels and coated panel
US20080263975A1 (en) Printed border
ES2470676T3 (es) Panel de suelo que tiene un patrón que imita la madera y procedimiento para su fabricación
EP1691005B1 (en) Method to make a floorboard with compressed edges
US6691480B2 (en) Embossed-in-register panel system
US20060144004A1 (en) Floor panel and method for manufacturing a floor panel
KR101634845B1 (ko) 적층 장식판
EP1541373B1 (en) A process for the manufacturing of panels having a decorative surface
EP0883487B1 (en) A process for surface structuring
CN102421973B (zh) 地板镶板
DE10262235B4 (de) Spanplatte, insbesondere Fußbodenpaneel oder Möbelplatte, und Verfahren zu ihrer Herstellung